about
Toon menu

GAS glijden af naar strafwet bis

De Gemeentelijke Administratieve Sancties (GAS) zijn een middel voor een lokale overheid om kleine overlast te bestraffen. Dat het lokale karakter eerder een handicap is dan een troef, blijkt uit de vele samenwerkingsverbanden en de mening van Vlaamse GAS-ambtenaren.
maandag 25 november 2013

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Op 1 januari, op de 15de verjaardag, treedt de hervorming van de Gemeentelijke Administratieve Sancties (GAS) in voege. Sinds 1999 heeft elke burgemeester de mogelijkheid sancties in te voeren om kleine overlast aan te pakken. Twee hervormingen en talrijke KB’s later blijkt het kleinschalige karakter van de GAS toch niet zo efficiënt en munt het systeem uit in schaalvergroting.

Meer dan 80 procent van de lokale overheden in Vlaanderen maakt inmiddels gebruik van GAS. Terwijl de kaart steeds groener wordt – de kleur die de Vereniging voor Steden en Gemeenten (VVSG) gebruikt voor gemeenten met GAS – krijgt ook de kaart van samenwerkingen tussen lokale overheden steeds meer kleur.

En vanaf 2014 is het ook mogelijk om één politiereglement op te stellen dat geldt voor alle gemeenten van één of meerdere politiezones en zelfs van een gerechtelijk arrondissement (soms tot meer dan twintig gemeenten). Voor sommige lokale besturen is dat echter nog niet voldoende.

Uniformiteit

Veel gemeenten waren al afgestapt van een GAS-beleid ‘op het eigen eilandje’. Duidelijk voorbeeld is IGEAN, waarbij 25 gemeenten uit het Antwerpse arrondissement aangesloten zijn. Onder meer Schoten, Zwijndrecht, Brasschaat en Mortsel werken met een sanctionerend ambtenaar van het intergemeentelijke bedrijf. De burgemeester van Mortsel, Erik Broeckx (N-VA), is er bovendien ook voorzitter van de raad van bestuur.

Eén van de opdrachten is het “creëren van uniformiteit tussen verschillende gemeenten en politiezones”, aldus Broeckx. Een gelijkaardig systeem voor sancties over gemeentegrenzen heen, dus, iets dat al geruime tijd in voege is.

"Een persoon X die hondenpoep laat liggen in bijvoorbeeld Schoten",  zegt een ambtenaar uit de IGEAN-zone, "krijgt zo geen veel hogere boete dan persoon Y die hetzelfde in Brecht doet." Waarin die ‘gemeenschappelijke basis’ is vastgelegd – vanuit transparantie voor de burger – kan hij niet zeggen. "Dat doen ze, denk ik, intern bij het bedrijf."

Groot, groter, grootst

Ondanks die bestaande overkoepeling en de nieuwe mogelijkheden vanaf 2014 wil men nog verder gaan. Zo is een nationale databank voor de GAS-boetes één van de ideeën. Volgens sommigen is het gebrek aan zo’n register een ‘handicap’.

Een ambtenaar weet immers niet of een persoon in een andere gemeente al eenzelfde inbreuk gepleegd heeft. Bijgevolg kan hij een recidivist niet navenant straffen.

Een gemeenteambtenaar uit Schoten, dat samenwerkt met IGEAN, vermeldt een e-mail naar de VVSG met de vraag "Wat indien een overtreder een inbreuk pleegt in gemeente X en binnen de 24 maanden dezelfde in gemeente Y? Er is immers geen nationale databank."

De VVSG laat weten dat “er inderdaad geen nationale databank voorzien werd (nvdr: in de nieuwe wet), maar er wel duidelijke intenties zijn die in die richting gaan".

Wanneer we de VVSG zelf om een reactie vragen, wordt de informatie afgezwakt door stafmedewerker Tom De Schepper: "Het zit er misschien wel aan te komen. Maar wij hebben er geen weet van dat de vraag aan de orde is." Ondanks bovenvermelde e-mail.

Dat de vraag echter wél aan de orde is, blijkt uit een beperkte rondvraag bij gemeenten aangesloten bij IGEAN. "Ik vind zo’n databank logisch”, klinkt het in Schoten. "Ik zie er een meerwaarde in, als het haalbaar is", reageert milieuambtenaar Karel Boonen (Zwijndrecht).

"Ik vind dat de gegevens van de sancties nationaal raadpleegbaar moeten zijn", aldus Fried Happaerts, milieuambtenaar in Rumst. In Brasschaat klinkt het gematigder: "Ja, maar enkel voor wetenschappelijk onderzoek. Wat iemand elders doet, is mijn probleem niet", zegt Robin Vanderlinden, coördinator Integrale Veiligheid.

Ook niet onbelangrijk in deze context is het voorstel van Kamerleden Ben Weyts en Koenraad Degroote (beiden N-VA) uit 2012. Zij stelden toen een nationaal register voor voor het plaatsverbod in het kader van de GAS. Het idee werd niet opgenomen in de nieuwe wet, maar is daarom niet van tafel geveegd.

Het ‘lokale’ aan GAS is een spijtige zaak

Uit dat idee van een nationale databank, groeide ook het idee van recidive over gemeentegrenzen heen. De nieuwe GAS-wet formuleert in artikel 7 recidive in krom Nederlands nog lokaal: "De administratieve sanctie is proportioneel in functie van de zwaarte van de feiten die haar verantwoorden en in functie van de eventuele herhaling." Een wildplasser kan dus een zwaardere boete krijgen indien hij meerdere keren gevat wordt in eenzelfde gemeente.

Maar opnieuw blijkt dit niet voldoende voor sommige lokale besturen. Dat bleek al uit de reeds geciteerde e-mail van Schoten aan de VVSG. "Het lijkt me immers niet opportuun dat je enkel naar je eigen grondgebied kunt kijken", klinkt het wanneer we uitleg vragen bij de gemeente. Wanneer we de ambtenaar confronteren met het feit dat werken op je 'eigen grondgebied' net de essentie is van de GAS, wordt het stil.

Het denkspoor bestaat ook bij andere gemeenten. "Juridisch gezien is het nog niet mogelijk", laat milieuambtenaar Fried Happaerts (Rumst) weten. "Maar ik vind wel dat een persoon die in gemeente A dingen mispeuterd heeft, niet met een schone lei kan beginnen wanneer hij verhuist naar gemeente B."

Dat de sancties nu op zo’n kleine schaal gebruikt moeten worden, is volgens hem geen troef. "GAS zijn zeer lokaal en dat is het spijtige eraan."

Ook Zwijndrecht gelooft in het idee. "Als iemand sluikstort in de ene gemeente en wat later in de andere, dan moet hij zwaarder gestraft worden", aldus milieuambtenaar Karel Boonen. "Men legt altijd meer bevoegdheden bij de gemeenten. We zijn dat straatje ingegaan en we zullen er terug uit moeten." Terug naar een gewestelijk of nationaal niveau? “Ja. ‘t Is te zeggen … Ik weet het niet."

Ook van dit denkspoor is de VVSG blijkbaar niet op de hoogte. Zonder een officieel standpunt in te nemen, laat De Schepper wel weten dat het idee van recidive over gemeentegrenzen heen volgens hem “in de toekomst mogelijk wel aan de orde is”.

We deden telefonisch en schriftelijk navraag bij IGEAN of het ook het idee van een nationale databank en ‘ruimere’ recidive genegen is. We wachten echter nog altijd op antwoord.

Strafwet bis

Nog voor de nieuwe wet was goedgekeurd, zetten de intercommunale bedrijven een grote stap in de richting van een overkoepelend GAS-beleid. Dat trok de aandacht van de Privacycommissie, die er bedenkingen bij uitte in haar advies voor de recente hervorming.

Ze stelde zich vragen bij de intergemeentelijke databanken en het concept ‘recidive’, maar kreeg (nog) geen antwoord. Die stilte stemt tot nadenken, aangezien het uitbesteden van de GAS aan intercommunales een (niet wettelijke) gewoonte was nog vóór de nieuwe wet van kracht is en die de intercommunale sanctionerende ambtenaren nu legaliseerden vanaf 2014.

Ten slotte: mochten gemeenten op termijn over hun grenzen heen recidive mogen bestraffen, dan is rechtszekerheid en -gelijkheid ver zoek.

"Je zit bijna overal met een ander reglement", vertelt voormalig vrederechter Jan Nolf. "Inhoudelijk is dat soort recidive erg moeilijk." Een gemeenschappelijk register en reglement zouden nodig zijn. En dat laatste is vanaf 2014 dus mogelijk: één reglement voor verschillende gemeenten van één politiezone, verschillende zones of zelfs een gerechtelijk arrondissement. "En wat krijg je dan? Een strafwet bis. Iets wat altijd ontkend werd", aldus Nolf.

De Gemeentelijke Administratieve Sancties dreigen met andere woorden verstrikt te raken – of zijn dat al – in een vicieuze cirkel. Het federale systeem kon de kleine overlast niet aan, maar de lokale overheden krijgen de GAS niet op kleine schaal uitgewerkt, dus kijken ze weer naar een (nieuwe) gewestelijke of federale structuur.

© 2013 – C.H.I.P.S. StampMedia

reacties

3 reacties

  • door RH op maandag 25 november 2013

    Vóór GAS in 1999 kon de federale overheid de kleine overlast wel aan tenminste vóór 1995 toen er nog kantonnale rechtbanken bestonden en lokale openbare aanklagers - de politiecommissaris. Ze werden afgeschaft: Efficiëntie of beter geld. Zelfs na die dwaasheid wordt nu gedacht aan een reductie van de 27 gerechtelijke arrondissementen naar 12. Waarom wordt het aantal gemeenten = de lokale overheid ook niet gereduceerd tot 12?

    Het door de overheid gecreëerde tekort/ vacuüm leidde tot -, werd opgevuld door GAS. De scheiding der machten weg en de middeleeuwen terug, regionalisering van BE tot het lokale niveau. GAS verving een deel van justitie. Nu wordt het stilaan een 2e Wetboek van Strafrecht. Nog sterker, delen van het -1e- Wetboek van Strafrecht zullen in de toekomst uitgevoerd worden als GAS. Ten andere afkoopsommen worden nu al gebruikt voor van alles en nog wat. Zoals ongeveer alles wat de laatste 200 jaar opgebouwd is en goed bevonden, is ook Justitie uit de tijd.

  • door ingedv op dinsdag 26 november 2013

    Nu nog wachten tot het ogenblik waarop de gemeenten de GAS boete veranderen in een 'retributie' voor het opkuisen van de gemorste kruimels etc ... En dan het innen daarvan als 'concessie van een openbare dienst ' overhevelen naar ... privé firma's die er binnenkort stinkend rijk op worden ... naar analogie van de parkeer'bedrijven'

  • door huracan op dinsdag 26 november 2013

    Gas boetes zijn gegroeid vanuit de overtuiging dat de gemeentelijke overheid meer macht door dwang moet kunnen uitoefenen op zijn of haar onderdanen, de burgers. De burgers, dat is niet één categorie van mensen, maar verschillende categorieën en de ene groep is veel meer binnen het systeem geobserveerd en vervolgd dan andere groepen of personen. Willekeur troef. Wildgroei in " wat, welk gedrag wordt er bestraft" is schering en inslag. Men hoort en leest de meest onzinnige optredens van de gasambtenaren. Waarom Gasambtenaren en geen politiemensen? Wel politiemensen worden opgevoed en opgeleid om, met inzet en toepassing van democratische waarden en rechtsgelijkheid, op te treden bij de handhaving van de rechtsregel. Dergelijke opgeleide vakbekwame mensen kan men voor de toepassing van het GAS-systeem helemaal niet gebruiken. M.a.w. de sereen optredende kwalitatief hoogstaande politieman of-vrouw zal inwendig een felle weerstand ontmoeten om mee te doen aan dit politiek machtsvertoon. Vandaar: er zijn niet opgeleide gasambtenaren nodig wil het systeem kunnen werken. Al jaren, decennia lang wordt de rechterlijke macht in België behandeld als vuil; overbodig. Nu gebruikt de plaatselijke politiek de van daaruit gegroeide vacuüms in mogelijkheid tot democratische vervolging van bepaalde fenomenen, onderwerpen van Gas-boetes, als zweep om haar macht- en winstbejag te staven. Blijkbaar speelt het geen enkel rol of de democratie zulk gedrag kan verdragen.

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties