Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

Ja, ik wil steunen

Sluit dit venster

about
Toon menu
Analyse

De trojka in Griekenland: hoe een land zijn onafhankelijkheid kwijt raakt

Op 23 april 2010 sprak Georgos Papandreou het Griekse volk toe vanop het eiland Kastelorizo, zo ver mogelijk van Athene. Tegen een idyllische achtergrond die niet zou misstaan in een toeristische brochure, kondigde hij aan dat hij samen met de Europese partners het steunmechanisme voor Griekenland in werking had gezet dat ze samen hadden gecreëerd. Een paar weken later streek voor het eerst een afvaardiging van de zogenaamde trojka neer in Athene.
donderdag 26 december 2013

Reddingsoperatie

In mei 2010 begon de “reddingsoperatie” van Griekenland onder toezicht van de trojka. Dat is de naam die gegeven werd aan de samenwerking tussen de Europese Commissie, de Europese Centrale Bank en het IMF. Griekenland had een overheidsschuld van 120 procent van het BNP (Bruto Nationaal Product) en de markten geloofden niet dat het land ooit nog nieuwe leningen zou kunnen terugbetalen. Daarom werd de rente op mogelijke nieuwe leningen zo hoog, dat Griekenland de facto niet meer kon lenen en een bankroet dreigde.

Op 2 mei 2010 besloten de landen van de Eurozone, samen met het IMF, om aan Griekenland een noodlening van 110 miljard euro toe te kennen, om in ieder geval de dringende financiële noden te lenigen. Die noodhulp zou in schijven worden uitbetaaldDaar stonden drie voorwaarden tegenover:

  1. Invoeren van zware besparingsmaatregelen, om tot een fiscaal evenwicht te komen.
  2. Privatiseringen doorvoeren ter waarde van 50 miljard euro tegen het eind van 2015, zodat de schuld opnieuw beheersbaar zou worden.
  3. Structurele hervormingen doorvoeren, om competitiviteit te stimuleren en opnieuw groeiperspectieven te zien.

Al snel bleek dat dit bedrag niet voldoende was en dat er een tweede noodlening nodig was, dit keer voor 130 miljard euro. Binnen Europa waren er heel wat mensen die dachten dat hun belastinggeld aan de "luie" Grieken werd verspild en in een bodemloze put werd gestopt. Maar het is niet bepaald zo dat de noodlening wordt gebruikt om de Griekse lonen, pensioenen en werkloosheidsvergoedingen (sowieso krijg je maar 12 maanden werkloosheidvergoeding) uit te betalen. De Griekse staat heeft nog net genoeg inkomsten om dat te bekostigen, en enkel iets meer dan 10 procent van de leningen wordt aangewend voor de dagelijkse werking van de Griekse staat. Veeleer wordt het geld aangewend voor de volgende doeleinden:

  • terugkopen van de schuld (die was in 2010 voornamelijk in handen van Franse en Duitse banken)
  • betalingen van intresten op vorige leningen
  • uitbetaling van staatsobligaties die ten einde lopen
  • terugbetaling aan het IMF
  • bekostigen van de PSI (Public Sector Involvement – de benaming die wordt gebruikt voor de schuldherschikking van februari 2012, de zogenaamde haircut)
  • herkapitalisatie van banken

Memorandum

Er werd gewerkt aan een leenoverenkomst die volgens de bovengenoemde drie assen zou worden geïmplementeerd: het zogenaamde Memorandum. Volgens economische waarnemers zijn de maatregelen die in het Memorandum zijn opgenomen, volledig geschoeid op Duitse leest en houden ze nauwelijks rekening met de Griekse economische realiteit. Het Memorandum hield verder in dat heel wat nieuwe wetten zouden moeten worden aangenomen, en dat heel wat bestaande wetten zouden moeten worden aangepast. Al deze wetten en amendementen dienden te worden gestemd in het Griekse parlement met een gewone meerderheid. Het Memorandum kon geen veranderingen aan de Griekse grondwet voorstellen, want daar is een 2/3 meerderheid in het Parlement voor nodig, en die meerderheid had de regering Papandreou niet (de regering van huidig premier Samaras overigens ook niet). In 2011 werden heel wat parlementaire debatten over deze nieuwe wetten afgesloten met nachtelijke stemrondes die door protesterende Grieken buiten aan het parlementsgebouw, maar ook door de internationale media, werden gevolgd.

In een tweede fase moesten deze wetten dan worden toegepast binnen een bepaald tijdskader. Een afvaardiging van de trojka zou op bepaalde tijdstippen naar Athene reizen om na te kijken in hoeverre de Griekse regering de punten in het Memorandum had uitgevoerd, en daar liep het voortdurend mank. Het ging zelfs zo ver dat een minister, van wie werd verwacht dat hij heel wat programmapunten uit het Memorandum moest uitvoeren, op televisie kwam vertellen dat hij de tekst wel had ondertekend, maar niet had gelezen.

Ondanks de beloften van de Griekse regering, verliep de uitvoering van de programmapunten niet volgens plan. Dat had soms te maken met het feit dat de maatregelen ofwel te ambitieus waren, ofwel met het feit dat de Griekse overheid ze niet durfde door te voeren, uit angst voor de politieke kost die eruit zou volgen. Dat had tot gevolg dat de trojka bij elke nieuwe schijf van de noodlening dreigde dat het geld niet zou worden uitbetaald, of in ieder geval pas met heel wat vertraging.

Fiscale consolidatie

De eerste voorwaarde van de leenovereenkomst leek het makkelijkst te kunnen worden toegepast. Het tekort op de begroting, moest worden teruggebracht tot onder de 3 procent van het BNP. De directe en indirecte belastingen gingen de hoogte in, en de BTW werd verhoogd op zo wat alles. Gezien de Griekse fiscus niet in staat is om belastingen op correcte manier te innen, werd een speciale taks geïntroduceerd die op de rekening van de (nog niet geprivatiseerde) openbare elektriciteitsmaatschappij werd gezet. Wie de zware taks niet kon betalen, zag zijn elektriciteit afgesloten. Verder werden alle belastingvrijstellingen (zoals levensverzekeringen en zo meer) afgeschaft. Mensen met 0 euro inkomen (hun aantal zou op dit ogenblik ongeveer 1 miljoen bedragen volgens de Griekse statistische dienst), kregen een belastingbrief, want de Griekse overheid neemt aan dat je met 0 euro niet kunt leven, en gaat er dan ook van uit dat je zeker 5.000 euro per jaar ter beschikking hebt. Waarop je dus belasting moet betalen

De 13de maand en het vakantiegeld voor de ambtenaren werden opgezegd. Ook kregen de ambtenaren geen bonussen of extraatjes meer die ze de voorbij jaren via allerlei vakbondsacties hadden weten te bedingen. Toegegeven, een aantal van die extraatjes, zoals een bonus voor het tijdig op je werk verschijnen, waren op zijn minst betwistbaar. Pensioenen werden ingekort en de pensioenleeftijd werd opgetrokken van 65 (en niet van 53, zoals vele internationele media verkeerdelijk meldden) naar 67.

Besparingen moesten worden doorgevoerd in het onderwijs en de ziekenzorg. Scholen en ziekenhuizen moesten worden samengevoegd, zelfs al betekent het dat ze in afgelegen gebieden of op sommige eilanden gewoon zullen worden gesloten.

Er moest een eengemaakte loonschaal komen in de hele openbare sector, want door allerlei voorkeursbehandelingen in het verleden, verdienden sommige ambtenaren en werknemers van openbare nutsbedrijven in verhouding veel meer dan hun collega’s met gelijke of hogere kwalificaties in andere sectoren.

Het leven werd voor de gemiddelde Griek op zeer korte tijd heel wat duurder. Ook voor de bedrijven werd de last van de belastingen heel wat zwaarder om te dragen. Flink wat bedrijven hebben hun productie buiten de Griekse landsgrenzen gebracht, en kleine en middelgrote bedrijven hebben noodgewongen hun deuren moeten sluiten wegens de verminderde vraag. Grote spelers op de beurs, zoals Coca Cola 3E of Viochalko, verplaatsten hun administratieve zetel naar respectievelijk Luxemburg en Brussel.

Binnen het programma van fiscale consolidatie moest Griekenland nieuwe investeerders zien aan te trekken. Nieuwe bedrijven durven echter niet aan een Grieks avontuur te beginnen, omdat ze niet weten hoe zwaar de belastingen zullen doorwegen. Bij elke nieuwe evaluatie van de trojka, wanneer duidelijk wordt dat de Griekse staat niet de vooropgestelde doelen (in casu inkomsten) heeft weten te halen, moeten er nieuwe maatregelen worden genomen en verandert de belastingvoet weer. In een dergelijk onzeker klimaat, is geen plaats voor nieuwe investeringen, ondanks het feit dat de trojka beweert dat ze zich tot doel heeft gesteld om de Griekse economie concurrentiëler te maken.

Privatiseringen

De tweede voorwaarde bleek moeilijker te vervullen. Er werd in 2011 een organisatie opgestart die de privatiseringen van overheidsbedrijven en onroerend goed in goede banen moest leiden: het Hellenic Republic Asset Development Fund. Dit fonds heeft de voorbij 2,5 jaar al 5 verschillende directeurs gehad. Ofwel waren ze te loslippig, waren ze te partijgebonden, of stond hun integriteit ter discussie. Neem nu de voorlaatste directeur: die was er in geslaagd om de openbare gokmaatschappij te verkopen aan een consortium onder leiding van de Griekse oligarch Melissanidis, die rijk is geworden door belastingvrij brandstof te leveren aan de Griekse reders. Meteen na de verkoop, ging de directeur van het fonds met vakantie in de Learjet van de oligarch.

Dit fonds heeft verder 66 procent van de gasdistributeur DESFA verkocht aan een bedrijf uit Azerbeidjan. 28 gebouwen die toebehoorden aan de Griekse staat, zijn geleased aan de real estate afdelingen van 2 grote Griekse banken voor een periode van 20 jaar, voor een bedrag van 261,3 miljoen euro. De Griekse overheid zal die gebouwen terug huren voor een bedrag van 30 miljoen eur per jaar. Over een periode van 20 jaar loopt dat op tot 600 miljoen euro; bezwaarlijk een winstgevende operatie.

De openbare waterbedrijven van Athene en Thessaloniki staan ook in de etalage, evenals de regionale luchthavens in de provinciesteden en op de eilanden, de post, de spoorwegen, de openbare elektriciteitsmaatschappij en een aantal stranden.

De Griekse autosnelwegen (vaak aangelegd met Europese fondsen) zijn ondertussen allemaal in privéhanden. De Grieken moeten steeds hogere tol betalen om van de wegen gebruik te kunnen maken, maar er zijn vaak geen alternatieve wegen, zoals door Europa voorgeschreven.

Het fonds heeft echter problemen om verder te privatiseren. Veel heeft te maken met het feit dat de waarde van de bedrijven en het onroerend goed voortdurend zakt, omdat de ratingbureaus Grieks waardepapier tot het laagste niveau heeft teruggebracht. Daardoor wordt het vooropgestelde bedrag van 50 miljard euro inkomsten, flink in het gedrang gebracht.

Daarom denkt de Europese Commissie er aan om het Hellenic Republic Asset Development Fund om te dopen tot een “special purpose vehicle” zodat ze er haar eigen managers kan op zetten. Daartoe zou de zetel van het fonds ook verhuizen van Athene naar Luxemburg, waardoor Griekenland zelf geen enkele invloed meer zal hebben op de privatiseringen van zijn eigen overheidsbedrijven en onroerend goed.

Structurele hervormingen in de privésector

De derde voorwaarde bleek de moeilijkste. Structurele hervormingen zijn reeds doorgevoerd in de Griekse privésector. Het minimumloon is teruggebracht tot 586 euro per maand (bruto) voor een voltijdse baan – wie minder dan 40 uur per week werkt, komt met moeite aan 300 euro netto per maand. In de Griekse realiteit betekent dit dat alle lonen daardoor worden beïnvloed, want een salaris wordt berekend op basis van het minimumloon met daarbovenop extra’s voor anciënniteit en capaciteiten (zoals een universitair diploma, kennis van computer en vreemde talen en zo meer). Een projectmanager met 15 jaar ervaring verdient daardoor anno 2013 nog ongeveer 1.500 euro bruto per maand.

Verder geldt er niet langer een restrictie op het aantal personeelsleden dat een bedrijf per maand mag ontslagen. Dat heeft geleid tot heel wat bedrijven die massaal hun oudere, en dus duurdere, werknemers op straat zetten en vervingen door goedkopere, jongere werkkrachten. Bovendien werd het percentage van mensen die in vaste loondienst werken, vrij gelaten, wat vroeger niet het geval was. Daardoor hebben heel wat bedrijven contracten van onbepaalde duur omgezet naar freelance contracten. Niet alleen werden de salarissen verminderd, maar werknemers met freelance contracten kunnen vanaf nu onmiddellijk worden ontslagen, en hebben geen recht op ontslagvergoeding.

In vele sectoren zijn de collectieve arbeidsovereenkomsten afgeschaft en werknemers worden “uitgenodigd” om een individuele arbeidsovereenkomst aan te gaan met de werkgever. Die individuele arbeidsovereenkomst kan inhouden dat een werknemer zijn recht op vakantie opgeeft, instemt met zondagwerk, langer dan 8 uur per dag kan werken zonder overuren uitbetaald te krijgen, en zo meer. Wie weigert om een individuele arbeidsovereenkomst te onderteken, dreigt zijn job te verliezen.

De Griekse vakbonden protesteren dat Griekenland terugkeert naar een middeleeuws stelsel, maar blijken verder elke slagkracht te missen om te protesteren tegen deze maatregelen. Verder dan algemene stakingen komt het vaak niet, en aan die stakingen nemen de werknemers uit de privésector nooit deel. Die dreigen namelijk hun job te verliezen als blijkt dat ze deelnemen aan een staking. De Griekse werkgevers hebben deze structurele maatregelen snel omarmd, maar de Griekse economie is er niet concurrentiëler op geworden.

Structurele hervormingen in de openbare sector

De maatregelen die de Griekse overheid tot nu toe heeft genomen, hebben voornamelijk de Griekse privésector geraakt. Hoewel de lonen in de openbare sector enigszins gezakt zijn, was er tot het voorjaar 2013 nog geen enkele ambtenaar ontslagen. Vrijwel alle 1.375.000 officiële werklozen komen uit de privésector.

Sinds het voorjaar van 2013 heeft de trojka de druk opgevoerd om ook structurele hervormingen door te drijven in openbare sector. Bij het begin van het programma, wist de Griekse overheid niet hoeveel ambtenaren precies tewerkgesteld waren. De voorbije decennia hebben de politieke partijen die aan de macht waren, de openbare sector gebruikt om postjes te creëren in ruil voor jobs. Dus moesten er jobs sneuvelen.

Het is echter niet makkelijk om een ambtenaar te ontslaan, want de Griekse grondwet garandeert werkzekerheid voor het leven. Daar is echter een achterpoortje voor gevonden: wanneer een positie wordt opgeheven, is er geen nood meer voor de ambtenaar in kwestie. De eerste keer dat dit recept werd toegepast, was toen de Griekse openbare omroep ERT op 11 juni 2013 plots werd gesloten. Tot de sluiting werd besloten met een ministerieel decreet dat door de president werd ondertekend. Deze maatregel werd dus niet eens gestemd in het parlement, want de vrees bestond dat zelfs de parlementsleden van de regerende partijen dit soort besluit niet zouden steunen. Verwacht wordt dat dit slechts een test was en dat nieuwe sluitingen van overheidsbedrijven op deze manier zullen worden bepaald. Twee weken geleden nog werden op soortgelijke manier de drie psychiatrische ziekenhuizen van Griekenland gesloten. Het land had echter subsidies gekregen van Europa voor de werking van deze klinieken. Dat geld kan nu niet worden aangewend.

Het recept werd ondertussen ook al toegepast op andere beroepsgroepen: bewakings- en schoonmaakpersoneel van de middelbare scholen, gemeentelijke politie, en ondersteunend personeel aan de universiteiten.

De sociale voorzieningen hebben erg te leiden onder deze vorm van besparingen, maar de politiek benoemden, die baantjes hebben gekregen binnen de ministeries, lijken voorlopig de dans te ontspringen. En ondertussen kookt de Griekse samenleving: elke groep die onder druk komt te staan, komt de straat op. Tot nog toe doen ze dat elk apart, maar de ontslagen werknemers van ERT hebben nu al de handen in elkaar geslagen met het ondersteunend personeel van de universiteiten. De overheid vreest voor een verenigd front van beroepsgroepen die voor de bijl gaan.

De rol van trojka

En de rol van de trojka bij dit alles ? Het beeld dat de Grieken daarvan hebben, is dat van drie boekhouders die met een excelletje nakijken of de cijfers die de Griekse overheid hen geeft, wel degelijk tot het beoogde resultaat leiden. Er moet worden bespaard waar mogelijk, en de privatiseringen moeten zo snel mogelijk gebeuren. De trojka is niet geïnteresseerd in de sociale gevolgen voor de Griekse maatschappij en wordt door de Grieken als een buitenlandse bezettingsmacht gezien. De rekening moet voor hen kloppen en het is vooral belangrijk dat Griekenland het geld van de leningen zo snel mogelijk terugbetaalt.

Het is de trojka die het economische beleid bepaalt in Griekenland. Toen de huidige premier Antonis Samaras nog oppositieleider was, verzette hij zich heftig tegen de besparingsmaatregelen die werden opgelegd op last van Europa en het IMF. Zijn partij stemde steevast tegen in het parlement. Sinds hij premier is, voert hij echter een nog strengere besparingskoers dan zijn voorganger.

Hij heeft wellicht ook geen andere keuze: indien Griekenland afwijkt van het programma dat is opgelegd door Europa, dan zal het land voor het Europese Hof van Justitie worden gedaagd. Griekenland kan met andere woorden wel een andere regering kiezen, maar kan zijn eigen economische koers niet langer bepalen. Meer nog, zelfs nadat de noodleningen in 2014 allemaal zijn uitbetaald, zal het economische programma voor Griekenland niet stoppen, zo heeft Eurocommissaries Olli Rehn al gezegd. Griekenland zal sowieso deel blijven uitmaken van het Europees Stabiliteitsmechanisme, en daardoor zal de trojka tot 2047 driemaandelijke controles blijven uitvoeren. De wieg van de democratie lijkt hiermee zijn onafhankelijkheid helemaal kwijtgespeeld te zijn.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.