about
Toon menu

Sociale participatie en armoedebestrijding

donderdag 23 april 2015
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Het zal de meesten ontgaan zijn, maar de regering Michel heeft in het kader van de armoedebestrijding een significante besparing doorgevoerd. De federale subsidiemiddelen voor socio-culturele participatie gaan ten opzichte van 2014 met vijftien procent naar beneden. Deze middelen bestaan uit twee luiken met een eigen opzet en doelgroep. De eerste, de algemene middelen socioculturele participatie richten zich vooral op de participatie in sport- en cultuurverengingen en het verweven van ICT-vaardigheden. Het tweede richt zich specifiek op kinderarmoede. Dit kan gaan om gezinsondersteuning, begeleiding van de ouders, begeleiding van het kind of allerhande onderwijskosten.

De visie achter de middelen is duidelijk. Kansarmen participeren minder aan het verenigingsleven, aan culturele en aan sportactiviteiten. De idee is dat de kostprijs vaak een te hoge drempel is. Hieraan kan toegevoegd worden dat mensen met zware financiële problemen en kopzorgen van sowieso weinig interesse zullen hebben in socioculturele participatie. Het feit dat het isolement verbreekt en eigenwaarde en zelfvertrouwen kan opkrikken is wel bewezen. Inzetten op participatie is dus geen klein detail in het sociaal beleid.

Dat er in de middelen wordt geknipt is dus ook opzienbarend, zeker gezien het feit dat deze regering vertrekt vanuit het idee dat mensen moeten versterkt worden om zelf de zaken in handen te krijgen, in plaats van passieve hulpverleningsgebruikers te zijn. Socioculturele participatie staat hierin centraal. Dit hoeft zelfs niet gecentraliseerd door de OCMW’s te gebeuren, al spelen zij een belangrijke rol in de toeleiding en doorverwijzing naar geschikt aanbod. Een regering die het serieus meent met zelfredzaamheid en het versterken van mensen zet dus in op socioculturele participatie.

Wat nog frappanter is, is dat ook het budget voor kinderarmoede naar beneden gaat. Waar dit in 2014 nog 4.309.000 euro bedroeg, is dit nu teruggebracht op 3.766.000 euro (oftewel een vermindering van ongeveer 13%). Men zou hier tegen kunnen opwerpen dat er nog andere middelen zijn rond kinderarmoede. Deze zijn echter doorgaans gericht op het organiseren van structureel overleg, een bijzonder inefficiënte vorm van kinderarmoedebestrijding, of projectmatig van aard. Dit fonds is daarentegen echt gericht op het betalen van schoolonkosten of gezinsondersteuning, waar ouders en hun kinderen concreet mee worden geholpen. Het is een investering waarvan je met zekerheid kan zeggen dat het een verschil maakt, anders dan alle mooie projecten.

Een onbekende factor is de invullingsgraad door de OCMW’s. Indien het zo zou zijn dat de middelen gemiddeld maar voor 84% worden aangewend, dan zou het inderdaad verdedigbaar om deze ook op dat niveau terug te brengen. Alleen worden de budgetten per OCMW grotendeels lineair naar beneden gehaald. Dit zien we als we kijken naar uiteenlopende gemeenten. Ondanks de verschillende profielen is de daling min of meer gelijk in Antwerpen (-13,39%), Knokke-Heist (-16,74%), Keerbergen (-14,45 %) en Sint-Joost-Ten-Node (-16,08%). Dit doet vermoeden dat invullingsgraad geen rol speelt in de vermindering, anders dan bij bijvoorbeeld de tewerkstellingsmaatregel artikel 60§7.

CD&V profileert zich als een warme normen- en waardenpartij met de focus op mensen versterken. De liberale partijen zijn tegen betutteling en willen eveneens empoweren. De N-VA profileert zich sinds kort zelfs als de helpende hand. Het is dan ook bijzonder dat ondanks het feit dat het principe van socioculturele participatie aansluit bij de visie op armoede en armoedebestrijding en de zogezegde wil om kinderarmoede prioritair aan te pakken deze middelen niet worden verhoogd. De totale middelen gaan met 1,7 miljoen euro naar beneden, de helfie-campagne van de N-VA kost ons allen 1 miljoen euro. Als dit de verandering en vooruitgang is die zij voor ogen hebben, dan zullen kansarmen de komende jaren nog vaak met de (helpende) handen in het haar zitten.

reacties

Eén reactie

  • door JohanGroenroot op vrijdag 24 april 2015

    Vanaf begin 2015 is het inschrijvingsgeld en kosten voor CVO's (opnieuw) omhoog gegaan van 1.15€ naar 1.50€. Voor een cursus van 120 lesuren (1 avond per week) komt dit op een meerkost van 42€/jaar bovenop de 50€ hier, de 30€ daar...enz. Wijlen Koen Calliauw : Wanneer gewone mensen het recht opeisen een Leven Lang te Leren, worden ze als 'profitariaat' geklasseerd. http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2010/08/05/n-va-minister-muyters-hou-jij-ze-arm-ik-hou-ze-dom

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties