Bij DeWereldMorgen.be schrijven we niet voor de clicks.

We maken media voor een betere wereld.

Samen met vele vrijwilligers en burgerjournalisten.

Om dit te blijven doen hebben we uw steun meer dan nodig!

Steun onafhankelijke media!

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu

Zoveelste studie die dramatische achterstand mensen met vreemde roots bewijst

De derde editie van de Lokale Inburgerings- en Integratiemonitor (LIIM) biedt kansen op sensationele titels over het aantal allochtonen in Vlaanderen. Maar de choquerende cijfers gaan alweer over de schrijnende achterstand bij inwoners van Vlaanderen die hun roots hebben buiten Europa.
dinsdag 28 januari 2014

In Vlaanderen leven 1.114.792 mensen met een vreemde herkomst. Volgens de monitor zijn dat “personen die legaal en langdurig in België verblijven en die bij hun geboorte niet de Belgische nationaliteit bezaten of van wie minstens één van de ouders bij geboorte niet de Belgische nationaliteit bezat”.

Vooral de steden blijken steeds veelkleuriger te worden. In de grootsteden is 37,5 procent van vreemde herkomst. In heel Vlaanderen is dat 17,5 procent. In Antwerpen bijvoorbeeld zijn 211.904 inwoners van vreemde afkomst.

Bij de Antwerpenaren met een vreemde nationaliteit vormen de Nederlanders de grootste groep. De groep met Marokkaanse roots is kleiner dan de groep met wortels in een ander EU-land. Opvallend is wel dat 68,3 procent van de kinderen tot 5 jaar een vreemde herkomst heeft.

De monitor telt niet alleen koppen, maar peilt ook naar de achterstand van bepaalde groepen. Driekwart van de autochtonen werkt. Bij mensen afkomstig uit de Maghreb is dat maar 47,8 procent. Ook als we alleen naar de mannen kijken, is er een grote kloof: 78,6 tegenover 58,5 procent.

Bovendien maken zij een veel grotere kans om in de uitzendsector terecht te komen. Relatief werken er bijna vijf keer meer mensen van Maghrebijnse origine met een uitzendcontract dan autochtonen.

Meer dan de helft van de werknemers met Maghrebijnse roots heeft een dagloon dat lager ligt dan 100 euro. Bij de autochtonen is dat maar 25,6 procent.

Net geen 30 procent van de autochtone werknemers verdient meer dan 150 euro per dag. Bij de werknemers met Maghrebijnse roots is dat maar 7,8 procent. De werkloosheidsgraad is bij de alochtonen 3,5 procent, bij de mensen met Maghrebijnse herkomst is dat 17,8 procent.

Hoewel mensen met Maghrebijnse roots in Antwerpen maar 11,8 procent van de bevolking uitmaken, zijn ze goed voor 19 procent van de werkzoekenden.

Bij 41,4 de Antwerpse kleuters is Nederlands niet de thuistaal. In Vlaanderen loopt 60,1 van de leerlingen bij wie Nederlands niet de thuistaal is vertraging op tijdens hun middelbare schoolcarrière

In Antwerpen wordt 25,1 procent van de kinderen geboren in een kansarm gezin. 72,1 daarvan heeft een moeder die niet in de EU geboren is.

Stemrecht voor migranten tenslotte is geen succes. Bij de gemeenteraadsverkiezingen heeft 7,6 procent van de Maghrebijnen die zich mochten inschrijven dat ook gedaan. 

Er is maar één lichtpuntje: ondanks de economische crisis daalde de werkloosheid bij de groepen met een vreemde herkomst licht. 

De discriminatie op de arbeidsmarkt wordt keer op keer bewezen maar de situatie verandert tergend traag. Zolang die kloof die de samenleving doorsnijdt, blijft bestaan, is het nuttig om onderzoek te doen naar de herkomst van groepen in de bevolking. 

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig.

reacties

10 reacties

  • door Ericus op dinsdag 28 januari 2014

    De conclusie van de auteur van dit artikel staat in de laatste alinea: Het is allemaal te wijten aan discriminatie en doorheen het artikel wordt verwezen met cijfers naar de allochtonen met Maghrebijnse roots. Dit speelt zeker een grote rol. Er moeten zeker meer en eerlijker kansen aangeboden worden maar er zijn nog andere actoren in het spel; zoals het onderwijs en behoudende culturele tradities. Te weinig jongeren stromen door naar het ASO, hogeschool en universiteit. Thuisbegeleiding en extra ondersteuning zijn heel hard nodig daarvoor. Zo kan er een middenklasse ontstaan die als rolmodel voor de gemeenschap kan fungeren. Remmende culturele tradities zoals de rol van de vrouw in hun gemeenschap kunnen zo veranderen zodat ook zij de nodige onderwijskansen kunnen krijgen. Van onze gemeenschap moet er extra ondersteuning komen zodat er een emancipatie van de gemeenschap zowel voor mannen als voor vrouwen kan gebeuren. Al te lang is die gemeenschap aan haar lot overgelaten geweest en dacht men dat integratie, ontwikkeling en emancipatie wel vanzelf zou komen. Niet dus en als bescherming na de vele ontgoochelingen plooien velen zich terug op hun eigen gemeenschap en tradities ipv. met een open, optimistische, opbouwende geest de kansen te grijpen die onze gemeenschap hen biedt.

    • door Meera op woensdag 29 januari 2014

      Uw analyse klopt niet - van diegenen die wel doorstromen naar het hoger onderwijs, zijn de meesten meisjes. Het is dus niet zo dat zij van thuis uit niet mogen studeren. Integendeel, de laatste jaren heb ik gemerkt dat er zowel in de turkse als marokkaanse gemeenschap een heuse mentaliteitswijziging is geweest. Vaders vooral zijn vaak heel trots : "Zelfs mijn DOCHTER studeert !"

  • door Jan Hertogen op dinsdag 28 januari 2014

    De integratiemonitor is niet nieuw en alle gegevens waar zoveel om te doen is waren ook vorig jaar al gekend, evenals de mindere deelname aan onderwijs, tewerkstelling, de hogere aanwezigheid in werkloosheid enz. Meer toch wordt deze oude koek als nieuwbakken voorgesteld, al is het maar om uiting te kunnen geven aan ethische, morele en politieke verontwaardiging. Vlaanderen als een achtergesteld of achterlopend gebied met daarin de inwoners met migratieachtergrond op een prominente plaats als een problematische of problematiserende groep. Hoeft dat wel?

    Een beeld geven van samenstelling van en deelname aan het maatschappelijke leven is een lovenswaardige en noodzakelijk gegeven. De Studiedienst van de Vlaamse Regering levert hiervoor al jaren kwalitatief hoogstaand werk af. Maar best blijft het daarbij voor er journalisten, predikanten en politiekers op losgelaten wordt. Want dan wordt het ‘feit’ moreel gewogen, moeten er schuldigen en fouten gedetecteerd, ook de migranten moeten hun rekening maken, misschien zelfs in de eerste pplaats.

    Een ‘feit’ behoeft echter niet direct of altijd een beoordeling, zeker niet van morele/politieke/journalistieke aard. Maar wat wil je als de ‘wetenschappelijke instituten’ doen alsof hun neus bloedt, welk universitair centrum of prof is met migratie en asiel bezig? Moet Albert Martens uit z’n graf opstaan, alhoewel, die is nog niet dood.

    Als de 70% vrouwen van Marokkaanse of Turkse afkomst die niet werken daar nu eens zelf voor kiezen? Als de werkloosheid in hoofdzaak kwestie is van exclusie, dan is dat ook een keuze van volwassen, geëmancipeerde, tot de samenleving behorende mensen.

    Jamaar, denkt de hoofdredacteur of de redacteur die de krantentitels kiest bij De Morgen, misschien zitten die 70% niet werkenden rustig te profiteren van de sociale zekerheid of het leefloon. Was het maar waar, want dat zou juist een opstap zijn naar de tewerkstelling. En best ook maar eens afvragen in welke mate de kledingcode voor een feitelijke exclusie zorgt,. De 'gouden reserve' zal ooit wel eens, met hoofddoek, aangesproken worden. Mechelen loopt hier voorop.

    De ‘feiten’ tonen, in een ander nog niet gepubliceerd onderzoek, daarbij aan dat in het Vlaamse gewest evenwel inwoners leven van een vervangingsinkomen als in het Brusselse gewest. Is dat nu slecht of goed. Het systeem van vervangingsinkomsten is een teken van beschaving omdat het voor een basinkomen zorgt voor iedereen. Maar daar willen sommige partijen vanaf.

    Het Vlaams gewest heeft bv evenveel inwoners die tewerkgesteld zijn in de publieke dienstverlening als in Wallonië. Hola, en hoe zit het dan met het idee dat in Wallonië veel meer ‘profiteert’ van de publieke tewerkstelling, en dat in Brussel het paradijs is van inkomenstrekkers zonder er voor gewerkt is?

    De vaststelling van een ‘feit’ hoeft niet direct paniek te zaaien, de missionaris in elkeen op te wekken en belerende uitspraken te doen Men kan misschien eens nagaan of de meeste mensen niet best tevreden of gelukkig zijn met hun bestaan (altijd vergelijking met van waar men komt en waar men naar toe wil).

    Ook arbeiders en arbeiderskinderen hebben altijd de exclusie, de laagbetaalde flexibele jobs mee moeten bemannen, bevrouwen en dat is nu niet anders, ook al zijn de arbeiders in de minder geachte jobs meestal met migratieachtergrond. En de uitzendsector is daar een voorbeeld van. Maar alles verandert en evolueert ook in de samenleving en de individuele carrières die elkeen maakt. Het onderwijs geeft aan elke nieuwe generatie de impulsen om het collectief mee naar omhoog te trekken, en dat gebeurt. En ook deze generatie moeten nog ondervinden dat de collectieve strijd loont.

    Er is doorgroei, er is emancipatie, en het kan altijd beter, als de politieke partijen, ook de kleine en de arbeidersbewegingen er maar genoeg voor opkomen; en waarom zou een Open Linkse PVDA (OL-PVDA), evengoed als in Wallonië er niet toe kunnen bijdragen, waar wacht men op?

    “Well I got a hammer, It`s the hammer of justice, it`s the bell of freedom. It`s the song about love between my brothers and my sisters,, Oh! Oh! All over this land.” (Pete Seeger)

    Jan Hertogen

    • door Ishipbi op woensdag 29 januari 2014

      Beste,

      Het is het werk van journalisten om cijfers door te nemen, te interpreteren en om er daarna over te communiceren met het grotere publiek. Dat die conclusies mede bepaald (uiteraard in verschillende mate) worden door de overtuiging van de journalisten is dan ook logisch. Dat men een bepaald onderwerp maar niet moet belichten omdat er eventueel 'fouten' (wat is een fout in (deels-subjectieve berichtgeving) kunnen gemaakt worden, klinkt in mijn oren als (zelf-)censuur.

      Daarnaast mogen vrouwen beslist kiezen om niet te gaan werken. Daar moeten dan echter ook consequenties aan verbonden zijn. Het is op termijn niet draagbaar dat bepaalde mensen vrijwillig niet bedragen tot het systeem, maar er toch beslist dingen uit willen halen. Dit zorgt voor hoge financiële lasten en een vermindering van het draagvlak voor de sociale zekerheid.

      Houdt u bij uw vergelijking tussen Vlaanderen en Brussel enerzijds, en vlaanderen en Wallonië anderzijds rekening mee dat Vlaanderen respectievelijk 2x en 6x meer inwoners heeft? Het lijkt mij belangrijker om naar de verhoudingen te kijken dan absolute aantallen.

    • door Jan Hertogen op donderdag 30 januari 2014

      Beste,

      De vergelijking tussen gewesten is wel degelijk gemaakt op basis van % op de bevolking.

      Nog aangeven dat de de LIIM 2013 zeker een meerwaarde heeft tav 2013 omdat voor het eerst ook de sociaal-economische factoren, die globaal en per gewest bekend waren, op het gemeentelijke vlak weergegeven worden, dat is dus geen oude koek. De mate van aanwezigheid van migratieachtergrond, voor de LIIM nog steeds met 'vreemde herkomst' aangeduid, was evenwel nog met een groter detail, weergegeven in het rapport 2012. Waar in 2012 nog het % Marokkaanse/Turkse herkomst werd aangegeven voor elke gemeente en ook de vijf meest voorkomende andere nationaliteiten, is dit in 2013 weggevallen, spijtig, want met heeft de informatie om dit, zonder de privacy te schenden, voor heel wat meer nationaliteiten te doen.

      Voor wie concretere informatie wil per nationaliteit in de gemeente én met rechtstreekse link naar de LIIM-monitor, zie http://www.npdata.be/BuG/179-Nationaliteit-gemeente/

      Jan Hertogen

      • door Ishipbi op donderdag 30 januari 2014

        De derde, vierde generatie (die op uw site vaak als 'natuurlijk saldo weergegeven wordt), is dus niet opgenomen in de LIIM als ik goed begrijp? Kan u dan een schatting maken hoeveel % van de personen van vreemde afkomst van 0-5 jaar oud van EU-ouders afkomstig is en hoeveel van niet-EU ouders?

        • door Jan Hertogen op donderdag 30 januari 2014

          Beste,

          De door mij gehanteerde methodologie is anders dan die van het LIIM en werkt niet met 'generaties', maar met het aantal 'Belgwordingen' sinds 1945, en neemt dus alle generaties mee, behoudens die voor 1945 Belg geworden zijn, maar dat aantal is verwaarloosbaar, ook al hadden ze nageslacht.

          3de en 4de generatie worden ook door de LIIM methode meegenomen, al is het maar omdat het grootste deel daarvan nog 'vreemdeling zijn' dus geen Belg geworden. en de kinderen van uit vreemdelingen ouder(s) geboren Belg geworden vreemdelingen tellen ook mee in het plaatje, dat zijn al drie generaties.

          De onderzoekers van het LIIM stellen in hun technische bjjlagen dat ze voor 26,8% van de bevolking deze nationaliteitslijn niet kunnen nagaan omdat de info ontbreekt maar dan betreft het vooral oudere inwoners van België waarvan de meeste geen nationaliteitsvoorgeschiedenis (bewaard in het Rijksregster) hebben. De methode wijkt ook enigszins af van deze van 2012 waar kinderen van Belg geworden vreemdelingen van voor 2004 en die niet meer thuis woonden niet konden gedetecteerd worden. In de huidige methodologie wordt dit meer geëxpliciteerd. Heb er wel naar gevraagd.

          Voor het detail van afkomst 0-5jarigen, zie de rapporten.

  • door Ludo Seges op dinsdag 28 januari 2014

    Talrijke studies, rapporten, verslagen en praktijkgevallen tonen aan dat er een duidelijke vorm van etnische discriminatie bestaat op de Belgische werkvloer. Kijk maar: http://jobdiscriminatie.be/studies-met-bewijsmateriaal. En steun meteen de campagne.

  • door romy op dinsdag 28 januari 2014

    Eric Van Damme wijst in zijn reactie summier naar het onderwijs als "actor" in de dramatische achterstand van mensen met vreemde roots. Uit de PISA-enquêtes die tweejaarlijks worden gehouden onder 15-jarige leerlingen, kunnen we afleiden welke rol het onderwijs speelt in de emancipatie van de jongeren: we stellen vast dat ons huidig systeem eerder de segregatie en sociale achterstand van de leerlingen van allochtone origine bestendigt ipv de kloof te dichten. De studiedienst van de Oproep voor een democratische school (Ovds) heeft een autonome en originele analyse uitgevoerd op de data die de PISA-enquête 2012 ons aanlevert. Deze analyse bevestigt ongelukkig genoeg de catastrofale situatie van het Belgische onderwijs (zowel aan de Vlaamse als aan de Franstalige kant) op het vlak van sociale rechtvaardigheid. De studie brengt ook nieuwe elementen aan om de oorzaken van deze situatie te begrijpen. Een synthese van deze studie zal in avant-première voorgesteld worden in de edities van het weekblad Knack en de krant Le Soir van morgen, woensdag 29 januari. De volledige studie zal op dezelfde dag beschikbaar zijn op de webstek van Ovds : http://www.democratischeschool.org. Hopelijk zal ook De Wereld Morgen er een artikel aan wijden en kan een aardige discussie hier op gang gebracht worden. Onze analyse van de PISA-gegevens is verre van voltooid. Maar op enkele maanden van de verkiezingen wilden wij als organisatie niet langer wachten om de aandacht van de publieke opinie te vestigen op de eerste resultaten. Het is dringend nodig om de zoektocht naar een democratische school eindelijk in het middelpunt te zetten van het politieke debat!

  • door Kenmoo op woensdag 29 januari 2014

    Oh en ik die dacht dat de erbarmelijke kennis van het nederlands misschien er iets mee te maken heeft. Laag opgeleiden zullen altijd meer kans hebben om in de werkloosheid te eindigen. Maar laagopgeleiden die geen Nederlands kunnen worden niet gediscrimineerd. Dat is gewoon de hoge standaard van onze arbeidsmarkt.

    Maar neen. Het is allemaal te wijten aan enkel discriminatie blijkbaar.

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties