about
Toon menu

Medeplichtigheid VS bij genocide Guatemala

De recente veroordeling van voormalig president Rios Montt (1982-1983) van Guatemala voor genocide werd op dinsdag 21 mei door het grondwettelijkhof tenietgedaan, echter enkel om procedurele redenen. Het proces moet worden overgedaan. Wat ondertussen helemaal niet werd behandeld is de medeplichtigheid van de toenmalige Amerikaanse regering bij de genocide.
dinsdag 21 mei 2013

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

In de Europese media kreeg dit vonnis enige aandacht, echter zonder in te gaan op die Amerikaanse betrokkenheid. In de Amerikaanse media werd de zaak bijna volledig doodgezwegen, laat staan dat er enige aandacht was voor de rol van de eigen regering en president bij de toenmalige schendingen van de mensenrechten.

School of the Americas

Die betrokkenheid is niet zomaar een nevenaspect van deze rechtzaak. De Amerikaanse steun aan het toenmalige militaire regime in Guatemala was fundamenteel, zowel voor het instandhouden van het regime zelf als voor de logistieke en politieke steun voor de wandaden die door de Guatemalteekse militaire junta werden begaan.

Om te beginnen is er de beruchte Escuela de las Américas (School van de Amerika’s), een Amerikaans militair traningscentrum waar duizenden Latijns-Amerikaanse legerofficieren opgeleid werden.  Niet weinigen ontpopten zich daarna tot bloedige dictators van hun respectieve landen. Een van de belangrijke programma’s die daar werden ‘onderwezen’ was het aanleren van efficiënte 'ondervragingstechnieken'. Ook Guatemala stuurde verschillende legeroversten naar deze ‘school’. Een van de leerlingen die zijn les goed begrepen had was Efraín Ríos Montt.  

Amerikaans onderzoeksjournalist Robert Parry heeft een aantal overheidsdocumenten verzameld waarin de militaire planning staat onder de regering van generaal Ríos Montt tussen 1982 en 1983 (zie de weblinks onder dit artikel). Daarin staat dat de hele Maya Ixil bevolking, kinderen inbegrepen, militair doelwit werden.

Tactiek van de verschroeide aarde

Amerikaanse functionarissen schreven dat de linkse guerrilla-organisaties die vochten tegen de regering erin slaagden de verarmde Ixiles te indoctrineren en tot 100% steun van hen verkregen. Vandaar dat iedereen doelwit werd van de politiek van de 'verschroeide aarde' waarbij meer dan 600 inheemse dorpen vernietigd werden. Deze genocide was echter niet enkel het resultaat van een anticommunistische ideologie, door de politieke en de militaire elites van Guatemala samen uitgewerkt. Deze genocide werd wel degelijk logistiek en inhoudelijk gesteund door de regering van president Ronald Reagan.  

Robert Parry heeft het over documenten die hij onlangs in de archieven van de Reagan Bibliotheek in Simi Valley in Californië ontdekte. Daarin staat dat president Reagan en zijn adviseurs van nationale veiligheid in 1981 besloten om militaire hulp te verlenen aan het regime van Guatemala, dat de bedoeling had om niet alleen de 'marxistische guerrilla's' te vernietigen, maar ook alle mensen die geassocieerd werden met 'steunmechanismen van de burgerbevolking aan de guerrilla.'

Beperkende voorwaarden

Die Amerikaanse hulp nam concrete gestalte aan tijdens de lente van 1981. De voorganger van president Reagan, president Jimmy Carter (1977-1981) en het Congres (waar de Democraten toen jarenlang de meerderheid hadden) hadden beperkende voorwaarden voor die hulp opgelegd in verband met het respect voor de mensenrechten. President Reagan ondernam bij zijn aantreden omiddellijk pogingen om die restricties te versoepelen.

In het document staat: "Indien Lucas (op dat ogenblik president van Gutemala, Fernando Romeo Lucas García, nvdr) bereid is om garanties te geven dat er maatregelen getroffen worden om te stoppen met regeringsdeelname bij het ongediscrimineerd vermoorden van politieke opposanten en het klimaat creëert dat een haalbaar electoraal proces bevordert, zullen de Verenigde Staten zich klaarmaken om terstond enkele militaire verkopen goed te keuren."

Voor Robert Parry is het woord  'ongediscrimineerd' bedenkelijk, alsof de regering van president Reagan geen enkel probleem had met het doden van burgers wanneer dezen beschouwd werden als sympathisanten van de guerrillero's in hun strijd tegen de oligarchen en de legergeneraals die het land sinds 1954 regeerden (het jaar waarin de CIA de omverwerping van de regering van verkozen president Jacobo Arbenz organiseerde, omdat die milde sociale hervormingen invoerde ten bate van de landarbeiders maar ten koste van Amerikaanse multinationals zoals United Fruit, het latere Chiquita).

Herstellen van goede relaties

De toenmalige Amerikaanse staatssecretaris Alexander Haig stelde Vernon Walters als zijn persoonlijke afgezant aan om gesprekken te voeren met president Romeo Lucas García. Vernon Walters schreef daarover: "De staatssecretaris heeft mij naar hier gezonden om te zien of we een manier kunnen vinden om aan uw regering materiële hulp te verschaffen... We hebben negatieve publieke verklaringen vanwege Amerikaanse functionarissen over de situatie in Guatemala geminimaliseerd... We hebben een akkoord met het Departement van Handel tot de verkoop voor een waarde van drie miljoen dollars aan militaire vrachtwagens en jeeps voor het leger van Guatemala... We willen onze traditionele militaire toeleveringen en de relatie voor trainingen zo vlug mogelijk herstellen...”

Uit een 'geheim' telegram van april 1981 (openbaar gemaakt in de jaren '90) is het duidelijk dat de CIA de bloedbaden van de regering in Guatemala bevestigde, ook toen president Reagan druk bezig was het verbod op militaire hulp te milderen. Op 17 april 1981 beschreef de CIA een bloedbad door het leger in Cocob, dichtbij Nebaj. De CIA voegde er aan toe dat de 'autoriteiten in Guatemala toegaven dat vele burgers het leven verloren, velen die geen strijders waren.'

Uit een telegram van het staatsdepartement van 5 oktober 1981 blijkt dat president Romeo Lucas García tot Vernon Walters zei dat zijn regering zou doorgaan met de repressie én dat die repressie met succes functioneerde tegen de bedreiging van de guerrilla. De Inter-Amerikaanse Commissie voor de Mensenrechten publiceerde op 15 oktober 1981 een rapport waarbij ze de regering van Guatemala beschuldigde van 'duizenden illegale executies'.

Verzet of vlucht is schuldbekentenis

Het rapport van de CIA van februari 1982 beschrijft een omsingeling van de Ixilregio door het leger. Daarin beschrijft de CIA de militaire modus operandi: “Wanneer een legerpatrouille weerstand ondervindt in een stad of dorp veronderstelt ze dat de hele stad vijandig is en verwoest ze die. Wanneer het leger een dorp verlaten vond, werd verondersteld dat de bevolking het EGP  Ejército Guerrillero de los Pobres = guerrillaleger van de armen, nvdr) steunde en verwoestte het dorp. Er zijn honderden, wellicht duizenden vluchtelingen in de heuvels zonder huis om naar terug te keren.'  

Begin februari 1982 schreef Richard Childress, een van de adviseurs van de nationale veiligheidsraadvan de VS, in een geheim memorandum dat de regering in Guatemala,  gedurende minstens vijftien jaar voortdurende strijd met de guerrilla “volledig gecompromitteerd zijn door een genadeloze en onbuigzame repressie. Er is nauwelijks een soldaat te vinden die geen 'guerrillero' gedood heeft.”

Geweren en bonen

Toch ging president Reagan door met het leveren van militair materiaal.  In juli 1982 lanceerde opperbevelhebber van het leger generaal Efraín Ríos Montt - die ondertussen zijn voorganger had afgezet en zelf president was geworden - een nieuwe campagne van 'verschroeide aarde' die de naam 'geweren en bonen' meekreeg.

De gecontroleerde indianen kregen voedsel en al degenen die verdacht werden kogels.  Tienduizenden burgers werden door de doodseskaders tijdens zijn regeringsperiode vermoord. De recente veroordeling betreft slechts één van de vele slachtpartijen onder zijn korte bewind van nauwelijks zeventien maanden.

President Reagan volgde volledig de lijn van zijn ambassade in Guatemala die de alarmerende berichten vanuit allerlei mensenrechtenorganisaties over de bloedbaden afdeed als propagandacampagnes en desinformatie van communistische inspiratie.

Een aan de democratie toegewijd man

Na een bezoekt van Rios Montt aan Washington loofde president Reagan  hem als iemand 'volledig toegewijd aan de democratie.' Een geheim telegram (februari 1983) van de CIA had het ondertussen het over 'geweld vanuit verdacht rechts' waarbij studenten en professoren ontvoerd worden, wiens lijken achteraf in grachten en ravijnen  gedumpt worden.

Desondanks prees het jaarlijkse onderzoek over de mensenrechten van het Amerikaanse State Department, het ministerie van buitenlandse zaken, de ‘verbetering’ van de situatie in Guatemala.  Op 17 maart 1983 veroordeelde de Amerikaanse mensenrechtenorganisatie Americas Watch het leger van Guatemala voor de gruweldaden tegen de indiaanse bevolking. Toch loofde de speciale gezant van president Reagan, Richard B. Stone, in juni 1983 de 'positieve veranderingen' onder de regering van Ríos Montt.

Israël helpt VS uit de nood

Ondertussen drong deze bij de Amerikaanse regering aan om 10 UH-1H helikopters en zes patrouilleschepen te verkopen. Het Amerikaanse Congres bleef echter zeer sceptisch en weigerde daarvoor fndsen toe te kennen. Daar Guatemala zelf niet over de nodige financiën beschikte werden maatregelen getroffen door de regering van Reagan om dit via Israël te verwezenlijken. Ook Israël en zijn buitenlandse inlichtingendienst Mossad speelden immers een belangrijke rol in het intern gewapend conflict in Guatemala.

Na nog maar eens een staatsgreep zette dit generaal Oscar Mejía Víctores zijn collega Ríos Montt aan de dijk. Onder de nieuwe bewindsman werd de terreur en de straffeloosheid ook voor het Amerikaanse Congres te gortig. Toen in november 1983 drie Guatemalteken, die voor het Internationale Ontwikkelingsagentschap van de VS werkten, vermoord werden, stelde de Amerikaanse regering de verkoop voor wisselstukken voor helikopters ter waarde van 2 miljoen dollar uit. Een maand later zond president Reagan de wisselstukken toch.

In 1984 slaagde hij er in het Congres te overtuigen 300.000 dollars goed te keuren voor militaire training van het leger in Guatemala. Midden 1984 kwam de Amerikaanse politieke functionaris Alberto Piedra aan de beurt. Hij wist de militaire hulp nog op te drijven. In diezelfde tijd publiceerde Americas Watch: “Het ministerie van buitenlandse zaken van president Reagan blijkt meer bezorgd te zijn voor het imago van Guatemala dan voor het verbeteren van de mensenrechten.'

Waarheidscommissie 1999

Pas in 1999, een decennium na de regeringsperiode van president Reagan werden de verschrikkingen in Guatemala openbaar gemaakt door de Commissie voor Historische Opheldering, een internationale waarheidscommissie, die zich onder meer baseerde op documenten van de VS die president Bill Clinton liet declassificeren.

Dit rapport zegt onder andere dat 'de regering van de VS, bij middel van verschillende organismen waaronder de CIA, directe en indirecte steun gaf aan enkele van deze operaties van de staat.' Verder concludeert het rapport dat de regering van de VS geld en vorming verleende aan het leger van Guatemala dat 'daden van genocide' tegen de Mayas verrichte.

Het is nog te vroeg om te weten of de eerste veroordeling van Rios Montt voor genocide zal herbevestigd worden na een nieuw proces of niet. Wat deze militaire dictator ook heeft uitgespookt, vast staat in ieder geval dat hij deed wat hij deed met de zegen en de steun van de Amerikaanse regering. Bovendien zijn de nu beoordeelde feiten – de slachtpartij op 1200 Ixil-indianen – slechts één deel van een veel groter geheel. In dat grotere geheel speelt de VS een onmiskenbaar cruciale rol.

reacties

Eén reactie

  • door Hugo op woensdag 22 mei 2013

    Een sterk gedocumenteerd overzicht van de Amerikaanse betrokkenheid bij de genocide in Guatemala. Bedankt Guido

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties