about
Toon menu

Chili start bouw luchthaven ondanks verzet van Mapuche

In het zuiden van Chili is de bouw van een internationale luchthaven gestart, een van de belangrijkste infrastructuurprojecten van de regering-Piñera. De plaatselijke Mapuche-indianen verzetten zich.
donderdag 29 november 2012

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

De internationale luchthaven komt in de zuidelijke regio La Araucanía, in Quepe, op 20 kilometer afstand van de stad Temuco. Het project, dat al in 2005 was goedgekeurd, wordt een van de belangrijkste infrastructuurprojecten van de regering van Sebastián Piñera. De luchthaven krijgt een start- en landingsbaan van 2440 meter lang en een passagiersterminal met ongeveer 5000 vierkante meter oppervlakte.

Vooruitgang

Sommige Mapuche-gemeenschappen zijn voorstander van het project omdat het de regio sociaaleconomische en culturele vooruitgang brengt. Maar veel andere zijn tegen. Ze zien het als een aanslag op de biodiversiteit en het milieu en op hun voorouderlijk gebied.

De milieu-impactstudie voor het project "is gebaseerd op leugens", zegt landbouwtechnicus Iván Reyes, een van de inheemse leiders die zich fors tegen de luchthaven verzet. Hij zegt dat de metingen in de studie gemanipuleerd zijn.

Na de komst van de houtbedrijven en waterkrachtcentrales is de luchthaven "de druppel die de emmer doet overlopen", zegt Fidel Tranamil, religieus leider van de gemeenschap Rofue.

Toerisme groeit

Gouverneur Andrés Molina spreekt van een belangrijk project voor de regio. De huidige luchthaven Maquehue is "een van de slechtst gelegen luchthavens van het land, met een landingsbaan waarop het moeilijk landen is en waarvan de toegang bemoeilijkt wordt door de heuvels van Temuco, waar veel mist hangt."

"Het toerisme in de regio groeit met ongeveer 30 procent per jaar", zegt Molina. Er wordt jaarlijks voor honderden miljoenen geïnvesteerd in de regio.

Het verzet tegen dit soort grote projecten komt vooral van linkse leiders "die alleen in ideologie en niet in hun gemeenschap geïnteresseerd zijn", aldus Molina.

Kogels in de knie

Fidel Tranamil werd al meermaals aangehouden bij protestacties. Zijn moeder kreeg bij een manifestatie in 2005 zeven kogeltjes in de rechterknie.

In het huis waar hij met zijn moeder woont, is het nu rustig. Hij kweekt er varkens en kippen. Op een stukje grond teelt hij ook groenten. "Straks komen de internationale vluchten hier over. Dat is niet alleen een aanslag op ons spirituele leven maar ook op onze cultuur en harmonie."

Volgens Tranamil moet 200 tot 300 hectare inheems bos wijken voor de luchthaven. "Dat is onherstelbaar. Om zulke bomen te hebben moest men vierhonderd jaar wachten."

Conventie 169

Tranamil trok vorig jaar naar de VN-Mensenrechtenraad omdat Conventie 169 van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) niet zou zijn gerespecteerd. Dat verdrag verplicht landen om inheemse volken te raadplegen over projecten die hun ontwikkeling en habitat aanbelangen. Gouverneur Molina benadrukt dat de plaatselijke bevolking wel degelijk is geraadpleegd.