Een nieuwssite die

reclamevrij
onafhankelijk
kritisch
en gratis is?

Dat kan!

Maar enkel dankzij jouw steun

Steun ons nu!

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu
Boekrecensie

Tragische schuldgevoelens in 'Onvoltooide geschiedenis'

De Algerijnse (Franstalige) schrijver Boualem Sansal noemt zich een 'balling in eigen land', een buitenstaander die vooral elders geprezen wordt voor zijn moed en talent. Zijn taboedoorbrekende roman 'Onvoltooide geschiedenis' verbindt de gevolgen van moslimfundamentalisme met die van de Shoah.
donderdag 28 juni 2012

Ooit was Boualem Sansal (1949) een gerespecteerd ingenieur en econoom met een hoge functie op het Algerijnse ministerie van Industrie. Maar op zijn vijftigste besloot hij, na de moord op president Mohamed Boudiaf in 1992 en de opkomst van het islamitisch fundamentalisme, om schrijver te worden.

Internationaal werden boeken zoals 'Le Serment des barbares', 'Dis-moi le paradis' en 'Harraga' geprezen en bekroond, maar in eigen land viel zijn kritisch getint literair werk in slechte aarde.

Vooral het feit dat hij wees op wantoestanden, falende scholing, corruptie en machtsmisbruik werd hem niet in dank afgenomen. Meer nog, zijn vaststelling dat Algerije in een “barbarie sans nom” beland was, wekte woede op. Men viel over de verwijzing naar barbaarsheid en vergat dat Sansal vooral wou onderstrepen dat het land geen herinnering, geen geschiedenis meer had. “Niemand vertelt hoe het vroeger was en legt uit waar het mis ging”, stelt de schrijver.

“Sinds 2003 zijn mijn boeken verboden en ben ik door de minister van Cultuur tot persona non grata verklaard”, zegt Sansal, “ik heb haar toen geschreven om te vragen wat ze met die uitdrukking bedoelde. Moest ik het land verlaten? Ik heb natuurlijk nooit antwoord gekregen. In Algerije word ik als een hond behandeld. Wat kan ik eraan doen? Die mensen hebben alle macht, ze kunnen me zo vermoorden, ze hebben er al duizenden vermoord”.

De schrijver wil graag in vrede leven, maar weigert zijn land te ontvluchten: “Ik ben een legitiem burger van het land, maar op grond waarvan zijn zij president, of minister? De propagandamachine van de regering heeft van mij een vreselijk beeld geschapen. Voor de meeste Algerijnen ben ik de duivel, een verrader van de natie, een bandiet, een vriend van Israël”.

De pesterijen stoppen niet. Normaal had Sansal op 6 juni 2012 in Parijs de prestigieuze 'Prix du monde arabe' moeten ontvangen voor zijn nieuwste boek, de tragikomische autobiografisch getinte familiekroniek 'Rue Darwin'. Dat feest ging echter niet door.

Er was immers beroering ontstaan toen Sansal kort voordien ging spreken op een literair festival in Jeruzalem. De schrijver werd afgeschilderd als een verrader en de geldschieters van de prijs, de Arabische ambassades in Parijs, trokken hun steun in. De laureaat van de Duitse vredesprijs 2011 werd met lege handen wandelen gestuurd. Protest van de juryleden mocht niet helpen.

Nadat uitgeverij De Geus eerder al Sansals 'Harraga' uitbracht, is er nu 'Onvoltooide geschiedenis', het verhaal van twee broers met een Duitse vader en een Algerijnse moeder die wanneer hun ouders om het leven komen bij een aanval van islamitische fundamentalisten op hun dorp, ontdekken dat vader een bepaald duister, en met racisme verbonden, verleden had. Een verzwegen stuk familiegeschiedenis dat ook vraagtekens plaatst bij de eigen identiteit en verantwoordelijkheid.

Het verhaal is gebaseerd op ware feiten. “In het begin van de jaren tachtig reisde ik als jonge ingenieur door het land en zag ik ineens een huis van baksteen, dat zag je verder nergens”, aldus Sansal, “men zei me dat dat het huis van 'de Duitser' was, een chemisch ingenieur en oud-SSer, die in concentratiekampen had gewerkt en na de Tweede Wereldoorlog was gevlucht. Via Egypte en Marokko was hij in het Algerijnse leger terechtgekomen. Uiteindelijk trok hij zich terug in een dorpje op het Algerijnse platteland, trouwde de dochter van de stamoudste, nam de lokale leiding over en maakte van het dorp een klein Duitsland".

Deze mysterieuze Duitser riep vragen op bij Sansal. Wat zou er gebeuren wanneer zijn twee zonen Rachel en Malrich Schiller zouden ontdekken wie hun vader werkelijk was geweest en wat voor misdaden hij had gepleegd? Welke impact zou het hebben dat ze beiden geboren waren in Algerije en bij familie opgroeiden in een Parijse voorstad? Hoe zouden de verschillen tussen de broers – de ene is een brave, goed geïntegreerde immigrant, de ander een rebel die zijn woede richt op de autoriteiten – zich vertalen in hun reacties?

Wanneer Rachel, de oudste zoon, verneemt dat zijn ouders vermoord werden in hun dorp door islamitische terroristen keert hij terug naar Algerije om hun graf te bezoeken. Daarmee start zijn zoektocht naar het leven, het verleden, van zijn vader. Want het blijkt dat vader een hooggeplaatste nazi was tijden de Tweede Wereldoorlog, actief in de vernietigingskampen.

Deze ontdekking brengt Rachel uit evenwicht. Hij stelt alles in vraag en verzinkt in een hevig pessimisme. Door zijn obsessieve speurtocht (“Ik zocht mijn vader en niemand kon me daarbij helpen. Ik was een verdwaald kind”) verliest hij zijn job en valt ook zijn huwelijk in duigen. Uiteindelijk pleegt hij zelfmoord en belandt zijn dagboek bij zijn jongere broer Malrich, die prompt aan zijn eigen queeste begint.

Na het lezen van Rachels dagboek was Malrich “van binnen als bevroren. Ik wilde maar één ding: sterven. Ik schaamde me dat ik leefde”. Hij besefte dat “onze zaak het verleden van vader was, dat ik er op mijn beurt doorheen zou moeten, dezelfde weg zou moeten afleggen, me dezelfde vragen zou moeten stellen en dat ik daar waar het met mijn vader en Rachel verkeerd was gegaan, moest zien te overleven”.

Sansal switcht tussen de twee dagboeken om niet enkel langzaam het geheim van vader Schiller te ontrafelen, maar ook om aan te geven dat er verschillende manieren zijn waarop men kan omgaan met plicht, verantwoordelijkheid, waarheid en schuld.

'Onvoltooide geschiedenis' leest vlotjes, maar is vooral een prangend, meeslepend 'schuld en boete'-drama over kinderen die zich door hun ouders verraden en bedrogen voelen. Het vertelt een stuk geschiedenis, maar onderstreept ook de actualiteit van het gegeven. Schuldgevoelens en de schuldvraag zijn van alle tijden.

Voor Sansal was de Tweede Wereldoorlog “een racistische oorlog waarin misdaden tegen de menselijkheid werden gepleegd en een bepaald ras bijna werd uitgeroeid”. Terwijl “in Algerije aan het begin van de jaren negentig 200.000 mensen gedood werden door de islamisten, alleen omdat het geen islamisten waren. Hoe dat te vertellen, dat is de belangrijkste vraag. Zijn we verantwoordelijk voor wat onze ouders hebben gedaan? Zijn we schuldig door hun daden? Dat is de vraag waarmee de twee broers worden geconfronteerd”.

Sansal antwoordt dat we “de plicht hebben om het verleden te kennen en ons dat verleden te herinneren. Maar verantwoordelijk?"

Rachel gaat ten onder aan deze vraag: “Daar sta ik dan voor de vraag die zo oud is als de wereld: zijn wij verantwoordelijk voor de misdaden van onze vaders, de misdaden van onze broers en onze kinderen? Het drama is dat wij in rechte lijn van elkaar afstammen, je kunt er niet vanaf zonder haar te verbreken en te verdwijnen”.

Malrich wordt door het dagboek van zijn broer niet tot zelfmoord gedreven. Ook al worstelt hij met schuld, identiteit (“Arme Rachel, wie ben je, wie is onze vader”) en walging (“Ik zit in de val, ik walg van alles, ik walg van mezelf”). Hij gaat over tot de actie en brengt zijn vrienden uit de buitenwijken (die nog nooit van de Endlösung gehoord hebben) samen om te luisteren naar zijn verhaal. Omdat overlevering belangrijk is. Zeker m.b.t. de Holocaust die in de Algerijnse geschiedenisboeken dood wordt gezwegen. Het is een taboe dat Sansal graag doorbreekt.

De auteur shockeert zijn landgenoten door een parallel te trekken tussen het nazisme en het islamisme. En de gelijkenissen zijn er: xenofobie, geschiedvervalsing, staatspropaganda, éénpartijenstelsel, macht van de militairen en alomtegenwoordige staatspolitie. Voor Malrich redenen genoeg om te strijden tegen het gewelddadig fundamentalisme en radicaal islamisme dat oprukt in de woonwijken aan de rand van Parijs.

In Algerije is die strijd problematisch. Vanwege de controle op de informatie door de overheid. “Er is een beroemd geval van berichtgeving over de terroristische aanslag op een dorpje, in 1997”, aldus Sansal. “300 mensen de keel afgesneden', schreven de kranten. Pas 6 maanden geleden gaf de regering toe dat het er 1.230 waren. Een krant die informatie publiceert die niet van het ministerie van Defensie komt, is ten dode opgeschreven."

Als voorbeeld verwijst Sansal naar het lot van journalist en hoofdredacteur Mohamed Benchikou, die na het verschijnen van zijn kritische boek Bouteflika, l'imposture algérienne in de gevangenis verdween. Zijn krant werd opgedoekt. Sansal tracht vruchteloos het debat aan te zwengelen.

”Alle advertenties die door bedrijven worden aangeleverd, worden door één staatsinstituut gedistribueerd. Stel dat dagblad El Watan een stuk van mij zou publiceren, dan wordt die krant er meteen van beschuldigd een aanval te doen op de waarden van de natie en raakt zij haar advertenties kwijt. Drie dagen geen advertentie-inkomsten en de krant is failliet."

Sansals remedie? Een ding, blijven schrijven ook al is er veel tegenkanting. Blijven schrijven tegen het vergeten. Ook al lezen zijn landgenoten momenteel zijn werk niet. Want een schrijver neemt ook zijn verantwoordelijkheid. Dat is cruciaal.

Aan het einde van 'Onvoltooide geschiedenis' kant Rachel zich tegen het demoniseren van zijn schuldige vader: “Van zo'n mens zeggen dat hij geen mens is, betekent hem zijn verantwoordelijkheid ontnemen en hem op die manier zijn schuld kwijtschelden, zodat hij niets zou hoeven goedmaken, niet om vergiffenis zou hoeven vragen. Maar zelfs voor God in al zijn heerlijkheid, zelfs voor Satan in zijn volle kracht is niets gratis, ze moeten hun troon verdienen en zien te behouden, wij zijn het die hen tot koningen hebben gemaakt."

"En als ten slotte niets van wat een mens in staat is te doen het ooit weer kan goedmaken, kun je jezelf op zijn minst ertoe verplichten: betalen, zonder mankeren betalen. Je laat geen schulden achter. Dus zal ik zonder mankeren voor mijn vader en voor zijn slachtoffers betalen. Dat is niet meer dan gerechtigheid. Er zal niet gezegd kunnen worden dat de Schillers hun verplichtingen niet zijn nagekomen”. Of hoe schuld ondraaglijk kan worden.

Dit boek is verkrijgbaar in onze shop.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig.