about
Toon menu

"Wie zal dat betalen?" De belangrijkste vraag in het klimaatdebat

dinsdag 27 juni 2017
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

“Wie zal dit betalen ?” is een vraag die vaak gesteld wordt door klimaatontkenners. Het is een vraag die steeds in hun achterhoofd rondwaart en ze is voor velen trouwens de belangrijkste reden om de realiteit van de klimaatverandering te blijven ontkennen. Ze zijn natuurlijk bang dat een effectief klimaatbeleid voor hogere belastingen en meer overheidsbemoeienis zal zorgen. Door deze vraag te stellen loop ik dus het risico dat u me in de categorie van klimaatontkenners plaatst.

Maar voor één keer geef ik de klimaatontkenners gelijk. “Wie zal dit betalen ?” is de belangrijkste vraag in het klimaatdebat.

Misschien is uw reactie nu: moeten we ons niet eerst concentreren op het uitwerken van de beste oplossing, en later beslissen wie hiervoor moet betalen ? Het punt is: de reden waarom we geen oplossing vinden voor de klimaatopwarming is omdat deze vraag niet beantwoord wordt.

Een afglijden naar steeds onmogelijkere en riskantere “oplossingen”.

Het standpunt van klimaatwetenschappers betreffende klimaatbeleid is langzaam verschoven. Eerst werd er enkel nagedacht over mitigatie: welke maatregelen kunnen we nemen om de klimaatverandering te stoppen ?

Toen werd het acceptabel om na te denken over adaptatie – wat eigenlijk al neerkomt op het toegeven van een nederlaag – we kunnen het niet meer stoppen, hoe kunnen we ons aanpassen aan het warmere klimaat ? Een van de problemen van adaptatie is dat we onmogelijk alle gevolgen kunnen overzien, en dat de “kosten” ook bijzonder moeilijk tot onmogelijk te berekenen zijn. Hoe bereken je bijvoorbeeld de “kosten” van het opvangen van 100 miljoen klimaatvluchtelingen ?

Onlangs heeft het UNFCCC (United Nations Framework Convention on Climate Change) besloten hier een derde pijler aan toe te voegen: loss and damage. We zullen ons niet altijd kunnen aanpassen – de klimaatverandering zal zowel onherstelbare schade (loss – bijv. het verlies aan mensenlevens) als herstelbare schade (damage – bijv. schade aan huizen door overstromingen) teweegbrengen, en ook hier moeten fondsen voor voorzien worden.

En zelfs geo-engineering, hetgeen een decennium geleden door wetenschappers totaal ondenkbaar werd geacht omwille van de grote risicos die eraan verbonden zijn, wordt nu als een serieuze mogelijkheid overwogen. Geo-engineering is trouwens niet de meest geschikte term – het impliceert foutief dat het hier over een exacte discipline gaat met goed gekende gevolgen. Klimaatinterventie is een betere term: een wanhopige maatregel, bijvoorbeeld het injecteren van zonlicht reflecterende aërosolen in de atmosfeer, hopende dat het geen onbekende schadelijke neveneffecten heeft. In feite is het Russische roulette spelen met de planeet als inzet.

Waarom bedenken we de ene oplossing na de ander, de een al grotesker dan de ander ? Omdat de fundamentele vraag: “Wie zal dit betalen ?” niet wordt beantwoord. Klimaatmitigatie is veruit de goedkoopste en minst riskante oplossing. Waarom gaan we dan niet voluit voor deze oplossing ? Omdat de rekening niet altijd door dezelfde betaald wordt.

Wie betaalt de facto de rekening ?

De vraag wordt angstvallig vermeden in het huidige klimaatdebat, maar laat ons eens nagaan waar de facto de rekening terechtkomt vandaag de dag ?

Klimaatmitigatie zou vooral door de vervuilers betaald worden. Of het nu gaat over een koolstoftaks, een emission trading scheme of een harde bovenlimiet voor CO2 uitstoot die wordt opgelegd door de overheid, het zouden de vervuilers zijn die moeten investeren in nieuwe koolstofarme technologieën – of een hoge boete betalen.

Klimaatadaptatie (denk aan het aanleggen van waterreservoirs, het ophogen van zeedijken etc. ) zou vooral door de belastingbetaler betaald worden.

“Loss and damage” zou vooral betaald worden door de landen die het meest lijden onder de klimaatverandering – de ontwikkelingslanden dus. Ofwel in de vorm van geld, of in de vorm van mensenlevens en eigendommen die verloren gaan.

Geo-engineering tenslotte ? Dat zou een gigantische en permanent aangroeiende factuur zijn die onze generatie achterlaat voor de toekomstige generaties.

En in zulke gevallen belandt de rekening meestal bij de mensen met de minste invloed en de minste macht. Dat betekent: de ontwikkelingslanden en de toekomstige generaties. En de “oplossingen” die uit de bus zullen komen zijn navenant.

Ontsnappen uit de deadlock

Terwijl de UNFCCC verschillende pijlers van het klimaatbeleid beschrijft blijft het angstvallig stil omtrent de schuldvraag. Dit is natuurlijk niet toevallig. Met name de westerse landen draaien om de hete brij heen, bezorgd dat de ontwikkelingslanden om schadevergoeding zouden vragen voor de decennia aan vervuiling waar de westerse landen grotendeels voor verantwoordelijk zijn. Betreffende de nieuwe pijler “loss and damage” is zelfs een extra clausule in het klimaatakkoord van Parijs opgenomen: “[this article] does not involve or provide a basis for any liability or compensation”.

Maar het is van groot belang dat de vraag gesteld, en beantwoord wordt.

Mijns inziens is de enige manier om te ontsnappen uit deze deadlock om te zeggen: wat er ook gebeurt, welke “oplossing” er ook gekozen wordt, de rekening moet betaald worden door de vervuilers. Het is de enige logische beslissing, en de enige rechtvaardige beslissing. Fossiele brandstofbedrijven proberen bijvoorbeeld een effectieve klimaatpolitiek te blokkeren, juist omdat ze niet verantwoordelijk gesteld worden voor de rampzalige gevolgen als deze effectieve klimaatpolitiek achterwege blijft. Als ze zich echter realizeren dat de factuur in ieder geval in hun brievenbus zal belanden,dan zullen ze snel de goedkoopste oplossing kiezen: klimaatmitigatie.

Indien we er niet in slagen om de vervuilers te laten betalen, dan geloof ik niet dat we een katastrofale klimaatverandering zullen kunnen vermijden.

Picture: http://maxpixel.freegreatpicture.com

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.