Bent u al steungever van DeWereldMorgen.be?

In september lanceerden we een noodcampagne omdat we dreigden dit jaar niet rond te komen. Jullie massale reacties waren hartverwarmend en moedigden ons aan om door te gaan. We haalden zo'n 22.000 euro op en kregen er heel wat steungevers bij die maandelijks aan ons storten.

Daarmee zijn we helaas niet definitief uit de rode cijfers. Eén derde van onze inkomsten komt van subsidies en die staan onder druk. Een ander derde komt van partnerorganisaties uit het brede middenveld, en bijna allemaal moeten ook zij besparen. Onze hoop is dus op onze lezers gevestigd. Maandelijks zijn dat 300.000 mensen en van hen stort 1% een bijdrage.

Wij hebben geen hartverscheurende beelden om onze campagne kracht bij te zetten. Onze belangrijkste kost is namelijk de loonkost. De wereldhonger kunnen we niet oplossen en ook de zeehondjes gaan we niet redden. Wel beloven we met jullie steun ons uiterste best te doen om maatschappelijk relevant nieuws te brengen vanuit een progressief, sociaal en ecologisch standpunt.

Onze maandelijkse loonkost bedraagt afgerond 22.000 euro (netto verdient een voltijdse kracht bij ons een bescheiden 1500 euro per maand). Help je mee om onze job te vrijwaren om zo DeWereldMorgen in de ether te houden?

Steun via paypal

Steun via homebanking

Geef een permanente opdracht ten gunste van DeWereldMorgen.be
op nummer BE20 5230 4277 5156 (BIC: TRIOBEBB)
met vermelding "steun DeWereldMorgen.be"

Giften vanaf 40€ per jaar zijn fiscaal aftrekbaar.

about
Toon menu
Analyse

20 jaar NAFTA, voorbode TTIP-vrijhandelsakkoord tussen VS en EU

Op 1 januari 1994, twintig jaar geleden, werd NAFTA afgesloten tussen de VS, Canada en Mexico, het eerste grote vrijhandelsakkoord van het neoliberale tijdperk. Nu de onderhandelingen over het vrijhandelsakkoord TTIP tussen de VS en de EU aan de gang zijn, is een terugblik op 20 jaar NAFTA broodnodig. Francine Mestrum maakte deze analyse en doet een oproep.
zondag 5 januari 2014

1 januari 2014: twee verjaardagen tegelijk voor Mexico, hoewel ze moeilijk kunnen ‘gevierd’ worden. De eerste verjaardag is die van twintig jaar North American Free Trade Agreement (NAFTA), het vrijhandelakkoord tussen Canada, de VS en Mexico. 1 januari 1994 is ook het begin van de opstand van de neo-zapatistische guerrilla van het EZLN[1] in de meest zuidelijke Mexicaanse deelstaat Chiapas, precies op diezelfde dag als het begin van NAFTA.

Die twee gebeurtenissen stonden uiteraard in verband met elkaar, maar wat er de voorbije twintig jaar is gebeurd, leidt tot twee verschillende verhalen die boeiend en leerrijk zijn voor de linkerzijde, overal ter wereld. In dit artikel maak ik de trieste balans op van twintig jaar NAFTA.

Een klassenconflict in drie landen

We kennen het refrein inmiddels maar al te goed. Twintig jaar geleden was er zowel in de VS als in Mexico erg veel verzet tegen dit nakende vrijhandelsakkoord. Het antwoord was toen echter wat het vandaag nog steeds is: dit zal leiden tot export, groei, investeringen en werkgelegenheid. Wie kan daar tegen zijn? Mexico, dat rond diezelfde periode lid werd van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO), een club van rijke landen, zou dank zij dit verdrag zelfs toetreden tot ‘de eerste wereld’.

In Mexico is alleen de groei van de export realiteit geworden. De export van Mexico naar de VS en Canada is verzevenvoudigd. Mexico heeft een handelsoverschot dat de laatste jaren meer dan 50 procent hoger ligt dan zijn import. 80 procent van de export van Mexico gaat naar de VS. De helft van die export is echter in handen van een honderdtal bedrijven. 

De verklaring hiervoor is vrij eenvoudig. Veel Noordamerikaanse bedrijven zijn komen produceren in Mexico, ondermeer de automobielindustrie, omdat de lonen er stukken lager liggen. Dat heeft in de VS voor erg veel werkloosheid gezorgd en in Mexico nieuwe banen gecreëerd. Mexico is vandaag het grootste industrieland van Latijns-Amerika.

De enige verliezers zijn werkende mensen

Volgens de Amerikaanse vakbond AFL-CIO hebben de werknemers over de hele linie verloren, in Mexico zowel als in de VS. Door de toevloed van migranten en de makkelijke dreiging van ondernemingen ‘om naar Mexico te vertrekken’ ontstond er een enorme druk op de lonen in de VS. De ongelijkheid in de VS is nu vergelijkbaar met die van Mexico. Wat we meemaken, aldus Lori Wallach, anti-NAFTA militante van bij het begin, is een soort ‘brazilianisering’ van de VS.

Een van de grote verliezers is de transportsector, omdat de VS geen Mexicaanse vrachtwagens op zijn wegen wil. Dat betekent dat de vervoersbedrijven in het beste geval tot aan de grens mogen rijden en daar de goederen moeten overgeladen worden. Investeren in de VS is in theorie mogelijk, maar in de praktijk onhaalbaar, omdat er erg hoge eisen worden gesteld.

De grootste drama’s speelden zich af op het platteland. De overheidsregulering van de landbouwsector in Mexico viel weg, grote Amerikaanse bedrijven gingen samenwerken met grote Mexicaanse ondernemingen en de kleintjes werden uit de markt geduwd. Er kan geen sprake van zijn dat kleine maïsboeren kunnen concurreren met de mastodonten uit de VS.

Maïs wordt 'voeder' in plaats van 'voedsel'

Maïs is het basisvoedsel van de hele Mexicaanse bevolking. In 1991 waren er nog 3,1 miljoen maïsproducenten. De kleine boeren stonden in voor meer dan de helft van de nationale productie. In principe kregen die boeren nog 15 jaar bescherming, maar nauwelijks twee jaar later haalde de Mexicaanse regering unilateraal de douanetarieven naar beneden en zette de deur open voor Cargill, Archer Daniels Midlands, Corn Products Internationals en andere graangiganten.

Zij zijn het die vandaag de controle over de Mexicaanse maïsmarkt in handen hebben. De maatregel was meteen ook een toegeving aan de veetelers die goedkopere maïs voor hun voeder wilden. Korte tijd later werd artikel 27 van de Mexicaanse grondwet gewijzigd en ging de collectieve eigendom van landbouwgrond verloren, één van de grote verworvenheden van de Mexicaanse revolutie van 1910-1920.

Het maïsareaal is in Mexico weliswaar gelijk gebleven en de productie verdubbelde, maar het is nu wel extensieve irrigatiemaïsteelt geworden. Ook de import van maïs is exponentieel gegroeid en gaat vooral naar de veehouderij. Het algemene resultaat is een enorme concentratie van de maïssector. Daar zijn honderdduizenden kleine boeren het slachtoffer van. Zij zijn het die in eerste instantie naar de steden trokken of probeerden te migreren.

Werkloze boeren schakelen over op drugshandel

Onrechtstreeks is het ook NAFTA dat aan de basis ligt van de groeiende en moordende drugshandel. Sinds 1994 hebben 1.780.000 Mexicaanse boeren hun bedrijf verlaten. De narcobusiness heeft veel boeren eerst wat laten ‘bijverdienen’ en begon nadien zelf met het opkopen van het land. 85 procent van de overblijvende boeren leeft in armoede, terwijl de grote voordelen van het vrijhandelsakkoord in handen zijn van zo’n dertigtal grote ondernemingen.

Het platteland gaat gebukt onder zware armoede en ontzettend veel geweld. Het ‘krachtige instrument’, zoals de voorstanders van NAFTA voortdurend stelden, heeft ertoe geleid dat Mexico verpauperde en zijn voedselsoevereiniteit verloor. De economische groei ging in die twintig jaar gestaag achteruit. In 1995 en in 2009 kende Mexico een crisis. Toen NAFTA van kracht werd, tijdens het presidentschap van Salinas de Gortari (1988-1994), bedroeg de gemiddelde groei nog 3,9 procent. 

60 procent van de bevolking werkt nu in de informele markt

Tijdens het presidentschap van Ernesto Zedillo (1994-2000), de beginperiode van NAFTA, was het nog 3,5 procent. Onder president Vicente Fox (2000-2006) daalde de groei tot 2,3 procent en onder Felipe Calderón 2006-2012) tot 1,8 procent. Tijdens het eerste jaar van Enrique Peña Nieto (sinds november 2012) bedroeg de groei nog nauwelijks 1,3 procent. De kapitaalvlucht is enorm, meer dan 200 miljard dollar (147 miljard euro) tijdens de 12 jaar bestuur (2000-2012) door de Partido Acción Nacional (PAN).

De informele sector groeide eveneens exponentieel. Zowat 60 procent van de beroepsbevolking werkt nu op de ‘grijze’ markt, zonder enige sociale becherming. Mexico is enige land van Latijns-Amerika waar de armoede in 2012 is toegenomen. Volgens de VN-Economische Commissie voor Latijns Amerika (CEPAL) bedraagt ze 37,1 procent. Volgens de eigen Mexicaanse nationale cijfers loopt ze echter op tot bijna 50 procent, hetzelfde cijfer als twintig jaar geleden, terwijl alle andere landen een redelijke of sterke daling kenden.

Bij de OESO-landen staat Mexico voor zowat alle sociale indicatoren op de laatste of voorlaatste plaats. OESO-secretaris-generaal Angel Gurría, zelf Mexicaan, stelde in 2009, in een gesprek met de Mexicaanse krant La Jornada, dat de economie van zijn land er rampzalig voor stond.

Ook de werknemers in de VS verloren

In de VS zijn ondertussen ook zowat één miljoen banen verloren gegaan, is er een handelstekort van 180 miljard dollar (133 miljard euro) en krijgt men af te rekenen met een verdubbeling van de migratie. Er ging inmiddels ook 360 miljoen dollar (265 miljoen euro) verloren aan compensaties voor bedrijven die protesteren tegen nationale wetgeving die hun belangen ‘in gevaar brengen’.

Alle bezorgdheden van de NGO’s twintig jaar geleden zijn helaas realiteit geworden. Mexico werd uitverkocht aan de VS, aldus Andrés Barreda Marín, van de Universidad Nacional Autónoma de México (UNAM) in de krant La Jornada. De arbeidsmarkt werd gedereguleerd en de milieuwetgeving opgeofferd.  Deregulering werd het motto van alle neoliberale regeringen die Mexico sindsdien heeft gekend. De recente hervorming van de olie- en gassector is er het trieste sluitstuk van.

Volgens CEPAL is de grote winnaar van NAFTA echter China. Op de Noordamerikaanse markt kan het concurreren met Mexico en in Mexico wordt het alsmaar competitiever ten aanzien van Amerikaanse bedrijven. Het handelsoverschot van Mexico tegenover de VS wordt trouwens grotendeels ongedaan gemaakt door het handelstekort met China.

Op het niveau van de gewone mensen werkt het systeem niet …

Wat dit alles betekent is in eerste instantie een mislukking van het neoliberaal model, zoals we vandaag, in andere termen, ook in de EU meemaken. Het liberaliseren van de handel kan zeker positief zijn, alleen moet men zien wat en hoe er wordt geliberaliseerd. Een zogenaamd ‘vrijhandelsakkoord’ tussen een rijk en een arm land, met een scheef getrokken machtsverhouding, kan alleen maar negatief uitlopen voor het arme land.

Meer nog dan een wanverhouding tussen landen, is echter duidelijk dat het hier om een klassentegenstelling gaat. Het zijn de werknemers en de boeren in de twee belangrijkste partnerlanden van dit verdrag die het slachtoffer zijn. Multinationals hebben het pleit gewonnen, met een bewuste medeplichtigheid van de politieke klasse. Hieraan is tot vandaag niets veranderd, met de energiesector gebeurt precies hetzelfde.

Het is de vroegere president van de Wereldbank, Jim Wolfensohn, die ooit deze brutale uitspraak deed: “Op het niveau van de gewone mensen werkt het systeem niet”. Maar als het voor de mensen niet werkt, waarom zouden mensen dit dan ondergaan? Protesten zijn er dagelijks in Mexico, in het hele land, grote betogingen ook. Op de dag dat het vrijhandelsakkoord van kracht werd, brak in Chiapas een opstand uit (hierover meer in dit artikel). De politieke klasse doet echter voort en kijkt niet om.

De guerrilla van het EZLNdie twintig jaar geleden het licht zag, is inmiddels geëvolueerd tot een actieve en hoopvolle beweging die werkt aan de eigen bewustwording en die van de inheemse bevolking. Mexico is ondertussen een land waar de elementaire mensenrechten dag in dag uit worden geschonden, waar je zonder veel poeha in de gevangenis terecht komt of, erger nog, waar tienduizenden mensen worden vermoord.

TTIP, het NAFTA van de EU

In de EU begint actie op gang te komen tegen het vrijhandelsakkoord Transatlantic Trade and Investment Partnership (TTIP) tussen de EU en de VS. We lopen het risico hier met vergelijkbare problemen geconfronteerd te worden, hopelijk niet in termen van mensenrechten, maar zeker in termen van een machtsoverdracht naar multinationals. NAFTA laat zien wat dit kan betekenen.

We moeten lessen trekken uit NAFTA, het eerste grote verdrag van het neoliberale tijdperk.

De medeplichtigheid van de nationale regeringen van de EU-lidstaten in deze gang van zaken is groot. Ze wordt bovendien volkomen onterecht verborgen achter het onderhandelingsmandaat dat ze aan de Europese Commissie hebben gegeven. We moeten daarom de lessen trekken uit NAFTA, het eerste grote verdrag van het neoliberale tijdperk.

De pijlen moeten echter niet gericht worden op de Europese Commissie, noch op het zogenaamde ‘geheim’ waarin de onderhandelingen plaats vinden – alle onderhandelingen zijn tot op zekere hoogte geheim, ook bij de vakbonden. Wel moeten we met concrete voorbeelden de mensen duidelijk maken wat er op het spel staat, welke sociale waarden er kunnen verloren gaan, hoe het milieu- en onze gezondheid in gevaar kunnen komen.

En vooral, we moeten met een beweging van voorgelichte en bewuste mensen actie voeren bij onze regeringen. Zij kunnen dit verdrag tegen houden of in andere banen leiden.

Waarom zouden we, naar het voorbeeld van de ‘Top der volkeren’[2] die het grote vrijhandelsakkoord voor de drie Amerika's ALCA[3] naar de prullenmand verwees, niet proberen om in de EU een groot forum tégen het TTIP te organiseren?

Francine Mestrum is doctor in de sociale wetenschappen. Zij deed jarenlang onderzoek naar globalisering, armoede, ontwikkeling en internationale organisaties, doceerde aan het HIVT/RUCA (nu Hogeschool Antwerpen) en was lector aan de Université Libre de Bruxelles (ULB). Zij is lid van de Internationale Raad van het Wereld Sociaal Forum. Voor het ogenblik leeft en werkt zij in Mexico City.

Dit artikel verscheen eerder in Uitpers.

Voetnoten

  • [1]Het EZLN, voluit het Ejército Zapatista de Liberación Nacional of het Zapatistisch Nationaal Bevrijdingsleger, werd genoemd naar Emiliano Zapata (1879-1919), de beroemdste leider van de Mexicaanse revolutie(1919-1920).
  • [2]De 'top der volkeren' werd ondermeer gehouden in Quebec van 16 tot 21 april 2001. Het was een coaltie van vakbonden en NGO's van over de Amerika's, die leidde tot een jarenlange aangehouden strijd tegen de door de grote bedrijven georganiseerde globalisering. Deze coalitie kon het ALCA-verdrag kelderen.
  • [3]ALCA naar de Spaanse naam van dit akkoord Área de Libre Comercio de América, ook bekend als het FTAA, Free Trade Area of the Americas.
reageer

7 reacties

  • door Le grand guignol op zondag 5 januari 2014

    Mestrum schrijft: "De pijlen moeten echter niet gericht worden op de Europese Commissie, noch op het zogenaamde ‘geheim’ waarin de onderhandelingen plaats vinden – alle onderhandelingen zijn tot op zekere hoogte geheim, ook bij de vakbonden."

    Ook bij het VBO, Voka en UNIZO zijn de onderhandelingen geheim. Echter, bij werkgeversorganisaties en vakbonden hebben we niet te maken met de overheid, al is de verstrengeling tussen werkgevers en politieke overheid een feit - zeker met betrekking tot de vrijhandelsverdragen. Bij de Europese Commissie hebben we wél met een overheidsinstantie te maken die aan democratische controle van de bevolking onderworpen hoort te zijn.

    Het is niet omdat - pak 'm beet - het bestuur van Tubantia Borgerhout in het geheim vergadert, dat we de geheimhouding en achterkamertjespolitiek van de Europese Commissie zomaar moeten tolereren.

    Sterker nog: zonder het uitlekken van geheime documenten zouden we nog geeneens weten wat er in verband met het TPP en TTIP onderhandeld werd:

    "We only know about the TPP’s threats thanks to leaks – the public is not allowed to see the draft TPP text. Even members of Congress, after being denied the text for years, are now only provided limited access. Meanwhile, more than 600 official corporate “trade advisors” have special access. The TPP has been under negotiation for five years, and the Obama administration wants to sign the deal by early 2014. Opposition to the TPP is growing at home and in many of the other countries involved" ( https://www.citizen.org/TPP ).

    De informatie waarop een goed onderbouwd verzet gebaseerd was/is, was/is informatie die ondanks de geheimhouding uitgelekt werd. De geheimhouding van de Europese Commissie - en de Europese Commissie zelf - vormt dus wel degelijk een struikelblok voor een goed verzet en bovendien een gevaar voor de democratie.

  • door Oikos op maandag 6 januari 2014

    Een sterk artikel, zeker in het licht van de huidige onderhandelingen tussen de VS en de Europese Unie. Ben het wel eens met bovenstaand punt van kritiek, met een nuance: onderhandelingen verlopen altijd achter gesloten deuren. Maar in een democratie moet het mandaat van de onderhandelaars wel eerst door een parlement worden vastgesteld. Waarover mag er onderhandeld wordt, en wat is niet-negotieerbaar?

    Tot slot een vraag aan de auteur: ze schrijft over de commons: "Korte tijd later werd artikel 27 van de Mexicaanse grondwet gewijzigd en ging de collectieve eigendom van landbouwgrond verloren, één van de grote verworvenheden van de Mexicaanse revolutie van 1910-1920." Graag een bronvermelding, zodat we hier meer over kunnen lezen.

    • door Francine Mestrum op maandag 6 januari 2014

      Het punt van het nationaal parlementair debat probeer ik al een tijd lang naar voor te schuiven, ik kan het alleen maar blijven herhalen en hopen dat eindelijk iemand het oppikt.

      Er bestaat een zééér uigebreide literatuur over de landbouwhervormingen in Mexico: zoek op 'ejidos' of 'sistema ejidatario'. Ik verblijf momenteel in Mexico, mijn bibliotheek staat in Brussel.

  • door Francine Mestrum op maandag 6 januari 2014

    Als je me één voorbeeld kan geven van internationale onderhandelingen die niet geheim zijn, dan hoor ik dat graag. Hier otsen we trouwens op de tegenstelling tussen de vereisten van een democratie en de vereisten van internationale politiek. Daar is geen eenvoudig antwoord op te geven. Vroeger werd er vooral gefulmineerd tegen het 'supergeheime comité art. 113, later 133' dat niet meer of minder supergeheim was dan andere werkgroepen bij de Raad. Of denkt U dat er twintig of meer tolken worden toegelaten op 'supergeheime' gesprekken? Het spreekt voor zich dat de Europese instellingen heel veel kunnen doen om de transparantie en de accountability te verbeteren, en daar moeten we blijven voor ijveren. Het democratisch deficit is trouwens groter bij de Raad dan bij de Commissie. Maar dat alles was niet mijn punt. Wel dit: zie verder commentaar (2)

    • door Le grand guignol op maandag 6 januari 2014

      U schrijft dat alle internationale onderhandelingen geheim zijn. Ik ga dat niet ontkennen, maar met betrekking tot het TPP en TTIP is er sprake van een bijzondere geheimhouding; ik verwijs daarbij naar het citaat in mijn eerste reactie. De inhoud van de onderhandelingen is volledig geheim voor de bevolking en leden van het Congres hebben beperkte toegang, terwijl "600 official corporate 'trade advisors'" speciale toegang hebben. Bepaalde stakeholders worden bij het onderhandelingsproces betrokken, terwijl andere stakeholders er volledig van uitgesloten worden. Nogmaals: zonder uitgelekte documenten zouden tegenstanders van het TPP en TTIP geeneens over valabele argumenten beschikken.

      Als democraat kan men toch niet anders dan die selectieve vorm van geheimhouding in vraag te stellen? Het wegwuiven van die selectieve geheimhouding met het argument dat alle internationale onderhandelingen in het geheim verlopen is, althans naar mijn mening, problematisch als democratische grondhouding. Temeer omdat men er onder het mom van geheimhouding in slaagt om particuliere belangen te laten primeren.

      U hebt reeds meerdere malen beweerd dat het democratisch deficit bij de Raad groter is dan bij de Commissie. Dan vraag ik mij af hoeveel groter een democratisch deficit kan zijn, dan bij een instelling waarvan de leden geeneens democratisch verkozen zijn en dus ook geen verantwoording hoeven af te leggen aan de bevolking.

  • door Francine Mestrum op maandag 6 januari 2014

    Het tweede deel van mijn reactie was verkeerd terecht gekomen of gepost:

    k zei dus en herneem: als we een degelijk, doeltreffne den politiek verzet willen ovrganiseren tege n het TTIP zou het goed zijn mochten we kunne n stoppen met bekvechten over de geheimdoenerij dbij de Commissie en ons toeleggen op wat misschien iets kan veranderen. Dat kan beginnen met actie op nationaal vlak: een parlementair debat waar ibstructies worden gegeven aan de regering over wat de grenzen van h,aar mandaat zijn; Dat kan verder bestaan uit een zeer brede alliantie van bewegin gen in heel Europa, waarin gewerkt wordt met concrete voorbeelden van wat het akkoord kan betekenen, wat de concrete gevolgen kunnen zijn. Dat en enkel dat, geen gezeur en geruzie over andere politieke punten. Dat is de manier waarop de Alianza Continental er tien jaar geleden in geslaagd is een enorm verzet op de been te brengen tegen het ALCA, en dat is met de steun van Chavez en Lula en anderen uiteindelijk ook verdwenen. Ik denk datb we iets kunnen leren uit dat voorbeeld, en dat is ook precies wat de zapatisten voorschrijven: leren uit de lessen van het verleden.

    @ grand guignol: ik denk dus dat we moeten focussen op wat nu direct belangrijk is. Democratie is niet syno niem van altijd volledige openheid en transparantie. En we kunnen heel lang filosoferen over verschillende soorten van 'geheimdoenerij', maar in deze is dit evenmin belangrijk. Ja, we moeten verder ijveren voor meer transparantie en democratie in de Europese instellingen, en in de nationale politiek.

  • door B JP Indigno op dinsdag 7 januari 2014

    hier: http://www.citizenstrade.org/ctc/wp-content/uploads/2013/07/GlobalTradeWatch_TAFTAslides_070913.pdf

    Er staan een paar best shockerende dingen in - zoals de geheime tribunalen en de explosie aan rechtzaken gebaseerd op Investor-State dispute settlement.

Lees alle reacties