Met uit Libië meegebrachte wapens veroverde (of 'bevrijdde', al naargelang de bronnen) MNLA in sneltempo zes Malinese steden. De informatie over het conflict in het noorden van Mali is schaars en steeds erg gekleurd.
Er wordt heen en weer geschoten en gescholden. Het Malinese leger ('de dictators') nemen het op tegen een bevrijdingsfront ('de terroristen') dat al dan niet verweven zou zijn met de Mahgrebijnse tak van Al Qaeda (AQMI).
Het conflict heeft zich ondertussen uitgebreid naar de hoofdstad Bamako, waar de lokale Toearegs opgejaagd worden als wild. Er circuleren oproepen om hun huizen af te branden en de eerste slachtoffers zijn al gevallen.
Mali is momenteel in de ban van CAN, het Afrikaanse Voetbalkampioenschap in Gabon en Equatoriaal-Guinea, en de komende presidentverkiezingen. Van regeringszijde blijft het opvallend stil. Enkel het leger en MNLA communiceren, en die informatie is nauwelijks betrouwbaar.
Wat blijft zijn vertwijfelde vragen om hulp van mensen wier huid - ironisch - net te licht is om zich veilig te kunnen voelen.
Daarom deze oproep aan het Internationaal Comité van het Rode Kruis, de Internationale Federatie van het Rode Kruis en de Rode Halve Maan, het Hoog Commissariaat voor de Vluchtelingen van de Verenigde Naties (UNHCR), alle humanitaire organisaties en NGO's, mannen en vrouwen, humanisten ...
ARVRA (Association des Refugiés et Victimes de la Répression de l’AZAWAD) dringt aan op spoedige hulp, om een nieuw drama in de regio te voorkomen. De vluchtelingen zijn veelal zonder enige bagage vertrokken en belanden in streken die door het gebrek aan regenval absoluut niet in staat zijn om aan hun primaire behoeften te voldoen.
Er zijn al meer dan 3.000 mensen, vooral vrouwen, kinderen en ouderen aangekomen in de snel opgezette kampen in Mauritanië. Ze zijn geregistreerd in plaatsen als Fassala Nere, Hassi Touil en Aghor Tinwaguitein. Deze mensen zijn overhaast gevlucht en hebben niks bij zich.
De nieuwe vluchtelingen voegen zich bij de al 4.500 vluchtelingen die in kampen zijn achtergebleven na de Toeareg-opstanden in het begin van de jaren negentig. Ook in Bassiknou en Nema komen dagelijks vluchtelingen aan, zij worden veelal door gastgezinnen opgevangen. Hetzelfde doet zich voor in de Mauritaanse hoofdstad Nouakchott.
Een 250-tal gezinnen uit het oosten van Azawad, zochten hun heil in Borj, Tinzawatene en Tamanrasset in het zuiden van Algerije. In de grensdorpen van Burkina Faso en Niger arriveerden enkele honderden mensen uit de streek van Ménaka.
Mamatal Ag Dahmane
Mamatal Ag Dahmane is woordvoerder van ARVRA (Association des Refugiés et Victimes de la Répression de l’AZAWAD) in Europa.







