about
Toon menu
Opinie

Links en Vlaams: nog steeds de tang en het varken

Op 19 december schreef Peter De Roover van Doorbraak.be een repliek op de opinie 'Links en Vlaams: de tang en het varken' van Thomas Decreus, geschreven op 21 november 2013. Decreus schreef op zijn beurt dit wederwoord.
zaterdag 21 december 2013

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Dat De Roover zich de moeite getroost heeft om mijn tekst ‘Links en Vlaams: de tang en het varken?’ grondig door te nemen en te becommentariëren, kan ik enkel toejuichen. Niet alleen omdat ik geloof in het democratisch belang van een open en vrij debat, maar ook omdat zijn repliek me toelaat om mijn oorspronkelijke standpunt verder te verduidelijken en toe te lichten.

Ik wens me in mijn repliek niet in te laten met enkele van de foute herinterpretaties van mijn origineel standpunt door De Roover. Dat ik België als een linkse modelstaat beschouw heb ik nergens geschreven. Het zou nogal ridicuul zijn om dat te beweren. Evenmin kan het sprongetje gelegitimeerd worden dat mijn afwijzing van het huidige Vlaamse project een omhelzen van het Belgisch project impliceert. Dat is een duidelijke non-sequitur.

Ook heb ik op geen enkel moment beweerd dat er een natuurlijke alliantie bestaat tussen nationalisme, neoliberalisme en conservatisme. Wel integendeel, in het eerste deel van mijn oorspronkelijke tekst beargumenteer ik net dat het samengaan van deze verschillende ideologische stromingen conflictueus en dus contingent is.

Gelukkig beperkt De Roover zicht niet tot een foute reproductie van mijn origineel standpunt. Naar het einde van zijn tekst toe wordt ook een argumentatie ontwikkeld waaruit zou moeten blijken dat links en Vlaams niet slaan zoals een tang op een varken. Helaas overtuigt die argumentatie niet. Laat me even verduidelijken waarom dat zo is.

De Turf-doctrine

In zijn repliek toont De Roover zich een overtuigde aanhanger van wat ik de Turf-doctrine[1] zou willen noemen. Deze doctrine kan als volgt samengevat worden: een stem op een rechts-nationalistische partij als N-VA staat op geen enkele manier de realisatie van een links en onafhankelijk Vlaanderen in de weg. De dag dat Vlaanderen onafhankelijk is, kan de linkse strijdbijl opnieuw probleemloos opgegraven worden om N-VA te bekampen.

Immers, zo stelt De Roover, “we mogen er toch van uitgaan dat de Vlaamse structuren formeel democratisch zullen zijn”.  Met andere woorden, ook al realiseert een rechtse politieke kracht als N-VA een onafhankelijk Vlaanderen, in dat onafhankelijk Vlaanderen gaat het democratische spel gewoon zijn verdere gang en kunnen we langsheen een rechts-links tegenstelling het politiek debat verder organiseren.

Ik onderschrijf deze Turf-doctrine niet omdat ze blijk geeft van een compleet gebrek aan inzicht omtrent hoe politieke macht werkt en daar bovenop nog eens een erg simplistisch beeld van de democratie schetst.

Iedereen die enigszins vertrouwd is met de politieke geschiedenis weet dat een hegemoniale partij niet enkel regeert maar de samenleving ook vormgeeft naar haar eigen beeld. Die verandering is onomkeerbaar in de zin dat ze een verandering van het politieke speelveld inhoudt en dus de politiek zelf – inclusief het gedrag van de kiezers - fundamenteel wijzigt.

Een voorbeeld? Het Groot-Brittannië van na Thatcher was een ander Groot-Brittannië dan voor Thatcher. Het is niet omdat Thatcher in 1990 van het politieke toneel verdween dat haar erfenis niet meer bleef doorwerken. Thatcher zelf besefte dat maar al te goed. Toen haar in 2002 gevraagd werd naar haar grootste politieke realisatie, antwoordde ze zonder verpinken “Tony Blair and New Labour. We forced our opponents to change their minds.”[2]

To change minds, dat is de fundamentele inzet van iedere politieke strijd. Zowel ter linker- als ter rechterzijde kent men zijn Gramsci. Ook Vlaams-nationalisten als De Roover weten maar al te goed dat de sokkel waarop politieke macht rust niet per se het stemhokje als wel de civiele maatschappij is.

Het gaat om de verovering van de harten en de geesten. Die verovering gebeurt stapsgewijs via media, cultuur, verenigingen, sociale initiatieven en het middenveld. Eén keer veroverd, kunnen die harten en geesten niet heroverd worden binnen één of twee electorale termijnen. Dat is inderdaad een werk van jaren, mogelijk decennia. Zo werkt politiek.

Nu kan De Roover bij hoog en bij laag beweren dat dit een foute opvatting is over politiek, dat is zijn goed recht. Alleen is het zo dat hij zelf de beste illustratie is van wat ik hierboven beweer. Initiatieven als Doorbraak.be of de Vlaamse Volksbeweging hebben als doelstelling om een bepaald communautair discours binnen de civiele samenleving te verspreiden tot ze als schijnbaar evidente waarheid gereproduceerd worden.

De Roover beseft maar al te goed dat het gaat om de verovering van harten en geesten, de blijvende verandering van het politieke speelveld, kortom, het vestigen van een hegemonie. Dat staat zelfs letterlijk te lezen op de pagina’s van Doorbraak.be. Ik citeer even een tekst van de hand van Julien Borremans die op Doorbraak.be verscheen:

“Het Vlaams-nationalisme heeft aan kracht gewonnen en is dankzij de N-VA de instellingen binnen geslopen. Ze hanteert een gepolijste, conservatieve ideologie waarmee ze het hart van de middenklasse verovert. Haar achterdocht jegens de (verzorgings)staat en de bureaucratische, administratieve moloch geven haar een non-conformistisch cachet waardoor haar aantrekkelijkheid bij de jeugd en de middenstand nog verder zal accelereren. De N-VA is er duidelijk op uit om haar ‘hegemonie’ te vestigen. Voor De Wever worden de oude en gangbare morele beginselen en politieke cultuur door nieuwe ethische en politieke principes vervangen.”[3][cursivering toegevoegd, TD]

Zoals de auteur op Doorbraak.be te kennen geeft, de hegemonie kleurt momenteel neoliberaal en conservatief. Rechts dus.  Dat rechtse discours van N-VA wordt, in naam van de Vlaamse vrede, vrij enthousiast omarmd door de Vlaamse beweging. Op geen enkel moment is er een concrete en consequente distantie van dat discours.

Wanneer N-VA en de met de N-VA sympathiserende Vlaamse beweging dus de drijvende krachten worden achter een Vlaamse onafhankelijkheid, dan is het volstrekt logisch dat de neoliberale en conservatieve hegemonie zal weerspiegeld worden in de constituerende teksten en praktijken, in de procedures en wetten van dat Vlaanderen.

Een formele democratie is immers nooit volstrekt formeel, procedures zijn nooit de perfecte uitdrukking van onpartijdigheid. Zoiets beweren getuigt van een zekere politieke naïviteit. Zoals Chantal Mouffe het stelt: “[…]Het is omdat procedures ingeschreven zijn in gedeelde levenswijzen en wereldvisies dat procedures aanvaard en gevolgd kunnen worden.”[4]

Welnu, de gedeelde levenswijze en levensvisie die N-VA hegemoniaal tracht te verankeren is neoliberaal en conservatief van aard. De formele democratie van een Vlaamse staat zal daarom rusten op een substantieel nationalistische, conservatieve en neoliberale wereldbeschouwing en daar ook de uitdrukking van zijn.

Van solidariteit naar verzekering

Eens we uitgaan van het volstrekt logische feit dat N-VA een N-VA-Vlaanderen zal creëren en geen neutrale politieke ruimte genaamd ‘Vlaanderen’, kan ook een andere tegenwerping van De Roover vrij makkelijk beantwoord worden.

Volgens De Roover slaag ik er niet in aan te tonen waarom de realisatie van een Vlaamse onafhankelijkheid gepaard gaat met de afbraak van de sociale zekerheid. De Roover beaamt volmondig dat de Belgische sociale zekerheid zal ontmanteld worden, maar volgens hem impliceert dat geen aanval op de sociale zekerheid an sich.

Welnu, in het licht van wat in de voorgaande sectie gesteld werd: als we er van uitgaan dat onafhankelijkheid zal gestuurd worden door de N-VA en bondgenoten, dan zal de Vlaamse re-creatie van de sociale zekerheid gebeuren onder een rechtse, neoliberale hegemonie.

Het is vrij duidelijk dat er een vorm van sociale zekerheid zal gecreëerd worden die het principe van solidariteit ondergeschikt zal maken aan het principe van verzekering. De sociale zekerheid zoals we die kennen zal verdwijnen. Een veel minder sociale variant ervan zal gerecreëerd worden op Vlaams niveau. Dat is wel degelijk een aanval op de sociale zekerheid an sich.

Het zullen alvast niet de ondernemers zijn die zich momenteel en masse tot de N-VA bekeren die daarbij zullen verliezen. Nee, de groepen die sociaal-economisch het zwakst staan zullen het gelag betalen. De gewone Vlaming zal in het zand bijten. Net daarom dat een consequent linkse positie een distantie veronderstelt van het huidige Vlaamse project.

Die distantie wordt verder gelegitimeerd wanneer we even tussen de regels lezen van De Roovers repliek. Op een bepaald moment stelt De Roover duidelijk dat organisaties en structuren “die zich mordicus blijven vereenzelvigen met België in hun huidige vormen moeten ontmanteld worden.” Naar het einde van de tekst wordt een concreet voorbeeld gegeven: het zijn ondermeer de vakbonden die zich blijven vastklampen aan het “Belgische feit”.

De Roover zegt het niet met zoveel woorden, maar het volgt wel logisch uit zijn betoog: de vakbonden hebben de keuze tussen de oprichting van een strikt Vlaamse vakbond of ontmanteling. Dat het de taak is van een vakbond om werknemers te beschermen op alle niveaus waar dat nodig is, en niet om mee te dingen in een communautair opbod ontgaat De Roover volledig.

De consequentie van die stellingname is echter wel overduidelijk en bevestigt volledig mijn eerdere analyse: het Vlaams-nationalisme ziet in de vakbonden een objectieve vijand. Ondermeer daarom is het dat Vlaams-nationalisme en neoliberalisme elkaar gevonden hebben – gemeenschappelijke vijanden maken immers goede vrienden.

Voor mensen als De Roover is het belang van sterke vakbonden en goed beschermde werknemers ondergeschikt aan de eis voor een sterk Vlaanderen. Opnieuw: onverenigbaar met een consequent linkse positie.

Rechts en links

De laatste kunstgreep van de N-VA en zijn bondgenoten bestaat erin om de kritieken op het uitgesproken neoliberale en rechtse karakter van de partij te minimaliseren door mist te spuien over begrippen als ‘rechts’ of ‘neoliberalisme’. Ook De Roover doet daar duchtig aan mee.[5]

Op een bepaald punt in zijn repliek ontkent hij dat N-VA een neoliberaal karakter heeft en ergens anders insinueert hij dat hij niet weet wat een ‘rechts’ Vlaanderen zou betekenen. Op zo’n momenten heeft De Roover toch iets mee van Mohamed Saïd al-Sahaf a.k.a. Comical Ali, de Iraakse minister van informatie onder Sadam Hoessein, die beweerde dat de Irakezen aan de winnende hand waren terwijl de Amerikaanse tanks reeds door de straten van Bagdad denderden.

Stellen dat de N-VA niet rechts of neoliberaal is, is tegen iedere feitelijkheid ingaan. De N-VA laat bijvoorbeeld geen kans onbenut om rond te toeteren dat de publieke sector dient afgeslankt te worden, dat de ondernemers meer zuurstof moeten krijgen, dat er bespaard moet worden, dat de vakbonden ondemocratische en frauderende lastpakken zijn, dat de sociale zekerheid een hangmat is en dies meer. Dit zijn allemaal Textbook examples van een rechts en neoliberaal discours.

Een discours dat zich in de stad waarin ik woon, Antwerpen, ook daadwerkelijk omzet in beleid: het schrappen van bos- en zeeklassen, plannen om stedelijke kinderopvang te privatiseren, drastische afslanking van de stedelijke overheid, het bekampen van het sociaal-culturele middenveld, het afvoeren van de zondagsrust en het demoniseren van anderstalige nieuwkomers, leefloners en werkzoekenden.

Komt daar nog eens bij: een uiterst repressief beleid. Om enkele recente voorbeelden te geven: kliklijnen voor vuilnismannen die een nieuwjaarsfooi vragen, boete voor eenieder die een pretsigaret rookt tot en met het strafbaar stellen van bedelarij. Klap op de vuurpijl: recentelijk werd ook deelname aan betoging “die zou kunnen leiden tot overlast” strafbaar gesteld. Zeker die laatste maatregel doet me sterk twijfelen of het Vlaanderen van de N-VA een Vlaanderen zal zijn dat beantwoordt aan de formele regels van de democratie.

Het zou De Roover en andere Vlaams-nationalisten sieren, moesten ze op zijn minst toegeven dat de N-VA een door en door rechtse partij is. Dat is een kwestie van intellectuele eerlijkheid. Alles in het discours en het beleid wijst daarop. Ik kan er in ieder geval geen spatje links engagement in vinden.

Onder een N-VA-bewind wordt de democratie beknot in plaats van uitgebreid, private actoren krijgen meer macht dan publieke actoren, er is geen sprake van een emancipatorisch project en het repressie-apparaat neemt toe in omvang. Een links politiek project is exact het tegendeel daarvan. Op iedere mogelijke manier.

Links en Vlaams: nog steeds de tang en het varken

Voor Vlaams-nationalisten als De Roover is ieder ideologisch conflict ondergeschikt aan de realisatie van de Vlaamse staat. De links-rechts tegenstelling wordt daarom als gedateerd of irrelevant beschouwd, terwijl het Vlaams-nationalisme objectief gezien een steeds rechtser karakter krijgt.

De reden waarom ik me tegen dat Vlaams nationalisme kant is niet per se ideologisch of theoretisch van aard, laat staan ingegeven door Belgicistische motieven. Het is bovenal een blijk van bezorgdheid. Want ik zie dat in het hier en nu, in de concrete praktijk van alledag, emancipatorische en democratische verworvenheden worden afgebouwd, dat de verzorgingstaat door de neoliberale mangel wordt gehaald en dat vakbonden gebasht worden.

Dat alles door een partij en een beweging die een vaag ideaal genaamd ‘Vlaanderen’ najaagt. De eerste die echter verliest in het hier en nu bestaande Vlaanderen is de gewone man, de gewone vrouw, de werknemer, de kleine zelfstandige, de gepensioneerde, de werkzoekende. Zij zijn de voornaamste slachtoffers van het klauwen van de leeuw.

Het politieke project dat ik steun is er één dat het consequent en eenduidig opneemt voor die geklauwde groepen, die ze een stem geeft in plaats van die stem te verstikken. Hieruit volgt dat ik niet anders kan dan me verzetten tegen de N-VA en haar supporters, inclusief de zogenaamd ‘linkse’ en ‘progressieve’ flaminganten die feitelijke gedoogsteun leveren aan het N-VA-bewind.

Thomas Decreus

Thomas Decreus is politiek filosoof en auteur van Een paradijs waait uit de storm (EPO 2013)

Voetnoten

reacties

10 reacties

  • door Robrecht Vanderbeeken op zaterdag 21 december 2013

    Mooie repliek. Om er nog een aanvulling achteraan te sturen... Italië is een leerrijk voorbeeld voor de rest van Europa. Ook daar had je een centrumrechts en een centrumlinks die in de vorige decennia steeds dichter tegen elkaar aan kropen zodat er alleen een ‘centrisme’ over bleef (bij ons heet dat ‘de traditionele partijen’) en daarnaast ontwikkelt zich in gans Europa een rechts populisme dat heel snel het woedepotentieel bij de bevolking verzamelt. (Le Pen, Wilders,…)

    Berlusconi kwam zo gezwind aan de macht. Hij combineert de mediagenieke cultuur van het politieke als ‘spektakel’, wat een snelle depolitisering van het politieke debat tot gevolg heeft. Ook De Wever speelt dat spel hoog: elke week weer die twijfel de media insturen, ‘misschien moet ik federaal gaan, nee ik blijf burgemeester’, etc. Een journalist zou dat meteen moeten doorprikken, die tsjeverigheid, nooit eens zeggen wat het nu zal zijn. Nee, ze vinden dat gewijfel ideaal want dat verkoopt, elke dag weer een vervolgverhaal in petto.

    Tussendoor vertelt De Wever wat over zijn emoties, het harde werken, etc. Berlusconi deed het niet beter. Maar niemand vraagt dat politici zich kapot werken. Nee, ze moeten gewoon eerlijk en goed werk leveren. Desnoods doen ze dat een halve dag per week en nemen ze de rest vrijaf. Achter het spel van het politieke spektakel, achter de schermen, wordt dan een harde technocratische en bureaucratische politiek gevoerd die alleen maar rekening houdt met partijpolitieke macht. Op dat punt overtroefde ook Berlusconi het ‘centrisme’, hetzelfde soort gedoe als de traditionele partijen, maar dan erger.

    En als we vandaag naar Italië kijken, zien we ook hoe de democratische politiek al een tijd terug geïmmobiliseerd is geraakt in allerhande patstellingen. Ondertussen ontwikkelde er zich in sneltempo een neoliberale strafstaat. En zo hebben wij in Apen de profeet van de GAS-boetes, ‘the war on drugs’, de kliklijnen, etc. Maar De Roover is natuurlijk vooral kwaad op Pascal Smet. Hij zou beter eens kijken naar de noden van het Antwerpse onderwijs waar dus niets aan gedaan wordt, waarom? Omdat N-VA een neoliberale partij is, die zijn broodjes bakt met het havenbedrijf, de betonboeren, de immo-maffia, de diamantenclub, etc.

    • door Abrimont op maandag 23 december 2013

      Robrecht, ik ga niet mee in je commentaar. Ik meen ook dat ze niet klopt. Centrisme zoals je het an sich voorstelt is mijn inziens niet a priori verkeerd, bepalend is niet de positie maar wel de argumentatie daarvoor of afwezigheid ervan. Iemand kan perfect een centrale houding aannemen ten aanzien van een materie en daar weloverwogen argumenten voor hebben, noem het een mogelijks gematigde houding, zo'n houding louter misprijzen om zijn gematigd karakter vind ik intellectueel onredelijk en argumenteel zeer zwak onderbouwd. Ik kan niet anders dan die houding interpreteren als een opportunistische houding om een minder centraal gepositioneerde partij in een beter daglicht te stellen. Dat is geen ernstige retoriek. De depolitisering die men Berlusconi kan verwijten gaat mijn inziens niet echt op voor De Wever. Ik vind niet dat De Wever aan depolitisering doet, hij legt wel degelijk politieke standpunten op tafel, maar wat hij wel doet is conflicten creëren, zondebokken aanwijzen, om met gebruik van het buikgevoel van het plebs de massa achter zich te krijgen tegen dat spookbeeld. Berlusconi en De Wever zijn twee verschillende figuren en een gelijkschakeling omdat beide heren een deels neo-liberale koers varen is voor mij te kort door de bocht, ik zie graag een correctere analyse.

      De keuze tussen federaal of locaal lijkt me geen bewust gekozen mediathiek spel zoals je laat uitschijnen. De Wever weet wat zijn betekenis is voor de partij en het gebrek eraan bij zijn andere partijgenoten om daadwerkelijk een groot verschil te maken. Ik denk dat zijn houding in die zin oprecht is, hij zou het liefst waarschijnlijk beiden doen. De daadwerkelijke bestuurderspost van de partij valt onder die zelfde noemer. Berekend besluiteloosheid is dit mijn inziens in het geheel niet, veeleer een teken van enerzijds onwil om macht te delen ook binnen de eigen partij alsook een gebrek aan vertrouwen in de eigen medestanders. Dat lijkt me een zinnigere kritiek op de NVA dan dewelke u hieromtrend aanhaalt.

      Deels een neo-liberale koers, zoals ik aanhaalde. De NVA als louter neo-liberaal afschilderen is mijn inziens geheel verkeerd. Dat zij op economisch een neo-liberale koers varen dat staat als een paal boven water, maar de NVA is meer dan dat. Ze is evenzeer uitermate conservatief en nationalistisch. Waar op economisch vlak het neo-liberale dominant is meen ik dat op politiek vlak het mogelijks omgekeerd is. Liberale beginselen gelden enkel in een economische context in een politieke vaart men een geheel andere koers. Inderdaad ook Berlusconi pleegde dit te doen, zij het dan door samenwerking met extreem rechtse krachten, maar indien men dit louter aanziet als een neo-liberale karaktertrek dan ontgaat men een ernstig gevaar voor de democratie, omdat zij de aanwezigheid van een extreem rechts gedachtengoed binnen een politiek bestel onvoldoende erkent.

      Stellen dat de problematieken in Antwerpen niet aangepakt worden omdat de NVA een neoliberale partij is is geen verstandige opmerking. Heel wat problematieken werden in Antwerpen voorheen ook niet aangepakt, deels omdat de partij en coalitiegenoten van deheer Smet prestige projecten najoeg om een stad en beleid te promoten ipv zich te focussen op de leefbaarheid. Volkswijken moesten opgeruimd worden en plaats maken voor een jachthaven, onbetaalbare lofts etc. Het succes van de NVA ligt niet zozeer bij hunzelf, daar hebben ze de inhoud niet voor, maar in het wanbeleid van hun voorgangers. Als je de NVA wilt bekritiseren, en ik ben de eerste om je daarin aan te moedigen, dan moet je die realiteit eerst erkennen. Ja de NVA bakt inderdaad broodjes met dergelijke onfrisse figuren, maar daar brachten ze niets nieuws mee onder de zon.

      Door de NVA als louter neoliberaal af te schilderen onderschat u mijn inziens het gevaar dat zij betekenen voor de democratie.

      • door Le grand guignol op dinsdag 24 december 2013

        U schrijft: "Door de NVA als louter neoliberaal af te schilderen onderschat u mijn inziens het gevaar dat zij betekenen voor de democratie."

        N-VA is inderdaad geen louter neoliberale partij omdat zij ook nationalistisch en conservatief is. Dat staat een neoliberale beleidsvoering echter niet in de weg. Meer nog: neoliberalisme, conservatisme en nationalisme vullen elkaar zeer goed aan (zie verder). Mag ik echter, uit datgene wat u schrijft, concluderen dat u het neoliberalisme niet als een bedreiging van de democratie beschouwt? In wezen is het neoliberalisme dat wel: neoliberalen als Friedman steken het niet onder stoelen of banken dat zij economische vrijheid als noodzakelijke voorwaarde voor democratie beschouwen; economische vrijheid zorgt immers voor politieke vrijheid. Dit terwijl een democratie niet berust op economische vrijheid, maar wel op economische gelijkheid. Die economische gelijkheid is immers een voorwaarde voor politieke gelijkheid en zoals we allemaal weten berust democratische inspraak, en bij uitbreiding de democratie, op de betreffende politieke gelijkheid. De economische vrijheid die neoliberalen propageren geeft in de praktijk aanleiding tot socio-economische ongelijkheid, maar daarnaast zorgt die economische vrijheid ervoor dat een bepaalde klasse zodanig veel greep op de politieke besluitvorming krijgt, met als gevolg dat een democratie daaronder bezwijkt. De illusie van een democratisch politiek proces blijft overeind, al dan niet gecreëerd en gereproduceerd (bv. verkiezingen), maar de politieke praktijk is fundamenteel ondemocratisch en zelfs antidemocratisch.

        "Als politieke gelijkheid afhangt van sociaaleconomische gelijkheid, wordt het idee van democratie zelf steeds meer verweven met het aloude sociaal-democratische ideaal van spreiding van kennis, macht en inkomen. Ook indien men een radicaler egalitarisme verwerpt, lijkt het mij evident dat de voor elke vorm van democratie benodigde minimale politieke gelijkheid niet samengaat met een machtsconcentratie waarbij een sociale groep of klasse een bevoorrechte positie inneemt ten opzichte van alle andere groepen. Voor zover dat het geval is [...] is dat dus een fundamenteel probleem vanuit democratisch oogpunt" (van Apeldoorn, 2011:172).

        Bovendien zijn neoliberalisme en conservatisme geen tegengestelden, maar vullen ze elkaar aan. Het conservatieve gedachtegoed vormt een verklaring voor de uitwassen van een asociaal, neoliberaal beleid. Mensen in armoede en werklozen hebben hun deplorabele socio-economische toestand en positie in de eerste plaats aan zichzelf te danken. Het is met name het verval van morele waarden (o.a. arbeidsethos) bij het meest achtergestelde deel van de bevolking, dat aan de basis ligt van sociale ongelijkheid en uitsluiting. Kortom: achtergestelden sluiten zichzelf uit en worden daar door middel van een moraliserend discours voortdurend op gewezen. In dat verband spreekt men over een "neoliberaal paternalisme" (Schram, Soss, Houser & Fording, 2010; Soss, Fording & Schram, 2011); Wacquant (2010) heeft het over een "centaur-staat": een liberaal hoofd op een autoritair en bestraffend lichaam. Begeleiding van werklozen (activering) wordt vertaald naar sanctionering en controle (disciplinering), met als gevolg dat activering niet meer tot doel heeft om werklozen duurzaam aan een job te helpen, maar wel om werklozen te verplichten om werk aan slechte loon- en arbeidsvoorwaarden te aanvaarden. Anders gezegd: door middel van 'een keuze' tussen armoede enerzijds of precaire arbeid anderzijds worden werklozen verplicht de wetten van de markt, i.e., het kapitaal, te ondergaan. Diegenen die niet voor rede vatbaar zijn of diegenen waar men weinig tot geen economische meerwaarde uit kan halen, worden opgesloten in een uit de kluiten gewassen gevangeniswezen. Een gevangeniswezen dat in het slechtste geval ook nog eens geprivatiseerd wordt; met gevangenen die spotgoedkope arbeid verrichten voor privé-ondernemingen. Ook gevangen worden via een omweg geïncorporeerd in de markt.

        Neoliberalisme en nationalisme zijn evenmin tegengesteld. N-VA koppelt een neoliberale economische politiek eveneens aan een neoliberale sociale politiek. In die sociale politiek speelt het individualisme evenzeer een belangrijke rol, zelfs in die mate dat verantwoordelijkheid op moraliserende wijze geïndividualiseerd wordt (bv. Het Werkhuis en verantwoordelijkheid belonen, p. 27 congrestekst N-VA). Die neoliberale sociale politiek richt zich hoofdzakelijk tot achtergestelde groepen binnen de samenleving, maar beschouwt hen niet als een groep dan wel als individuen die een bepaalde groep vormen. Beleidsmaatregelen zijn dan ook specifiek op het individu gericht en niet op de groep (bv. GAS-boetes). Wanneer men immers de groep zou aanpakken dan zou men - ongewild - de mogelijkheid van een structureel-maatschappelijke aanpak erkennen. Anders gezegd: door individuen uit een welbepaalde groep aan te pakken (atomisering), pakt men ook de groep als dusdanig aan.

        Het heeft alles te maken met de eigenschappen die men 'het volk' toekent en op welke wijze men dat volk begrenst. Een belangrijke scheidingslijn voor de N-VA is die tussen 'productief' en 'onproductief'. Die eigenschappen hebben in wezen geen betrekking op 'een volk', maar wel op de individuen die dat volk vormen (bv. de productieve burger: de 'hardwerkende Vlaming'). De eigenschappen die de N-VA, weliswaar via de natiestaat, wil projecteren op 'het volk' zijn allen marktconforme eigenschappen die niet zozeer op 'het volk', maar wel op de individuen van dat 'volk' geprojecteerd worden. Dat is telkenmale het geval bij neoliberale natiestaten: regeer 'het volk' niet door het 'volk' te regeren, maar via de individuen die dat volk vormen (cf. biopolitiek).

        Het probleem begint met een foute analyse van wat het neoliberalisme daadwerkelijk is. Doorgaans komt men af met een aantal foutieve vooronderstelling die een degelijke analyse in de weg staan. Bijvoorbeeld: neoliberalen willen een kleine overheid, neoliberalen stellen de vrijheid van het individu op de eerste plaats,... Die aannames zijn fout: (1) de economische vrijheid, met name de vrije marktwerking, is prioritair waarbij de vrijheid van het individu vertaald wordt naar, én dus beperkt wordt tot, een marktconforme keuzevrijheid (dit staat niet haaks op het idee van een natiestaat); (2) neoliberalen willen niet per definitie een kleinere overheid, maar wel een actieve overheid met een nieuw takenpakket (o.a. faciliteren van marktwerking, disciplineren van iedereen die zich aan die marktwerking tracht te onttrekken). (cf. Mirowski, 2013; Harman, 2008).

        Resultaat: het fascisme van de 21ste eeuw.

        * Harman, C. (2008). Theorising neoliberalism. International Socialism, (117), s.f. Retrieved from http://www.isj.org.uk/index.php4?id=399.. * Mirowski, P. (2013). Never let a serious crisis go to waste: How neoliberalism survived the financial meltdown. London, UK: Verso. * Schram, S. F., Soss, J., Houser, L., & Fording, R. C. (2010). The third level of US welfare reform: Governmentality under neoliberal paternalism. Citizenship Studies, 14(6), 739-754. doi: 10.1080/13621025.2010.522363 * Soss, J., Fording, R. C., & Schram, S. F. (2011). Disciplining the poor: Neoliberal paternalism and the persistent power of race. Chicago, US: The University of Chicago Press. * van Apeldoorn, B. (2011). De macht van het kapitaal. Socialisme & Democratie, 67(7-8), 165-175. * Wacquant, L. (2010). Straf de armen. Het nieuwe beleid van de sociale onzekerheid (2de geactualiseerde druk). Berchem, B: EPO.

    • door raf verbeke op woensdag 25 december 2013

      Beste Robrecht,

      Uw vergelijking tussen Berlusconi en BDW is terecht, maar vanuit een ander oogpunt:

      Beide figuren zijn maar het gevolg van de implosie van de politieke regimes in Europa als gevolg van de val van de muur.

      In Italië, onder druk van de Propere Handen actie van de rechters tegen de maffia implodeerden al zeer vroeg ALLE politieke partijen, zowel van links als van rechts. Berlusconi heeft zich daar op kunnen baseren met zijn geld, zijn media en zijn nieuwe politieke cultuur. Het oude centrum moest eerst verdwijnen voor het nieuwe Berlusconi-centrum

      In België is het zelfde proces anders verlopen: de " hegemonale" partijen die die staat gedurende 120 jaar bestuurd hebben zijn in een slepende regime crisis terechtgekomen na de val van de muur . Maar itt Italië heeft de politiek het pleit gewonnen over de andere geledingen van de staat en over de volksbewegingen met een grote graad van zelfhervormingscapaciteit van de traditionele partijen die zich vernieuwden in allerlei staatshervormingen ingekleed in een nieuwe politieke cultuur ( paarsgroen) of in een communautaristisch, regionalistisch of municipalistisch discours ( Vlaams kartel, Waals regionalisme, Brussels stedelijkheid)

      NVA is het netto politieke resultaat van dit alles waarbij de voornaamste vernieuwing in de Belgische politiek sinds de val van de muur, VB in 2003 nog 24% van de stemmen waard in Vlaanderen via een cordon sanitaire uit het centrum van de macht gehouden. NVA is niet het product van het eeuwig rechtse Vlaanderen dat geen linkse politiek mogelijk maakt , maar net als Belusconi het product van de implosie van het politiek regime in dit land waarbij links het separatisme van de publieke ruimte mee georganiseerd heeft ( zelfs deze tweetalige altermondialistische site werd een eentalige linkse site), mee de staatshervorming vorm gaf ( alle middenvelden splitsen gewoon mee) en politieke winst van ons eigen succesvolle cordon sanitaire cadeau gaven aan de NVA.

  • door Abrimont op zondag 22 december 2013

    Ik neem mijn hoed voor u af Thomas. uw intellectuele oprechtheid en intelligentie is opmerkelijk. het doet deugd eens iets te kunnen lezen dat werkelijk deftig en diepzinnig geargumenteerd is, het zijn zeldzame collector's items.

  • door froels op zondag 22 december 2013

    Thomas D argumenteert o.m. dat het programma van de NVA voor ons systeem van sociale zekerheid een afbouw is van de solidariteit. Kent iemand daar concreet info over? Wat stelt NVA op dat vlak voor?

  • door raf verbeke op woensdag 25 december 2013

    Opiniestuk uit 2008 gepubliceerd in De Morgen toen een gewoon burger nog mocht antwoorden op BDW:

    http://www.anderepolitiek.be/nieuwecap/modules/news/article.php?storyid=893

    NVA én PS, de Vlaamse "hegemonale" partij in spe en de Waalse hegemonale partij, steunen allebei de EU staatshervorming. In Waals Parlement en in Vlaams Parlement: geen enkele tegenstem tegen Soberheidsverdrag dat de EU-controle op onze begrotingen instelt.

    Hoe kan je vandaag praten over onafhankelijkheid van Vlaanderen zonder af te rekenen met de EU en Europese financiële instellingen? Als Vlaanderen onafhankelijke staat wordt in een democratisch Europa , waarom niet ?

    Zaak is dat de EU niet is opgericht om een democratisch Europa te maken, maar net dat Europa dat én door PS én door NVA wordt gestut.

    Een debat gaan voeren over " de hegemonale kapaciteit" van een partij die een democratische meerderheid heeft in een toekomstige staat is het maken van een intentieproces waarbij de uitslag van de toekomstige strijd al bij voorbaat vast ligt.

    De politieke strijd, de klassenstrijd kent zijn altijd verborgen en onverwachte kanten ( zoals de opkomst van de NVA naast de traditionele hegemonale partij in dit land de CD&V, bv die weinigen op het ogenblik dat dit opiniestuk werd gepubliceerd voorzagen).

    Waarom zou je dus een links Vlaanderen moeten uitsluiten als dat bijdraagt aan de soeverenteit van het volk tgr de stille staatsgreep op ons geld en onze rechten sinds de crisis ?

    En net daar maakt NVA zich compleet belachelijk met zijn confederalistische voorstellen door de onafhankelijkheid te weigeren en België als voornaamste resttaak te geven... de afbetaling van de 370 miljard staatsschuld op 20 jaar ! In plaats van de Franstaligen een voorstel te doen om te onderhandelen ove de splitsing van de staatsschuld.

    DeRoover moet je dus niet confronteren met intentieprocessen, maar gewoon met de deconfiture van het confederalisme zelf om met hem onze zeg te eisen over de echte staatshervorming die vandaag bezig is.

  • door jaak Peeters op zaterdag 28 december 2013

    Thomas Decreus interpreteert de aard van N-VA nogal vooringenomen. N-VA is rechts, neo-liberaal en daarmee uit. Ik citeer nu woordelijk uit het huis-aan-huisblaadje van die partij ( en geef niet een nogal onduidelijke 'vertaling' uit een voorts onbekende buitenlandse tekst): "De N-VA wil al wie werkt, spaart en onderneemt belonen voor hun inzet. Dat betekent: minder belastingen, een slankere overheid en schuldafbouw. Enkel de N-VA durft dat te zeggen. Maar alleen zo kunnen we uit het dal klimmen." Ter verduidelijking voor filosoof Decreus: als je een koek wil verdelen, moet je hem eerst bakken. Liefst met zoveel bakkers mogelijk, want dan is de koek groter. Bovendien is dat plezanter. Kan de heer Decreus mij eens vertellen wat dààr mis mee is?

    • door Le grand guignol op maandag 30 december 2013

      De N-VA wil zogezegd al wie werkt, spaart en onderneemt belonen. Zij durven dat zeggen. Wat ze er echter niet bijvertellen is de wijze waarop ze dat gaan doen en evenmin wijzen ze op de gevolgen.

      1. Gaan ze naar de ECB en bankiers bellen met de vraag om de rente op spaarboekjes te verhogen, of hoe gaan ze die spaarder anders belonen. Oh ja, het gaat natuurlijk over de roerende voorheffing op spaarboekjes, maar die moet slechts betaald worden vanaf € 1.830 interest. Het gaat met andere woorden over mensen die minstens € 183.000 op hun spaarboekje hebben staan. Dat is alvast niet de hardwerkende Vlaming. 2. Minder belastingen en een kleinere overheid betekent ook minder inkomsten voor de overheid en dus minder dienstverlening. Dat snoeien in het takenpakket van de overheid gaat gepaard met een inkrimping van het personeelsbestand. Bovendien wordt ongeveer 40% van de jobs in België op de een of andere wijze, geheel of gedeeltelijk, gefinancierd door de overheid; dus door belastinggeld en/of de Sociale Zekerheid. Minder overheidsmiddelen betekent dus ook minder werkgelegenheid. wat de N-VA doet is in de eerste plaats meer werkloosheid creëren en tegelijkertijd snoeien in de middelen om werklozen van een vervangingsinkomen te voorzien. Maar ja, N-VA wil enkel ondernemers, spaarders en werkenden belonen. De anderen hebben hun situatie vooral aan zichzelf te danken. 3. N-VA wil de vennootschapsbelasting en de patronale bijdragen verlagen. Resultaat: een dubbele aderlating voor de overheid wegens minder belastinginkomsten en minder sociale zekerheid. En vervolgens maar zagen en klagen dat de Sociale Zekerheid onbetaalbaar wordt.

      N-VA wil met zijn populistische slogan in de eerste plaats zichzelf (electoraal) belonen en in de tweede plaats het kapitaal. De zogenaamde 'hardwerkende Vlaming' behoort tot geen van beide.

    Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties