Advertentie

vrijdag 20 januari 2012

Chinese land- en voedselroof in Afrika?

Regelmatig krijgen we te horen dat China in Afrika grote stukken grond koopt of huurt om voedsel voor China te produceren. Dit gebeurt ten koste van de lokale boeren in Afrika. Daarbij wordt vaak het geval Mozambique naar voren geschoven. Prof. Deborah Brautigam vond het tijd om dit even uit te klaren.
DeWereldMorgen.be -
De vallei van de Zambezi behoort tot de meest vruchtbare landbouwgronden van Afrika (foto: WFP, Peter Casier)
DeWereldMorgen.be -

Op de blog van specialist ter zake, professor Deborah Brautigam, dit jaar visiting fellow bij het International Food Policy Research Institute (IFPRI) vonden we deze verhelderende tekst. ChinaSquare maakte een vertaling.

De Zambezi-vallei: China’s eerste landbouwkolonie? Verzinsel of feit?

Meer dan vier jaar geleden publiceerde Loro Horta, toen doctorandus aan de S. Rajaratnam School of International Studies (RSIS) in Singapore, een reeks verhalen waaronder 'De Zambezi-vallei: China’s eerste landbouwkolonie?' (1) op de website van het Center for Strategic International Studies (CSIS).

Dit artikel werd nadien herhaald onder de titel 'Voedselzekerheid in Afrika: China’s nieuwe rijstkom' (2) op de website van Jamestown Foundation China Brief. In deze publicaties deed hij sterke uitspraken over de Chinese belangen in de landbouw van Mozambique: "China wilde op landbouwgronden in Mozambique rijst laten kweken door Chinese boeren hoofdzakelijk bestemd voor de Chinese consumptiemarkt, en was bereid daarvoor 800 miljoen dollar te investeren."

Ik heb die tekst gelezen, zoals zovele anderen. Hij wordt regelmatig geciteerd als een typisch voorbeeld van de Chinese interesse in 'landroof'. Het artikel verscheen ook in een maandelijkse publicatie van april 2009 van het International Food Policy Research Institute (3) en werd geciteerd in een gezaghebbende studie over landroof in Afrika door een gezamenlijk FAO-IFAD-IIED-team (4) en in een nieuwe studie door twee onderzoekers van Standard Bank (5). Het is een belangrijke bijdrage tot de overtuiging dat China in Afrika voedsel wil kweken om het naar China te sturen.

Maar er is een probleem: er is maar heel weinig van wat er in deze sensationele commentaar (6) staat dat ook daadwerkelijk overeenstemt met de werkelijkheid.

Daar het verhaal mij intrigeerde, heb ik Mozambique opgenomen in het veldwerk voor mijn boek 'The Dragon’s Gift'. Ik reisde naar Mozambique in de zomer van 2009. Zo te zien deed Horta geen veldwerk voor zijn onderzoek en hij vermeldt er ook geen in zijn referenties.

Geen enkele van de Mozambikaanse experts waarmee ik sprak, was door hem gecontacteerd. Horta gaf geen referenties van interviews in Mozambique noch van enige andere nieuwsberichten of bronnen die zijn beweringen kunnen onderbouwen. Ik heb hem later geschreven en gevraagd of hij mij feitelijke bewijzen voor zijn beweringen kon bezorgen. Hij antwoordde dat hij zijn bronmateriaal en nota’s niet kon vinden.

Na mijn terugkeer uit Mozambique, schreef ik al over het gebrek aan staving voor de beweringen van Horta in een artikel van 2009 voor China Quarterly en in The Dragon’s Gift.

Sigrid Ekman, een Noorse onderzoekster, ging nadien naar Mozambique om er onderzoek te doen voor haar masterthesis 'Leasing Land Overseas' (7). Ze kwam tot hetzelfde besluit: een groot deel van het verhaal was uitgevonden, of beleefder gezegd, samengepuzzeld uit geruchten, (ver)gissingen, en een klein beetje belangen.

Edoch, mythes op het internet kunnen een eigen leven leiden (8). Op 12 januari 2012 kreeg ik peer review-commentaren op een kort artikel over het landbouwengagement van China in Afrika dat ik schreef voor IFPRI. Eén van de lectoren drong aan dat "ik rekening zou houden met het onderzoek van Horta". Jammer genoeg krijg ik van IFPRI daarvoor niet genoeg plaats.

Minstens dertien weerlegbare feiten in de paper

Het is vervelend een paper van een student in het publiek af te breken. Gewoonlijk krijgen we de kans een peer review te maken in een meer professionele en discrete manier, vooraleer een tekst gepubliceerd wordt. Maar CSIS liet destijds geen peer review uitvoeren van het artikel van Horta. Niettemin had ik deze blog eigenlijk allang moeten posten.

1. Ten eerste bespreekt Horta 'China’s groeiende vraag naar voedsel uit Afrika', waarbij hij als bewijs de algemene toename van het verbruik van zeevruchten, rijst, sojabonen, suiker, granen en andere gewassen in China aangeeft. Maar, tussen 2000 en 2009, heeft geen enkel Afrikaans land rijst, sojabonen, suiker of granen naar China uitgevoerd. Er is enkel sprake van enige uitvoer van zeevruchten en sesamzaad. Dit is alvast niet echt een stevig bewijs van China’s vraag naar voedsel uit Afrika.

2. “In zijn zoektocht naar nieuwe landbouwgronden heeft Peking de voorbije twee jaar op een agressieve manier een aantal grote leasingcontracten voor landbouwgrond in Mozambique afgedwongen, in het bijzonder in de meest vruchtbare zones, zoals de Zambezi-vallei in het noorden en de Limpopo-vallei in het zuiden van het land.” (9)

Gebeurde dit echt? De studie van Sigrid Ekman, die in een recent politiek bulletin in Mozambique samengevat werd door Joseph Hanlon, noteert dat het intussen afgeschafte Mozambikaanse 'Bureau voor de Zambezi-vallei' (Gabinete de Promoção do Vale de Zambêze, GPZ) heel erg zijn best deed om Chinese investeringen aan te trekken, maar daarin mislukte.

Het waren dus niet de Chinezen die 'agressief' grote leasingcontracten nastreefden, maar wel het nationale promotiekantoor van de Zambezi-vallei dat agressief Chinese investeringen zocht.

3. “De Chinese interesse in de Zambezi-vallei startte midden 2006, wanneer de Export-Import Bank of China (China Exim Bank)  een zachte lening van twee miljard dollar aan de Mozambikaanse regering (11) gaf om de megadam Mpanda Nkuwa te bouwen op een sectie van de Zambezi in de provincie Tete.” (12)

In feite heeft geen enkele Chinese bank ooit een lening geveven voor Mpanda Nkuwa. Er waren wel gesprekken over een Chinese financiering (China Exim Bank) voor de  Mpanda Nkuwa-dam, maar dit project ging niet door.

4. “Sindsdien is China begonnen met grote stukken land in leasing te vragen om er grote Chinese landbouw- en veeteeltbedrijven op te richten. Er werd ook gemeld dat in juni 2007 een intentieverklaring ondertekend werd om aanvankelijk 3.000 Chinese kolonisten naar de provincie Tete en de kustprovincie Zambezia te verhuizen om er boerderijen op te zetten in de vallei van de Zambezi."

"Volgens een Mozambikaans ambtenaar zou het aantal Chinezen uiteindelijk kunnen oplopen tot 10.000 personen. Maar het bekend maken van de deal lokte zo een verontwaardiging uit dat de regering van Mozambique verplicht werd het hele verhaal als een verzinsel af te doen.”

Misschien was het wel echt een verzinsel. In een verhaal uit 2007 stelt Horta dat het om 20.000 Chinezen gaat. Ik heb geprobeerd om daar meer over te weten te komen in Mozambique. Maar niemand die ik ter plaatse ondervroeg, herinnerde zich iets over een dergelijke grote verontwaardiging. In de pers kon ik evenmin iets vinden over de veronderstelde intentieverklaring of over de verontwaardiging.

Ik huurde een universiteitsstudent in om de kranten van vier jaar te doorzoeken op sporen van Chinese engagementen in de landbouw. Niemand van de dozijnen mensen waarmee ik sprak, burgers, leden van denktanks, donoren, academici, kon zich iets herinneren. Ik begon het hele verhaal erg dubieus te vinden.

Indien Chinese investeerders echt leasingovereenkomsten voor grote lappen grond wilden, dan hadden ze er ongetwijfeld enkele kunnen ondertekenen. Inderdaad, volgens een studie van het Oakland Institute, “gaf Mozambique concessies aan investeerders voor meer dan 2,5 miljoen hectare grond tussen 2004 en einde 2009″ , maar dit gebeurde bijna volledig ten gunste van Europese en Zuid-Afrikaanse investeerders, op hun lijstje kwamen geen Chinese investeerders voor.

5. “Eén ding lijkt vast te staan: China is vast van plan om Mozambique om te vormen tot één van zijn belangrijkste voedselleveranciers, in het bijzonder van rijst, het hoofdvoedsel in China. De analyse van de Chinese activiteiten in de vallei de jongste twee jaar levert sterke aanwijzingen op over China’s intenties.”

Volgend op deze stelling heeft Horta een aantal echte feiten verzameld, zoals het Chinese hulpprogramma, de interesse in de bouw van stuwdammen, de aanleg van wegeninfrastructuur en in de modernisering van havens. Hieruit vermoedt Horta dat "deze belangstelling duidelijk bedoeld is om de productie van voedsel te maximaliseren en de uitvoer ervan naar China te vergemakkelijken.”

Dat is wel erg kort door de bocht. De Chinezen zijn geïnteresseerd in de bouw van infrastructuur in heel Afrika, maar ik denk niet dat men daaruit kan besluiten dat dit het bestaan bewijst van een masterplan om de Chinezen te voeden!

6. Daarna doet Horta wat mij betreft zijn meest kolossale bewering: “Begin 2008 heeft de Chinese regering beloofd 800 miljoen dollar te investeren in de Mozambikaanse landbouw…”.

Ik heb daarvan geen enkele aanwijzing gevonden op geen enkele plaats in Mozambique of erbuiten. De mensen stonden verstomd wanneer ik er naar vroeg. Niemand wist er iets van, zelfs geen algemeen gerucht. Het gebeurt dikwijls dat ik de bron van een grote fout kan ontdekken, maar hier ben ik er niet in geslaagd (11). Het spoor begint gewoon bij Horta.

7. “…met de bedoeling de rijstproductie op te drijven van 100.000 ton tot 500.000 ton per jaar binnen een termijn van vijf jaar.”

De doelstelling om de rijstproductie op te drijven, is een doel van Mozambique, niet van China. De hoeveelheid die hier vermeld wordt, komt overeen met het tekort tussen lokale productie en lokale behoeften, dat tot nu toe door invoer gedekt werd. Dat maakt de volgende bewering van Horta des te verbazingwekkender.

8. “De verhoogde rijstproductie van Mozambique is duidelijk bedoeld voor export naar de Chinese markt, aangezien rijst slechts voor een klein deel van het Mozambikaans dieet instaat.”

Deze stelling bewijst dat Horta de Mozambikaanse consumptie- en invoerstatistieken voor rijst niet bekeken heeft. (12)

9. “Met deze doelstelling als leiddraad financiert China de oprichting van het Advanced Crop Research Institute en verschillende andere kleine landbouwscholen verspreid over het land.”

Horta 'bewijst' hier de Chinese plannen om Mozambique als zijn rijstbasis uit te bouwen met een echt bestaand project: het Umbeluzi/Boane agro-technologisch onderzoeks- en demonstratiecentrum, één van de 20 dergelijke centra, die China over heel Afrika bouwt als onderdeel van zijn hulpprogramma.

10. “Meer dan 100 Chinese landbouwspecialisten bevinden zich momenteel in Mozambique, onder wie teams van het Hunan Hybrid Rice Institute, China’s top instituut op dit gebied.”

Ik vond geen aanwijzingen dat China ooit 100 landbouwspecialisten naar Mozambique stuurde. Vermoedelijk verwart Horta hier met het Chinese engagement om 100 landbouwspecialisten naar Afrika te sturen. Het klopt wel dat het Hunan Hybrid Rice Institute een team naar Mozambique zond (13).

Later besliste dit instituut mee te doen aan de aanbesteding om het door China betaalde agro-technologisch demonstratiecentrum in Liberia te leiden, niet dat in Mozambique (14). Vermoedelijk was hun bezoek in verband met de beslissing voor welk project ze zouden gaan.

11. “Andere belangrijke projecten omvatten de bouw van talrijke irrigatiewerken en -kanalen in de Zambezi-vallei.”

Ik ben niet zeker waarover Horta het hier heeft, maar misschien gaat het over het bescheiden project in de zuidelijke provincie Gaza dat door de Chinese provincie Hubei gerund wordt (15). Uit Hubei komt ook de firma die verantwoordelijk is voor het met Chinese hulp gebouwde agro-technologisch demonstratiecentrum (zie verder).

De provincie Hubei is verzusterd met de provincie Gaza en heeft zich in dat kader geëngageerd om op 300 hectare de mogelijkheden van geïrrigeerde rijstbouw in Mozambique te demonstreren. In de jaren 2009/2010 hadden ze al 35 à 40 hectare bebouwd en in 2010 hebben ze land bijgevraagd. (16).

12. “Het opheffen van invoerrechten door de Chinese regering voor 400 Mozambikaanse producten, waaronder rijst, zal de uitvoer van voedsel naar China meer vergemakkelijken.”

China heeft de invoerrechten op 400 producten niet voor Mozambique alleen opgeheven, maar voor álle Afrikaanse landen met een laag inkomen. Rijst staat zelfs niet op die lijst (17).

13. “Het idee om duizenden Chinese kolonisten in de vallei te vestigen, heeft ter plaatse grote verontwaardiging veroorzaakt, en velen vrezen voor een herhaling van de dias negros (de zwarte dagen van onderdrukking door de Portugezen).”

Hier opnieuw konden mijn onderzoeksassistent noch ikzelf één enkel Mozambikaans nieuwsbericht vinden dat deze 'grote verontwaardiging' meldde. Evenmin konden mensen die ik tijdens mijn bezoek interviewde zich hiervan iets herinneren.

“De uitvoering van belangrijke projecten zoals de bouw van een stuwdam, en de financiering voor de Catembe-brug (een belangrijk project dat de hoofdstad Maputo over de baai zal verbinden met het Catembe-district aan de overkant), worden nu door de Chinezen gebonden aan toegevingen betreffende de leasing van landbouwgrond."

"In plaats van duizenden Chinese kolonisten lijkt het nu meer waarschijnlijk dat er slechts enkele honderden of misschien duizend zullen verhuizen naar de Zambezi-vallei in de komende jaren. De Chinezen zullen de grote boerderijen leiden, de gesofistikeerde landbouwwerktuigen besturen en onderhouden, en de kanalen onderhouden, terwijl Mozambikaanse werklui de meeste handenarbeid zullen verrichten.”

Dit lijkt een zuivere gissing te zijn. Er wordt geen staving geleverd of referenties naar interviews of nieuwsberichten die deze bewering zouden ondersteunen. 

Besluit

Mijn bedoeling met dit artikel is niet te beweren dat de Chinezen geen belangstelling hebben of hadden voor investeringen in de landbouw van Mozambique. Die is er zeker geweest. In maart 2006 maakte een Chinese delegatie een rondreis in de landbouwzones van Mozambique, alhoewel het niet duidelijk is of het ging om investeringsplaatsen te vinden, dan wel om de beste locatie te vinden voor het beloofde agro-technologisch demonstratiecentrum (18). Misschien wel om beide.

De auteurs van het FAO/IIED/IFAD-rapport van 2009 (4) hebben COFCO, het Chinese staatsbedrijf voor de handel in granen en oliehoudende zaden, geïnterviewd. Die vertelden dat “ze betrokken waren in discussies over een grote landconcessie om rijst en sojabonen te kweken in Mozambique, maar dat deze deal vandaag nog nergens stond.”

De Chinese belangstelling was dus wel reëel, maar de omvang van de projecten is veel kleiner en gewoner dan wat wordt gerapporteerd door Horta.

Sergio Chichava, een andere Mozambikaanse onderzoeker, toonde aan dat tussen 2000 en 2009, vijf Chinese investeringen in de landbouw de goedkeuring kregen van de Mozambikaanse regering (19). Het afgebroken COFCO-project was daarbij, het werd in 2005 goedgekeurd voor 6 miljoen dollar. De vier andere projecten waren gemiddeld voor slechts 615.000 dollar, en éen daarvan was het project van Hubei Liangfeng voor iets meer dan één miljoen dollar. (20).

Niets van dit alles ondersteunt het idee dat China de bedoeling had in Mozambique een landbouwkolonie te vestigen, of van de Zambezi-vallei China’s 'rijstkom' te maken.

Mijn veronderstelling is dat Horta, die toen een student was, zijn paper ineengeknutseld heeft met stukjes echte gebeurtenissen gehaald van het internet, gekruid met geruchten. Maar iemand er een andere mening over heeft, of bewijzen (in de ene of de andere richting), dat hij ze dan maar post. Ik ben benieuwd.

Deborah Brautigam

Deborah Brautigam is een Amerikaanse hoogleraar gespecialiseerd in China. Zij is dit jaar visiting fellow bij het International Food Policy Research Institute (IFPRI).

Noten en bronverwijzingen:

(1) http://csis.org/publication/zambezi-valley-chinas-first-agricultural-colony May 2008. Horta first made some of these claims in 2007: http://www.isn.ethz.ch/isn/Current-Affairs/Security-Watch-Archive/Detail... (13). Then, he said that “up to 20,000 Chinese” might move to the Zambezi Valley.

(2) http://www.jamestown.org/single/?no_cache=1&tx_ttnews%5Btt_news%5D=35042 May 2009.

(3) http://www.ifpri.org/sites/default/files/bp013Table01.pdf April 2009.

(4) http://www.ifad.org/pub/land/land_grab.pdf 2009.

(5) https://m.research.standardbank.com/DocumentReader?docId=1671-E1AFB8F7AF... November 2010.

(6) http://www.american.edu/sis/faculty/upload/Brautigam-Tang-CQ-final.pdf December 2009.

(7) Sigrid-Marianella Stensrud Ekman, “Leasing Land Overseas: A Viable Strategy for Chinese Food Security?” unpublished master’s thesis, Department of Economics, Fudan University, Shanghai (14), 2010.

(8) http://www.gg.rhul.ac.uk/Simon/GG3072/2011-67-3.pdf February 11, 2011.

(9) http://www.oaklandinstitute.org/sites/oaklandinstitute.org/files/OI_coun... December 2011.

(10) I’ve often seen a figure of $55 million associated with the Chinese agrotechnology demonstration center in Mozambique. According to a copy of the contract given to me by the Ministry of Agriculture in Mozambique in June 2009, China’s agricultural center in Mozambique would cost 55 million RMB (about US$6 – 9 million depending on the exchange rate), not dollars. Such a typical mistake, but an important one. China is building 20 centers around Africa, all at the request of local governments that will be using them for their own agricultural purposes. Mozambique’s was the first built. All the centers I’ve seen have a big agricultural training component (labs and dormitories, for example). All the centers appear to have been budgeted at around 40-55 million RMB. They follow in the footsteps of China’s failed projects in the past. See http://www.american.edu/sis/faculty/upload/Brautigam-Tang-CQ-final.pdf December 2009.

(11) Could it be related to a request the Mozambicans made for China to help fund the Moambe Science and Technology Park, a pet project of the Minister of Science and Technology? Together with the agricultural research center in Umbeluzi/Boane, the two projects would have cost $700 million (the Chinese agricultural center itself was projected to cost 55 million RMB, about US$9 million) (10). The Chinese did say they would help out with Moambe, but not fund the entire thing. Mozambique later received a mixed grant/credit of $15.8 million from China to support distance education and “science and technology” See:  http://www.clubofmozambique.com/solutions1/sectionnews.php (15)? secao=social_development&id=22558&tipo=one

(12) http://www.riceforafrica.org/card-countries/g1/mozambique/353-mozambique...

(13) http://www.macauhub.com.mo/en/2006/03/31/786/

(14) http://www.american.edu/sis/faculty/upload/Brautigam-Tang-CQ-final.pdf December 2009.

(15) http://allafrica.com/stories/201112272506.html

(16) http://www.macauhub.com.mo/en/2010/05/14/9086/

(17) http://www.chinaafricarealstory.com/2010/04/list-of-zero-tariff-products...

(18) http://www.agroportal.pt/x/agronoticias/2006/03/24.htm

(19) http://www.iese.ac.mz/lib/noticias/2010/China%20in%20Mozambique_09.2010_...

(20) I haven’t been to Mozambique since 2009, but in 2010, I interviewed a Chinese agricultural specialist who knew about Chinese engagement in Mozambique. She told me that Hubei Liangfeng, the company from Hubei province that is managing China’s foreign aid research station in Umbeluzi, Boane, Mozambique experimented with growing hybrid rice and soybeans for profit. “They experimented first on a small scale, but found many problems. The land was too dry. They needed to water two or three times a day. It was very costly. Also, mice destroyed the plants.”

 

(vertaling uit het Engels: Frank Willems, ChinaSquare)

Vond u deze bijdrage de moeite waard? Geef ons dan uw fair share.

Klik hier om DeWereldMorgen.be te steunen via overschrijving.

Reageer (Spelregels)

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.

Reacties

wanneer komen de gewone afrikanen aan het woord

Ik heb zo de indruk dat Deborah Brautigam een soort van pleitbezorger is geworden voor de chinese aanwezigheid in Afrika. Het is echter spijtig dat zij niet de moeite onderneemt om met de gewone mensen in Afrikanse landen te gaan praten om te zien hoe zij erover denken. Ik heb in iedergeval in Benin meer negatieve verhalen gehoord dan positieve verhalen...

The Real Story of een Sideshow?

Prof Brautigams blog "China in Africa: the Real Story" is één van m’n favorite blogs maar tegelijkertijd kijk ik er met een ambigu gevoel tegenaan.
Indien zij enkel gelezen zou worden door specialisten in dit domein zou er geen vuiltje aan de lucht zijn.
Zij brengt namelijk met veel dossierkennis correcties aan op het beeld van China als nieuwe “kolonialisator” in Afrika.
Zelden zal je er haar op betrappen dat wat zij brengt niet correct is en ze helpt je dieper in te gaan op vele aspecten van de Chinese aanwezigheid in Afrika…

Maar anderzijds, en dit in tegenstelling tot de titel van haar blog, gaat het daarbij in de meerderheid van de gevallen niet om “the whole story” maar eerder om details.
De plaats ontbreekt hier, maar overloop zelf de punten eens op haar blog.

Eén van de recentste ging over het redden van een paar honderd jobs in de herenschoenindustrie in Ethiopië, dank zij enorme staatsinspanningen. Correcte info natuurlijk, maar geen woord over het feit dat China, dat defecte electrische kersverlichtingen wereldwijd recupereert omwille van het koper ook het plastiek recupereert en daar dan o.a. teenslippers van maakt die aan dumpingprijzen wereldwijd aan de man gebracht worden, daarbij in Afrika zowel de echte schoenindustrie als vrijwel alle artisanale vaklui die lederen sandalen maken van de huid van de geit van hun buurman van de kaart geveegd heeft. Bij prof Braudigam kan je helaas nooit terecht voor een oplossing voor zo’n grootschalig probleem.
Laat ik het echter bij deze post houden.

100 % akkoord met wat de professor over Horta schrijft. Zoals ze zelf aangeeft is dit niet nieuw en
Sigrid-Marianella Stensrud Ekman weerlegde dit al vrij vlug.
Zeer vervelend omdat dit blijft zodat je telkens als je iets over Mozambique leest moet gaan natrekken of dit niet de onjuiste beweringen van de toenmalige Horta zijn.
Inderdaad toenmalig, want de Horta van nu heeft zich ter dege rekenschap gegeven van de flexibiliteit van China terzake en is uiterst mild geworden.
http://www.eurasiareview.com/20012012-china%E2%80%99s-economic-engagemen...

Tot zover Horta, een speldeprik in het geheel van de Chinese “landgrabs”.
Eerst toch nog eventjes stilstaan bij Mozambique: waarom brengt Brautigam niks over China en het legaal/illegaal houthakken, het legaal/illegaal vissen?…
Waarom vermeld zij niet dat sinds augustus 2008 vanuit de Nampula provincie soja, pinda’s en verwerkte cashews naar China gestuurd worden?
Fernanda Ilhéu vermeld in The role of China in the Portugese speaking African Countries; The case of Mozambique in Fig 9 dat over het jaar 2008 12 % van de Mozambicaanse export naar China landbouwproducten waren.
Eén van haar vorige posts was een analoge verdediging van China in de Ethiopische landbouw.
Opnieuw correct dat een wereldvreemde Duitser er flink naast zat maar tegelijkertijd moet zij zelf wel toegeven dat China er toch zeer beperkt aanwezig is. Daarbij verwijst ze naar de studies van het Oakland Institute, dat in haar recentste studie wel gedelijk melding maakt van de chinese landgrabs maar dat vooral een instituut is dat zich wel degelijk tegen zo’n landgrabs uitspreekt.
Dit in tegenstelling met professer Brautigam. Zij gaat er steeds van uit dat de Afrikaanse landen zich moeten openstellen voor de noden van de Chinese economie zodat deze haar rol van assemblage en productiehuis van de globalisering kan vervullen. Daarbuiten valt er voor Afrika niet het minste heil te verwachten, althans in haar ogen.

The Real Story is natuurlijk dat vrijwel elke studie rond het fenomeen die een landenranking opmaakt China op de eerste plaats klasseert. Uitzonderlijk wordt het eens vooraf gegaan door Zuid-Korea.

En zo moeten we naar de bakermat van de landgrab (zowel binnen als buitenlands). Om een lang verhaal kort te maken: de Chinese regering coacht een beperkt aantal Chinese agrobusinessbedrijven om de Bunge, Cargill, Louis Dreyfus of ADM’s van de 21ste eeuw te worden.
Het zijn niet direct bekend in de oren klinkende namen maar nu toch reeds wereldspelers: Beidahuang, New Hope, Cofco, Bright Foods, Hainan Co, Henan Huaying, Chongqing Grain Group, Sinograin…
Van oorsprong allemaal staatsondernemingen die gecorporitiseerd werden, een beleid opgelegd kregen om maximaal de concurrenten over te nemen, daarbij van vrijwel kosteloos kredit konden genieten, onafhankelijke boeren via contractarbeid tot werknemers konden omvormen en, samen met de projectonwikkelaars maximaal van ondergecompenseerde grondonteigeningen konden genieten.
Voor deze bedrijven geld internationaal dat ze in het kader van de “go global” politiek voorlopig vrijwel carte blanche gekregen hebben om naar eigen inzicht te groeien.

Er gaat dan ook geen week voorbij of één van die bedrijven komt in de pers met een nieuw akkoord.
Ja, ook in Mozambique. Zo publiceerde Simon Freemantle en Jeremy Stevens van de Standard Bank, (een door een Chinese bank gecontroleerde Zuidafrikaanse bank met mogelijks de beste reputatie van het land) een studie over voedseltekort en de toenemende landgrabs. In Mozambique haalden zij 11 Chinese onderzoekscentra en een 60-tal Chinese agrobusinessinvesteringsprojecten aan.

En nog een detail, niet uit deze studie; ik weet niet wie wat eet in Afrika, maar ik stel gewoon vast dat over gans Afrika er bijna steeds projecten bij zijn die op rijst slaan, en indien dit het geval is, altijd op hybride genetisch gemodifieerde rijst. Daarbij zijn er maar 2 mogelijkheden lijk mij: zoals China bij zo’n initiatieven steeds in de drivers seat zit is dit ofwel voor de export naar China, ofwel verpatst China de knowhow waarin ze het sterkst staan, nml rijstontwikkeling.
Mogelijks nog een studie aanprijzen omdat het om een Belgisch product gaat: Het VUB BICCS report van Duncan Freeman, Jonathan Holslag en Steffi Weil “ China’s foreign farming policy”.

Wat ik prof Brautigam in deze context verwijt is dat zij nergens, maar dan ook nergens, zal aanhalen dat in vrijwel de ganse wereld de regeringen maatregelen nemen om te verhinderen dat buitenlanders de hand kunnen leggen op grote delen van het landbouwareaal, van Argentinië al over Brazilië tot Australië, met beperkingen van grootschalige (maar ook aankopen door individuele boeren), en niet alleen aankopen maar ook tegen het huren, leasen, nationale schermvennootschappen inzetten, enz…

Helaas bevind de weke buik van de wereld zich ook op dit vlak in Afrika waar de meerderheid van de regeringen (en daar zijn verklaringen voor) staat te springen om zo’n landgrabs aan te trekken, ja ook zelfs bij de landen waar de hongersnood schering en inslag is…
Julius Nyerere zei ooit (vrij vertaald) dat een Afrikaanse staat er wel zal komen als het over 4 kenmerken beschikt: een land, een volk, een goede regering en een goede politiek.
In Afrika mangelt het heden ten dage soms wel aan beide laatste essentiële voorwaarden.
Ik heb niet gesproken over de schreinende drama’s die achter vele van die landgrabs schuilen maar tot slot zou ik toch één cijfer willen aanhalen: in Liberia is reeds 67 % van het landbouwareal in buitenlandse handen…
Of hoe we verder dan ooit verwijderd geraken van de idealen van de Afrikaanse nationalisten….

Onze achtertuin

‘Na de val van de Muur dachten we dat Afrika onze achtertuin was. En nu komen de Chinezen de pret bederven.’
Dit citaat, afkomstig van een topmedewerker van Buitenlandse Zaken van Nederland, geeft zeer goed de Westerse gevoeligheid weer over de aanwezigheid van China op het Afrikaanse continent.
We hebben dit continent geplunderd, bezet, verminkt en blijven die politiek vandaag in zekere zin nog voortzetten. We hadden tot voor kort de alleenheerschappij. Nu zijn we die in versneld tempo aan het kwijt geraken door de komst van de Chinezen, maar ook van de Indiërs, de Brazilianen, … Daardoor verliezen we onze greep op het continent.
En nu hoor je plots in het Westen overal stemmen om de Afrikanen te waarschuwen tegen de Chinezen (en wellicht binnenkort ook tegen de Indiërs en de Brazilianen). Plots blijken we bezorgd te zijn. Het klinkt eerder vals, ook wat aanmatigend en zelfs paternalistisch. Afrikaantjes kunnen nog steeds niet zelf beslissen over wat goed is voor hen. Maar vergis u niet, achter die zogenaamde bezorgdheid schuilt wel een geopolitieke agenda die niet zo onschuldig is. (Zie: http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2011/05/20/china-in-afrika-neokolo...)

Brautigam heeft jarenlange veldervaring in Afrika en leefde ook lange tijd in China. Ze brengt een heel genuanceerd en evenwicht beeld van het vrij complex thema. In haar studies verwerkt ze de visies van de gewone Afrikaan (via enquêtes en haar eigen ervaringen op het veld), maar verdiept die met empirisch materiaal en literatuurstudie. Ze is ondertussen uitgegroeid tot een echte autoriteit op het vlak van China in Afrika.

Brautigam was vorig jaar in Brussel voor een studiedag over het thema: China in Afrika. Er is een brochure gemaakt over deze dag, te krijgen op: http://www.gresea.be/spip.php?article886 (een aanrader). In haar bijdrage gaat ze in op nervositeit in het Westen over China’s aanwezigheid in Afrika. Heel toepasselijk.

Dan geeft in zijn reactie wat lukrake en oppervlakkige opmerkingen die weinig secuur zijn. Eén voorbeeld: Brautigam gaat in haar boek ‘The dragon’s gift. The real story of China in Afrika (ook een echte aanrader) uitvoerig in op gevolgen van de Chinese concurrentie van de schoenenindustrie. Idem voor de textielindustrie. Dus toch wat grondiger lezen en wat genuanceerder commentaar geven.

kort door de bocht?

@Marc :

"Afrikaantjes kunnen nog steeds niet zelf beslissen over wat goed is voor hen. Maar vergis u niet, achter die zogenaamde bezorgdheid schuilt wel een geopolitieke agenda die niet zo onschuldig is."

In Dergelijke opmerking zit uiteraard een grond van waarheid. Maar het is evengoed een dooddoener waarmee je dan mensen in een hoekje duwt die verder willen kijken dan hun neus lang is. Ik misken niet de rol van China in Afrika. Er bestaat ook een wereld van verschil tussen het gedrag van westerlingen en chinezen. Ik spreek hier over Benin. De Chinezen mengen zich onder het volk. De Europeanen hebben - op enkele uitzonderingen na in de sloppenwijken - nog steeds last van integratieproblemen waardoor ze in hun chique europese wijk verschansen.

Maar ik hoor ook andere verhalen die ik niet zelf verzin omdat ik denk dat Afrikanen het niet zelf kunnen. De geruchten over de excessen in seksueel gedrag laat ik hier veiligheidshalve in het midden. Iemand uit mijn schoonfamilie in Benin zegt het zo: als we moeten kiezen tussen democratie of water dan kiezen we voor water. Tijdens de afgelopen zomer had ik een lang interview met een belangrijke vakbondsleider in Benin. Een communist trouwens. Die man heeft niets anders dan kritiek gegeven op de slechte werkomstandigheden gecreërd door Chinezen in de cementfabriek van Lokossa. Hij beschouwt de chinezen net zoals de fransen en amerikanen als imperialisten. Sommige westerse linksen zouden dit standpunt als ietwat te gauchistisch beschouwen. Maar er zit ook een grond van waarheid in, als je het van hun standpunt bekijkt (dus jezelf in hun plaats stellen) Onlangs zijn er trouwens ook contracten afgesloten om de olie voor de kust van Semji Podji te ontginnen. De contracten zijn naar ondermeer Brazilië gegaan. De neoliberale logica wordt hier gevolgd en het is wellicht - zoals gewoonlijk - in het voordeel van de heersende klasse in Benin. Het is dus nog maar de vraag of de gewone Beninners er van mee zullen kunnen profiteren. Ik ben niet tegen samenwerking, maar in Benin hadden ze het toch wel wat verstandiger kunnen aanpakken zoals Morales dat in zijn land deed met de nationalisering van gasindustrie.

Mijn punt luidt vooral dat ik wel eens de verhalen van de gewone mens in afrikaanse landen wil horen. Verder heb ik ook mijn bedenkingen bij de rol die China nu speelt in Soedan en stel ik mij ook nog steeds grote vragen rond de gebeurtenissen in Guinnee-Conakry in 2008. Tegen de achtergrond van een enorme machtsstrijd (dadis camarra) stonden toen de economische kranten vol over berichten van de strijd tussen de chinezen en Rio Tinto voor de aluminium en dan ook nog eens de strijd om de exploratierechten voor olie...

De wereld is big business - ideologie speelt geen rol - de Chinezen streven echt geen idealen na. Als ze haar belangen wil veiligstellen in Afrika zal ze toch in de komende jaren zich ook bezig moeten gaan houden met veiligheidskwesties zoals in Soedan. Laten we deze realiteit aub niet bekijken alsof het hier gaat om een strijd tussen de slechten (china) en de goeden (VS)....

Het zit allemaal veel complexer in elkaar dan zich op te werpen als pleitbezorger voor de chinese rol in Afrika.Klinkt dat ook niet wat paternalistisch??? Bovendien wordt het ook hoogtijd om de rol van Maleisië in Afrika eens te gaan bekijken - die is qua handel veeeeeeele groter dan die van China...

video van haar lezing in Brussel

Gewoon ter informatie de link van haar lezing in Brussel:
http://www.youtube.com/watch?v=Za8euDy9n7w

Nog een visie op het china

Nog een visie op het china afrika debat:
http://www.youtube.com/watch?v=9Dpp6n2QGsQ&feature=related

Hij maakt ook o.a. het onderscheid tussen private en publieke chinese bedrijven.

Dank voor de duidelijke

Dank voor de duidelijke uiteenzetting waar ik het helemaal mee eens ben. en bedankt voor de links

Beste Mark bedankt voor je

Beste Mark bedankt voor je heldere uiteenzetting, kan me er helemaal in vinden, met de bijbehorende links

Well done. Karen.

Well done.
Karen.

Chinezen kopen Afrika op

Nederlanders zijn altijd goed in het bekritiseren van anderen, dat de Chinezen zich land eigen maken in afrika, is al langer bekend.
Maar het getuigd ook van hypocrisie om Chinezen te beschuldigen.
Nederlanders doen precies hetzelfde in Afrika, om daar rozen etc te kweken.
Amerikanen zijn nog veel erger, kopen land op, verbouwen granen en gaan er mee speculeren, waardoor de prijzen van graan torenhoog worden. En de Afrikanen honger lijden omdat ze het niet kunnen betalen.
En dan nog kritiek durven hebben op de Chinezen?
http://zaplog.nl/zaplog/article/landroof_westerse_bedrijven_kopen_afrika...
Laatst op tv nog een documentaire over geweest.
Het is erg makkelijk om ongefundeerd op het internet te blaten zonder eerst feiten te checken.
Dus de pot verwijt de ketel dat ie zwart ziet.
Nederlanders zijn daar goed in.

De “China Price”…

Ten einde klaar te zien in de beweringen van letterlijk honderden “experten” die inzake Chinees-Afrikaanse relaties veel waarheden maar ook veel mist de wereld in spuiten heb ik hierbij een lang aaneensluitend stukje van een evaringsdeskundige door de automatische vertaalmolen gedraaid. Gewoon omdat hij zonder franjes zegt waarop het staat:

“Met betrekking tot de bewering dat de Chinese bedrijven een low-cost-strategie in de contractmarkt van Afrika nemen, is het voordeel van Chinese bedrijven eigenlijk lage kosten. De Chinese bedrijven zijn concurrerender dan lokale bedrijven in Afrikaanse markt omdat de Chinese bedrijven lage arbeidskosten, lage materiaalprijzen en apparatuur kosten en hoge arbeid productiviteit hebben. Door dit alles samen is het concurrentievoordeel van Chinese bedrijven sterker dan lokale bedrijven. Dit is goed voor de lokale regering, omdat de lokale overheid zo minder voor een project moet betalen. Natuurlijk, zal het een grote impact hebben op lokale bedrijven van de dezelfde handel. Het is inderdaad een dilemma. De Chinese bedrijven hebben geen ander doel dan het maken van steeds meer geld. Zij kunnen dus het gevoel van lokale bedrijven hebben verwaarloosd. Zij denken dat het gaat om concurrentie op de markt. De vrije economie gaat over vrije concurrentie. Dat is waarom ze hebben geen oog hebben voor andere zaken. Nu heeft de competitie met lokale bedrijven gemaakt door de Chinese bedrijven ook trok de aandacht van de Chinese regering. Wij verzoeken de Chinese bedrijven niet te worden geobsedeerd met economische return alleen en zo de de relatie met de lokale bevolking uit het oog te verliezen. Het probleem kan niet eenzijdig worden opgelost door de Chinese kant. Ook moeten de lokale bedrijven hun concurrerende macht vergroten. Elk bedrijf kan alleen groeien in een concurrerende omgeving.
Met betrekking tot het probleem dat Chinese arbeiders zijn te geïsoleerd en terughoudend om te communiceren met de lokale mensen, ik denk dat dit een probleem van culturele kloof en taalbarrière is. De Chinese werknemers kunnen niet spreken de lokale talen. Zij zullen meestal Afrika verlaten in twee of drie jaar wanneer zij het project hebben voltooid. Ze zijn terughoudend zich te verplichten tot het leren van de lokale taal. Daarom is het moeilijk voor hen om te communiceren met de lokale bevolking. Gezien het feit dat de werknemers niet de lokale taal begrijpen, afdwingt het beheer meestal strenge controle op hen omdat ze niet in staat om te communiceren met de lokale bevolking als er iets gebeurt in de buitenkant. Dus bouwen ze hun eigen sociale kring. Het is waar dat de Chinese arbeiders in harde arbeidsomstandigheden werken. De Chinese werknemers werken in strengere voorwaarden dan de werknemers van westerse bedrijven. De Chinezen hebben een geest van duurzame ontbering. Ze ondergaan een harde leven, eenvoudige voedsel eten en leven in eenvoudige woonplaats zodat ze home het geld dat ze verdiende sturen kunnen te verhogen van hun gezinnen en hun levensomstandigheden te verbeteren. De Chinese werknemers kunnen doorstaan ontberingen. Ze werken in drie ploegen per dag en werken de hele dag en de hele nacht om zo te versnellen project planningen. Dat is de reden waarom de Chinese bedrijven concurrerend zijn. Zij besteden minder aan de werknemers. Neem overheidsprojecten bijstand als voorbeeld, China besteedt 95% van het geld aan het project zelf en de ontvangende landen terwijl het westen 80% kan besteden aan hun eigen personeel.
Wat betreft de lage lonen voor lokale werknemers door Chinese bedrijven, we moeten deze kwestie objectief kijken. De grote Chinese ondernemingen in Afrika zijn veel meer compatibel. Ze voldoen aan lokale arbeidswetten en volg de relevante regels van het minimumloon. Sommige kleine bedrijven zijn waarschijnlijk niet zo gestandaardiseerd. Dit verschijnsel bestaat, maar het is niet de norm. De lokale werknemers in Chinese ondernemingen krijgen lagere salarissen dan degenen die werkzaam zijn in de westerse bedrijven. Het wordt bepaald door de verschillende nationale omstandigheden. Omdat de salarissen van Chinese werknemers lager dan deze van de werknemers van westerse bedrijven zijn. In sommige gevallen is het salaris betaald door Chinese bedrijven in Afrika voor lokale werknemers zelfs hoger dan dit van onze binnenlandse werknemers van dezelfde bedrijfstak. Zoals u zojuist zei, gingen de lokale werknemers in de Chinees-gefinancierde ondernemingen in Zambia staken voor stijging van de lonen. Het salaris en voordelen van plaatselijke werknemers in de Chinese ondernemingen in Zambia werden meer dan 3 miljoen kwacha (lokale valuta), equivalent aan $700 tot 800. Zij vereist een extra 2 miljoen kwacha salaris stijgen, gelijk aan een stijging van ongeveer $ 400. $700 tot 800 dollar is gelijk aan 4.500 tot 5.000 yuan. Het minimumloon van Shanghai, de meest ontwikkelde stad in China, is 1.100 yuan. Het gemiddelde loon van werknemers in de bouw in Shanghai, Guangzhou en andere ontwikkelde steden in het oosten van China is iets meer dan 2.000 yuan. Het loon van werknemers productie is tussen 2.000 tot 3.000 yuan. Wat betekent 4000 yuan per maand? Het is het loon van een gewone witte-boorden in China. $700 tot 800 plus een extra $400 is zoveel als wat ik verdien. Dit is het loon van een lokale Zambiaanse mijnwerker. Is het realistisch? Verbetering van inkomen van werknemers is gerechtvaardigd over de hele wereld. Het is de morele hoge grond. Maar iedere regering moet rekening houden met het niveau van hun economische ontwikkeling en hun eigen werkelijke situatie. Ze kunnen niet verder gaan dan de werkelijkheid; anders zal het investeerders afschrikken. Ze kunnen niet bereiken hun economische ontwikkeling. In sommige Afrikaanse landen zijn de arbeidswetten zeer streng. De regeringen kopiëren zelfs de wetten van het westen.”

"The China price" betekent gewoon dat China, wegens z’n kritische massa, de wereldprijs meer en meer gaat bepalen.
Maar die kritische massa is er altijd geweest, wat veranderde is dat Deng Xiaoping 30 jaar geleden China, in het kader van de globalisering, als assemblage en productiehuis ervan kon positioneren.
Het idee kwam van z’n Singaporese mentor Lee Kuan Yew maar is in essentie wat elke economische migrant doet: in het Westen bestaat er namelijk een steeds variabel evenwicht tussen de kracht van de factor arbeid en het inzicht bij de factor kapitaal dat er voldoende grote lonen moeten uitbetaald worden om hun producten aan deze arbeiders verkocht te krijgen.
Je kan daar enkel een graantje van meepikken als je jezelf op de wereldmarkt aanbiedt aan dumpingprijzen die lager zijn dan de Westerse, of de Chinese “opening up” dus…
Een eeuwige déjà vu waarvan we ons enkel nog de laatsten herinneren (Japan, Aziatische “Tijgers”) maar nu wel eentje waarbij de omvang van het betrokken land maakt dat het de fragiele evenwichten in de ganse wereld herschikt.
Wat Lu Shaye, Algemeen Directeur van het Chinese Departement voor Afrikaanse Zaken, hierboven aanvoert is in essentie het volgende:
Wij, als China Inc. , wij zijn met ons staatskapitalistisch systeem de waardige opvolgens van de historisch grootse staatskapitalisten zoals bv. de VOC (Verenigde Indische Compagnie) en zoals toen de VOC op de meest kostefficiëntste manier grote brokken van Afrika ontsloot voor de toenmalige wereldeconomie, doen wij dit nu voor de geglobaliseerde wereldeconomie.
Je hoeft maar een oppervlakkige toeschouwer te zijn om te merken dat dit volgens de markt en productieprincipes verloopt zoals het Westen die uitgewerkt heeft maar dat wat China daarbij binnenbrengt z’n “China Price” is die razend snel de wereldmaatstaf aan het worden is. En deze “Chinese prijs” kan enkel maar bereikt worden als je er in slaagt ook in Afrika Chinese arbeidsnormen en loonniveau's op te leggen aan de lokale arbeiders.
Deze wordt in de eerste plaats bepaalt door de krachtsverhoudingen tussen de factor arbeid en kapitaal in China en kan enkel maar ten goede omgebogen worden door de dagelijkse strijd van de betrokken arbeiders ter plaatse…
Strijd die wij, en de Afrikaanse arbeiders, in ons eigen belang, maximaal moeten ondersteunen!
En Afrika zal u vragen; wel helaas is Afrika de weke onderbuik van de globalisering waar er weinig staten bestaan die naam waardig en waar de handel met de buurlanden zich meestal tot 5 à 10 % beperkt terwijl het bij ons in Europa bv. 80 à 90 % is…
Maar dank u, wereldwijd worden daarbij de rijken rijker, in deze periode van krisis nog meer dan ooit tevoren!