Bij DeWereldMorgen.be schrijven we niet voor de clicks.

We maken media voor een betere wereld.

Samen met vele vrijwilligers en burgerjournalisten.

Om dit te blijven doen hebben we uw steun meer dan nodig!

Steun onafhankelijke media!

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu

Heksenjagen

dinsdag 7 april 2015
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Ik heb het fenomeen van de heksenjacht altijd fascinerend gevonden. Enerzijds doet het mij met enige nostalgie terugdenken aan de lessenreeks van Professor Vanysacker, waarbij zogenaamde heksenjagerdagboeken onder de loep werden genomen. Tips over hoe je demonen kan herkennen en volksverhalen over oude vrouwen die kinderen in varkens veranderen, het is eens iets anders dan het Jansenisme of de introductie van het drieslagstelsel. Anderzijds is het ook altijd een bron van entertainment geweest, denk maar aan de Witchsmeller Pursuivant van Blackadder of de scene uit Monty Python’s Holy Grail ('She turned me into a newt!'). De waarheid is ietsje minder grappig. De heksenvervolging was een vaak politiek geïnspireerde klopjacht op vreemde elementen in de samenleving, Joden, bedelaars, migranten en eenzame, excentrieke figuren.

De term heksenjacht werd de voorbije dagen weer veelvuldig gebruikt, in een actuele context weliswaar. Aan de ene kant was er de kritiek op de media, omdat zij onzorgvuldig zouden omgesprongen zijn met de klacht tegen Steve Stevaert. Het vermoeden van onschuld zou opgeofferd zijn voor de door verkoopcijfers opgedreven sensatiezucht van de redacties. Eenzelfde golf van verontwaardiging, maar vanuit een ander ‘kamp, kwam er naar aanleiding van het bericht dat enkele ouders in beroep gingen gaan tegen de beslissing van de raadkamer om Juf Magalie niet te vervolgen door gebrek aan bewijs. Daar waar de verontwaardiging bij de ene vooral vanuit linkse hoek kwam, was het bij de ander vooral een sentiment uit rechts hoek.

Maar het heksenjagen ging verder dan het vingerwijzen richting de traditionele media. Het was vooral in nasleep van de zaak Stevaert waar er plots een ambiguïteit viel waar te nemen. Om te beginnen was er de tweet van een medewerker van Delhaize, die vond dat ‘alle rooien maar in het kanaal moesten springen’. Hoewel dit nog niet eens de meest degoutante uitspraak was die die dag op sociale media verscheen, kreeg het wel zeer veel aandacht. Het bleef echter niet bij verontwaardigde reacties. Screenshots werden genomen en verspreid, nadat de persoon in kwestie de tweet zelf had verwijderd. Sommigen meenden de werkgever te moeten inlichten. Zij reageerden al snel dat ze ‘gepaste stappen zouden ondernemen’, wat dat ook moge zijn.

Een tweede voorval vond plaats met Willem Elias, de decaan van de faculteit psychologie aan de VUB, die op Facebook liet verstaan dat het vermeende verkrachtingsslachtoffer van Steve Stevaert verantwoordelijk is voor diens zelfmoord. Een dag later volgden al even bedenkelijke uitspraken uit 2011 en 2009, respectievelijk 4 en 6 jaar. Ook hier werd het ontslag geëist van de persoon in kwestie. Een begrijpelijke reactie, al ruikt dit soort van verontwaardiging ook vaak naar de virtuele burgerwacht, vigilance committees die hun peilen richten op wat zij ontoelaatbaar vinden en tamelijk ver gaan in het grasduinen naar zaken die hun goede zaak kunnen versterken, of het nu over Willem Elias of pakweg Theo Francken gaat.

Men is verantwoordelijk voor de ranzigheid die men op het internet verspreid. In het tweede geval komt daar nog een extra dimensie bij, de dimensie van de publieke functie. Als decaan, en dan zeker een van een faculteit als de zijne, kan men verwachten dat men een betere inschatting kan maken over de geladenheid van een uitspraak en welk effect dit op slachtoffers of familieleden ervan kan hebben. In het eerste geval is de scheidingslijn echter onduidelijker. Als iedereen die ranzige praat verkoopt zijn job moet verliezen, dan wordt het activeringsbeleid van de regering Michel een nog groter fiasco. De vraag in deze is niet of er geen verontwaardiging mag zijn, graag en veel zelfs, alleen is het gebrek aan terughoudenheid die men bij de traditionele media zo laakt misschien ook in gevallen als deze bij de sociale media te vinden.

Wat daarnaast opvalt is hoe selectief onze verontwaardiging wel niet is, en hoe afwezig de kritiek als het op onszelf en ons eigen gedrag aankomt. Sinds de ‘opmars’ van de N-VA is het publieke debat sterk gepolariseerd. Dit is enkel nog toegenomen sinds de regeringen Bourgeois en Michel gevormd werden. Aan de ene kant zit men met een groep die alles wat naar links neigt associeert met het slechtste op aarde. De gestroomlijnde “25 jaar socialistisch beleid”-campagne zal dit zeker niet verbeterd hebben. Aan de andere kant heeft men een zeer assertief links blok dat de vergelijkingen met totalitaire, dictatoriale regimes niet schuwt. Want laat ons eerlijk zijn, moest een vooraanstaand N-VA-politicus iets soortgelijks overkomen, de reacties zouden er niet minder flatterend op zijn. Wat opvalt is hoe beide kampen van elkaar vinden dat ze geviseerd worden door de ander.

Dit zorgt voor nog meer polarisatie langs de ene kant, en langs de andere kant voor absurde situaties, waarbij de zelfreflectie en het relativeringsvermogen in beide kampen lijken weggeëbd te zijn. Geheel en al in #jesuischarlie-stijl duiken bijvoorbeeld #jesuisbart-icoontjes op, omdat de man die, laat ons eerlijk zijn, vaak genoeg een oefenmatch wordt aangeboden, zonder tegenstander (al zal kamp noord u zeggen dat hij tegen rode journalisten van de VRT moet opboksen), monddood zou worden gemaakt door de politiek correcte linkse kerk. En zo heeft men langs linkse kant de gewoonte om de krachttermen niet te schuwen. Rutger Bregman schreef recent een stuk over het verliezerssocialisme, maar eigenlijk wentelen we ons allemaal graag in die rol.

Gewapend met het grote gelijk en het gevoel dat de ander het buitensporig op ons heeft gemunt, wordt er in ware missionarisstijl tekeer gegaan, weliswaar binnen de eigen groep, want met die ander een beschaafd gesprek houden is te veel gevraagd. We zoeken naar mensen, opinies en artikels die ons in ons gelijk versterken en maken van onze verontwaardiging een gebalde vuist die op elk moment de tegenstander knock-out kan slaan, geholpen door het feit dat het internet nooit vergeet en dat we nooit of te nimmer nog vergeten zullen of kunnen worden.

Het is ondertussen een afgezaagde zin op deze blog, maar het blijft relevanter dan ooit. De ander is zoveel meer dan een ideologisch gegeven en wij zijn het aan onszelf verplicht om onze overtuigingen niet boven alles en iedereen te plaatsen. Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet. Als je zelf vindt dat het klimaat verhardt, versterk dat niet zelf. Als je je zelf geviseerd voelt, trap dan niet in dezelfde val door op intellectueel gemakzuchtige wijze de ander de vinger te wijzen. Sociale media zijn daar ongetwijfeld niet de beste plekken voor, omdat men vanachter de computer verzandt in de radicalere vorm van de eigen persoonlijkheid. Maar het is wel een uitstekende plek om het relativeringsvermogen aan te scherpen en de eigen, vaak selectie verontwaardiging bloot te leggen. Want engagement wordt nutteloos wanneer het door tunnelvisie wordt aangetast en verontwaardiging waardeloos wanneer het inconsequent is. Uiteindelijk was de heksenjager ook overtuigd dat hij het goede deed.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig.

reacties

2 reacties

  • door Jan Willems op woensdag 8 april 2015

    Iedereen moest de laatste alinea nog maar eens tweemaal herlezen. Als verweermiddel tegen die verdomde kakafonie van 'opinies' (???) op de sociale media.

    • door jan peeters op woensdag 8 april 2015

      Een zinnige bijdrage die getuigt van wijsheid en nuancering te midden van de bagger die de laatste weken is uitgespuwd. Emotie is soms een slechte raadgever. Men viseert daarbij veelal de man (of vrouw) in plaats van de bal, om het in voetbaltermen te zeggen. Geen enkel extremisme is gezond, of het nu uit linkse, rechtse, religieuze of welke andere hoek komt. Fanatisme leidt alleen maar tot chaos in geest en hart.

    Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties