about
Toon menu

Werklozen harder aanpakken? Lessen voor het regeerakkoord

maandag 14 juli 2014
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Onze arbeidsmarkt kent vele uitdagingen, maar de impact van de individuele werkzoekende op die uitdagingen is vrij gering. Er zit dus een vreemde kronkel in de redenering dat we de crisis kunnen oplossen door ons strenger, kordater, meer verplichtend op te stellen tegenover werkzoekenden.

Nepsollicitanten? Een valse discussie

DeWereldMorgen.be

Met de oproep om nepsollicitanten aan te geven bij de VDAB deed UNIZO een zoveelste doorzichtige poging om het maatschappelijk debat (of doelde men misschien eerder op de regeringsvorming en dus het komende regeerakkoord?) te sturen in de richting van het strenger controleren van werkzoekenden en het bestrijden van sociale fraude.

Dat is niet verwonderlijk, aangezien er vandaag op basis van de verkiezingsprogramma’s ongetwijfeld heel wat harde maatregelen op tafel worden gelegd, genre beperking van de uitkeringen in de tijd of verplicht gemeenschapswerk voor leefloners.

Niemand stelt dat werklozen niet de plicht zouden hebben om naar werk te zoeken.

Hieraan weerwerk bieden middels het aantal klachten over nepvacatures of het aantal allochtonen dat te horen krijgt dat “de job net werd ingevuld” is aanlokkelijk maar tegelijk ook te makkelijk. En bovendien zijn die argumenten, hoe terecht misschien ook, eerder van morele aard. Dat helpt ons niet vooruit, want het is een valse discussie. Er is immers, voor alle duidelijkheid, niemand die stelt dat werklozen niet de plicht zouden hebben om naar werk te zoeken. En daardoor blijft de discussie beperkt tot de vraag of zij wel ‘genoeg’ hun best doen. 

Werklozen strenger aanpakken?

De vraag die we ons echter moeten stellen, is niet in welke mate er een probleem is met de attitude van werklozen, maar wel of het strenger optreden tegen werklozen de problemen op onze arbeidsmarkt gaat verhelpen. Is dat overigens ook niet de vraag waar de regeringsonderhandelaars zich best mee bezighouden? Dat heet immers efficiëntie van beleid.

Laat ons die vraag even bekijken. Om ons zo ver mogelijk van morele argumenten weg te houden, doen we dat met cijfers en wetenschappelijk onderzoek. Alle gegevens die volgen komen uit de databanken van de VDAB of uit onderzoeksrapporten van de KU Leuven.

It’s the crisis, stupid

Sinds het uitbreken van de crisis in 2008 zijn er in Vlaanderen een kleine 70.000 werklozen bij gekomen. Dat is een stijging van ongeveer 160.000 naar 230.000.

Het aantal vacatures dat de VDAB ontvangt, kreeg daarentegen in dezelfde periode een flinke knauw en is teruggevallen op zo’n 20.000 op vandaag. Het totaal aantal openstaande vacatures ligt ondertussen rond de 40.000. Dat zijn dezelfde cijfers als die bij het begin van de crisis in 2008.

Het recente economische herstel in de EU heeft weinig of geen nieuwe jobs gecreëerd.

In de laatste rapporten stelt de Europese Commissie dat het recente, schoorvoetende economische herstel in de EU nog weinig of geen nieuwe jobs heeft gecreëerd. Pas in de tweede helft van 2013 kwam er een eind aan het aanhoudende jobverlies omwille van de crisis. In totaal heeft die crisis ons naar schatting zo’n 4% van de totale EU-werkgelegenheid gekost.

Het probleem is duidelijk: er zijn bijna de helft meer werklozen terwijl de werkgelegenheid zwaar onder druk staat en het aantal vacatures op het niveau van zes jaar geleden is blijven steken.

Ik neem niet zo graag het begrip ‘gezond verstand’ in de mond, maar zowat iedereen zal toch aan zijn of haar kleine teen kunnen voelen dat het een vreemde uitspraak is om te stellen dat hét grote probleem hier de werkwilligheid van de werklozen is. Het gaat hier over 70.000 mensen die hun werk zijn verloren, niet om 70.000 diehard werkonwilligen.

Wie wordt het hardst getroffen?

Interessant om te bekijken is ook wie er het hardste getroffen werd door de crisis. Welke groepen mensen hebben hun aandeel in de werkloosheid zien toenemen?

Een eerste groep zijn de vrij ingeschreven werkzoekenden (maal 2 sinds 2008). In deze groep zitten de werknemers in vooropzeg en dus wie ontslagen werd, maar ook herintreders of nieuwkomers die geen recht hebben op een uitkering.

Ook de groep schoolverlaters die nog geen recht hebben op een uitkering neemt zeer sterk toe sinds het begin van de crisis. Dit omwille van de sterk verminderde kansen van jongeren (zonder ervaring) op de arbeidsmarkt. Verder zien we ook een sterke toename van het aantal langdurig werklozen en het aantal werklozen met een migratieachtergrond.

Merk op dat het hier voor een groot deel gaat om mensen die geen (nieuwkomers, werknemers in opzeg), nog geen (schoolverlaters) of een verlaagde (langdurig werklozen) uitkering krijgen. Niet bepaald een groep die veel baat heeft bij sociale fraude.

Weinig kans op werk

Maar merk vooral op: het gaat ook voor een stuk om die groepen die erg weinig kansen hebben om aan een job te geraken.

De ‘kans op werk’ (een indicator van de VDAB) van mensen met een migratieachtergrond ligt zo’n derde lager dan die van autochtonen. Ook op heel wat andere elementen scoren zij slechter: armoederisico, de kans dat ze eerst ontslagen worden in crisistijd, vertegenwoordiging in zwaardere en ongezondere jobs, tijdelijke contracten, enzovoort. En dit doorgaans ongeacht hun scholingsniveau.

Langdurig werklozen zien hun kans op werk slinken tot bijna een kwart van het gemiddelde en blijven ook in die tewerkstellingsmaatregelen waar werkgevers veel gebruik van maken, zoals IBO’s of de premie 50+, een sterk ondervertegenwoordigde groep. Dat jongeren die van school komen, vooral zij die dat zonder diploma doen, het vandaag extra moeilijk hebben op onze arbeidsmarkt, is al meermaals duidelijk geworden de laatste jaren.

Een Vlaamse Reus, een wit konijn of de Paashaas?

De vraag is dan of dit gegeven kan opgelost worden door deze mensen meer te pushen of door strenger te zijn? Het probleem zit hem duidelijk in het feit dat zij op een of andere manier niet gewenst zijn op onze arbeidsmarkt.

Niet gewenst omwille van onvoldoende ervaring, de verkeerde competenties of tot in extreme gevallen toe omwille van de huidskleur of andere kenmerken die vooroordelen oproepen. Opleiden, arbeidsorganisatie aanpassen, onderwijs verbeteren, werkervaring aanbieden, discriminatie bestrijden, … allemaal mogelijks nuttige maatregelen om dit probleem aan te pakken, maar de individuele verantwoordelijkheid aanporren? En vooral ook: hoe ver moeten we daarin in gaan?

Wat mag een werkgever koesteren qua verwachtingen? Mag hij enkel zoeken naar een wit konijn of moet hij zich ook tevreden stellen met een Vlaamse Reus als er alleen die voorhanden zijn? En wat met zij die op zoek zijn naar de Paashaas?

Langer werken…

Nog een mooi voorbeeld vinden we bij de ouderen. Het aantal oudere werklozen nam de laatste 10 jaar vrij spectaculair toe (tot zo’n 58.000 op vandaag). Dit is echter niet zozeer te wijten aan de crisis, maar wel aan de maatregelen inzake langer werken, die de mogelijkheden voor vervroegde uittrede en vrijstellingen almaar hebben ingeperkt.

Anderzijds is de werkzaamheidsgraad bij ouderen erg sterk gestegen de laatste jaren. Neem bijvoorbeeld de groep 55-64 jarigen. Hun werkzaamheid ging in 2005 net boven de 30%, in 2012 net boven de 40% en in 2013 nog eens naar 43%. In dezelfde periode volgde de werkzaamheidsgraad van jongeren (-25 jaar) overigens de omgekeerde weg en daalde van iets meer dan 33% naar 28%. 

We zien dus duidelijk dat ouderen langer aan de slag blijven en deze trend wordt ook sterker. Er is sprake van een mentaliteitswijziging. Helaas geldt dit niet voor de werkgevers die ouderen moeten aanwerven.

Langer werkloos…

Die ouderen die werken, werken langer, maar die ouderen die hun werk verliezen, hebben het uiterst moeilijk om nog aan de bak te komen. De overgrote meerderheid van de werkloze ouderen, is dan ook langdurig werkloos.

Met hun ‘kans op werk’ is het ook bedroevend gesteld: enkel de langdurig werklozen hebben een nog slechtere kans op werk dan de groep van de vijftigplussers. Vanaf 55 jaar scoren enkel de zeer langdurig werkzoekenden (+5 jaar) slechter. De groep 50-54 scoort het beste, maar zit nog altijd maar op het niveau van de groep personen met een handicap.

Waar blijven de inspanningen van werkgevers om meer ouderen aan te werven?

Oftewel: de vooruitgang op het vlak van langer werken is vooral toe te schrijven aan het feit dat werknemers inspanningen leveren om langer aan de slag te blijven. De inspanningen van werkgevers om meer ouderen aan te werven blijven vooralsnog zonder veel resultaat. Als er hier een attitude gecorrigeerd dient te worden, dan weten de beleidsmakers dus waarop ze zich moeten concentreren.

Een kwestie van willen?

Ondanks alle cijfers die je kan aandragen, blijft het iets dat haast intuïtief voor waar wordt aanzien: “Wie echt wil werken, die vindt werk.” “Je moet je standaarden gewoon niet zo hoog leggen.” “Je moet ook eens solliciteren naar iets anders dan je lievelingsjob, naar die dingen die misschien niet meteen in de lijn van je CV liggen.”…

Dat klinkt allemaal zeer logisch en tot op zekere hoogte zal er ook wel een stuk waarheid in zitten. Maar tegelijk is het ook zonneklaar dat “willen” alleen vaak niet volstaat in de zoektocht naar een job.

Gelukkig moeten we ook hier niet langer blijven steken in gevoelens en inschattingen. Want ook over hoe werklozen zoeken naar werk is er al wat wetenschappelijk onderzoek verricht. Het meest recente onderzoek betreft het doctoraal proefschrift van Sarah Vansteenkiste aan de KU Leuven (Does flexibility work for the workless? Examining the impact of a flexible job search among unemployed jobseekers, februari 2014).

Breed zoeken loont niet

De verschillende strategieën die werklozen gebruiken werden er in onderzocht, alsook tot welk resultaat deze leiden. De eerste vaststelling was verwacht: Hoe meer flexibel men zoekt naar werk – dus hoe minder kieskeurig qua voorwaarden, hoe breder qua interesseveld en hoe minder nauw aansluitend bij het CV – hoe meer uitnodigingen om op sollicitatiegesprek te komen men krijgt.

Maar toen kwam het verrassende. De resultaten wezen ook uit dat voor effectieve aanbiedingen voor jobs, dus niet gewoon een uitnodiging maar daadwerkelijk geselecteerd worden, de meer flexibele werkzoekenden slechter scoorden dan de niet-flexibele.

Met andere woorden: wie breed zoekt naar werk, kreeg meer uitnodigingen, maar werd uiteindelijk afgestraft als het aankwam op het vinden van een job. De inspanningen leverden dus niets op, wel integendeel: men had uiteindelijk minder kans om aan de slag te geraken. En daarbovenop had men meer kans om in een slechtere job terecht te komen wat voorwaarden en werkomstandigheden betrof.  

De redenen daarvoor zijn velerlei en zijn genuanceerd, maar een deel van de verklaring is alleszins te zoeken in het feit dat wanneer iemand breed naar werk zoekt, dat niet noodzakelijk hoeft te betekenen dat de bedrijven waar men solliciteert ook breed aanwerven. Het aanwervingsgedrag van bedrijven is immers vaak nog gefocust louter op ervaring en CV en niet op competenties.

Lessen voor het regeerakkoord

De les die we uit dit alles kunnen trekken, voor het maatschappelijk debat maar ook voor de toekomstige regeerakkoorden, is dat het weinig zin heeft onze energie te verspillen aan de discussie of werklozen voldoende inspanningen leveren om aan werk te geraken.

Er moet geïnvesteerd worden in plaats van bespaard.

Onze arbeidsmarkt kent voldoende uitdagingen om aan te pakken en de impact van de individuele werkzoekende op die uitdagingen is vrij gering. Er zit een zeer vreemde kronkel in de redenering dat we de crisis kunnen oplossen door ons strenger, kordater, meer verplichtend op te stellen ten aanzien van de werkzoekende.

Het probleem is dat er geïnvesteerd moet worden in plaats van bespaard, dat er aangeworven moet worden in plaats van te klagen dat kandidaten weinig gemotiveerd zijn, te onervaren, te lang werkloos, te gepigmenteerd of te oud. Dat selecties veel meer moeten gebeuren op basis van competenties in plaats van volgens CV. Dat er veel meer capaciteit moet komen om mensen op te leiden in plaats van stok en wortel uit te besteden aan de private markt. Dat er echte, betaalde en volwaardige werkervaring moet geboden worden. Echte kansen op een vaste job.

Een kwestie van willen...

Natuurlijk komen al die problemen neer op veel meer dan een eenvoudige schuldvraag en zijn ze daardoor ook veel moeilijker op te lossen. Gelukkig echter is in tegenstelling tot werk zoeken een goed arbeidsmarktbeleid voeren juist wel louter een kwestie van willen.

En wie toch graag ook een paar strenge en sanctionerende maatregelen uitdenkt, die kan zich misschien eens concentreren op wie – in deze barre tijden op onze arbeidsmarkt – louter om politieke overwegingen suggereert om investeringen en aanwervingen uit te stellen...

Philippe Diepvents, adviseur studiedienst Vlaams ABVV

reageer

2 reacties

  • door inge op maandag 14 juli 2014

    Gedegen artikel, waarvoor grote dank .

    Vol bruikbare cijfers , die kunnen gebruikt worden in discussies die inderdaad (veel te) dikwijls gaan over " als men werk wil , dan vindt men werk ..." .

  • door inge op dinsdag 15 juli 2014

    Gedegen artikel !

    Veel argumenten die kunnen gebruikt worden in discussies die helaas te veel het schuldprincipe benadrukken :" als je wil werken en je zoekt genoeg ... dan vind je wel werk " Wat dus neerkomt op :" als je geen werk hebt , heb je niet genoeg gezocht"

    Dat soort uitspraken gebeurt helaas niet alleen langs werkgeverszijde , maar ook door die gelukkigen die nog steeds een job hebben ... en niet beseffen hoeveel geluk ze (nog) hebben ... en hoeveel geluk hun kinderen en kleinkinderen zullen nodig hebben om een goede job te vinden .

    Met een goede job bedoel ik : een job waarbij je - in tegenstelling tot wat meer en meer gebeurt - wèl voldoende verdient om een degelijk leven te leiden : een dak boven je hoofd te kunnen betalen ( kopen of huren), jezelf en je gezinsleden te kunnen verwarmen , voeden , ...

    Een job dus waarmee je nièt tot de steeds groeiende groep working poor behoort ...

    Dit artikel verschaft argumenten om tegen dat soort ongenuanceerde uitspraken in te gaan .

    Gebruik ze , en ga de discussie aan . Het is meer dan ooit nodig .

Lees alle reacties