Bij DeWereldMorgen.be schrijven we niet voor de clicks.

We maken media voor een betere wereld.

Samen met vele vrijwilligers en burgerjournalisten.

Om dit te blijven doen hebben we uw steun meer dan nodig!

Steun onafhankelijke media!

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu
Analyse

Toeareg-opstand in het noorden van Mali stort land in diepe crisis

Eind januari viel een gewapende alliantie van Toeareg-, Arabische en Songhai-strijders uit het noorden van Mali de steden Lere en Niafounké aan. Deze liggen nog ten westen van Tombouktou. Nooit eerder heeft deze noordelijke rebellenalliantie zo diep kunnen doordringen in de zuidelijke en westelijke regio's van Mali sinds de grote Toeareg-opstand van 1990. Mali is in crisis.
donderdag 16 februari 2012


De nieuwe noordelijke rebellenbeweging noemt zichzelf de Nationale Beweging voor de Bevrijding van Azawad (MNLA), en zette haar opstand tegen het centrale bestuur in Bamako in op 17 januari 2012 met een aanval op het stadje Ménaka in het uiterste oosten van het land. De MNLA rukte daarna snel op naar het noordelijke Tessalit en Aguelhok, waar ze op grote weerstand stuitte van het Malinese regeringsleger, alvorens in westelijke richting te trekken, in de richting van Niafounké aan de Niger. De Toeareg-aanvallen betekenen voor Mali de zwaarste crisis die het land meemaakt sinds twee decennia.

Mali in crisis

Zonder onafhankelijke journalisten op het terrein zijn harde feiten moeilijk vast te stellen en zijn statistieken over slachtoffers schaars en niet altijd betrouwbaar, maar duidelijk is alvast wel dat het aantal doden aan beide kanten in de honderden loopt. Duizenden Malinese burgers zijn gevlucht tot over de grenzen met Mauritanië en Algerije, waar ze in kampen terechtkomen met een tekort aan voedsel, water en medicijnen. De situatie stevent af op een humanitaire crisis.

De MNLA drijft intussen het slecht uitgeruste Malinese leger in nauwe schoentjes. Op 2 februari trok een groep vrouwen en gezinsleden van soldaten uit de garnizoensstad Kati, in de buurt van Bamako, naar het presidentieel paleis. Ze eisten voldoende uitrusting, wapens en voedsel voor het leger.

Geruchten vanaf het front hebben het over een schrijnend gebrek aan voedsel voor de soldaten en over nieuwe rekruten die totaal aan hun lot worden overgelaten, wachtend op versterking in de woestijn. Die protesten ontwikkelden zich al snel tot anti-Toeareg-rellen in de straten van de hoofdstad Bamako, waarbij de overwegend jonge betogers tegenover een slecht uitgeruste en zich erg terughoudend opstellende politiemacht stonden.

Ook op donderdag 2 februari kwam de regeringsmededeling dat de al lang op post zijnde Malinese minister van Defensie Natié Pléa op een zijspoor werd gerangeerd door zijn overplaatsing naar het ministerie voor Binnenlandse Veiligheid. Zijn post zou worden ingenomen door generaal Sadio Gassama, voormalig minister van Binnenlandse Veiligheid. Met deze regeringswissel zet president Adama Toumani Touré (ATT) in op de sterke figuur van Gassama, die ook het noorden goed kent, om de opstanden het hoofd te bieden.

De president had zich al een tijdje niet meer in het openbaar vertoond nadat hij op 1 februari in een televisietoespraak openlijk de gewelddadige aanvallen tegen Toearegs en burgers van Arabische afkomst in Bamako en andere zuidelijke steden had veroordeeld. Intussen doen ook geruchten de ronde dat de president dit gewelddadig conflict zou gebruiken als excuus om de presidentsverkiezingen die voor april zijn gepland, op te schorten en zo ongrondwettelijk zijn mandaat te verlengen.

Groeiende dreiging

In oktober en november 2011 staken de eerste geruchten de kop op over Toeareg-strijders die bij hun terugkeer uit de burgeroorlog in Libië massaal zouden verzamelen in afgelegen legerbasissen nabij de stad Kidal, in het uiterste noordoosten van Mali. De overlopers uit Khaddafi's leger brachten ook een groot aantal wapens - waaronder zware luchtdoel- en gronddoelraketten - uit de geplunderde Libische wapenarsenalen met zich mee.

In Mali bundelden ze de krachten met ex-rebellen die vochten aan de zijde van de voormalige Toeareg-vrijheidsstrijder, smokkelaar en publieke vijand nummer één van Mali, Ibrahim Ag Bahanga. Ze werken samen met nog andere Toeareg-officieren en soldaten, die deserteerden uit het Malinese regeringsleger en die eveneens wapens en voertuigen met zich meebrachten.

Zo vormde zich een strijdmacht die niet alleen meer ervaren, maar ook veel beter uitgerust was dan welke andere rebellengroep dan ook in de lange geschiedenis van de Toeareg-opstanden. Deze strijdmacht fuseerde vervolgens met de Nationale Beweging voor Azawad (MNA), een politieke groepering die werd opgericht in november 2010 door een groep jonge, radicale Toearegs.

Deze groep bestond vooral uit studenten en afgestudeerden die goed vertrouwd waren met moderne communicatiemiddelen en sociale netwerken. Uit deze fusie ontstond de MNLA, de Nationale Beweging voor de Bevrijding van Azawad. Het is de eerste keer dat een rebellengroepering van Toearegs in Mali zowel op als naast het slagveld over krachten beschikt die de doelstellingen van een autonoom Toeareg-gebied (Azawad) nastreven.

Mythische banden

De Malinese overheid leverde al grote inspanningen om de MNLA in een slecht daglicht te stellen door haar te linken met het terreurnetwerk Al-Qaeda in de Islamitische Maghreb (AQIM), die de laatste vijf jaar in het noordoosten van Mali haar thuishaven heeft gevonden. In de uitgestrekte noordoostelijke woestijn houdt AQIM momenteel negen buitenlanders gegijzeld.

Maar de veronderstelde banden tussen MNLA en AQIM zijn fictief en grotendeels gebaseerd op de komst van de nieuwe, religieus geïnspireerde Toeareg-rebellenbeweging Ansar Eddine. Deze werd in november 2011 opgericht door Iyad Ag Ghali, de tot voor kort onbetwiste leider van de Toeareg-rebellenbeweging.

Ag Ghali's project voor een islamitische staat in de woestijn werd door de huidige leiding van de MNLA evenwel verworpen; Ag Ghali staat dus voor het eerst sinds de late jaren zeventig aan de zijlijn. MNLA wil ook AQIM uit het noorden van Mali verdrijven, hoewel het verslaan van het Malinese leger en het beveiligen van de grenzen van de onafhankelijke staat Azawad nu bovenaan de agenda staan.

Andy Morgan

Andy Morgan is schrijver, journalist en onderzoeker die voor onder meer The Independent schrijft over politiek, maatschappij en cultuur. Momenteel werkt hij aan een boek over de Toeareg-poëten en gitaristen van de groep Tinariwen en de Sahara. Morgan bracht een groot deel van zijn tijd door in het noorden van Mali en de omliggende gebieden als manager van de groep Tinariwen en organisator van het Festival au Désert.

(vertaling uit het Engels door Judith Lindekens)

De oorspronkelijke versie van dit stuk verscheen op 6 februari 2012 op de website van Think Africa Press onder de titel 'The Tuareg Uprising in Northern Mali. The most experienced, equipped and organised Tuareg rebellion since 1990 has thrown Mali into crisis'.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

reacties

Eén reactie

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties