about
Toon menu

Agro-ecologie, droom of toekomstperspectief?

BioForum Vlaanderen, Bond Beter Leefmilieu, VELT, Vredeseilanden en Wervel stellen vast dat het huidige landbouwmodel op zijn grenzen botst. Ze doen een oproep aan onderzoeksinstellingen, beleid en grote marktspelers om een bocht in te zetten. "Willen we de komende generatie landbouwers klaarstomen voor een duurzamer model, dan zullen we vandaag tien keer meer moeten inzetten op innovatie."
woensdag 18 december 2013

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

BioForum Vlaanderen, Bond Beter Leefmilieu, VELT, Vredeseilanden en Wervel organiseerden op 17 december een congres om het potentieel van een agro-ecologische aanpak aan te tonen.

Volgens de organisaties is een omslag in onze landbouwsector een project van lange adem, dat stapsgewijs dient te gebeuren, bijvoorbeeld door pioniers extra te stimuleren en voldoende experimenteerruimte te geven.

Als groot obstakel kwam het gebrek aan onderzoeksgeld voor agro-ecologie uit de bus. Bedrijven zoals GGO-gigant Monsanto hebben veel onderzoeksgeld te verdelen (Monsanto heeft een onderzoeksbudget van 890 miljoen dollar), maar dat gaat niet naar onderzoek naar duurzame landbouwmethoden.

Meer onderzoek zou de productiviteit en opbrengst van agro-ecologische landbouw een enorme boost kunnen geven, stelde professor Pablo Tittonell van de Universiteit Wageningen.

Landbouwsysteem moet en kan anders

Tittonell: "Het is lastig om als wetenschapper agro-ecologie te bestuderen: bedrijven zijn niet geneigd om te investeren in onderzoek dat niet leidt tot een verkoopbaar product. En wetenschapsbladen zien systeemanalyse niet als echte wetenschap, terwijl we wel een redesign nodig hebben van het hele systeem."

Een agro-ecologische aanpak gaat uit van de draagkracht van de natuur en maakt dankbaar gebruik van de natuurlijke processen en krachten die een ecosysteem in stand houden. Vaak wordt de vraag gesteld of een agro-ecologische landbouw in staat is om de wereld te voeden.

Prof. Tittonell keert die vraagstelling juist om: is het gangbare landbouwmodel in staat om de groeiende wereldbevolking duurzaam te voeden? De rapporten van de FAO (de Voedsel- en Landbouworganisatie van de VN) zijn daar duidelijk over: het antwoord is negatief. 

Huidige landbouwmodel legt te grote druk op milieu en maatschappij

De huidige landbouw blijkt te afhankelijk van eindige grondstoffen en houdt geen rekening met de maatschappelijke kosten die zij in de marge veroorzaakt. De indicatoren voor waterkwaliteit, fijnstof en biodiversiteit blijven ondermaats en onze bodem geraakt stilaan uitgeput.

Een toekomstig landbouwmodel moet productiviteit en milieukwaliteit combineren en het wereldhongervraagstuk oplossen.

De Nederlandse biotarweteler Kees Steendijk, die met minimale impact op bodem en omgeving even hoge opbrengsten haalt als zijn gangbare collega’s, laat zien dat er alternatieven zijn. Gemakkelijk is het niet: als pionier stuit hij regelmatig op hindernissen. 

"Van 9 kilo zaad oogst ik 9.000 kilo tarwe. Dat kan niet, hoor ik steeds. Dat kan dus wel. Ik vertrek van het beste zaad, selecteer het nauwkeurig, ik plant uniform plantgoed uit en geef de planten veel ruimte. Zo oogst ik tot 10 stengels van een plant. Dat is efficiëntie", zegt Steendijk. 

"Het kan wél"

Prof. ir. Dirk Reheul (afdeling plantenproductie van UGent): "Boeren zagen aanvankelijk wel brood in het agro-intensief systeem, omdat het winstgevend leek. Agro-ecologie is vooralsnog iets van pioniers en wordt niet aangestuurd door overheid, wetenschap en bedrijfsleven. Er valt niets te patenteren en weinig te verkopen: dus blijft het een beweging vanuit de basis." 

Steendijk: "Er wordt veel geluisterd naar instituten en wetenschappers. Daar hangt de landbouw al decennia lang aan vast, terwijl er genoeg succesvolle alternatieven zijn. Van de zaadfirma’s moeten we het niet hebben, die willen het liefst zoveel mogelijk zaaigoed verkopen. Alternatieve methodes vereisen kennis en inzet, zonder dat lukt het niet."

Verandering moet vanuit de basis komen

De tranisitie naar een duurzame landbouw is een systeemverandering, die op weinig bijval kan rekenen vanuit de agro-industrie of het Europees landbouwbeleid. Deze transitie kan wel rekenen op steun van een groeiend aantal boeren en consumenten.

Dirk Holemans, coördinator van de sociaalecologische denktank Oikos: "We hebben het hier over een totale systeemshift, die gaat over wat de consument op het bord wil en hoe de boer wil produceren en alles daartussenin. De transitie zal alleen versnellen als die verandering van onderaf de politiek weet te bereiken."

"We moeten boeren in contact brengen met geëngageerde mensen in de stad, die geïnteresseerd zijn in gezonde voeding, maar die niet veel praktische kennis hebben van landbouw." 

Herwaardering van de landbouwsector

Volgens prof. ir. Marjolein Visser (ULB) zullen weer meer mensen in de landbouw moeten gaan werken, ook met het oog op de vergrijzing in de sector. Daarnaast moeten landbouwers geherwaardeerd worden en een stuk autonomie terugwinnen. Zaadleveranciers en andere toeleveraars hebben nu onevenredig veel invloed. 

Visser: "Veel bedrijven die ik via mijn werk bezoek, zijn via het gangbare systeem naar een niet-gangbaar systeem overgestapt. Ze willen weer autonoom worden, ze willen zelf prijzen kunnen bepalen en los komen van de toeleveranciers."

"Vaak is een crisis een aanleiding voor die stap, dat kan ziekte zijn, of financiële problemen. De meesten willen echter in de landbouw blijven, ze willen hun vak niet opgeven. Dat het deze mensen zonder veel steun zelf lukt om los te komen uit dat systeem, geeft aan dat de verandering uit de basis moet komen."