about
Toon menu
Opinie

Kindersterfte in Brussel anders bekeken

Moeten we aan de alarmbel trekken nu de cijfers van PERISTAT aantonen dat kindersterfte in Brussel onaanvaardbaar hoog is of verdienen de cijfers extra uitleg?
dinsdag 18 juni 2013

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Punctuele registratie of het niveau van een derdewereldstad?

Een tweetal weken geleden overspoelde een golf van verontwaardiging de krantenkoppen: schokkende uitspraken als 'Perinatale sterfte nergens zo hoog als in Brussel' tot 'Babysterfte in Brussel op derdewereldniveau'.

Een aantal journalisten deed de moeite om het Brussels Observatorium voor Gezondheid en Welzijn te contacteren en 'nuanceerden' de cijfers in hun artikel. Maar de goedbekkende titels bleven overeind.

Wie aandachtig de cijfers analyseert, beseft nochtans dat hier geen nuance, maar wel een rechtzetting nodig is. Een krantenkop als 'Brussel, beste leerling van de klas' zou hier beter passend zijn geweest.

Het Brussels Observatorium voor Gezondheid en Welzijn stelde daags na de artikels een persbericht op (www.observatbru.be). Wij zochten evenwel tevergeefs naar een publicatie van deze rechtzetting in de pers. Intussen is de foute berichtgeving wel blijven hangen en merken we dat zelfs goed ingelichte en doorgewinterde collega’s de krantenkoppen blijven citeren. Daarom vinden we het belangrijk om de feiten hierover nog eens op een rij te zetten.

Overlijdens kort na geboorte zijn vandaag historisch laag

Ten eerste is het aantal levend geboren baby’s die kort na de geboorte overlijden in Brussel volstrekt van dezelfde omvang als in Vlaanderen en Wallonië. Deze overlijdens zijn vandaag historisch laag en de neergezette cijfers behoren tot de beste in de wereld.

Elk overlijden blijft een drama voor de ouders, maar de inspanningen van onze zorgverstrekkers bereiken hier de grenzen van het menselijke kunnen en van de controle over leven en dood.

Toch blijven we inspanningen leveren om die controle nog op te voeren. De Europese organisatie PERISTAT ijvert in dit verband naar een betere registratie zowel van neonatale sterfte als van foetale sterfte of doodgeboorte. Zo vraagt deze organisatie om foetale sterfte reeds te melden na 22 weken zwangerschap.

Brussel is ondertussen een schoolvoorbeeld van hoe dergelijke statistische gegevens moeten worden verzameld en verwerkt. Registratie van foetale sterfte voor 28 weken gebeurt in veel landen niet of onvolledig. Hogere cijfers bij foetale sterfte vanaf 22 weken geeft dus eerder aan dat de registratie in Brussel vollediger verloopt dan dat ze uitzonderlijke proporties aanneemt.

Kraaminrichtingen met gespecialiseerde afdelingen

Ten tweede gaat men voorbij aan het feit dat de foetale sterfte die in Brussel wordt gerapporteerd in 2010 alle kindersterfte op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inhoudt en zich niet beperkt tot gegevens voor zij die gedomicilieerd zijn in Brussel (wat wel het geval is voor het rapport in 2004).

Een kwart van de geboortes in Brusselse ziekenhuizen zijn afkomstig uit een ander gewest. Nergens in ons land vinden we zoveel kraaminrichtingen met gespecialiseerde afdelingen voor neonatale intensieve zorg als in Brussel.

De kans op het behandelen van een zwangerschap met complicaties is zodus veel hoger. Hoewel deze gespecialiseerde zorg alles in het werk stelt om het leven van deze vroeggeboren te vrijwaren, is het risico op een sterfgeval veel hoger.

Wanneer enkel de in Brussel gedomicilieerde moeders in rekening worden gebracht, is de foetale sterfte vanaf 22 weken aanzienlijk lager dan in het rapport wordt vermeld. Foetale sterfte vanaf 28 weken vertoont zelfs een lichte daling over de tijd en verschilt daarbij nauwelijks van de andere Belgische regio’s.

Brussels gewest behoort tot best presterende regio's

Tenslotte is de rapportering van de foetale sterfte tussen 22 en 28 weken een bijzonder moeilijk gegeven. In een aantal gevallen gaat het hier om een laattijdige zwangerschapsonderbreking om ernstige medische redenen. In Brussel worden die eveneens geregistreerd.

Ook in Frankrijk is dit bijvoorbeeld het geval. In heel wat Europese landen wordt dit niet opgenomen in de sterftecijfers. In een land als Ierland is de ingreep zelfs onwettelijk.

Misschien moeten we omtrent kindersterfte toch vooral onthouden dat België globaal genomen tot bij de best presterende landen van Europa hoort en vergelijkbare cijfers kan voorleggen als Denemarken, Duitsland en Noorwegen wanneer we de gegevens van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) raadplegen.

Brussel wijkt hierbij niet veel af van de andere Belgische regio’s en verdient in dit verhaal de negatieve berichtgevingen niet.

Patrick Deboosere en Hannelore De Grande

Hannelore De Grande en Patrick Deboosere zijn medewerkers bij Interface Demography aan de Vrije Universiteit Brussel.