Onderwijs en Rethinking Economics

Onderwijs en Rethinking Economics

donderdag 26 maart 2015 14:22

Het onderwijs moet onze opgroeiende jeugd voorbereiden
op onder andere de economische en politieke dimensies van het leven. Helaas
laat ons onderwijs het, wat dat betreft, behoorlijk afweten: herhaaldelijk
duiken klachten op over het (schrijnende) tekort aan algemene kennis
betreffende financiën en economie. De klagers hebben door de bank genomen geen
pasklare oplossingen aan te bieden. Met die klachten wordt vanuit het Ministerie
voor Onderwijs op een voor het onderwijs atypische manier omgegaan. Voor andere
kennisbehoeften / vakken wordt vrij nauwkeurig opgegeven wat er inhoudelijk
moet worden behandeld om de nodige doelstellingen te bereiken terwijl voor
maatschappijleer slechts algemene richtlijnen worden gegeven en het initiatief
voor de invulling bij de scholen / de leerkrachten wordt gelegd. Die
‘getroffen’ leerkrachten zijn alles behalve blij met die ongewone vrijheid,
want er zijn geen specifieke handboeken beschikbaar en ze hebben zelf ook
betreffende die materie geen opleiding gehad. In die omstandigheden is het niet
evident dat de bijeengesprokkelde inhoud een consistent geheel oplevert dat
bovendien ook over de opeenvolgende leerjaren heen zonder overbodige
herhalingen een bewuste en geschikte opbouw van de kennis bewerkstelligt.
Slechts vanuit een geïntegreerd model kan zoiets bereikt worden.

Maatschappijleer is een breed kennisveld! Om een
degelijk kennispakket te vormen moet het 
(minstens) gaan over ecologie, de sociale, de economische, en de
politieke dimensies van de samenleving. Gezien de leeftijd van de (middelbare)
scholieren moeten de onderwerpen die worden aangesneden zoveel mogelijk
herkenbaar zijn en bevestiging vinden in hun beperkte leefwereld. Modellen die
refereren naar virtuele omgevingen en dus veraf staan van de concrete wereld rondom
hen zijn beslist te mijden. De enige goede manier om daaraan  tegemoet te komen is uitgaan van een volledige
maar gestructureerde inventarisatie van alle stromen (van goederen, diensten,
en geld) die in het maatschappelijke bestel omgaan. Een model op basis van die
elementen biedt tegelijk het voordeel van de automatische integratie van
ecologie, het sociale, het economische , en het politieke. Het leven bestaat
ook niet uit schijfjes van die verschillende dimensies die samengevoegd worden;
elk handelend optreden in de samenleving is een act waarbij de effectieve keuze
een compromis is van de normen door de verschillende dimensies gesteld en
waarbij soms één welbepaalde norm of waarde doorslaggevend kan zijn.             

Dergelijke integratie van de wezenlijke dimensies van
het leven is een kenmerk van het Economische Realiteit Systeem (ERS). Door de
stromenbenadering biedt het ERS model bovendien een grote herkenbaarheid. Op
meerdere plaatsen wordt pas gestart of is recent gestart met Rethinking
Economics omdat de gangbare economieleer echt niet goed aansluit bij de
realiteit; het ERS is Rethaught Economics.  

De gangbare dominante economieleer komt gewoon niet
toe aan die integratie en die herkenbaarheid omdat ze zich een eeuwigdurende
struikelsteen bezorgd heeft door de economische entiteiten (actoren) in twee
kunstmatige groepen in te delen die eigenlijk te maken hebben met twee rollen
(produceren en consumeren) die door alle economische entiteiten worden
verricht. Als de bakker, de beenhouwer, en de loodgieter aan elkaar leveren
horen ze zowel bij de producenten als bij de consumenten thuis. De gangbare
economieleer, die haar basisformulering gekregen heeft naar aanleiding van de
industrialisatiegolf vanaf halfweg de achttiende eeuw, heeft  zich laten (mis)leiden doordat  de productie van een groot deel van de
goederen zich ging concentreren in de kapitalistische / industriële economische
entiteiten. In wezen vertonen alle economische entiteiten input (consumptie), productie,
en output; en dat geldt zowel voor gezinshuishoudingen als voor alle andere
economische entiteiten. Zonder de arbeid van de vele werknemers (arbeiders
zowel als bedienden en kader) zouden er niet veel producten de deur uitgegaan
zijn bij de industriële economische entiteiten. Arbeid is de output die leden
van gezinshuishoudingen leveren en zo voor essentieel noodzakelijke input zorgen
voor niet-gezinshuishoudingen.

Voor de jeugd die nu in het onderwijs zit kunnen we
dus alleen maar vaststellen dat ze vreselijk onvoorbereid het
sociaal-economisch-politieke leven ingestuurd worden. Dat de meeste leerlingen daarbij
geen yota van de gangbare economieleer te horen krijgen is een geluk bij een
ongeluk.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!