about
Toon menu

'Derroll's Dream' in de Roma

dinsdag 3 april 2012
Derroll Adams was een opmerkelijke banjospeler die zijn plaats verdiende in de 'hall of fame' van de Amerikaanse countrymuziek. De helft van zijn leven bracht hij echter in Brussel en Antwerpen door. Hij overleed er in het jaar 2000. Als eerbetoon voor de zanger, muzikant en kunstenaar loopt er in De Roma (Borgerhout) een tentoonstelling en vond er het concert 'Derroll's Dream' plaats.

Derroll Adams' leven was geen sprookje maar eerder een avonturenverhaal. Zoals hij zelf in zijn bekendste liedje zingt, is hij geboren in Portland, Oregon, het westen van de Far West. Zijn grootvader vocht nog tegen de indianen en zijn tante was nog saloondanseres. Met zijn ouders zwierf hij tijdens de depressie van de jaren dertig voortdurend van de ene stad naar de andere en moest steeds zijn nieuwe vrienden achterlaten. Hij vond troost in zijn mondharmonica en was wild van de banjo die hij hoorde op de radio. Ooit werkte hij nog als houthakker in de wouden van Oregon, maar als idealist tekende hij voor het leger toen de Japanezen in 1941 Pearl Harbour aanvielen. Door de brutaliteit en wreedheid tijdens zijn marine-opleiding werd hij psychisch sterk aangegrepen. Hij verliet het leger en ging kunst studeren.

De vijfsnarenbanjo die hij van zijn moeder kreeg, werd meteen zijn belangrijkste bezit. Nadat Pete Seeger hem wat tips gaf, speelde Derroll op politieke bijeenkomsten van de progressieve Henry A. Wallace maar verfoeide al gauw het politieke opportunisme. Hij sloot zich liever aan bij geëngageerde muzikanten zoals Jim Garland. Hij beoefende allerlei beroepen zoals radiomaker, taxi-chauffeur en trucker terwijl hij door verschillende Amerikaanse staten zwierf. Hij voelde zich sterk aangegrepen door de Koreaanse oorlog en schreef protestsongs zoals 'Portland Town', iets wat tijdens de jacht op communisten door McCarthy gedurfd was. In die periode geraakte Derroll stevig verankerd in de country-scene. Zo leerde hij Jack Elliott kennen, een vriendschap die jarenlang een belangrijke invloed zou hebben. In 1957 vervoegde hij Jack en zijn vrouw June in Londen waar ze als 'The Rambling Boys' op straat, in kroegen en nachtclubs speelden. LP's en platencontracten volgden. Ze gingen op verkenning naar Parijs, waar Derroll bevriend werd met Alex Campbell en naar Italië om uiteindelijk in Brussel te belanden.

Het was 1958 en Jack en Derroll werden aangenomen als entertainers in het Amerikaanse paviljoen op de Expo 58. Jack keerde daarna terug naar de VS maar Derroll had zijn stek gevonden in café 'Welkom', een alternatief café van 'beatniks en bohemiens' in de buurt van de Brusselse Grote Markt. De rust, humor, maar ook de gevoeligheid van zijn songs en zijn dagelijkse omgang leverden hem heel wat populariteit. In de jaren zestig ontmoette hij in Londen de jonge Donovan, met wie hij nog figureerde in de 'Don't look back'-documentaire over Bob Dylan.

Zijn huwelijk met Danny Levy verankerde hem uiteindelijk in Antwerpen. Hij bleef populair en trad zeer veel op, nam meerdere platen op en was een graag geziene gast op festivals. Toch verkoos hij ervoor niet in de spotlights te staan maar eerder bescheiden te blijven. Op uitnodiging van Donovan speelde hij met succes op diens toernee in de VS, de laatste maal dat hij in zijn thuisland was (1976). Waar hij nog wel dikwijls ging komen, was het Deense Tønder festival, waarmee hij hetzelfde jaar kennis maakte. In 1981 stond hij op het podium van de Parijse Olympia. 1990 werd een jaar van weerzien met zijn oude vriend Pete Seeger, maar ook met Arlo Guthrie. Datzelfde jaar kwam Pete Elliott naar Derroll's 65ste verjaardagsconcert en ging met hem en Roland Van Campenhout nog een keertje toeren.

Toen zijn gezondheid het liet afweten, trok Derroll zich terug in zijn atelier om muziek te beluisteren, wat te tokkelen, gedichten te schrijven en te schilderen. In 1999 was hij nog een laatste maal op het 'Tønder Festival'. Hij stierf in Antwerpen in het jaar 2000.


Derroll, die meestal solo speelde, wou altijd eens optreden met strijkers en vrouwenstemmen. Wiet Van de Leest heeft aan de droom van Derroll vorm gegeven in het project 'The Derroll Adams Tribute Big Band'. De muziekfestivals Brosella, Gentse Feesten en Dranouter konden zich daar ook in vinden en zo kwam het dan toch in 2010 tot de uitvoering van 'Derroll's Dream' op elk van deze festivals.

Nu, in 2012, werd het dan uiteindelijk ook in zijn woonplaats Antwerpen opgevoerd in de Roma. Om het geheel kompleet te maken is er tegelijkertijd een tentoonstelling van zijn schilderijen, wordt de film die Patrick Ferryn in 2005 over Derroll maakte, vertoond en is er in de inkomhal allerlei fotografisch aandenken te bekijken.

WALTERito

  • Chris Bouchard van theaterbureau Pimpernel was ooit auteur van het boek 'Kleinkunst Nu' (1969). In 1968 leerde hij Derroll kennen in café St.Matthijs en wist hem te strikken voor een concert in het OLT van Deurne. Bob Dylan had afgezegd. Later wist Derroll, als goede vriend, Donovan te overhalen voor een concert. Chris kweekte een goede band met Derroll, die altijd bereid was om op te treden voor goede doelen. In de Roma mocht Bouchard de tentoonstelling van Derroll's schilderijen openen.

  • 'The Derroll Adams Tribute Big Band' bestaat uit Vera Coomans, Soetkin Baptist, Lady Angelina, Anu Junnonen, Anja Kowalski, Kaat Arnaert, Maggie Holland, Roland Van Campenhout, Wiet Van De Leest, Timur Sergeyeni, Laci Olach, Farhad, Yuldashev, Vanessa Salamon, Claire Bourdet, Stefan De Rijcke, Emmanuel Crombeen, Eva Ackerman, Laurent Tardat, Maria Chichova, Danila Mashkin, Maxim Fernandez-Samodayev, Bart Verhaeghe, Sergey Gorlenko of Svetoslav Dimitriev.

  • Anja Kowalski studeerde gitaar in Antwerpen, zang in Brussel en improvisatie in Luik. Tussen haar muzikale avonturen in geeft ze ook muziekles en workshops. Ze werkte oa. samen met David Bovée.

  • Lady Angelina heeft een verleden van 'geitewollensokken' en was een tijdje kostuumontwerpster voor het Ballet van Vlaanderen, voor ze echt een muzikale carrière aanvatte. Ze leefde in een afgedankte woonwagen en doorzwom heel wat artistieke watertjes tot in de Kamikaze Freakshow 'Lady Angelina' ontstond. Zij speelde ondermeer de 'Balzaal der Gebroken Harten' met Guido Belcanto en Roland Van Campenhout.

  • Soetkin Baptist werd bekend door de groep Ishtar die in 2008 geselecteerd werd voor het Eurovisiesongfestival. Zij zingt bij gelegenheid in de wereldmuziekgroep Olla Vogala en is ook altzangeres van middeleeuwse muziek bij Encantar.

  • De Finse componiste/zangeres Anu Junnonen kon volgens haar moeder eerder zingen dan praten. Ze wordt vooral geïnspireerd door folk en tango (zeer populair in Finland). Met de groep aNoo bracht ze al een plaat uit, maar ze trekt ook al 10 jaar rond met accordeonist Tuur Florizone.

  • Maggie Holland is een Engelse zangeres uit de folkscene van de jaren '60. Ze begeleidt zichzelf op banjo of gitaar en zong eerst traditionele en meer moderne Amerikaanse of Britse liederen, voor ze er in '87 zelf begon te schrijven. Ze trad ondermeer op met Martin Carthy, de Hot Vultures en Tiger Moth.

  • Zowel Wiet van de Leest als Vera Coomans komen uit de folkgroep Rum, die in de jaren '70 zeer gekend was. Later zaten ze in de groep Madou die vooral bekend is gebleven door hun nummer 'Niets is voor altijd'.

  • Vera Coomans begon haar muzikale loopbaan bij de 'Internationale Nieuwe Scène'. Na de periode met Rum en Madou start ze opnieuw met het gezelschap Vera Croesjkowa & Les Cousins du Chagrin en met heel wat opgemerkt werk met Philip Hoesen.

  • Het kamerorkest Timur und seine Mannschaft o.l.v. Timur Sergeyenia.

  • Danny Levy, Derroll's weduwe, is tevreden over het concert en het hele initiatief.

  • Roland Van Campenhout is al lang een Belgische blues-legende. Maar het blijft niet bij blues. Hij leerde dat vele muziekvarianten uit elkaar voortvloeiden en liet zich niet pinnen op de naam 'blues'. Hij trok al op zijn 14de het huis uit en liet zich inspireren door een optreden van John Lee Hooker in het 'Antwerpse café De Muze'. Hij speelde met Miek en Roel, met Rory Gallagher, Arno, Tim Hardin, Leo Kottke en Ian Anderson. Zijn laatste CD nam hij op in Kenya waar hij zich realiseerde dat jazz en blues daar hun origine hadden.