about
Toon menu

Verdedig het recht op verzet tegen het rechtse beleid: handen af van het stakingsrecht!

maandag 7 november 2016
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Foto: PPICS

Mensenrechten erkennen geldt blijkbaar niet wat het stakingsrecht betreft

De rechtse regering wil dat nieuwkomers een verklaring ondertekenen waarin ze de mensenrechten erkennen. Alvorens dit van anderen te vragen, zouden de rechtse partijen beter beginnen met het zelf te doen. Het stakingsrecht is immers een algemeen erkend mensenrecht. Zonder het recht op collectieve actie komen we al gauw in dictatoriale toestanden terecht. Maar toch wil de rechtse regering net dit recht op verzet tegen haar beleid drastisch afbouwen.

De regering wil dat de kleine spoorbonden ASTB en OVS niet langer stakingsaanzeggingen kunnen indienen. Dit komt niet toevallig net na de aankondiging dat de pensioenleeftijd van onder meer de treinbestuurders wordt verhoogd, een beroepscategorie waar ASTB de voorbije jaren een positie heeft uitgebouwd. Eerst wordt een aanval op het personeel ingezet en vervolgens wordt aangekondigd dat protest daartegen aan banden wordt gelegd. Uiteraard is dit slechts een opstap om alle protest in de kiem te smoren: het begint met kleinere vakbonden en als dat lukt, volgen de andere.

Ten onrechte menen de regering en de directie dat het stakingsrecht beperkt is tot wat de door hen erkende vakbondsleiders goedkeuren. Het recht om een vakbond op te richten en daarmee zijn belangen te beschermen, is door artikel 11 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens toegekend aan iedereen. Het Europees Sociaal Handvest erkent het recht van werknemers om collectief op te treden. Het beperken van een recht erkend door het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens is aan strikte voorwaarden onderworpen, voorwaarden waar het regeringsvoorstel en de bijhorende sancties niet aan voldoen.

Als het beperken van deze rechten dan nog eens gebeurt door de werkgever zelf (de regering), dan begeven we ons helemaal op glad ijs. Bij een collectief conflict tussen werkgever en werknemers is het dan de werkgever die bepaalt hoe de werknemers zich in dit collectief conflict moeten gedragen. Wordt protest straks beperkt tot online petities of vormen van ‘embedded’ protest binnen het gevoerde beleid? Het doet denken aan de Turkse dictator Erdogan die zelf wil bepalen welke vorm van oppositie tegen zijn beleid kan (met name een volgzame oppositie) terwijl andere vormen van oppositie meteen hardhandig en repressief de kop ingedrukt worden.

De regering stelt dat OVS en ASTB wel hun status van vakbond behouden, maar dat ze geen stakingsaanzegging mogen indienen waardoor acties van hun leden steeds “wilde en illegale” stakingen zijn. Die kunnen bestraft worden met boetes en soms zelfs ontslag. Dit botst niet alleen met de Europese grondregels, het gaat ook regelrecht in tegen de heersende Belgische rechtspraak die door strijd afgedwongen is. Naar aanleiding van een staking in de Antwerpse petroleumsector in 1976 stelde het Hof van Cassatie dat een staking op zich geen onrechtmatige daad kan zijn. Hoe kan dat kan gerijmd worden met sancties en ontslagen wegens collectieve acties?

Natuurlijk raakt de regering hiermee aan de syndicale vrijheid. Het doel is om protest van het personeel aan banden te leggen, net zoals dit voor het afdwingen van het stakingsrecht in de 20e eeuw het geval was. Dit belangt niet alleen de militanten van ASTB en OVS aan, het treft alle syndicalisten.

Bij de NMBS is er niet alleen het optrekken van de pensioenleeftijd voor rijdend personeel, binnenkort wordt ook opnieuw gediscussieerd over ‘minimale dienstverlening.’ Het personeel en de reizigers hebben belang bij discussies over maximale dienstverlening, maar actiemiddelen om dat af te dwingen worden aan banden gelegd. Daar gaat het immers echt over bij het voorstel van ‘minimale dienstverlening’ bij stakingsacties. Om deze aanval mee mogelijk te maken, kondigen regering en directie ook aan dat het aantal vakbondsafgevaardigden drastisch naar beneden moet. Nu zijn er 1.600 afgevaardigden voor 34.000 personeelsleden op 2.700 werkplekken. De regering wil dat de vakbonden zelf voorstellen doen om hun aantal afgevaardigden te beperken en hun stakingsrecht af te bouwen, zoniet neemt ze zelf maatregelen.

De voorstellen van de regering hebben niets met ‘moderne vakbonden’ te maken, ze brengen ons integendeel terug naar de 19de eeuw. Het is aan de werknemers om te beslissen welke vakbondsstructuren ze aannemen, daar moet de werkgever zich niet mee moeien. Of geldt artikel 11 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mensen niet langer in België? Het behouden van ons recht op collectieve actie, met inbegrip van het stakingsrecht, kunnen we het best door gebruik te maken van dit recht en het door mobilisatie van onderuit door de hele arbeidersbeweging in de praktijk steeds opnieuw af te dwingen.

Vaststellen dat de regering en de directie hypocriet zijn, is terecht maar volstaat niet. De strijd tegen de aanvallen moet georganiseerd worden, zoniet zullen die aanvallen steeds harder worden en gaan niet alleen onze syndicale rechten terug naar de 19de eeuw maar ook onze arbeidsvoorwaarden. Waarop wachten de vakbondsleiders bij het spoor om over de verschillende vakbonden heen de basis te laten beslissen over een opbouwend actieplan gekoppeld aan een duidelijk eisenplatform waarbij elke volgende stap in de acties en elk voorstel in onderhandelingen ter stemming wordt voorgelegd aan die basis?

reacties

5 reacties

  • door Manou Doutrepont op maandag 7 november 2016

    Ter info van de auteur en de lezers

    1) Cassatie-arrest (arrest De Bruyne) stelde alleen dat het Belgisch recht geen voorwaarden oplegt op de stakingsvrijheid.

    2) wie artikel 11 EVRM citeert mag ook het artikel 6 en artikel G van Europees Sociaal Handvest citeren. Die internationale rechtsbronnen verbieden de Staat niet om modaliteiten voor uitoefening stakingsvrijheid vast te leggen. De wetgever zou de stakingsprocedure zoals de sociale partners zelf hebben overeengekomen (cao nummer 5) perfect kunnen vastleggen. Indien de wetgever met een parlementaire meerderheid dat zou doen, en nu gedaan heeft voor het personeel van de Belgische spoorwegen, dan is het arrest van 1976 niet meer van doen.

    3) het aantal werknemersvertegenwoordigers wordt altijd vastgelegd in een wet, het aantal vakbondsafgevaardigden in een cao. In de privé sector bedraagt het aantal werknemersvertegenwoordigers in de OR maximum 25; het aantal vakbondsafgevaardigden in een metaalverwerkend bedrijf van 34.000 medewerkers zou het aantal vakbondsafgevaardigden beperkt zijn tot 74.

    4) In België bestaat geen stakingswet. Het parlement heeft er nooit serieus over gedebatteerd. In veel andere democratische landen hebben de volksvertegenwoordigers het stakingsrecht omkaderd in een wet. Waaronder landen waar de werkgelegenheidsgraad hoger ligt en de armoede beter onder controle is.

    5) de wetgever kan volgens het internationaal recht vakbonden erkennen als representatieve vakbonden en andere niet, indien de criteria duidelijk zijn, zoals dat het geval is in België.

    Met vriendelijke groet

    Manou Doutrepont

  • door Jean Van den Bosch op dinsdag 8 november 2016

    Inderdaad is volgens het EVRM staken een recht en geen voorrecht. Maar net in hetzelfde EVRM staat ook iets anders vermeld. Niet-stakers kunnen niet belet worden om WEL aan de slag te gaan, dit is ook een recht nml. het recht op werken. En de 3de partij de werkgever heeft ook het recht om zijn bedrijf te laten draaien, renderen als je wilt.

    Hoeveel dagen hebben de spoorwegen de laatste 2 jaren gestaakt? Waardoor werknemers die gebruik maken van het spoor, om op en van hun werk te geraken, klanten van de spoorwegen feitelijk. Niet of met heel veel problemen op hun werk konden geraken? Denk je dat de spoorwegen bij de gewone werkende mens (klant) nog op heel veel krediet kunnen rekenen? Wat moesten deze klanten dan doen? Dagen verlof opnemen? Ziek vallen? Stakingsrecht is helemaal niet absoluut. En ik gebruik doelbewust het woord klant, omdat bij stakingen een klant een speciale betekenis heeft. Wat te denken dat bij één van de laatste spoorwegstakingen, een 10-tal stakende werknemers. Die in Brussel spoorlijnen bezetten en gearresteerd zijn geworden. De Vlamingen wilden toen helemaal niet mee staken.

    Het verwonderlijke bij de spoorwegen is, en niet alleen daar. Dat personeelsleden die het meest noodzakelijk zijn, treinbestuurders en treinconducteurs. Er steeds te weinig van zijn.

    Ik ben een groot voorstander van het stakingsrecht, maar op de duur kan je, je eigen bedrijf kapot staken. En dan krijg je reacties en acties van de werkgever. Zoals deze nu plaats hebben. Geen enkele klant is daar rouwig om. De klant vraagt alleen om dienstverlening en treinen die rijden. Waarom denk je dat recentelijk, nogmaals, de vraag is gesteld om buitenlandse passagiers-vervoers- maatschappijen over Belgische sporen te laten rijden. De vraag was eerder wanneer feitelijk.

  • door Carlos Pauwels op dinsdag 8 november 2016

    Vraag misschien ook eens de mening van mensen die dagdagelijks het openbaar vervoer moeten nemen om te gaan werken. En neen, ik ben daar niet meer bij, maar weet wel waarover ik het heb ( 30 jaar getreind, gebust en getramd.

    • door PVDPUTTE op woensdag 9 november 2016

      Ik neem al 20 jaar dagelijks de trein en dat in een periode die qua drukte en aantal reizigers exponentieel groter is dan in het (uw?) verleden; wat zou je willen weten?

      • door Carlos Pauwels op vrijdag 11 november 2016

        Wel, ik zou eens willen weten wat u en anderen ervan denken dat kleine groepen het spoor kunnen plat leggen. Aan de reacties te oordelen op TV zijn er maar weinig gelukkig mee. Ik ben nog om 11 uur 's avonds thuis gekomen door een staking. Thuis hadden wij geen telefoon en zeker geen GSM, die bestond nog niet. Mijn vrouw in alle staten, plezant hoor!

      Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties