Advertentie

dinsdag 17 januari 2012

Uitingen en uitwerpselen

Vorige week bleek de maat vol: bekende spraakmakers (journalisten, politici...) rebelleerden tegen ‘haatmails’ en wilde reacties op internetfora. Die dames en heren zijn vurige voorstanders van onze mondigheid, maar niet van haar ‘uitwassen’: mondigheid heeft ook een ‘negatieve kant’ (Marianne Thyssen), en ‘er zijn grenzen’ (Alexander De Croo).

Maar wie mag bepalen waar positief in negatief overgaat, en waar de grenzen liggen?

Sportverslaggever Karl Vannieuwkerke vindt de ‘achterlijke reacties’ op nieuwssites ‘Zum kotzen', ‘galspuiterij in gedegenereerd Nederlands’: schaf dat af! Hij kreeg bijval van Peter Vandermeersch (vroeger De Standaard, nu NRC Handelsblad). Ook Annemie Peeters, die een consumentenprogramma leidt, is sommige reacties ‘kotsbeu’, ziet gebrek aan ‘beschaving’ en ‘savoir vivre'. Volgens Daniël Termont verwarren velen ‘inspraak met hun goesting krijgen’.

Manu Claeys van Straten-Generaal vraagt om ‘het debat over individuele hufterigheid [niet] te vermengen met het debat over legitieme vragen om participatie’. ‘Scheldpartijen op fora en in mails’ noemt hij ‘niet zozeer uitingen van toegenomen mondigheid dan [sic] wel van breder gecommuniceerde cafépraat’. Oproep aan moedeloze burgemeesters: ‘negeer de schofterigheid [sic] en integreer de relevante mondigheid’. (Wat een jargon! En hopelijk had hier ‘onbeschoftheid’ moeten staan, want ‘schofterigheid’ is schurkachtigheid.)

Lompenproletariaat

Deze ergernissen zijn uiteraard al vaker boven water gekomen. Jan Blommaert had het (11-11-2010) over ‘een scheldcultuur en een intense circulatie van halve waarheden’, over ‘navelstaarderij, platvloersheid, oppervlakkigheid en demagogie’. Henk Hofland beschimpte ‘het internetlompenproletariaat’ (de Volkskrant, 16-5-2011). Peter Verhelst (april 2011) hekelde ‘seksistische debiliteiten spuitende medemensen’ en ‘egoïstisch gebalk’, met spelfouten die je zelfs in ‘een beroepsschool’ niet tegenkomt. (Vreemd genoeg staat in zijn stukje het woord ‘beleefdjeid’, en ontbreekt er een werkwoord.) Verhelst stelde ook de vraag ‘of iedereen het recht heeft zijn of haar gevoelens zomaar te uiten’. Sjonge!

Niemand maakte het bonter dan Walter van den Broeck (DS 26-3-2011). Ook bij hem ging het over toogpraat en ‘schrijffouten’, maar tevens over ‘wauwelende horden’ en ‘dit verbale defeceren’. En: ‘Open riolen zijn het, die forums, gigantische kotszakken waar het schorriemorrie, het falderappes [enzovoort, ik laat tien benamingen weg], de heffe des volks kortom, krijsend met zijn eigen uitwerpselen gooit, naar elke échte mening.’ Twee dagen later werd deze passage ‘met grote wellust’ herhaald door Walter Zinzen, volgens wie Van den Broeck zich hier ‘een grootmeester van de taal’ betoond had.

Terugschelden

Ik zal niet doen alsof ik die uitingen op de internetfora meestal sympathiek vind, maar het bovenstaande dunkt me niet beter. In het algemeen tonen deze opinieleiders een formidabele neerbuigendheid, al drukt de ene zich redelijker uit dan de andere. Cafépraat, achterlijk, debiliteiten, wauwelen...: het betekent op zijn állerminst dat die reacties niet ernstig genomen moeten worden, dat ze niet mogen meetellen in weldenkende en welingelichte kringen. Telkens weer wordt ons verzekerd dat de reacties niets met democratie of vrijheid van meningsuiting te maken hebben. Telkens weer wordt een tegenstelling geconstrueerd tussen hun grofheid en ‘onze’ beschaving/beschaafdheid. En telkens weer vraag ik me af of er dus een soort mensen bestaat die kan bepalen wie zich al dan niet beschaafd gedraagt, en wat al dan niet tot de meningsvrijheid of de mondigheid behoort.

Zeggen dat het spreken van de ander niet meetelt, is eigenlijk zeggen dat hij/zij geen echte menselijke taal voortbrengt, dat hij/zij alleen maar onbehagen (en plezier) kan uiten. Het is dan niet verbazend dat er zo vaak sprake is van slecht Nederlands: mensen die veel fouten maken moeten niet de onbeschaamdheid hebben om te schrijven, ze moeten hun plaats kennen.

Maar het merkwaardigste is wel dat scheldreacties met zoveel gescheld bestreden worden. Navelstaarderij, gedegenereerd, internetlompenproletariaat, gebalk... en dan die onthutsende pseudogeestige tirade van Van den Broeck! Hebben sommigen meer recht op schelden dan anderen? Schande over de scheldende naamloze, maar de scheldende schrijver is Kunstenaar en Grootmeester. De godgeklaagde arrogantie.

Keurigheid

Manu Claeys vindt de internetpraat ‘in zekere zin relevant, maar inhoudelijk kun je er weinig mee aanvangen’. Is dat zo? Direct kun je er inderdaad weinig nut uit halen, maar je kunt hem analyseren, erover nadenken, je afvragen waarom iemand zich zus of zo uit, en of die iemand misschien niet onder vermomming ‘relevante’ dingen te zeggen heeft.

Wat de intellectuelen in kwestie beweren over de reacties op internetsites bestaat zelf helaas bijna helemaal uit, jawel, reacties: weinig doordachte reflexen. En déze reacties zijn véél verwerpelijker dan die andere, omdat de meeste journalisten en schrijvers makkelijk praten hebben: zij beschikken zelf over min of meer vrije toegang tot de media, kunnen hun mening kwijt op diverse prestigieuze plaatsen – héél anders dan de gemiddelde internetgebruiker, en dan de ‘domme’ of boze surfer die ze monddood willen maken. Ze noemen die surfer graag ‘gefrustreerd’: misschien moeten ze zich dan ook eens afvragen hoe dat komt. Een gefrustreerde kan gelijk hebben, om te beginnen in zijn gevoel van frustratie.

Koesteren wij niet vaak een te nette opvatting over ‘mondigheid’? De mondige burger moet zich met zijn bekommernissen op een ‘relevante’ manier richten tot de overheden, zich engageren in keurige actiegroepen en voor keurige consumentenbelangen, en keurige lezersbrieven schrijven die niet gepubliceerd worden. Zo is ook kritiek een vorm van meedoen (‘integreer’!). Het grotere systeem komt zelden in het vizier, en zelfs wie dat systeem weigert zou zich ‘constructief’ moeten opstellen: we hebben geen geduld met iemand die in alle toonaarden foert zegt.

Uiteindelijk heb ik zelf weinig last van het gesmade lawaai op internetfora, ik ontwijk het wanneer ik wil. Het is veel lastiger te ontkomen aan de alomtegenwoordige reclame, aan de praatjes van de bankiers en hun economen en hun eurocommissarissen, aan het geklets van eeuwig dezelfde geletterden in talkshows en opiniestukken en hoofdartikelen, aan het gezwets over het autosalon, aan nog honderden andere vormen van dagelijkse wantaal. Dat alles frustreert me vaak, en ik zou er graag eens flink op schelden.

Vond u deze bijdrage de moeite waard? Geef ons dan uw fair share.

Klik hier om DeWereldMorgen.be te steunen via overschrijving.

Reageer (Spelregels)

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.

Reacties

zucht

Blommaert had het over halve waarheden. Lees dus voor de zekerheid nog eens na wat ik precies heb geschreven: http://www.kifkif.be/actua/publieke-debathygiene (ook te vinden op DWM).

U zegt ook "

Het is veel lastiger te ontkomen aan de alomtegenwoordige reclame, aan de praatjes van de bankiers en hun economen en hun eurocommissarissen, aan het geklets van eeuwig dezelfde geletterden in talkshows en opiniestukken en hoofdartikelen, aan het gezwets over het autosalon, aan nog honderden andere vormen van dagelijkse wantaal. Dat alles frustreert me vaak, en ik zou er graag eens flink op schelden."

Ik ook, in behoorlijk wat stukken. Ik geef er enkele: ter informatie:

http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2011/11/01/een-hedgefund-van-1000-...
http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2011/12/28/bart-de-wevers-werkbare...
http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2011/10/21/ik-eis-een-mediastorm-o...
http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2010/06/20/het-dna-van-een-politie...

Als U dit in een of-of schema zet (of tegen scheldcultuur zijn, of tegen stompzinnige informatieprogramma's) is dat Uw keuze; ik kies voor een kwaliteitsvol publiek debat en kwaliteitsvolle informatie in het algemeen. Als U voor dat standpunt enkel de gebruikelijke termen 'arrogantie' en 'elitair' en 'afkeer van het lompenproletariaat' weet te verzinnen dan raken we Uw standpunt niet veel verder vrees ik.

Arrogantie?

Het is zeer begrijpelijk dat men meer en meer zich begint af te zetten tegen de scheldproza die men terug kan vinden op vele fora. Als 'elite' heb je nu eenmaal een schijnbaar andere methodiek om tot je mening en de uiting van die mening te komen, dan dat het geval is bij het 'lompenproletariaat'.

Wat we namelijk met onze meningen trachten te doen, is een stukje waarheid ontsluieren, al dan niet met het oog op verandering. Boertige uitlatingen lijken ontdaan van enige methode of openheid van geest die een zoektocht naar waarheid doet vermoeden. Mensen die menen zich wel aan zo'n standaard te spiegelen kunnen dan niet anders dan vrezen voor een democratie waarvan teveel van haar leden te onredelijk zijn om eraan deel te nemen. De zoektocht naar waarheid valt immers samen met het belang van redelijkheid. Dit vergt een zelfdiscipline die deze leden van het lompenproletariaat schijnen te mankeren. Hiertegen reageren is dus eerder een politieke uiting, dan een uiting dat goede smaak (wat dat ook moge zijn) nodig is, ook al neemt men makkelijk aan dat er een verband is tussen beiden. Het lijkt me dus aannemelijker dat deze sterke reacties een vraag zijn naar meer redelijkheid, maar met de vrees dat dit ijdele hoop is.

Wat wel correct is, is dat zelfs bij de meest boertige meningen, men op zijn minst moet gaan kijken naar wat de uitspraak in een fenomenaal opzicht betekent. Zeggen dat er een sterke kern van waarheid in dat soort uitspraken zit, hoeft verre van waar te zijn, maar zelfs foute bekommernissen van mensen zeggen nog steeds iets wezenlijks over de bekommernissen van mensen.

opvoeding

Is de juiste vraag aan alle intellectuelen (in de brede zin) niet gewoon: waar was je toen die grote groep mensen het afleerde te argumenteren, proper schrijven enzovoort? Is het i.p.v. voor of tegen zijn niet vooral een kwestie van: hoe willen/kunnen we hier op ingrijpen?

Los van de manier waarop die fora gemanipuleerd worden, zie je dat het heel wat mensen aan de politieke taal en cultuur ontbreekt om democratie vorm te geven. Nochtans hebben ze soms niet eens zoveel nodig (zie bvb. 'Groenten uit Balen' > de klagerige vader die meegetrokken wordt in een echte collectieve actie). Let ook op de gevaren (van niet in te gaan op zure pieten). Na de patattenactie was het een groepje hooggeschoolde ingenieurs (rond SOS) die agressieve cafépraat op het internet heruitvonden.

!!!

Er is ook het cynisme van de media: eerst de lezer opjagen - overdadige aandacht voor zoiets als de parachutemoord, denigrerende stukken over literatuur (De Ceulaer in DS) - en daarna smalend/verbolgen opkijken van de felle reacties.

Liever een straffe mening met tien uitroepingstekens dan een lange welgevormde lege zin.

Van de hond zijn kloten...

Prof. Jan Blommaert is een geleerd man ('Zucht'). Hij is zich daar van bewust en voelt zich geroepen ter linkerzijde zijn diepste roerselen te verkopen. Daar is niks mis mee, al lijkt het me verstandig te onthouden wat hij in zijn reactie openhartig poneert : 'Ik kies voor een kwaliteitsvol publiek debat en kwaliteitsvolle informatie in het algemeen'.

Blommaert 'zucht' bij het lezen van de volgens hem waarschijnlijk weinig diepzinnige opinie van Joris Note. Niet kwaliteitsvol genoeg, prof ? Of -sorry - gaat dergelijk standpunt uw inderdaad arrogant petje te boven?

Hij zuchtte ook toen ik hem zei dat aan de toog van mijn stamcafé - mijn 'Agora' - over de affaire Vangheluwe zinvoller dingen gezegd werden dan wat hij toen over misbruik van kinderen en de kerk omzwachteld meende. ('Vangheluwe bedreigt ongelovigen') (1)

Ik ben geen geleerd man, kom uit 'de goot' en legde een hobbelig levens parcours af. Begrijp niets van de dt-regel. Heb veel begrip voor intellectuele arbeid en niet het minste respect voor 'trage diepe gedachten' die bij een tweede lezing bluf poker blijken afkomstig uit de catacomben van de universiteiten.

Wanneer ik iets publiceer op DeWereldMorgen.be volgen er gegarandeerd reacties die volgens de heer Blommaert tot de 'scheldcultuur' horen. Ik vroeg aan de redactie van DeWereldMorgen.be deze niet te verwijderen.

Je kan er inderdaad tenminste over nadenken, zoals Joris Note zegt : 'Een gefrustreerde kan gelijk hebben, om te beginnen in zijn gevoel van frustratie'. En in zijn grofheid, waarop hij / zij recht heeft. Misschien heeft hij / zij wel helemaal geen boodschap aan de Blommaerts van deze wereld. Of aan mijn bijdragen.

Ik sta zeer dicht bij die 'wauwelende horden' volgens de eveneens linkse auteur Walter van de Broeck. Er is tijdens de staking van de Balense zinkfabriek Vieille Montagne flink wat 'gewauweld', pronkstuk van de Vlaamse letteren. Je hebt er een mooie literaire carrière op gebouwd. Een auteur van grote klasse die zijn ganse leven als 'wauwelaer' afgedaan werd, was de huisschilder Louis Paul Boon.

Als simpele ziel die amper 'de goot' ontsteeg, lees ik al eens iets. Zoals een dilettant zonder diploma's betaamd zit daar geen lijn in. Chaos troef. Zo stootte ik op 'De moed tot waarheid' van Michel Foucault (Boom - 2011). Deze verzameling lezingen / cursussen handelt vooral over 'waarheid spreken' (parrhësias) en het risico daarvan, zoals Socrates mocht ondervinden toen hij de gifbeker dronk.

Foucault wijdt uitvoerig uit over de filosofische stroming die het cynisme is. Een filosofie die in Griekenland in de vierde eeuw voor Christus ontstond en nog steeds invloed heeft. Cynisme komt van 'honds'. Er bestaan weinig geschreven bronnen, des te meer verhalen uit het leven gegrepen.

'Honds', doet me denken aan de weinig intellectuele uitdrukking ' het is van de hond zijn kloten...'. Een centrale figuur was Diogenes van Sinope. Die zich op het marktplein, 'Agora', masturbeerde omdat hij er ook at en in het openbaar leefde. 'Het cynische leven had een volkomen zichtbaarheid', zegt Foucault.

De Occupy-beweging heeft daar kenmerken van. Pleinen en straten worden het intieme leefgebied, men leeft als filosofische 'honden' het 'volledige leven' en 'blaft' de goegemeente 'waarheid sprekend' toe. Zoekt het conflict. Spreekt vrij, voor zover de machthebbers er geen stokje voor steken.

Met dat vrij spreken hebben Blommaert en C° het hypocriet lastig. Vrije meningsuiting? Dan wel binnen hun normen en waarden, gebruik makend van de taal die ze wensen op te dringen, die van een 'kwaliteitsvol publiek'.

Dat zijn dan al zeker niet deze sociaal uitgeslotenen waarvoor in het 'Armoede rapport' van vijftien jaar geleden geëist werd : 'Spreek de taal der armen!'. Van deze eis kwam niets terecht. Intellectuelen blijven vrolijk over de hoofden van de mensen heen, hun 'doelgroep', gesubsidieerd jargon uitstorten.

De cynici hadden en hebben lak aan conventies. Ze 'blaffen' als trotse straathonden en worden begrepen door alle honden. Hun taal en hun leven overschrijden de grenzen, ze zijn de stem van hen die zich niet laten manipuleren, noch politiek, noch filosofisch. Ze zijn luizen in de pels en doorkruisen het beschaafde gewauwel van de geïnstitutionaliseerde 'denkers'.

Foucault over de cynici : ' Het diacritische (onderscheidend) leven dat onderscheid maakt tussen goed en kwaad, tussen vrienden en vijanden, de meesters en de anderen, is de continuering maar ook de scandaleuze, gewelddadige en polemische omkering van het rechte (rechtlijnige) leven, het leven dat zich aan de wet houdt'.

Verder : ' Tenslotte is het leven als waakhond, het strijdende en dienende leven dat het cynisme kenmerkt, ook de continuering en omkering van dat kalme, zelf beheerste leven, dat soevereine leven dat het ware bestaan kenmerkt'.

De 'Internet praat' kenmerkt het ware bestaan, is hinderlijk en alleen daarom al zijn de vele ergerlijke, beledigende, schofterige reacties die Internet teisteren waardevol. Of moet een burger die zijn / haar taaltje spreekt om zijn / haar woede te uiten naast een bewijs van goed gedrag en zeden ook eerst een hoogstaand diploma tonen en zonder taalfouten schrijven?

Iedereen is filosoof, is 'blaffende hond'. Ook nu de filosofie nog weinig deel uitmaakt van het 'ware leven', maar in handen viel van onderwijs en abstracte studie.

De 'uitwassen' op Internet kunnen met enige inspanning begrepen worden als oprispingen van 'blaffende honden'. Beroeps filosofen ervaren dat als een aantasting van hun met geur sporen afgebakend territorium.

Volgens Manu Claeys van Straten-Generaal gaat het om : ' Breder gecommuniceerde cafépraat'. En ik die dacht dat de volksraadpleging tegen een brug over de Schelde gewonnen werd wegens een met weinig geld gevoerde campagne waarbij mond-tot-mond doorgegeven info - roddel, geruchten vermengd met harde feiten - uniek was. Niet het grote geld triomfeerde, wel het 'gepeupel'.

Kom eens van uw troon, Blommaert. Ik wantrouw uw 'kwaliteitsvol publiek'. Ik wantrouw ook de meestal 'bruine blubber' die Internet overstroomd. Maar kies ook de kant van het scheldende 'lompenproletariaat' boven een zelf verklaarde elite. En neem er de 'wilde uitwassen' ('boertige uitlatingen') die de 'propere' meningen 'bevuilen' bovenop als deel uitmakend van het maatschappelijk discours.

1 - 'Vangheluwe' www.dewereldmorgen.be/blog/koen-calliauw/2011/04/15/vangheluwe-bedreigt-...

Allez hop

Allez hop, daar gaan we weer. Of althans: daar gaat Koen Calliauw. Ik ga niet mee. Ik heb namelijk niet de plicht om te discussiëren met iedereen, over alles, of op eender welke toon. Voor argumenten in dat verband verwijs ik naar de tekst over debathygiëne die ik eerder aangaf. Als Calliauw dat alweer elitair of weet ik veel wat vind, dan trek ik me dat niet aan. Het komt erop neer dat ik zijn spreekrecht respecteer, zo nadrukkelijk zelfs dat ik er het mijne voor opgeef. Hij en ik horen niet in dezelfde ruimte thuis, en als hij deze ruimte opeist bol ik het af, want ik weet welke weg het debat dan zal opgaan. Ook hiervan vind je beschrijvingen in de tekst over debathygiëne. Adieu.

Adieu met een voetnoot

Voor ik de deur dicht doe nog dit. Het schuimbekkend gehuil in fora en dergelijke richt zich vrijwel onveranderlijk naar mensen zoals ik - die verwenste intellectuele elite 'op haar troon', in haar 'ivoren toren', die 'wereldvreemd is' en 'minachting heeft voor de gewone man'. Het is een vorm van vaak extreem verbaal geweld waarin ik zowat alles moet slikken wat onderaan de billen van de mensen plakt, incluis bedreigingen voor mijn leven en dat van mijn vrouw en kinderen.

Wanneer mensen zoals ik hierover een opmerking maken wordt het gehuil gewoon nog luider, want dan zijn we PAS ECHT elitair en zo meer. We worden dan snel crypto-fascisten, mislukte onderpastoors (weet je nog, Calliauw?) en zelfs 'levensgevaarlijke' individuen voor 'de democratie'. En dat alles moeten we gewoon maar aanvaarden, want dat zijn al die gewone mensen die hun liedje zingen, en dat is goed voor ons allen, en ik moet dat bovenal begrijpen. Men verwacht van mensen zoals ik dus dat ze die zaken gewoon over zich laten gaan en er zich niks aan gelegen laten - wat pas echt elitair is als houding.

Welnu, ik ben mens zoals jullie allemaal. Ik sta even goed op mijn waardigheid, en ik ben evengoed als ieder ander mens gekwetst en verontwaardigd wanneer die waardigheid aangevallen wordt. Er zit dus iets fundamenteel onrechtvaardigs in de redeneringen die ik hier lees. Een raar woord hé, onrechtvaardigheid? Zeker als het uitgesproken wordt door een 'elitefiguur', een 'intellectueel'. Wel, lach er als gebruikelijk nu maar mee, maar denk er op kwade dagen eens aan terug.

Als men in het publieke debat een strijd voert tussen OF gebrul en gescheld, met zijn connotaties van 'authenticiteit', 'gerechtvaardigde woede' en zo meer, OF het literaire en genuanceerde gekwaak van intellectuelen, dan zullen de intellectuelen altijd verliezen. Het publieke debat moet de tegenpartij vanaf dat moment dan maar alleen voeren. Dat zal dan wel écht goed zijn voor de kwaliteit van de democratie zeker?

Misverstanden?

Discussies geraken soms in de gracht door misverstanden, niet alleen door scheldproza.

Volgens mijn lezing is dat hier het geval. Note geeft een lijstje van auteurs die over het thema schreven, Blommaert staat er tussen maar wordt niet noodzakelijk bekritiseerd of geviseerd. Wie beider teksten (Note en Blommaert) leest, merkt dat ze eigenlijk bij elkaar aansluiten, ze maken elk een ander punt. De knoop: Note begint zijn stuk ‘lompenproletariaat’ met een verwijzing naar de interessante tekst van Blommaert, daarna vermeldt hij die van Verhelst, en daar plaatst hij vraagtekens bij.
Je kan dit inderdaad ook anders lezen, als een kritiek op het hele lijstje. Het is dus zeker niet overbodig dat Blommaert proactief reageert en naar zijn vroegere tekst verwijst. Het is aan Note om aan te geven of hij Blommaert ook effectief bekritiseert of niet. En op welk punt dan juist.

Calliauw leest de reactie van Blommaert dan weer als iets aanstootgevend, neemt het als een aanleiding, wil een punt maken, maar dat zit zwaar ingekapseld in een of andere afrekening waar je als buitenstaander het raden naar hebt. Blommaert is hier plots de schietschijf voor kwaadheid op ‘de intellectueel’. Nochtans zitten de universiteiten vol van academici die zelfs de moeite niet nemen om een debat aan te gaan, zeker niet als er geen ‘punten’ voor krijgen in hun output dossier. Daar kan je terecht kwaad op zijn, maar dan viseer je hier toch net iemand die al jaren een andere koers probeert te varen. Een rechtzetting van Calliauw is dus wel op zijn plaats.

Een ander mogelijk misverstand in het verleden: Blommaert plaatste een reactie op een andere tekst van Note (Zizek de geweldenaar) maar mogelijk was dat een reactie op (nog) een andere tekst (de maatschappelijke rol van de wetenschapsfilosoof), een vergissing dus. Ik postte deze vraag ginder al, mogelijk was die naast de kwestie, maar ook dat is een probleem bij deze format van discussie: probeer al die re:re:re:reacties maar eens te ontcijferen om te begrijpen wie wat nu eigenlijk bedoelt.

Oorlogsfora en verwerpingsspiralen

Weliswaar valt er over smaken te twisten maar, naar mijn mening, kan niemand ontkennen dat een toenemend aantal reacties op internetfora de grenzen van de wansmakelijkheid tarten. Op dat vlak hebben diegenen die tegen de "uitwassen van onze mondigheid rebelleren" een punt: ze rebelleren tegen de uitwassen én niet tegen de mondigheid. Weliswaar zingt iedere vogel zoals hij gebekt is; ook op inhoudelijk vlak verschilt het deuntje van de ene vogel mogelijk sterk tot dat van de andere. Daarom is het naar mijn mening belangrijk om het onderscheid tussen inhoud en vorm goed voor ogen te houden. Hierbij valt het mij op, zonder hierbij te willen generaliseren, dat inhoudsloze en niet of karig beargumenteerde commentaren de neiging hebben om uit te blinken in expliciet taalgebruik. Het lijkt wel alsof men een inhoudsloze reactie enige kracht wil bijzetten door het hanteren van een kwetsend of agressief vocabularium. Het doet me een beetje denken aan het gedrag en taalgebruik dat pubers in een leefgroep (Bijzondere Jeugdzorg) vertonen wanneer ze de 'pikorde' binnen de groep bepalen: haantjesgedrag. De discussie verzandt binnen de kortste keren in een conflict van verwerpingsspiralen en 'welles-nietes-spelletjes': "jij bent begonnen", "alles wat je zegt ben je zelf",... Argumenteren en overtuigen verworden tot overmeesteren en 'oorlogvoering'. In de strijd om de hiërarchie binnen de groep zien de minder taalvaardige jongeren zich aanvankelijk genoodzaakt tot agressief taalgebruik en indien dat niet voldoende is wordt er gebruik gemaakt van fysieke agressie om zich alsnog te doen gelden. Als opvoeder-begeleider is het op dat ogenblik belangrijk om de lont uit het kruitvat te halen en vooral niet mee te gaan in de machtsstrijd. Doet men dit wel dan bevindt men zich voor men het goed en wel beseft in het centrum van het conflict. Bovendien vormen internetfora een virtuele wereld waarbij het niet mogelijk is om fysiek met elkaar in de clinch te gaan en mogelijk heeft dat een versterkende invloed op het agressieve, kwetsende taalgebruik dat gehanteerd wordt. Men komt niet verder dan het uiten van gratuite verwijten en ad hominem-redeneringen.

Dat probleem gaan we naar mijn mening niet kunnen oplossen door de uitwassen te tolereren, mogelijk worden de desbetreffende uitwassen hierdoor nog versterkt. We doen dat evenmin door die uitwassen hardvochtig in een machtsstrijd te bekampen, want ook daardoor worden negatieve uitlatingen en het bijhorende gedrag bekrachtigd. Ik heb de indruk dat het net datgene is wat zich nu afspeelt met betrekking tot diegenen die zich laten meeslepen in hun ergernissen en vanuit dat gevoel van onbehagen "de uitwassen van de mondigheid" aan de kaak willen stellen. Hierbij bestaat het risico van een sneeuwbaleffect: schelden met schelden beantwoorden. Op dat vlak ben ik het eens met de auteur van bovenstaand artikel.

Naar mijn mening worden daardoor de symptomen aangepakt en niet de oorzaken van het probleem. Mogelijk zijn er verschillende oorzaken: een gebrek aan degelijke en goed onderbouwde informatie die het debat zou moeten stofferen; een conflictmodel dat, onder meer door de reguliere media, geïnduceerd wordt en aanleiding geeft tot een inhoudsloze polemiek tussen links en rechts, meer bepaald tussen voorstanders van N-VA en tegenstanders; onvrede bij de mensen aangaande het (politieke) beleid en het gebrek aan inspraak. De verschillende oorzaken werken op elkaar in. Dat de bevolking zich niet meer kan vinden in het beleid dat nationale en Europese politici, op eigengereide wijze, bepalen wordt alsmaar duidelijker - behalve voor de politici in kwestie. Echter, wegens een gebrek aan degelijke informatie leidt een context waarin ontevredenheid hoogtij viert naar een emotioneel in plaats van een rationeel debat (bv. het gebrek aan info in de reguliere media omtrent de EU; als er informatie en duiding gegeven wordt over de EU laat men doorgaans dezelfde stemmen aan het woord en verwatert de informatie en duiding tot eenzijdige pro-Europese propaganda oftewel tot een (politieke) angstcampagne). Bovendien plaatsen N-VA-politici zich, hierbij ondersteund door de reguliere media, tegenover alles en iedereen die een andere mening toegedaan is: N-VA tegen de rest. Inhoudelijke oppositie wordt herleid tot inhoudsloze en platvloerse verdeel-en-heers-politiek die in het voordeel van extreemrechts speelt. Weinig journalisten zijn er, over een periode van ruim 600 dagen, in geslaagd inhoudelijk en kritisch in te gaan op het partijprogramma van N-VA en dragen bij tot het gegeven dat "De Wever met alles wegkomt". Dit maakt dat de publieke opinie niet gevoed wordt met informatie en duiding, i.e., argumenten voor een debat, dan wel met tegenstellingen die gebaseerd zijn op gemeenplaatsen (bv. Walen vs. Vlamingen; "harde werkers" vs. "luie werklozen"; de middenklasse vs. 'het lompenprofitariaat"). Immers, sensatie verkoopt en doet de marktwaarde stijgen. Naast een 'democratisch deficit' is er mogelijk sprake van een vacuüm op het vlak van informatie en duiding. Kunnen we in een dergelijk 'oorlogsklimaat' van mensen verwachten dat ze op een constructieve wijze aan het publieke debat deelnemen terwijl ze enkel voorzien worden van een eenzijdige wapenuitrusting die met scherp schiet?

Tot slot: niettegenstaande ik evenmin politiek-ideologisch neutraal ben leid ik uit een objectieve analyse van de feiten, i.e., de reacties op internetfora, af dat de wansmakelijke verwensingen hoofdzakelijk uit één bepaalde hoek komen, namelijk: extreemrechts. Goed onderbouwde reacties met een politiek links fundament worden vanuit die hoek met hart en ziel, echter zonder overtuigende argumenten, bestreden. Iedereen die een andere mening toegedaan is dan die van de N-VA-adepten wordt met alle zonden van Israël overladen dat het een 'lieve' lust is. Ik vrees dat het Vlaams-nationalisme op dat vlak zodanig is binnengedrongen in 'the minds and hearts of the people' dat een zinnige discussie haast onmogelijk is geworden. Net zoals de Europese Commissie lijdt aan een neoliberaal dogmatisme worden de geesten van vele mensen vertroebeld door een romantisch flamingantisme. In die zin werpt de zinsverbijstering van De Wever & Co zijn vruchten af (cf. Devisch, I.: "De fetisj van de Franstaligen" http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2011/04/14/de-fetisj-van-de-franst... ) en krijgen we op internetfora een projectie te zien van het soort uitwassen die uit het nationalisme ontspruiten.

@Guignol

Dat laatste is heel juist. Als er scheldkanonnades komen kijk ik zoals een sergeant in het leger (a) vanuit welke hoek ze komen en (b) welk doel ze hebben. Doorgaans is dat doel mensen zoals ik het zwijgen op te leggen. Ik leg me daar doorgaans niet bij neer maar blijf door debatteren. Maar wat ik hartsgrondig beu ben is dat men die scheldsalvo's theoretiseert als een ware bijdrage tot het welzijn van ons allen. Op dat punt aangekomen zeg ik het allerlaatste waar ik recht van spreken over heb: mijn recht om met respect behandeld te worden - niet als intellectueel, en nog minder voor mijn standpunten, maar gewoon als mens.

Men moet eindelijk eens doorhebben dat er een politieke strijd bezig is, een heel grote en zware. Lees De Wever en Wilders: het is Totale Krieg voor hen. Die strijd wordt deels gevoerd door middel - precies - van die scheldcultuur, die inderdaad het wapen is van de onredelijken, degenen die vinden dat anderen moeten zwijgen en de hegemonie aan hen moeten laten, dat analyses ongepast zijn want dat het op dat oh-zo-authentieke buikgevoel van mensen aankomt (DAT is immers DEMOCRATIE).

Kom dus niet af met quatch waarin men dit vlug wat instant-sociologische respectabiliteit toeschrijft, alsjeblief. Met democratie en 'stemmen van onderuit' of 'de wereld volgens de lager opgeleiden' (cf Van Reybrouck) heeft dat allemaal niks, maar dan ook n-i-k-s te maken. Wel alles met een streven naar macht, een doelbewuste beweging om de tegenstander niet enkel te verslaan maar te verpletteren en uit het publieke forum te dwingen. Het is een vorm van geweld - verbaal geweld. En geweld wordt ingezet wanneer gezag niet meer pakt. Dus wanneer argumenten hinderen gaan we stoppen met argumenteren, en dan noem ik jou (hier kan een zeer lange bloemlezing gegeven worden van creatief verwoorde stront). je bent daardoor zo geïntimideerd dat je het forum verlaat; dàt soort agressie heb je immers niet verdiend. Gevolg: het forum ligt open voor die versie van de feiten die zich achter scheldproza verstopt.

Ik doe al 25 jaar mee met dit spel. Ik kan U verzekeren dat ik al wat heb meegemaakt. Maar er zijn twee dingen die misschien kunnen overwogen worden inzake mijn positie.

Eén: als ik in een ivoren toren wou zitten dan zat ik nu dààr, niet hier. Het is daar warm, gezellig en rustig, en iedereen is er lief voor iedereen; ik krijg er koffie, applaus en prijzen. Dat is tof. Stel je derhalve eens de vraag waarom ik hier zit en niet daar.

Twee, ook ik ken woede en razernij, en ik zou op vele ogenblikken niks liever doen dan anderen in de platste bewoordingen van mijn opvatting over hen in kennis te stellen. Bij mij leidt woede echter tot een nog grotere inzet en hardnekkigheid om feiten en tegenargumenten naar boven te halen. Ik ben daar trouwens voor opgeleid, ik kan dat beter dan vele anderen.

Dat is trouwens de enige manier waarop ik de woede van mezelf en van anderen kan helpen COLLECTIEF te worden. Dat wil zeggen: door redelijke argumenten te verzamelen overstijg je het niveau van 'kust mijn kloten' en ga je naar een niveau waarop anderen echt kunnen meedoen en meedenken. En in een politieke strijd is dat een wapen: collectieve standpunten, argumenten en ideeën - niet individuele woede. De strijd om de waarheid en niet om het grote gelijk. Het eerste vertaalt zich in een opstand en revolutie; het tweede in een individuele zelfverbranding of een zelfmoordaanslag. Redelijk reageren, tot tien tellen vooraleer je reageert, en nadenken: dat alles is dus een POLITIEKE daad, het gevolg van een politieke beslissing en een deel van een politiek manoeuvre.

Wanneer ik al 25 jaar blijf argumenteren, dan is dat mijn vorm van politiek engagement. Ik schakel datgene in waar ik goed in ben voor de strijd van ons allen. Zoals gezegd, niemand hoeft me daarvoor te respecteren. Respecteer me gewoon als mens. Als ik dat respect niet meer voel, dan ga ik lekker in mijn toren zitten.

Ik had eigenlijk helemaal geen zin om dit alles mee te delen. Ik heb het nu toch gedaan. Calliauw zal wel heel erg boos zijn, maar dat ben ik gewoon.

@J. Blommaert: Scheldcultuur als sabotage-strategie

De scheldcultuur die vanuit extreemrechts gevoed wordt heeft inderdaad als doel elke vorm van een zinnig maatschappelijk debat onmogelijk te maken. Het is een vorm van verbale oorlogvoering waarbij iedereen die zijn hoofd boven het maaiveld uitsteekt ongenadig wordt afgeschoten. Debatteren of discussiëren is weliswaar altijd in meer of mindere mate een stellingenoorlog, echter in het huidige klimaat ontbreken zelfs de stellingen. Net op het ogenblik dat een inhoudelijk debat broodnodig is. Ik kan me evenmin vinden in het argument dat iedereen zomaar zijn (ongefundeerde) mening en verwensingen kan en mag spuien en dat zoiets wordt vergoelijkt met een dooddoener als "de wereld volgens de laagopgeleiden". Let wel: ik ben een voorstander van het principe van vrije meningsuiting, maar die vrijheid van mening eindigt daar waar ze de ander zijn vrije woord en respect ontneemt. Dat is helaas met betrekking tot de hedendaagse scheldtirades het geval en ook de bedoeling. De (emotionele, mentale) impact van die verwensingen valt overigens niet te onderschatten. Daarom ben ik van mening dat het ontzettend belangrijk is om mensen op hun 'debathygiëne' aan te spreken en er tegelijkertijd voor te zorgen dat mensen een debat op inhoudelijke wijze leren voeren: leren argumenteren en overtuigen. Naar mijn mening zou het publieke debat er aanzienlijk op vooruitgaan indien mensen, ongeacht hun achtergrond, grondiger en evenwichtiger geïnformeerd zouden worden. Evenwel brengt dat weinig zoden aan de dijk wanneer mensen doelbewust het publieke debat willen ondermijnen.

Toch rest er mij een bedenking met betrekking tot het pedagogische/sociologische luik: de didactiek van ons onderwijssysteem, in het bijzonder lager en secundair onderwijs, is het laatste decennium zodanig gewijzigd dat kennisoverdracht naar het achterplan verschoven is waardoor jongeren minder over 'parate kennis' beschikken. De klemtoon ligt hoofdzakelijk op vaardigheden en attitude (bv. opzoeken van informatie, motivatie); het betreft een instrumenteel-technische rationaliteit en die leent zich niet tot het ontwikkelen van een kritische maatschappijdiagnose waarbij communicatieve en emancipatorische kennis een belangrijke rol spelen (cf. Habermas: het kennisbelangenmodel). Weliswaar bestaan er vakken als 'communicatieve vaardigheden' maar die richten zich evenzeer op methodische aspecten en minder op het inhoudelijke argumenteren en het eigenlijke debatteren. Jongeren zijn misschien mondiger geworden, maar op vlak van historisch (maatschappelijk) bewustzijn en kritische analyse worden door de band genomen geen hoge ogen (meer) gegooid (zie bv. naar de reacties van jongeren op de stakingen van de vakbonden). Niettegenstaande ik die indruk heb kan en mag men natuurlijk niet alle jongeren over dezelfde kam scheren.

@ Jan Blommaert

Alleen een paar woorden bij uw eerste reactie:
- Blijkbaar was u zo boos dat u niet eens opmerkte dat in mijn column al een link naar uw artikel stond, en dat u die dus echt niet meer hoefde te geven.
- Ik heb dat stuk van u voldoende gelezen, toen en nu. En ik heb er ook al eerder opmerkingen bij gemaakt, in een essay van zowat een jaar geleden (‘Alle die talen’, De Brakke Hond, 01/11).
- Ik vroeg: wie bepaalt de grenzen van wat irrelevant enz. is? De manier waarop u onlangs tot tweemaal toe een discussie (met niet erg veel gescheld) op deze site probeerde stil te leggen is daar een mooie illustratie bij: ú vindt het niet interessant, dus moet het maar ophouden.
- Mijn column ging slechts zéér ten dele over één tekst van u, maar ik vind wel dat uw reactie precies weer die neerbuigendheid toont waarover ik het had: te beginnen bij de titel ‘zucht’, en verder van ‘lees eerst maar eens wat beter’ naar ‘met wat u zegt komen we niet verder’.
- Ik ben dus geneigd op mijn beurt uit de hoogte te doen. Uw reactie is een goed voorbeeld van de soort reacties die ik hekelde: een weinig doordachte reflex. U hebt namelijk erg slecht gelezen: u schrijft me woorden (‘elitair’) en bedoelingen toe die de mijne niet zijn, en u gaat voorbij aan zowat alles wat ik probeerde te zeggen. Kunt u eigenlijk wel lezen? Of hebt u het te druk met uzelf centraal te stellen?

U kunt hierop weer reageren als u dat wenst, maar ik zal niet opnieuw antwoorden.

2 discussies platgelegd?

Welke? Het gaat om (1) het wetenschapsfilosofiedebat, waarbij de verwijzing 'terug naar de koffiekamer' als interventie ook iets benadrukte en dus toevoegde: wat een interne keuken passeert de revue, de teneur van dat stuk van Boudry, alleen wellens-nietens, etc. (2) de discussie over Zizek de geweldenaar, maar volgens mij ging het hier dus om een vergissing, foute post van Blommaert? Even nakijken? Anders: jammer dat net diegenen die bij de interessantste teksten en interventies op deze site posten niet tot een vergelijk kunnen komen.

kunnen lezen

Even ten gronde nu. Ik kan niet lezen beweert Note. Laat ons dus eens precies zijn. Dit is wat Note over mensen zoals ik beweert:

"Ik zal niet doen alsof ik die uitingen op de internetfora meestal sympathiek vind, maar het bovenstaande dunkt me niet beter. In het algemeen tonen deze opinieleiders een formidabele neerbuigendheid, al drukt de ene zich redelijker uit dan de andere. Cafépraat, achterlijk, debiliteiten, wauwelen...: het betekent op zijn állerminst dat die reacties niet ernstig genomen moeten worden, dat ze niet mogen meetellen in weldenkende en welingelichte kringen. Telkens weer wordt ons verzekerd dat de reacties niets met democratie of vrijheid van meningsuiting te maken hebben. Telkens weer wordt een tegenstelling geconstrueerd tussen hun grofheid en ‘onze’ beschaving/beschaafdheid. En telkens weer vraag ik me af of er dus een soort mensen bestaat die kan bepalen wie zich al dan niet beschaafd gedraagt, en wat al dan niet tot de meningsvrijheid of de mondigheid behoort."

Hij kan zich er in alle mogelijke bochten proberen uit te wringen, maar ik lees hier opeengepakte intentieprocessen geprojecteerd op, onder andere, mij - ad hominem. De 'neerbuigendheid', het feit dat wij 'reacties niet ernstig nemen', 'dat ze niet mogen meetellen in (onze?) weldenkende en welingelichte kringen', we scheppen tegenstellingen tussen 'hun grofheid' en 'onze beschaafdheid', en bovenal leggen wij criteria op inzake 'meningsvrijheid', of proberen we dat minstens te doen. Met een retorische vraag bevestig je het uitgangspunt, en over contextuele inferenties heb ik een boek geschreven dat zeer goed verkoopt, Note. Kom nu niet met je poep draaien dat ik je woorden in de mond leg - ze liggen er wel degelijk al een tijdje in, lang voordat ik erin keek.

En geef dan zelf eens antwoord op je vragen? Wie bepaalt dat, ja? Heb je daar iets op te zeggen? Zo niet stel ik voor dat we dat als een collectief gebeuren zien waarbij de ene keer de ene z'n regels laat doorwegen, de andere keer de andere, en waarin er telkens een hele reeks regels zijn waaruit kan geput worden, door mij, door Note, door iedereen. Ik hoop dat dat niet te ingewikkeld is. Ook daarover heb ik een boek geschreven. Ik kan namelijk misschien niet lezen maar wel een klein beetje schrijven.

Ik vind dit standpunt dan ook leugenachtig en stompzinnig en het maakt me heel erg nijdig, net omdat ik dit punt zo uiterst belangrijk vind. Het standpunt van Note is modieus in de meest negatieve zin van het woord: kak maar op de intellectueel, maar ontwijk alle knelpunten die daarbij opduiken. Stel retorische vragen, blijf wat tongue-in-cheek en doe vooral heel erg slimmerig met een 'soupçon' van analyse en zo. Maar zég alsjeblief n-i-e-t-s. Lees de columns in De Standaard en De Morgen en je weet waarover ik het heb.

Als Note de vraag stelt naar normen, dan zou het goed zijn als hij ze zelf van een antwoord zou voorzien. Zoals ze nu gesteld is - in de lucht hangend - is ze een onrechtstreekse ad hominem aanval, hier boven klaar herhaald en zeer precies aan mij gericht, maar zo laf gesteld dat hij steeds kan zeggen 'm-m-m-maar dat heb ik ècht niet zo bedoeld'!! En intussen staat het geheel bol van de suggesties. Welnu, hij kan zeggen dat ik niet kan lezen, pretentieus ben en ga maar voort - dat is zooooo modieus, dus hij scoort daar wreed veel punten mee - maar ik geef wel steeds de criteria aan waarbinnen IK werk. Geeft hij de zijne aan? En waarom niet? Zou dat té veel duidelijkheid scheppen voor het leespubliek en daardoor toch iets oubolliger en minder modieus klinken? En daardoor ook z'n eigen argument openen voor kritiek over die criteria - wat de reden is waarom hij de mijne kan aanvallen?

In een vorige interventie heb ik een illustratie gegeven van waartoe die suggesties kunnen leiden. We kunnen echt wel kiezen uit een hele reeks criteria waarlangs we debatteren. Dus laat maar horen welke we best volgen, nietwaar. Ik ben één en al oor.

even vergeten

oh ja, Note heeft eerder al laten weten dat hij niet meer reageert. Prima vorm van debathygiëne.

diep ademhalen

Beste mijnheer Blommaert, u doet volledig hetzelfde bij de reactie van mijnheer Calliauw, u geeft uw mening en geeft in de volgende zin direct mee dat een tegenreactie nutteloos is omdat u zich uit het debat onttrekt, u doet dit trouwens in uw reactie hierop (een reactie op uw eigen reactie dus.) nogmaals met in de titel te verwijzen naar deuren die dicht gaan. Als u zich werkelijk uit een debat wil onttrekken dan moet u niet schrijven dat u stopt, maar dan moet u gewoon stoppen, dit geldt eveneens voor mijnheer Note.

Nu, mijnheer Blommaert, u neemt hier wel enorm hard een slachtofferpositie in, ik vind het enorm erg voor u dat u voor uw mening bedreigd wordt voor uw leven en dat van uw famillie. Ik vind het eveneens enorm jammer dat mensen vinden dat ze u een gevaar voor de democratie vinden. Maar let wel; het is niet omdat u dit meegemaakt hebt dat u nu het recht verdient om dergelijke zaken toe te wijzen aan de reacties van 'de gewone mens', en onder dit mom dan maar de mening van de 'gewone mens' als minderwaardig beschouwen, want dat doet u op tal van manieren, misschien onbewust. U mag begrijpen (u moet van mij niets) dat bepaalde uitingen vanuit intellectuelen (of zoals u het zo mooi zegt, mensen zoals u) een zekere frustratie kan en zal opwekken. U bent gewend als intellectueel aan bepaalde manier van debatvoering, waar bronvermeldingen, referenties, onderbouwingen en dialoog centraal staan. En vooral ook geen schuilnamen, die argumentatie had ik ook al gehoord. Maar u mag wel beseffen dat u en de uwen daarom geen patent heeft op debatvoeren. Uw stuk over debathygiëne vond ik daarin ook tekortkomen, U hekelt daarin namelijk sterk het schelden en het ongeoorloofd meningen spuien, maar verder dan uw vooraf bepaalde debatprincipes komt u ook niet, terwijl juist daar de uitdaging zal liggen om de intelectuele debatprincipes te kunnen afstemmen op die van de man aan de bureau, op de straat en zelfs in de goot. Onbeleefdheden en schelden horen daarbij, jammer genoeg, maar gaandeweg zal men er enorm waardevolle meningen oogsten, en het zal een empowerende impact hebben op de gesprekspartners, na verloop van tijd verdwijnen die onbeleefdheden en scheldtirades en blijft er een waardevolle gesprekspartner over.

We kunnen dit niet bereiken door aan de vorm van het debat vast te houden, maar juist door er buiten durven te gaan, door constant op zoek te gaan naar de inhoud achter de scheldwoorden en die inhoud tot een dialoog brengen. In de meeste gesprekken die ik op dergelijke manieren ervaar, valt het me steevast op dat om het schelden te stoppen enkel moet durven doorgaan op de inhoud en motivatie van de persoon. En dan bedoel ik dus niet: Jij zegt A en dat kan niet want X heeft B geschreven en zoals Y zegt, staat Z recht. Daar heeft die persoon geen boodschap aan. De eerste stap voor de gesprekspartner is weten dat hij begrepen wordt. Vraag verduidelijking met open vragen, spreek hem rechtstreeks aan (ook online), probeer nog niets te weerleggen, maar help hem om zijn eigen mening te kunnen vorm geven. Eenmaal als de persoon echt aangeeft van zich begrepen te voelen, dan kan het debat beginnen. Jammer genoeg kost zoiets tijd en zijn nog weinigen geïnteresseerd om hiering te investeren, net dat is nodig voor een optimalisatie van democratische processen.

Graag geef ik ook nog even mee dat scheldreacties en onbeleefd reageren (of hoe noem ik het?) meestal zaken zijn van 'niet kunnen ' en niet zozeer van 'niet willen' (zelf al denken ze dat dit niet zo is), Ik zie het (mening) dan ergens ook als uw morele plicht, maar eveneens de mijne, om vanuit onze capaciteiten op zoek te gaan naar manier om ook het schelden te kunnen vertalen naar het debat, dat dit moeilijk is en tijd kost staat vast, dat het interessante resultaten kan opleveren, des te meer.

Wat trouwens niet wil zeggen dat er uitzonderingen bestaan. Zo heeft mijnheer Calliauw zelf al regelmatig aangegeven dat hij meer op zoek gaat naar provocatie dan naar inhoud. Hij mist mijn inzienst ook de capaciteiten niet om beschaafd in debat te treden, maar het lijkt me een bewuste keuze van zijnentwege om dat niet te doen. En ik denk dat uw inschatting dan ook kan kloppen dat we enkel met hem in debat moeten gaan als we bereid zijn om een verbaal robbertje te vechten. Wat hij denk ik ook verwacht.

aan L.V

Wat stoppen en doorgaan betreft: ik schets de contouren daarvan in diverse interventies hier. Op Calliauws argumenten ga ik niet meer rechtstreeks in, enkel nog in de algemeenste termen. Zie elders in de reacties. Met hem is de discussie gesloten, met anderen niet.

Uw hoofdpunt is dat we inhoud moeten bijven zoeken in scheldsalvo's. Prima. Hier is een voorbeeld. Kan U mij wat 'inhoudelijke' aanwijzingen geven?

(afzender van onderstaand bericht: Rick Zeeland uit Zoetermeer)

Zo kanker linkse tyfuslijer

Mensen zoals jij verpesten dit land!!!

Prof. Kankerlijer

Breek ik je hoofd in 10 stukken
Kijken wat ik voor cijfer krijg!!

Goed om te weten welke kankerkop
Er bij die naam hoord

Linkse tyfus lijer

Hopen dat ik je tegen kom!!!!

Tot snel en kijken

Pvv komt je halen!!!!!

Om het met de woorden van Piet Huysentruyt te zeggen: 'wat hebben we hier geleerd?' Welke inhoudelijke boodschap hebben we hier aan? Dat zo'n gescheld bestaat? dat wist ik al, U ook. Dat de persoon in kwestie mij haat? dat is ook weinig verhelderend. Dat hij me bedreigt? ook niet echt groot nieuws. Dat hij een aanhanger van de PVV van Wilders is? ja, maar zowat alles wat je in Nederland krijgt komt van daar, het zou verbazend zijn indien dit niet uit die hoek kwam. Dus, ja, laat ons vooral zoeken naar inhouden. Maar hoe lang?

Dan zegt U:

"U hekelt daarin namelijk sterk het schelden en het ongeoorloofd meningen spuien, maar verder dan uw vooraf bepaalde debatprincipes komt u ook niet, terwijl juist daar de uitdaging zal liggen om de intelectuele debatprincipes te kunnen afstemmen op die van de man aan de bureau, op de straat en zelfs in de goot. Onbeleefdheden en schelden horen daarbij, jammer genoeg, maar gaandeweg zal men er enorm waardevolle meningen oogsten, en het zal een empowerende impact hebben op de gesprekspartners, na verloop van tijd verdwijnen die onbeleefdheden en scheldtirades en blijft er een waardevolle gesprekspartner over."

Eén: waarom zouden onbeleefdheden en schelden daarbij horen? Waarom zou dit zo moeten zijn? Die meneer achter het bureau wordt ontslagen wanneer hij onbeleefdheden en scheldwoorden op z'n werk gebruikt. Waarom zou hij dat dan mogen gebruiken tegen andere burgers in een debat? Is er één reden waarom dialoog tussen mensen opgeladen zou moeten worden met verbale krachtpatserij en geweld? Is er een reden waarom de publieke discussie een plaats moet zijn voor de ruigste minachting van mensen? Ik vind van niet, en - zie verder - die vraag is niet attitudineel maar politiek, en politiek van zeer groot belang. Dat is de reden waarom we er hier over debatteren en waarom ik er overdaad van woorden aan besteed.

Twee: U zegt vervolgens "maar gaandeweg zal men er enorm waardevolle meningen oogsten, en het zal een empowerende impact hebben op de gesprekspartners, na verloop van tijd verdwijnen die onbeleefdheden en scheldtirades en blijft er een waardevolle gesprekspartner over." Da's mooi, en een zeer optimistische kijk op wat zich afspeelt in realiteit. In de feiten blijft een scheldkanon een scheldkanon. Ik heb in mijn rijk gevulde loopbaan als doelwit van agressie nog nooit iemand gehad die zich verontschuldigde voor z'n scheldwoorden na een rationeel betoog te hebben aanhoord. Nul keer. Volg eens een weekje de debatten op politics.be of geenstijl.nl. Wat je zal zien is het patroon dat ik beschrijf. Wie poogt een redelijk argument te bouwen wordt uitgekafferd, net zolang tot hij/zij het forum verlaat, waarna de blaffers grinnikend tegen mekaar zeggen: 'weer een scalp aan onze gordel, goed bezig'. Om in de buurt te blijven: Calliauw heb ik nog niet veel bedaarde en helder geformuleerde reacties op mijn interventies weten geven - één? twee misschien? Voor het overige zingt hij telkens precies het liedje dat hij hier zingt. Gedachtewisseling in de zin van 'wisseling van gedachten' is er doorgaans helaas niet bij.

Ik kan daarmee leven, want in tegenstelling tot wat U suggereert samen met anderen ben ik niét van oordeel dat enkel 'beschaafde' stemmen in het debat horen. Ik leg aan mezelf een debat-deontologie op, dat is dat. Ik ben wel van oordeel dat OOK DIE 'beschaafde' stemmen erin horen, en dat verbaal geweld tegen hen even goed als de infantiele 'linkse kerk' argumenten van Note en Calliauw, als gevolg hebben dat er steeds minder van dergelijke stemmen aanwezig zijn. Dus: is die tolerantie wederzijds? Ik moet gescheld aanvaarden als deel van deze ruimte, prima; maar kijk eens hoe mijn eigen standpunten hier worden beschreven? Terloops: men schrijft mij ook een macht en een gezag toe die ik niet heb. het zou leuk zijn voor hen indien dat wél zo was, maar helaas heb ik op een forum zoals dit slechts het statuut dat elke andere deelnemer heeft.

Mijn verzet tegen gescheld wordt - zoals ongeveer alles vandaag de dag, zelfs 'de markten' - gepsychologiseerd. Dat wil zeggen gedepolitiseerd. Terwijl ik nu net in het lang en het breed al een decennium lang argumenteer dat het opduiken van deze debat'cultuur' een politiek gegeven is, deel is van een politieke strijd waarin machtsposities aan het verschuiven zijn. Ik heb dat in andere reacties in meer detail beargumenteerd, en ook verwezen naar vier boeken waarin dit allemaal kan gelezen en bekritiseerd worden.

Op dat kritieke punt van analyse heb ik hier echter nog niemand horen ingaan. Neen, want dat vergt wat kennis van de feiten, wat denkwerk, en een stapje terug naar beschouwing en kritisch onderzoek, en dat is duidelijk niet meer in de mode. In de plaats daarvan krijg ik psycho-babble waarin mij allerhande karakterfouten en onhebbelijkheden worden toegeschreven - en zo hoopt de scheldende partij het gelijk aan zijn kant te krijgen. Ik verzet mij hier tegen, want het is een infantilisering van de discussie, een houding die ten gronde niets nog au sérieux neemt, en meent dat enkel provocatie of postmoderne mijmering de goeie manieren zijn. Welnu, ik ben het daarmee niet eens, heb daar tonnen argumenten voor verschaft, en ben dus niet tevreden met het afwijzen ervan op grond dat ik arrogant of pretentieus zou zijn.

Als ik een metaalarbeider zou verwijten dat hij metaalarbeider is en de kenmerken van die achtergrond met zich meedraagt dan is het kot te klein. Met 'hoofdarbeiders' - het arbeidsrechtelijke statuut van intellectuelen zoals ik - mag dat blijkbaar wel. Meer nog: dat moét men blijkbaar zeggen dezer dagen, want anders is onze democratie in gevaar. Geef de intellectuelen ongenadig op hun donder omwille van de beroepskarakteristieken die ze hebben. In 'De crisis van de democratie' heb ik daaraan zo'n driehonderd pagina's gewijd. Politieke analyse, geen karakterbeschrijvingen.

toch weer wat makkelijk

Neerbuigende opinie die klaagt over neerbuigende opinies. Moet kunnen.

de vraag was

De vraag was: wie bepaalt hier de normen, en de suggestie is dat ik dat probeer. Te belachelijk voor woorden, een debiliteit simpelweg, en één die aantoont wat een aansteller Note is.

De voorbeelden die die onnozele carnavalszot Note geeft gaan over een reactie die ik plaatste, waarin ik zeg dat er zes-zeven threads over hetzelfde thema lopen, waarin de zaak van de wetenschapsfilosofie telkens weer simpelweg op de man gespeeld wordt. Een reactie; en noteer dat ik tot dan stilletjes had mee gedebatteerd. Het was dus één van een reeks reacties. Ik ben zelf wetenschapper, dus het gaat hier niet om relevantie per se - het gaat over een debat dat compleet uitgespeeld is. Ik weet waarover ik het heb en ik ken ook de deelnemers aan het debat. Mijn interventie is dus niet willekeurig (te ingewikkeld voor het Sympathieke Fietszadel Note weliswaar, dat soort overwegingen, hij telt liever de taelfoudten).

Hoe kan ik nu 'pogen' een 'discussie stil te leggen'? wat voor een monumentale zever is dat? Ben ik de moderator van deze site? Ben ik eigenaar van DWM? Neen, ik ben een burger die een vraag naar relevantie stelt - ik bepaal die relevantie niet. Die vraag staat Note niet aan, dus krijg ik van die bekrompen lul de verdenking van machtsmisbruik in mijn richting geduwd. Zo genuanceerd is die paddestoel; de argumenten barsten werkelijk van de hoeveelheid nuances die ze bevatten. Eenvoudiger gesteld: wat een complete en catastrofale kletskoek, en wat een monumentale oen die ze produceert. Dat hij eens zegt wat we uit die zes-zeven eindeloze en bittere threads aan fundamenteels hebben opgestoken. Dat Note zijn pretentieuze kop daar eens heen draait.

Voor het overige zie je deze interventies best als een stijloefening. We kunnen het op DWM ook zo hoor. 't Is maar dat iemand de regels moet stellen, dixit die arrogante en betweterige, bovendien lichtgeraakte en onwaarschijnlijk oppervlakkige dwaas van een Note, en ik ben duidelijk niet degene die dat kan doen. Hij wel - poser la question c'est la répondre - dus hier rolt mijn buikgevoel in woorden gewikkeld voorwaarts, recht naar de onafwendbare overwinning.

Het is leuk onbeschoft te zijn. Mijn respons hierboven was een behoorlijk precieze samenvatting van wat ik hierboven schrijf, in een stijl die Note niet per se fout vindt. Moet dus kunnen, ja.

...

Nu het er toch over gaat:

Het debat over wat wetenschapsfilosofie is anno 21ste eeuw, en wat de ideologische achterkant is van het filosofisch populisme dat zich als gepopulariseerde wetenschap verkoopt, moet nog goed en wel beginnen, hopelijk doen jullie nog even mee... na de sokal-frats van Boudry de 'ongelovige thomas' Van der elst op DWM, tekstje: 'durf zwenken', waarmee hij ook even de ganse DWM te kakken wou zetten, blijkt Sam Van Rooy boven water te komen, lid van de vrolijke familie, die is zelfs bij Wilders buitengezet vanwege te grof. Skepp als het rating bureau van wetenschap, toch iets om in het oog te houden vrees ik.

ik had het over het opiniestuk dat boven de commentaars stond

soit. ik zie dat ik inbreek op een feestje. Carry on.

ter verduidelijking

Ik vind het opiniestuk - dus niet de reacties - tendentieus. De schrijver bevestigt zijn superioriteit door te sneren naar wat hij grammaticaal slecht beschouwt. Bovendien interpreteert hij bewust of niet de standpunten die mensen naar voor hebben gebracht. Hij reduceert, soms subtiel, soms toch een beetje debiel - excuse my french - alles tot een zwart-wit verhaal met elitairen versus het volk.
Wat hij niet uitgelegd krijgt is wat de (al dan niet democratische) meerwaarde is van een forum dat wordt geregeerd door totaal idiote scheldtirades en ongefundeerde aanvallen op personen. Maar hij besluit: er zijn ergere zaken in de wereld. Duh.
Bon, waarvan akte, ieder zijn moment. Ik lees echter tien keer liever een genuanceerde, respectvolle opinie van Manu Claeys, inclusief zijn charmant gebruik van het woord schofterigheid. Het verschil tussen Manu en de auteur van dit opiniestuk is dat Manu zich dagelijks inspant voor inclusieve, participatieve democratie.
Hij kan een praktische definitie geven van input waar je iets mee kunt en input die misschien leuk is om te schrijven (kutlulteringtyfusteef!, kijk, ik kan het ook hoor!) maar waar je dus niets mee kunt. Wat auteur van dit stuk daar mee doet, is voor zijn rekening, maar absoluut niet correct.

Laat alle liedjes klinken

@ Jan Blommaert, u doet 'de deur dicht' op een wel makkelijke manier. De arrogantie ten top. U, die een gevierd causeur bent aan de linkerzijde en ook volgens mij zinnige dingen zegt en schrijft die ik lees, schrikt van bijvoorbeeld mijn 'vaak extreem verbaal geweld waarin ik zowat alles moet slikken wat onderaan de billen van de mensen plakt, incluis bedreigingen voor mijn leven en dat van mijn vrouw en kinderen...'. ('Adieu met een voetnoot').

Mag ik hier eens hartelijk mee lachen? Mag ik er op wijzen dat ik niets tegen u persoonlijk heb, maar wel tegen enkele standpunten die u vrijelijk uit? Ietwat ironisch reageerde ik met 'Van de hond zijn kloten'. In alle bescheidenheid, met argumenten.

Als 'blaffende hond' met wat kenmerken van de filosofische cynici waarover Foucault met meer engagement les gaf dan u, wou ik dit debat, nou ja, wat diepgaander maken.

Toegegeven, niet zonder de noodzakelijke grofheid. Noodzakelijk, dus. Het conflict zoekend als motor van vooruitgang, zoals ik van de u ook niet onbekende Hegel leerde en in mijn genen heb. En als oudje dat in de zestiger jaren als 'Provo' bekend stond, maar dat terzijde.

Uw houding is interessante stof voor onderzoek naar de plaats die intellectuelen van uw type in het linkse discours innemen. Over hun werkelijke waarde hier in. 'Welnu, ik ben een mens zoals jullie allemaal', onthuld u gekwetst.

Dat betwijfel ik niet. Blijkbaar wel met lange tenen wanneer uw prestige in het gedrang dreigt te komen. U lijkt me exemplarisch voor dergelijke zeker hardwerkende intellectuelen die menen het alleenrecht te hebben op een 'kwaliteitsvol publiek debat'. U vergist zich.

U steekt uw kop boven het maaiveld uit. Het onrechtvaardige risico is u bekend. Een golf van grove reacties is dan het minste. U hebt inderdaad 'niet de plicht om te discussiëren met iedereen, over alles, op eender welke toon'. Uw 'toon' is ook hier minstens gemakzuchtig, ontwijkend.

Het vervelende met reacties en artikels die u in koelen bloede op Internet zet, is uiteraard dat u geen keuze kan maken uit 'iedereen' (Elckerlijc) en de u geschikte / bruikbare opponent uitkiezen. Misschien zijn uw reacties hier voor mij wel meer 'vervuilend' dan die van Klein Pierke?

Van uit uw beperkt gezichtsveld meent u : ' Het schuimbekkend gehuil in fora en dergelijke richt zich vrijwel onveranderlijk naar mensen zoals ik, die verwenste intellectuele elite 'op haar troon'....' ('Adieu met een voetnoot')

Voelt u zich niet iets te belangrijk? De 'wilde reacties op internetfora...' waarover Joris Note het heeft zijn alom te vinden. Ik kan naar aanleiding van mijn artikels geheid rekenen op dergelijke reacties. En meen dat ze binnen de grenzen van het wettelijke en welvoeglijke wel degelijk behoren tot een ruim discours, het publieke debat. Ik ben dan ook geen bedreigde intellectueel met vrouw en kinderen...

Ik las nog eens uw artikel 'Publieke debathygiëne'. Nog al belerend, iets waar 'straathonden' als ik allergisch voor zijn. U bent dat duidelijk voor de straat waar Diogenes thuis was.

' Hij en ik horen niet in dezelfde ruimte thuis', zegt u over mij. Redelijk arrogant en kortzichtig. Beseft u hoezeer u hokjes afbakent, labels plakt, het recht meent te hebben de openbare ruimte van Internet naar uw hand te zetten?

Zoiets kan opgelost worden en loste ik dikwijls op. Uit conflict groeit soms een vruchtbare dialoog. Maar soit... De deur is dicht. U geeft uw spreekrecht op wegens beneden uw niveau.

Vooraleer u met een 'zucht' de deur definitief dicht gooit, nog dit. Ik isoleer één zin uit ' Publieke debathygiëne'. Wat oneerlijk, het ganse stuk kan via uw reactie gelezen worden. (Link onder 'Zucht').

Citaat : 'Onze democratie wordt dan ook niet per definitie beter van het feit dat steeds meer mensen hun eigen mening publiceren'. 'Niet per definitie' is uiteraard een handige vluchtweg. De toon van deze zin is me echter glashelder.

Dat Jan met de pet met Internet de onwaarschijnlijke ongecensureerde kans voor open doel krijgt om zijn / haar mening ter kennis te brengen van velen is u een gruwel. Niet alleen voor u, in dictaturen wordt Internet gecensureerd. In uw leven en dat van uw vrouw en kinderen voelt u zich nu zelfs bedreigt.

Ook 'onze' (de uwe?) democratie is in gevaar door de 'Uitingen en uitwerpselen' waarover Joris Note publiceert. U beschikt echter over de mogelijkheden, een opleiding, de middelen, de 'macht' om uw verhaaltjes te slijten.

Jan met de pet grijpt wat hem bruikbaar is om zijn / haar mening te geven. Ooit waren dat kalk en borstel en beledigende slogans. Graffiti zijn er het boeiende broertje van. Nu is dat Internet. Wat is daar mis mee?

Ik ben bekend als levenslang extreem links met een inhoudelijk anarchistisch sausje. Ik moest en moet binnen de arbeidersbeweging vechten tegen de ordinair 'arbeideristische' mentaliteit die iedereen die een boek leest, tot een parasiet verklaard. 'Dat zijn al die mensen die hun liedje zingen...', zegt u. '... En ik moet dat bovenal begrijpen...', verzucht u.

Juist, Blommaert, u wordt geacht dat te begrijpen. Van u wordt verwacht naar die liedjes te luisteren, ook al klinken ze vals. Als prof wordt u er voor betaald. Natan Hertogen heeft het in zijn reactie terecht over 'Opvoeding'. Opvoeden gebeurt met respect en geduld voor hen die nog weinig weten. Jezelf levenslang blijven opvoeden is niet verboden.

Ik ben verbluft dat u als taalkundig antropoloog in uw reacties geen aandachtig oor vraagt voor het gezang van het 'lompenproletariaat' (dat niet bestaat in België). In plaats van het elitair naar de mesthoop te verwijzen.

Het vlotjes overnemen van de term 'lompenproletariaat' in enkele reacties bij dit artikel van Joris Note getuigt van de onwaarschijnlijke minachting voor de 'lagere klasse'. Kan het verbazen dat die 'lagere klasse' al eens duidelijk en onverbloemd reageert op deze grove beledigingen van mensen die zonder dt-fouten schrijven?

Achter uw nu veilig gesloten deur zal alles harmonisch klinken, Blommaert. Het is u gegund. Waar ik leefde en leef klinkt dat liedje hard, vulgair en beledigend, maar politiek en menselijk niet minder boeiend. Laat als socialist dus alle liedjes klinken.

PS - @ Jan Blommaert, u sloot de deur toch niet helemaal. In uw reactie ('Guignol') die ik net las, besluit u : 'Calliauw zal wel heel erg boos zijn, maar dat ben ik gewoon'. Woede lijkt me geen slechte motivatie. Er is evenwel meer. U moet door het bos de bomen zien. U fixeert zich op mijn door u als belediging aangevoelde passages in teksten die veel van columns hebben. Zo ben ik gebekt. Inhoudelijk hebt u nooit gereageerd, wel in de stijl van de verfoeide internet vandalen.

Mag het over de inhoud gaan? Mag een 'toon' aangeslagen worden die kenmerkend is voor talloze discussies tussen exacte wetenschappers, in de menswetenschappen, in ideologische polemieken... Las u de teksten van de 'jonge Marx', Lenin, Bakoenin, Rosa Luxemburg,... in hun conflicten met andere progressieve denkers? Met 'kameraden'. In vergelijking met wat u nu ergert is de gedachten wisseling alhier bijzonder beschaafd...

mooi

Het is heel mooi te zien hoe Calliauw begint met de verzekering dat hij niets tegen mijn persoon heeft, en de laatste twee derden van zijn zijn stuk volledig op de persoon speelt. Op de zogeheten argumenten heb ik al een dik jaar geleden geantwoord. Dus Kameraad Calliauw, einde gesprek met jou (ook Marx deed dat).

geen analyse? geen begrip?

Zowel Note als Calliauw zeggen dat ik het geblaf van de honden minstens zou moeten analyseren en dat ik de plicht heb om er 'begrip voor op te brengen'. Ik geef graag mee dat die analyse al lang geleden uitgevoerd is door mij, en dat ik dat nagenoeg constant doe. Dit zeggen heeft allicht weinig zin, want de feiten doen hier blijkbaar niet ter zake, wel de karikatuur die men zo graag neerzet en aanvalt. Maar toch, ik overloop:

-Ik stel vast: Politiek taalgebruik, politieke vernieuwing en verrechtsing (EPO 2001)
-Populisme (met E. Corijn, D. Lesage & M. Holthof) (EPO 2004)
-De crisis van de democratie (EPO 2008)
-De heruitvinding van de samenleving (EPO 2011)

Ik kan hier ook nog een lijst van artikelen opsommen, maar wat hier staat zou al moeten volstaan en ik gaf eerder al een DWM lijstje. Ik analyseer en 'breng begrip op' voor die zaken, al meer dan een decennium lang. Ik doe dat vanuit een methodologie die wereldwijd navolging kent en uitgewerkt staat in een ander boek: 'Discourse: A critical introduction' (Cambridge University Press 2005), leesbaar mits enige inspanning voor de geïnteresseerde leek.

Ik neem aan dat Note en Calliauw die zaken niet gelezen hebben, want ze verwijten mij dat ik GEEN analyses breng en me beperk tot 'gemakkelijke' hautaine afwijzingen. Welnu, de boekjes die ik oplijst hier zijn in het Nederlands, zo toegankelijk mogelijk geschreven, en geschreven met het opzet van een ruim publiek te informeren over verschuivingen in het politieke discours die van belang zijn - zodanig van belang dat Note en Calliauw er eveneens hun aandacht op vestigen. Er is geen derhalve excuus: dit is geen esoterische lectuur; wie mij wil aanvallen had ze best eerst kunnen lezen.

Dus wie is hier hautain? Degene die vanuit een enorme hoop analyse constant zaken duidt, of degenen die in weerwil daarvan beweren dat ik ze niet duidt en zou moéten duiden? Degene die de feiten zoekt en publiceert, of degene die die analyses niet de moeite vind om te lezen en dus van oordeel lijkt dat men ze niet nodig heeft? Degene die een groot gedeelte van z'n werktijd spendeert aan - precies - het begrijpen van die fenomenen, of degenen die van de daken schreeuwen dat ik dat nu dringend maar eens moet gaan doen?

Wie permitteert zich hier wat? Wie maakt het zich hier gemakkelijk? Wie neemt een volkomen luchtige pose aan met het vingertje strak vooruit in mijn richting en zonder last van feitenkennis - ik ben immers intellectueel, dus ik weiger a priori begrip op te brengen voor die zaken, en ik zou ze minstens wat aandacht moeten geven?

Wel, niet ik. Ik ben hier allicht de enige die dat soort zaken wel degelijk écht au sérieux neemt, zo serieus dat ik er boeken en artikels over schrijf, telkens voor een ruim publiek (en dus zonder academische punten op m'n rapport), telkens met zeer duidelijke uitgangs- en standpunten, want ik heb inzake mijn posities in het debat en mijn aanpak van die fenomenen niets te verbergen; doe ik dat wel, zoals Note en Calliauw, dan vervals ik het spel. Mijn insteek en standpunten liggen open en bloot op tafel en kunnen daardoor ernstig bekritiseerd worden - naar de hunne hebben we het raden want, ach, die dwaze intellectueel toch! Met wie kan men dan een echt inhoudelijk debat voeren, met degene wiens visie compleet ter tafel ligt, of degene die ze (als ze er is) in de mouw houdt?

Note heeft die analyses van mij niet gelezen want hij moedigt me aan om naar die dingen nu eindelijk eens te gaan kijken. Calliauw heeft naar eigen zeggen gewoonweg een 'allergie' aan dat soort teksten. Ze komen dan ook tot volkomen gratuite stellingen gebaseerd op vaste, uitgesleten en modieuze posities, en politiek simpelweg infantiel. Zoveel respect hebben die heren voor die ruimte die ze absoluut de 'ruimte van iedereen' willen houden. En ja, dan moet ik in hun beeld diegene zijn die deze ruimte absoluut voor mezelf wenst te houden.

Ik heb mijn motieven boven vrij duidelijk neergepend. Ze zijn politiek en didactisch. Want Bakoenin was het misschien niet eens met Marx en viel Marx met overgave aan, maar hij had Marx wel eerst grondig bestudeerd. Dàt is wat ik bedoel: neem eerst eens kennis van wat feiten - neem de feiten au sérieux heren - en bepaal op grond daarvan Uw standpunt. En laat dat standpunt dan een antwoord zijn op de gegevens en argumenten die ik bouw, geen aaneenrijging van intentieprocessen en denigrerende uitlating over hoe stom, arrogant en elitair ik wel ben als persoon; dat is allemaal waar; ik ben ook nog lelijk bovendien en ik rook - et alors? produceer ik daardoor a priori een dwaalleer, een ketterij?

Het is heel jammer voor Note en Calliauw, maar dat soort lege uitspraken bewijzen niet dat ik het verkeerd voor heb. Ze sturen me wandelen omdat mijn schoenen niet gepoetst zijn - omdat ik niet de juiste boodschapper ben in hun ogen. Laat dat 'conflict' waarmee Calliauw zwaait draaien waar rond het moet draaien: de boodschap en niet de boodschapper. Doe Marx ook in dat opzicht eer aan Calliauw, en vergelijk jouw gebagger niet met zijn aanpak: hij noemde mensen 'dom' en 'dwaas' NA een zorgvuldige inhoudelijke analyse van hun standpunten, niet VOORAFGAAND aan de analyse, en nog minder IN PLAATS VAN de analyse.

Als ik me verzet tegen de scheldcultuur dan is het enerzijds voor de redenen die ik eerder al heb gegeven - ze zijn een politiek wapen in een hevige politieke strijd - anderzijds is dat omdat ik ze BEGRIJP en omdat ik ze grondig heb geanalyseerd. Ook hier zien we de infantiliteit van het argument van Note en Calliauw: 'begrijpen' staat voor hen blijkbaar gelijk met 'goedkeuren' en 'aanvaarden'. Jammer mijne Heren: begrijpen kan leiden tot een stevig gemotiveerde afwijzing van dergelijke fenomenen, een zware en onvoorwaardelijke veroordeling die net zoals bij een rechter uitgesproken wordt nadat de feiten BEGREPEN zijn. Ik verzet me tegen die scheldcultuur om redenen die je in de boven vermelde boekjes zal vinden, uitgespreid over zo'n zeshonderd bladzijden analyses en bedenkingen en toegankelijk voor eenieder die er zin in heeft (of die deze zaken even au sérieux neemt als ikzelf, en ze even grondig probeert te begrijpen). Mijn verzet treft de politieke functie van dergelijke scheld-bombardementen, het feit dat ze een vorm zijn van geweldpleging en als doel hebben de argumenten samen met de argumenteerder te doen verdwijnen, en zo hegemonie te scheppen in de publieke ruimte.

Nu kan je het met die politieke analyse eens of oneens zijn. Als je erop doordenkt zal het je hopelijk opvallen dat niet alles van dat gescheld voor mij niet thuishoort in het debat, maar wel die vormen en voorvallen die een welbepaalde politieke functie hebben, degen die ik boven geef. Vandaar mijn 'in principe', Calliauw: bepalen of uitspraken iets bijdragen of niet is de uitkomst van een analyse. Ik voer die analyses uit en ik geef ze door in teksten - jij niet, Note evenmin.

Dat is de politiek infantiele positie die jullie verkiezen: doe alsof je weet waarover het gaat, zeg goed klinkende dingen die je wat applaus oogsten daar buiten, en verwerp a priori alles wat uit een bepaalde hoek komt. Het effect dat jullie daarmee dreigen te resulteren is precies datgene wat de rechtse scheld-artillerie beoogt: haal die rot-intellectuelen van links nu eindelijk eens weg uit dat publieke debat. Laat alle liedjes maar klinken, en doe vooral of ze allemaal even veel waard zijn - die oprechte woede van de mensen! dat buikgevoel (het meest precieze kompas voor politiek als we Siegfried Bracke mogen geloven)! die authenticiteit! Ontsla jezelf zo van de plicht tot diepgang in je argumentatie, en drijf zo mee met de stroom van wat men publieke opinie noemt. Politiek compleet infantiel.

Ik heb hier al drie-vier keer gelezen dat ik het me 'makkelijk' maak in deze discussie. Wel, mensen, ik heb boven vier boeken opgesomd. Lees ze eens en bepaal daarna eens hoe 'makkelijk' ik het me maak. Het zijn zielepoten die dat a priori beweren.

nieuwe poging

Een clash tussen twee zinvolle visies die op elkaar aansluiten:

Blommaert: scheldcultuur moet je niet knuffelen want het is een politieke strategie om debat plat te leggen. We hebben debat nodig. Die strategie wordt o.a. ingezet door N-VA adepten, Wilders. Note is het hier mee eens.

Note: wie kritiek met een sausje van schuttingtaal tracht te ontmijnen door op de vorm te wijzen en ze daarna probeert te dumpen (De Ceulaer in zijn column in DS "boze mails' (mijn voorbeeld), Alexander de Croo…) om zo niet op de inhoud te moeten doorgaan, hanteert ook een politieke strategie. Blommaert is het hier mee eens.

Terug naar de inzet: deze gesmoorde stem (deigene die een debat wil voeren en tegengewerkt wordt door lawaai, diegene die niet aan bod mag komen in een onderonsje op een podium en dan maar wat luider roept) is dikwijls gestoeld op terechte verontwaardiging opgekookt door het eenrichtingsverkeer van de media, het monopolie van spreken.

De echte ontsporing van vandaag zit bij de macht van de media die heel cynisch met mensen omgaat: aantrekken en afstoten, opvrijen en uitspuwen… zolang de reclameblokken maar opbrengen gaat de inhoud in de richting van wat voor hen het meest voordelig is. Gevolg: vooral geen standpunten innemen, geen ideaal verdedigen, alle partijen bedienen, warm en koud door elkaar blazen, stof opstampen, chaos, pessimisme en verdeeldheid creëren… . DWM doet het gelukkig anders: ze vertrekken vanuit een ideaal waar iedereen mee kan rollebollen, zoals hierboven?

Insert coin

spelregels

Wel, check de spelregels van DWM eens. Die zijn duidelijk. Het spreken is niet vrij, is nooit vrij, en dat is maar goed ook. het spreken is vrij van zodra je voldoet aan de regels van het spreken. Net zoals je voor een gesprek met je baas een iets netter kledij aantrekt moet men ook voor specifieke vormen van publiek sociaal gedrag en publieke communicatie een aantal voorbereidende maatregelen nemen en een aantal normen stellen. Fora die dat doen, zoals DWM, hebben een zeer hoog effect qua informering en bewustwording; fora waar dat niet gebeurt zijn slachthuizen.

'Lik op stuk' - Blommaert als poëet

Laat me besluiten met een lach en een traan. Hoe-dan-ook is het thema van deze discussie, aangebracht door Joris Note, niet ten einde. Er woedt hier een bijwijlen smeuïge polemiek, waartussen pareltjes zitten. Er beweegt wat en dat is goed. Er zijn ook enkele maskers gevallen... Leuk.

De traan - van het lachen? - behoudt ik voor een recente (17/01/12) reactie van Jan Blommaert elders. De prof slaat aan het dichten, hij laat zijn liedje klinken onder mijn vroegere artikel 'Vangeluwe bedreigt ongelovigen'. Daarin had ik kritiek op hem, die hij nog steeds niet te boven gekomen is. (1)

Jan Blommaert sloeg een keer of vijf zijn deur onherroepelijk voor mijn neus dicht, maar opent ze telkens weer zonder in te gaan op de inhoud van mijn reacties. Bovenop verblijdt hij me zowaar met een gevoelig stuk poëzie over mijn nederig persoontje...

Blommaert noemt zich nu 'stadsdichter', zijn poëem heet 'Lik op stuk'. Over de literaire kwaliteit kan men van mening verschillen, de inhoud is klaar en ferm. De aanhef is verontrustend voor een intellectueel die naar eigen zegen met vrouw en kinderen met de dood bedreigt wordt :

Calliauw, je bent een
stuk schofterigheid van ongekende
grootte en densiteit.
Je kwijlt haat...

Tot slot dicht de linkse causeur hoe blij hij is mij niet te kennen, en besluit :

Ik denk dat ik anders tegen nu
een fors strafblad zou hebben.

Nou, ik had een strafblad, maar liet dat 'witten' om gevangenen te kunnen bezoeken. Moest Blommaert tengevolge het vele onrecht hem aangedaan kwaadaardig 'flippen', hij kan mij in de gevangenis verwachten. 'Achter glas', als hij zich gedraagt 'aan tafel'.

Lees dit wellicht historisch wordend gedicht van prof Jan Blommaert hier. Een geruststelling, hem is niets menselijks vreemd... (2)

1 - 'Vangheluwe' www.dewereldmorgen.be/blog/koen-calliauw/2011/04/15/vangheluwe-bedreigt-...

2 - 'Lik op stuk' www.dewereldmorgen.be/comment/reply/44800/30947

hé, leuk!

hé dat is leuk, een nieuw genre! na scheldproza nu ook scheldpoëzie! Je ziet, er zijn ongekende mogelijkheden in het publieke debat, nog zoveel ruimte die we kunnen exploreren. Calliauw snapt de pointe niet, maar ja, ainsi soit-il. :-))

Lees het vooral mensen, en probeer het zelf eens uit. Dan komt er zowaar esthetiek en dichterlijke vrijheid in het debat dat men zo graag open en zonder beperkingen wenst te voeren.

Gewapendertaal

@ Jan Blommaert, u als taalkundig antropoloog en gewoon maar liefhebber van literatuur, weet zonder twijfel hoezeer proza en poëzie bijdroegen en dat nog doen aan het publieke debat. Het ging meer dan eens om 'schelden' van een volks of meer intellectueel niveau. Ook in talloze strijdliederen, opera's, chansons, protest songs, blues ontmoet men dat veelvuldig.

De overleden dichter Herman J. Claeys was een levenslange vriend van me. Zijn poëzie is recht voor de raap, met hoofdzakelijk linkse, sociale onderwerpen. Hij trad veelvuldig op, op het openbaar domein, op straten en pleinen, tijdens stakingen. Je zou hem filosofisch bij de 'blaffende honden', der cynici uit de vierde eeuw voor christus kunnen rekenen. Ook wat zijn levenswijze betreft.

De scheldende, woedende Herman sprak 'met luide stem' liefst het volgens tevelen als 'lompenproletariaat' gecriminaliseerde volkje toe. Dat hem begreep. De daklozen en 'junks' hingen aan zijn lippen toen hij op de door het Antwerpse 'Daklozen Aktie Komitee' (DAK) georganiseerde festivalletjes 'Het meisje met de zwavelstokjes' zijn werk declameerde. Herman droeg aldus onmetelijk meer bij aan de 'volksverheffing' van het gepeupel dan met uw (noodzakelijke) boeken en artikels bereikbaar is. Herman had een universitair diploma, was bijzonder belezen en koos er voor hond te zijn tussen de honden. Letterlijk....

En daar gaat het in deze discussie nu om. Iedereen zingt zoals hij / zij gebekt is of de kans kreeg zich te uiten. Ik heb respect voor allen 'die klinkt het niet dan botst het', hun mening trachten te formuleren. In een universitaire aula, aan de toog, op Internet. Vooral u als taalkundig antropoloog zou de taal als uitdrukking van de meerderheid van de bevolking moeten begrijpen en respecteren. Ook wanneer deze tegen uw zere been schopt. In de theorie bent u daartoe in staat, de praktijk waartoe u persoonlijk betrokken bent lijkt me een probleem.... Dit is persoonlijk, inderdaad. Maar herinner u : 'Het persoonlijke is politiek...'.

Herman J.Claeys was naast dichter en activist op straat, ook een linguïst die decennia lang over 'tussentaal' publiceerde. De invloeden van dialect, vreemde talen en deze die ontstaat doorheen het gebruik van elektronische media op het 'beschaafd Nederlands'. Het zo verwerpelijk taaltje dat 'bevuilers' van het Internet met veel fouten gebruiken is ook het resultaat van een onderwijssysteem waar in taal een ondergeschoven kindje werd.

Bij het overlijden van Herman J.Claeys schreef ik 'In goed gezwelschap'. Bekijk in dat artikel het gedicht 'Gewapendertaal' van Herman. (1)

'Herman J.Claeys' http://www.indymedia.be/index.html%3Fq=node%252F36128.html

Oproep

Hey ego's hier...
Ik heb al jullie waardevolle en welomschreven reacties (echt gemeend!) gelezen.
Gaan we ons eens verenigen rond gemeenschappelijke stellingen?
Wat denken jullie?
We weten ook allemaal hier welke pseudoniemen (ja ik draag er ook een :-)..) vaak op DWM, de boel verzieken met methodes, waarover Note, Blommaert, Guignol en anderen het reeds hebben gehad.
Mag ik oproepen (geheel vrijblijvend) om ook dan ook prioriteit te stellen in het focussen op zulke trollen en querelanten ipv een semantische, ego discussie te gaan? De gekende pseudoniemen lachen zich een breuk ondertussen.
Merci, vrienden :-)

deuren open en toe

Beste Jan Blommaert,
Dit is meer iets voor een mail, maar goed: laat het duidelijk zijn, wij appreciëren het heel hard dat u zich de voorbije jaren zo fel hebt ingezet om mee te denken en uw gedachten met ons te delen. Dat is enorm waardevol, en dat is op zich intussen misschien al zo evident geworden dat het niet meer wordt gezegd. Misschien kreeg je er vooral veel stank voor dank in de plaats. Sommige reacties hierboven leren mij alvast dat u gekwetst bent en wordt. Maar ook Koen C heeft u nodig, merk ik. Het is bijgevolg meer een sessie therapie geworden. Ik bedoel dit niet ironisch of verkeerd: internetfora fungeren soms als een digital shrink en dat is nuttig, weet ik uit ervaring. Een voordeel!

Maar om terug te keren naar de tekst van Note: dat is een waardevolle bijdrage aan het debat die in deze discussie die er wat achterna hinkt echt uit zijn context wordt getrokken en systematisch verkeerd wordt begrepen. Dat blijkt ook uit de reactie van Note, als je die nog eens herleest. Door al de antwoorden daarop is de deur al zo dikwijls dicht gegooid dat het verdere verloop van het debat, zonder andere dwarssporen, wellicht voor een andere keer zal zijn. Hopelijk worden we dan niet teruggeroepen naar deze heen-en-weer. Hopelijk kan dit hier blijven. Nog een voordeel!

Dit onderwerp biedt overigens de mogelijkheid om te 'illustreren' en dat heeft iets heel dubbel: je kan dingen zeggen zonder dat je ze zou gezegd hebben. Je meent ze en ook weer niet. Ook dat is een probleem bij veel internetfora: eens de toon is gezet, van gesprek naar discussie naar ruzie, is de weg terug erg moeilijk. Dat heb je alvast niet bij een gewoon gesprek. Als het ten minste niet ontspoort in een knokpartij. Soit, dit was mijn laatste poging.

p.s. met dat rollenbollen wou ik niet zeggen dat DWM ons een vrijgeleide geeft om waar wat heen en weer te dansen -de spelregels- maar wel dat bovenstaande daar iets van heeft: off track

De belangrijke maatsch. functie van een kritisch intellectueel

Ik ben een keertje gaan grasduinen in de reacties op artikels van DWM. Wat mij opvalt is dat er mensen zijn die altijd op dezelfde wijze tegen Blommaert te keer gaan: hij zou een links elitair intellectueel zijn, neerbuigend, pedant,... Vervolgens vraag ik mij af waarop die mensen hun (pseudo-psychologische) analyse baseren; niettegenstaande er telkenmale gelijkaardige verwijten worden neergeschreven lees ik NOOIT een inhoudelijke argumentatie hieromtrent. Mocht Blommaert van zichzelf vinden dat hij deel uitmaakt van een 'linkse elite van intellectuelen' dan nam hij niet deel aan een debat voor een breed publiek. Meer nog: Blommaert zoekt een dergelijk debat op vanuit een sociaal-politiek engagement om vanuit zijn wetenschappelijke analyses het debat vooruit te helpen. Dat wordt dan ook door hem verwoord in een van de bovenstaande reacties: "Als ik in een ivoren toren wou zitten dan zat ik nu dààr, niet hier"; "Bij mij leidt woede echter tot een nog grotere inzet en hardnekkigheid om feiten en tegenargumenten naar boven te halen"; "Dat is trouwens de enige manier waarop ik de woede van mezelf en van anderen kan helpen COLLECTIEF te worden. Dat wil zeggen: door redelijke argumenten te verzamelen overstijg je het niveau van 'kust mijn kloten' en ga je naar een niveau waarop anderen echt kunnen meedoen en meedenken" (cf; Blommaert: http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2012/01/17/uitingen-en-uitwerpsele... ). Die houding kan men bezwaarlijk 'elitair', 'neerbuigend' en 'pedant' noemen. Meer nog: voor het publieke debat is die bijdrage noodzakelijk. Ik wens hier - specifiek met betrekking tot Blommaert - niet verder op in te gaan omdat ik anders het risico loop dezelfde fouten als anderen te maken, namelijk: het psychologiseren van mensen in plaats van zich te focussen op inhoud. Ik ben ervan overtuigd dat Blommaert op verbaal vlak sterk genoeg is om wederwoord te bieden aan de desbetreffende reacties en ga dat niet in zijn plaats doen.

Echter, wat mij opvalt is dat zowel politiek rechts als delen van politiek links allergisch lijken te zijn voor de bijdrage van 'intellectuelen'. Dè intellectueel - mocht die al bestaan - zou op elitaire wijze het publieke debat beïnvloeden en dat wordt blijkbaar niet (meer) aanvaard. Een deel van de mensen die een links gedachtegoed genegen zijn lijkt hierbij probleemloos mee te stappen in een extreemrechtse politieke strategie die een grondige linkse analyse van feiten en maatschappelijke processen uit het publieke debat wil bannen. In Nederland gaat Wilders ontzettend hard tekeer tegen de 'linkse kerk' die bevolkt zou worden door een 'linkse elite van intellectuelen'. Een deel van het linkse politieke spectrum speelt bijgevolg domweg mee met de 'politieke spelletjes' van rechts. Ook in Vlaanderen is dat alsmaar meer het geval: er is slechts één intellectueel en dat is De Wever en alle andere - naar eigen zeggen - 'pseudo-intellectuelen' moeten 'oprotten' of 'opzouten' (lees de verschillende fora er maar een keertje op na). Desalniettemin hebben kritische intellectuelen een ontzettend belangrijke taak ten aanzien van het publieke debat, o.a. met betrekking tot collectieve, publieke bewustwording (bv. Howard Zinn). Misschien is het begrip 'intellectueel' reeds zodanig verbrand door het doelbewust inhakken van politiek rechts - en een deel van links - dat die term gemengde gevoelens oproept: de intellectueel moet vanuit die hoek immers, als persoon én begrip, buiten het publieke debat gehouden worden omdat hierdoor een context gecreëerd wordt waarin populisme hoogtij kan (blijven) vieren. De grondige maatschappijkritiek en politieke analyses van 'de intellectueel' zijn immers in staat om dat populisme te ontmaskeren en de mensen te voorzien van inhoud, argumenten en duiding. Indien links zich eveneens begint te keren tegen de 'kritische intellectueel' dan zaagt politiek links in wezen de tak af waar het opzit. Het begrip intellectueel mag dan wel duiden op een zeker privilege, maar dat privilege bekomt de intellectueel vanuit en door zijn deskundigheid. Wanneer intellectuelen vanuit een persoonlijk engagement hun kritische maatschappij-analyse op een verstaanbare wijze met een breed publiek willen delen, dan moeten we naar mijn mening dat engagement koesteren in plaats van de persoon in kwestie te sarren door op de man en niet op de bal te spelen.

Een tijdje gelden besloot ik om me te verdiepen in de wijze waarop een (politiek) discours of vertoog werkt. Ik kwam immers tot de conclusie dat datgene wat politici 'en plein public' vertelden geen weergave was van feitelijkheden dan wel van een relaas van uiterst selectieve beoordelingen van feiten. Een discours of vertoog kan men beschouwen als een geheel van opvattingen, vooronderstellingen, concepten en argumentatiekaders dat aan de hand van een specifiek vocabularium een bepaald beeld van de werkelijkheid in het leven roept en daardoor als het ware een denkruimte tot stand brengt voor de wijze waarop men de realiteit dient te interpreteren en te construeren, i.e., representeren. Een discours geeft niet enkel een bepaalde beschrijving van de realiteit, tegelijkertijd construeert een discours ook een realiteit. Bijvoorbeeld: de wijze waarop maatschappelijke knelpunten door politici verwoord worden is in wezen een politieke probleemdefiniëring en zorgt ervoor dat mensen een bepaald maatschappelijk gegeven als problematisch gaan bekijken. De Wever spreekt over het 'profitariaat' en 'Waals hangmatsocialisme' en bakent bijgevolg een denkruimte af waarin hij de werklozen en het socialisme als problemen definieert. De bevindingen van De Wever steunen niet op feitelijkheden: vele werklozen krijgen een werkloosheidsuitkering die onder de armoedegrens ligt en kan men moeilijk profiteurs noemen; het socialisme, de Walen en de sociale welvaartsstaat zijn niet de oorzaken van maatschappelijke problemen dan wel het gevolg van een beleid dat door verschillende politieke partijen gevoerd werd. Echter, het regeerakkoord spitst zich in een bepaalde mate op werklozen vanuit het perspectief van De Wever: "de profiteurs moeten er tussenuit", "langdurig werklozen verliezen hun uitkering". Daarbij wordt niet gezegd dat er vandaag de dag een tekort is aan (degelijke) jobs en in het bijzonder jobs voor laaggeschoolden. Mensen dreigen bijgevolg hun uitkering te verliezen omdat De Wever hen in zijn discours als probleem heeft gedefinieerd en daarbij een welbepaalde politiek-ideologische beschrijving van de realiteit gaf.

Het is onder andere dankzij twee werken van Blommaert (2005; 2011) dat ik mijn blik en kennis omtrent vertooganalyse heb kunnen verruimen en meer informatie en argumenten heb kunnen vinden die ik in het politiek-publieke debat kan aanwenden. Een ander interessant werk is dat van De Koster e.a. (2010). Waar zou politiek links staan zonder de invloed van de desbetreffende inzichten en analyses? Aan de toog met cafépraat!

* Blommaert, J. (2005). Discourse: A critical introduction. Cambridge, UK: Cambridge University Press. [ http://www.cambridge.org/gb/knowledge/isbn/item1170974/?site_locale=en_GB ]
* Blommaert, J. (2011). De heruitvinding van de samenleving. Berchem, B: EPO. [ http://www.epo.be/boekenportaal/boekinfo_boek.php?isbn=9789491297076 ]
* De Koster, K., Kampen, J., Caluwaerts, D., De Cloedt, A.-S., Depauw, S., & Deschouwer, K. (2010). Democratie en de kloof tussen discours en praktijk. Burgerparticipatie, overheidsbeleid en tevredenheid op het lokale niveau. Gent, B: Academia Press. [ http://www.academiapress.be/democratie-en-de-kloof-tussen-discours-en-pr... ]

eindpunt

Het lijkt me best dat ik me uit de discussie terugtrek. Niet enkel nu, maar redelijk permanent. Ik denk niet dat ik hier iets te zoeken heb, en zoals al eerder gezegd, het is veel plezanter in de ivoren toren.

Mijn punt was en is - en ik hoop het in de toekomst ergens netjes uit te schrijven - dat er onder de standpunten over schelden telkens een andere theorie schuil gaat. Degenen die dat schelden verdedigen zien democratie als nivellering naar onderen, en ze stellen mij voor om een samenleving die geëncanailleerd is te zien als een echt rechtvaardige samenleving. Dus: een samenleving waarin de norm die is van datgene wat zelfs in menselijk gedrag een zeldzaam iets is: hevig en onverzoenbaar conflict, een houding van water tegen vuur, een gevecht op leven en dood. In zo'n theorie zijn de debatten degene die we op TV zien: zwart of wit, en de deelnemers zitten er niet om te informeren maar om mekaar kapot te vechten. Daar klagen we allemaal over, het maakt ons ziek, maar toch hebben we blijkbaar de neiging om er begrip voor op te brengen.

Er is ook een andere theorie: dat democratie de nivellering naar boven moet inhouden, waarbij je mensen de instrumenten geeft om hun eigen situatie en die van de medemens te begrijpen en er naar te handelen. Die instrumenten zijn die van de analyse: redelijkheid, feitelijkheid, kritiek en zelfkritiek, het zoeken naar kwaliteit en waarheid. de theorie heeft praxis, en ze houdt in dat mensen dingen moeten aanleren en dus ook dingen moeten afleren. Het houdt ook leraars, instructeurs en dergelijke in - intellectuelen - die die middelen aanreiken en toelichten en het gebruik ervan illustreren.

Als je vandaag die laatste zinnen uitspreekt gaat er gejoel op, en begint het adjectieven te regenen: elitair, hautain, betweterig, opgestoken vingertje, wie-denk-die-dat-hij-is en zo meer. Nous l'avons vu.

Da's heel merkwaardig, want die tweede theorie is die van Marx en van alle arbeiders- en emancipatiebewegingen geweest. Ze is pas enkele decennia terug opgegeven, maar tot dan was ze één van de centrale actiemiddelen in emancipatorische praktijk. Het ANC op Robbeneiland gaf er een slogan aan: "each one shall teach one". Ieder die de capaciteiten heeft om een ander op te leiden heeft de plicht dat te doen. En door dat te doen converteer je individuele woede tot collectief begrip, tot gedeelde standpunten die (ik hoop dat we dat nog beseffen) de basis zijn voor elke vorm van collectieve actie. En wat die intellectuelen betreft: ze zijn geen vijanden maar partners, gespecialiseerde medestrijders - de kaders bij de vakbond bijvoorbeeld, die in staat zijn zoals bij Opel om niet enkel een business-plan te lezen en te snappen, maar er één te schrijven. Niet iedereen moet dat kunnen, sommigen wel, en de solidariteit doet de ene met de andere werken.

Die oude en belangrijke idee is vervangen door een andere. We zien die idee vertolkt in de media op duizend-en-een-manieren: concurreer met je naaste, kanjer er hem uit, want slechts één man zal winnen. Temptation Island, Big Brother, Mijn Restaurant, The Apprentice, noem ze op: allemaal het zelfde formaat. Ideologisch zit dat zo ineen: men maakt elk individu wijs dat hij/zij sterk is en alles zelf kan doen. Iedereen heeft macht. Dan laat je ze op mekaar los, en het spel op leven en dood toont aan dat die individuele macht er al is - want kijk, IK WIN.

We begrijpen de notie hegemonie - de softe macht waarbij de ideeën en uitgangspunten van een bepaalde groep door anderen worden overgenomen als volstrekt normaal. Ik heb hier gelezen dat die scheldcultuur 'normaal' is, 'erbij hoort', 'onvermijdelijk' is, en dat we daarmee 'moeten leven'. Excellente voorbeelden allemaal van een hegemonie, die de oude ideeën van de collectieve emancipatie naar de verdoemenis drukken.

Dat is de politieke dimensie van de scheldcultuur. Het gaat over veel meer dan karakters en ego's - het feit op zich alleen al dat we meteen in die richting denken is slecht nieuws.

Het is natuurlijk duidelijk dat ik die tweede theorie aanhang, en alle stukken waarnaar ik hier heb gerefereerd werken dat uit. Jammer dat dit zo weinig legitimiteit blijkt te bezitten, en ook jammer dat ik dat hier allemaal voor de zoveelste keer moet komen uitleggen, en route mezelf blootstellend aan gekrijs, beschimpingen en ander liefs. Ik concludeer daaruit dat de hegemonische strijd al grotendeels gestreden is, en dat het weinig nut heeft dat ik tegen windmolens blijf vechten. Men wordt dat op een zeker moment écht heel heel heel erg moe. Ik laat het terrein dus over aan de wijsheid van Note en zijn medegelovigen. Ze hebben een puike overwinning geboekt - mijn scalp mogen ze hebben.

mon dieu

Deze conclusies onderaan zijn totaal naast de kwestie, er is helemaal geen oppositie tussen u en Note! De opdeling die je maakt (naar boven/naar beneden) is zeker interessant maar voegt een nieuw element toe. Tot nu ging het om twee soorten politieke strategie om een stem dood te zwijgen: van onder en van boven.

Vergeet niet dat je met uw 'voorbeelden' uw fictieve tegenstander ook modieus, elitair etc. hebt genoemd. Ik vind deze discussie intussen ook een mooi voorbeeld van naast elkaar praten, ook een probleem op internetfora, of mondelinge discussies, zowel in die met en zonder krachttermen.

@Robrecht

Naar mijn mening voegt die opdeling "naar boven/naar beneden" geen nieuw element toe, maar belicht het juist de kern van deze hele discussie: het is immers belangrijk dat mensen (leren) argumenteren waardoor de inhoudelijke discussie erop vooruit gaat. Indien de scheldtirades afgedaan worden als "democratie van onderuit" wordt het ganse politiek-publieke debat onderuit gehaald of op zijn minst naar beneden afgesteld. Wat rest is de gratie van de middelmatigheid - m.i. komen die 'populistische' scheldtirades nog niet in de buurt van de middelmaat. Daarom verwijst Blommaert naar de emancipatorische beweging (cf. Marx, Freire). Die emancipatie is immers een gevolg van een collectieve volksverheffing, i.e., naar boven toe. Daarom is de invloed van kritische intellectuelen ontzettend belangrijk en naar mijn mening een meerwaarde op de cafépraat die op vele fora in het lang en breed uitgesmeerd wordt. Wanneer men die scheldtirades afdoet als acceptabel omdat ze zogezegd het buikgevoel van het volk verwoorden, dan staat men impliciet een nivellering naar beneden toe. Dat is ten nadele van het publieke debat, alsook ten nadele van diegenen die de desbetreffende toogpraat verkopen - niet emancipatorisch dan wel bevoogdend ten gevolge van de kwetsbaarheid voor demagogische invloeden. De woede van het volk valt weliswaar te begrijpen, maar zonder die woede te kanaliseren in degelijke (collectieve) argumenten verwatert het publieke debat in cafépraat.

Daarin verschillen Note en Blommaert duidelijk van mening. Volgens Note maakt het deel uit van democratie: het hoort erbij en we moeten ermee leren omgaan. Volgens Blommaert houdt die attitude juist een gevaar in voor de democratie omdat het de (collectieve) emancipatie van het volk, en de daaruit volgende democratisering van de samenleving, in de weg staat. Ik ben geneigd Blommaert daarin bij te treden.

emancipatie is meerduidig

Ok, dat helpt mij wat vooruit. Vanuit de heup, want ik moet hier langer over kunnen nadenken: maar nu denk je wel al vanuit het model naar boven/naar beneden? Ben je trouwens zeker dat je Note hier zomaar kan inpassen? Ik twijfel daar aan, denk van niet eigenlijk. De opdeling die Blommaert voorstelt is een representatie die abstractie maakt van een meerduidige realiteit die iets duidelijk maakt maar ook meteen een en ander onzichtbaar maakt. Het is niet één emancipatorische beweging in één richting. Mondigheid gaat in veel richtingen, is rationeel en emotioneel. Om met Wittgenstein te ‘spreken’, er zijn verschillende taalspelen die allemaal ingezet moeten worden om iets te zeggen. Roepen op een betoging is er één van, symbolische acties, publiek debat, seminaries, leesgroepen, cafépraat, lunchmeeting, de arena van de media, panel op TV, het gezigzagboempats op interfora, etc. Die zijn allemaal van belang om te communiceren, te ventileren, elkaar te begrijpen, elkaar mis te verstaan om elkaar dan terug te vinden… . Geestdriftigheid heeft die allemaal nodig om het denken te ontplooien op maat van een realiteit (techniek, sociaal, politiek...) die steeds al een stap verder is. Maar, voor ik hier als relativist overkom, wat belangrijk is, is de inzet: wat is het agenda erachter, in naam waarvan wil men spreken, en wat is de intentie.
Ik ben uiteraard geen anti-intellectualist, en Note uiteraard ook niet (voor zover ik namens hem mag spreken...) maar ik ken veel academische uiteenzettingen die vooral tot doel hebben een onderwerp te bedelven, het uit te wissen door de uitputtingsslag met de lezer: lange lange teksten, droog, herhalingen.... Of genre Rik Torfs, die met allerhande enerzijds/anderzijds alles goed probeert te praten. Het werkt dikwijls nog ook, tenzij je het discours van vooraf al bestudeert als een manoeuvre dat vertrekt vanuit bepaalde intenties, ideologische standpunten, het publiek dat men wil bereiken/behagen. (Net ontdekt dat het al laat is, moet dringend aan mijn huiswerk beginnen- tot ziens.)

one for the road

Beste le Grand Guignol, het is een draaideurenkomedie geworden, als ik even mag.

We kunnen het Note nu niet meer vragen natuurlijk, Blommaert heeft die deur al een paar keer dicht gesmeten hoewel Note toch de moeite deed om een bijdrage aan de discussie te leveren.
Met enige vertraging hierbij een aanvulling: stel dat we het model boven/beneden als de kern van het verhaal nemen, dan hebben we een probleem omdat dit model normatief is. Wie is er niet tegen volksverheffing, emancipatie, debathygiëne? Uiteraard is Note geen voorstander van nivellering en gevloek. Dat zegt hij toch nergens? Het is niet correct dat Note door Blommaert in zijn model wordt inpast (en zo al dan niet bewust wordt geneutraliseerd). Volgens dit model heeft de voorstander van ‘naar boven’ uiteraard altijd gelijk. Bovendien pleegt Blommaert onderweg inbreuk op zijn emancipatorisch ideaal (‘zucht’, ‘kus uw kloten’, ‘modieus’ etc.) als blijkt dat nadien geen rechtzetting volgt. Verzachtende omstandigheden: de Wilders-thesis-aanvallen in Nederland, Calliauw die erg reactief en fel opende.

Dus nogmaals: Note probeert een aanvulling op dit model te formuleren die volgens mij zeker zinvol is. Voor alle duidelijkheid: dit model is een ideaal. Je moet het als streefdoel zien, iets waar belangrijke uitzonderingen op zijn om enigszins representatief te kunnen zijn voor de heterogene soep die de werkelijkheid is. Als het ‘de norm’ wordt, dan heb je al snel excessen, uitsluiting en misbruik. Blommaert is het hier allicht mee akkoord (Ik heb zijn boek helaas nog niet gelezen). Ik geef twee recente voorbeelden die misschien later nog eens aan bod kunnen komen.

1_Wie Žižek leest, weet dat andere taalspelen belangrijk zijn in emancipatorisch opzicht: grap, paradox, de suggestie, provocatie, (stand-up als geuzennaam)… . Deze auteurs weigeren het meesterdiscours omdat zij de lezer zelf willen doen nadenken, geen pasklare antwoorden hebben, als filosoof tegen de media moeten opboksen, etc. Wel, laat het nu net de voorstanders zijn van het zogenaamde deugdelijke denken (F. Beukens, J. Braeckman, M. Boudry met vriendjes die bij Wilders werken) die vanuit hun ‘emancipatiemodel’ deze auteurs willen excommuniceren. De ‘vorm’ dient hier als een vrijgeleide om op een heimelijke manier de vitale inhoud te dumpen.

Note schreef hierover een knappe tekst op DWM. In de reacties onder die tekst liet Blommaert totaal ten onrechte (het is blijkbaar geen vergissing helaas) weten dat deze discussie nu wel afgerond mocht worden. Waarom? Note opende net een discussie los van het debat over de wetenschapsfilosofie. Blommaert heeft dit helaas over het hoofd gezien en het is niet aan hem om hierover scheidsrechter te willen spelen. Kort: wat Buekens e.a. proberen te doen ten aanzien van Žižek is vergelijkbaar met De Croo e.a. die ‘de woede van het volk’ afwijzen vanwege te grof gebekt, en daarmee ook de kritiek aan hun adres willen smoren. Het emancipatiemodel moet uitzonderingen durven overwegen in het belang emancipatie. Als norm leidt het als snel tot misbruik en uitsluitingmechanismen.

2_De G1000 is volgens het boven/beneden model zonder meer een goede zaak. Maar is dat wel zo? Het heeft nochtans wel wat schaduwen. Het geeft bijvoorbeeld de indruk dat we met dit toch wel kleinburgerlijk en duur onderonsje kunnen doen alsof we plots wel zonder conflict gezellig aan democratie kunnen doen. Het verspreidt ook de anti-politieke boodschap dat de reguliere politiek niet meer werkt, vanwege zoiets abstract als ‘de particratie’. Het feit dat er partijen zijn, is nochtans niet het probleem, maar wel dat die als dolgedraaide windhanen alle kanten op draaien om onder de mantel van ‘consensus-zoeken-is-echte-politiek’ dan toch nog een zitje aan de macht te kunnen krijgen. Of je het nu leuk vindt of niet, op dat punt, zijn kritiek op de G1000, heeft Bart De Wever wel gelijk.

Tenslotte: ik kan mij moeilijk van de indruk ontdoen dat dit treffen toch ook een gelegenheid was voor David van Reybrouck en Francesca Vanthielen om zich een maatschappij-betrokken en intellectueel aura aan te meten. Terzijde: Note wees ons er op (cf. DWM) dat het toch merkwaardig is dat van Reybrouck, bljjkbaar een fel pleitbezorger van de democratie, in zijn historische roman Congo, Lumumba niet als een icoon van de democratie of als vrijheidstrijder omschrijft, maar eerder als een bokkig karakter, een slecht staatsman, een egotripper dus! Kort: Habermas herrschaftsfreie kring wordt al snel gerecupereerd en ingezet voor een politiek discours. De oproep om de kring te vervoegen komt dikwijls van mensen die daarmee willen aangeven dat zij al in die kring zitten, en de ander erbuiten staat. Het is hen helemaal niet op die kring te doen, ze zitten er liever alleen in. (Om misverstanden te vermijden, ik heb het hier uiteraard niet over Blommaert).

Vrij vertaald: Blommaert, toch even herbekijken, akte nemen van het feit dat het geen zaak van winnen of verliezen is etc. en dat je in dit geval dus wel wat meer moeite moet doen om te begrijpen wat een originele en alerte auteur als Note nu juist wil zeggen, wat zijn intuïties zijn die hij tracht te expliciteren, welk probleem hij tracht te formuleren, etc.

@van hees, het pleit voor u dat je het opneemt voor Claes. Zag je ook dat die uiting van Claes een aanleiding is om iets anders te zeggen, een illustratie dus, niet om Claes op de man te pakken, etc.?

@Robrecht

Eerlijk gezegd kan ik me wel vinden in uw uitleg. Het emancipatorisch paradigma kan inderdaad aangewend worden om die emancipatie voortijdig zodanig af te bakenen dat de eigenlijke volksverheffing tegengewerkt of zelfs onmogelijk gemaakt wordt. Met de twee voorbeelden die u aanhaalt ben ik het roerend eens. De kritiek die mensen op politici hebben en die door De Croo en Thyssen ontkracht wordt door te wijzen op de vorm en niet op de inhoud is mogelijk een strategie om zich vrij te pleiten alsmede zich boven die kritiek te verheffen. Enerzijds betreft het "naar boven" afstellen inderdaad een normatieve voorstelling, maar tegelijkertijd zit die norm impliciet in het begrip 'emancipatie' zonder normerend, dan wel ontvoogdend, te willen inwerken. Niettemin blijft het belangrijk om mensen te voorzien van kennis, informatie en argumenten zodat het publiek debat erop vooruit gaat. In dergelijk geval wordt het immers heel wat moeilijker voor politici om de gefundeerde kritiek naast zich neer te leggen. Tot slot: het gebrek aan inhoud enerzijds en het uitblinken in expliciet taalgebruik anderzijds maakt onomstotelijk deel uit van een extreemrechtse politieke strategie om andere meningen, i.e., politiek linkse stellingen, uit het debat te bannen en mensen zonder respect te bejegenen. Dergelijk discours sluit dus mensen en meningen doelbewust uit en daarom mogen we er niet tolerant tegenover staan. De desbetreffende ('prototypisch fascistische') politieke strategie is erop gericht het publieke debat zodanig te verschuiven van rationele argumentatie (inhoud) naar het emotionele buikgevoel (vorm): "to transform politics into aesthetics" (cf. Bovekerk: "Prototypical Fascism in Contemporary Dutch Politics"; https://stuwww.uvt.nl/~s559710/BA-Thesis%20Henk%20Bovekerk.pdf ).

Overleg eens samen

Kunnen Blommaert ,Calliauw, Note en anderen niet eens de telefoon oppakken en afspreken om "onder vier ogen" met elkaar te PRATEN ?
In tegenstelling tot al dat heen en weer gedebatteer via ellenlange schrijfsels, waarbij elkeen haar of zijn argumenten plaatst en verdedigt kan men in een lijflijk gesprek de argumenten beter nuanceren en verduidelijken. De manier waarop men praat ( luid, snel-traag, duidend) en de lichaamstaal (houding) zijn niet af te lezen op internetfora, met het gekende fenomeen dat woorden en zinnen verkeerd worden geïnterpreteerd en begrepen ... met de verkeerde reacties tot gevolg ....die dan weer verkeerd worden opgevat.... en uiteindelijk leiden tot verharding ,incluis verwensingen. Tja, wanneer je al je energie moet stoppen in het neerpennen van woorden en zinnen om je vorig geschreven standpunt (waarop dus gereageerd werd) simpel uit te leggen of te nuanceren, denk je dan niet dat het beter is om eens gewoon mondeling te debatteren onder vier ogen?
Tenslotte is iedere persoon die hier reageert op dit forum ook een MENS die respect verdient. Menselijke communicatie is zo uniek maar doe het dan aub via het juist kanaal: mondeling

99% & 1%...

Laat me even een ordinair, laag bij de grond argument aanvoeren. Jan Blommaert verwijst voortdurend naar de vele boeken die hij schreef. Waar in we zijn standpunten kunnen aantreffen. Dat dit zo is en ze boeiend zijn betwijfel ik niet.

Dat in een internet discussie verwacht wordt van enkel duizenden pag. op de hoogte te zijn al minder. Dat is een beperking, inderdaad. Een polemiek zoals hier gevoerd bestaat dan ook niet uit uitgewerkte thesissen. Ze heeft een specifiek karakter. Er zouden simpele zielen aan moeten deelnemen die niet met hun gat in de boter van het intellectuele walhalla gevallen zijn.

Het is geen slecht idee van Jan Allein ('Overleg eens samen') om hierover mondeling te praten. Ik wou als toenmalig lid van de PVDA-Antwerpen iets dergelijks in mekaar steken. Werd brutaal afgeschoten, want het ging om 'lompenproletariaat' dat niet bij de arbeidersklasse zou horen. Dat was de druppel teveel, ik verliet de PVDA. Mijn ervaring in de wereld van de extreme sociale uitsluiting is dat het daar bulkt van verstandige mensen. Wil je de geur van de armoede proeven én zeer zinnige dingen horen gebaseerd op de werkelijkheid, ik sta ter beschikking.

Mensen als ikzelf beheersen niet de zogenaamd wetenschappelijke debat methodiek die bijvoorbeeld Jan Blommaert eist om serieus genomen te worden. Ik mis die academische kennis niet. Ik groeide op in een arbeidersgezin waar technisch onderwijs het hoogste doel was. Dergelijke situatie komt voor bij 99% van de bevolking ten overstaan van de 1% die intellectueel de macht claimt. Om Occupy wat ruimer te parafraseren....

Mijn ordinair, laag bij de grond argument nu. Voor een TV-interview vroeg men me waarop ik zou bezuinigen moest mijn inkomen nog lager liggen. Eten? Energie? De huishuur niet betalen en dakloos worden? Antwoord : boeken en kranten, weekbladen.

Mensen met een gering inkomen (bvb. 750 euro 'dop' of nog minder) besparen op 'cultuur' in de breedste zin. Een boek à 25 euro is een luxe. Een 'LinksRechts' debat van DeWereldMorgen.be bijwonen met de bijhorende toegangsprijs plus een drankje, onmogelijk. Onmogelijk, mijnheer Blommaert...

Het zijn ook zij die ondermeer met niet weinigen uit geïsoleerde generatie arme gezinnen komen, die wanneer ze over internet beschikken - evenmin goedkoop - hun zo verfoeide en onbeholpen meningen geven.

Chapeau voor deze mensen die ondanks alles trachten deel te nemen aan het publieke debat. Die geen lager IQ hebben dan prof Blommaert.

Ik zal trachten de reeks boeken die Jan Blommaert opgeeft te lezen. Moet ze dan wel eerst kunnen financieren. Enkele maanden bezuinigen op andere noodzakelijke kosten dus.... De voedsel bank bezoeken in plaats van de Aldi.

Moraal van dit verhaal ; sociale uitsluiting is ook intellectuele uitsluiting. Ook aan de linkerzijde lijkt dat een 'fait divers'. Wanneer ik nu toch over enige bagage beschik is dat niet te danken aan die enorm progressieve, professionele denkers. Maar aan eigen inzet en blijvende drift om te weten. Zoals meerderen om mij heen.

Zoals feministen in de jaren zeventig 'blijf van mijn lijf'' scandeerden', zeg ik 'blijf van mijn taal'. In naam van hen die 'uitwerpselen' op internet plakken.

precies

Dat, Calliauw, is nu net de reden waarom ik hier mijn kloten zit af te draaien - op een gratis forum waarvoor geen toegangskaartjes worden verdeeld. Snap je dat nu eindelijk? Ik doe wel wat meer dan boeken schrijven. Ik heb hier op DWM in december ruim 7000 woorden achtergelaten, telkens zo inhoudelijk mogelijk geformuleerd. Dat is wat ik kan geven. ga jij dat nu nemen? Ga je nu eindelijk jezelf eens opvoeden? Of blijf je liever in dat klasse-essentialisme hangen want dan kan je je eigen weigering om te leren daarop afwikkelen? Begrijp je nu eindelijk waarover dit gaat, Calliauw? Solidariteit over klassengrenzen heen, zegt je dat iets? Anarchisten zijn daar historisch niet sterk in, maar misschien is het iets voor de toekomst.

En dit is nu écht mijn laatste interventie. Doe ermee wat je wil. Ik geef ze je omdat ik je als mens respecteer.

Spons

Toch nog even reageren, Jan Blommaert. Ik schreef bijna 'Jan'... Ik las zonet uw perikelen rond de thesis van een Nederlandse student die u mede een tien gaf. Het gaat over de fascist Geert Wilders. Hoe de site 'Geenstijl.nl' hier op reageert is pas 'bruine blubber'. Het gaat hier wel om georganiseerde vuilbekkerij, niet om on individuen die in hun onmacht om te formuleren bij nader inzien waardevolle toogpraat verkopen. Waardevol voor wie wat dieper nadenkt en relativeert. Maar daarover kan ik in uw boeken blijkbaar meer vinden.

'Mezelf opvoeden...'. Moet ik het 'uitschot' - een eretitel - waarmee ik al enkele decennia werk en heel mijn leven toe behoorde met mes en vork leren eten? Warm vreten op tafel is al een uitzondering. U staat op uw strepen en daar hebt u gelijk in. De groep in de marginaliteit waartoe ik behoor als 'ervaringsdeskundige' doet dat ook, is terecht trots. Wanneer u met 'mezelf opvoeden' zou bedoelen me aan de 'beschaafde' normen en waarden houden, dan vergist u zich. 'Deviant', afwijkend gedrag en inzicht is niet te assimileren. Dat wel betrachten leidt tot depressies.

Wellicht is de universiteit een belangrijke 'thuis' voor u. Met alle franjes er bij. Dat milieu is me niet helemaal onbekend en kan ik deels waarderen. Mijn omgeving bestaat uit ex-gevangenen, prostituees, daklozen, sans-papiers, psychiatrische patiënten als ikzelf, druggebruikers en alcoholisten,.... Ze wonen soms bij mij thuis als vrienden. Toch lukken ikzelf en mijn compagnons er in een ernstig intellectueel niveau te bereiken en dat al lang te koppelen aan directe actie.

'Mezelf opvoeden' volgt een minder voor de hand liggende weg dan u en uw studenten gaan. 'Bourgeoisie' ligt op mijn lippen... Mijn standpunten, artikels steunen rechtstreeks op die werkelijkheid, dag en nacht. Geloof me, dat 'ware leven' had ik voor geen fortuin willen missen. Is het een bijzondere architectuur van een 'ivoren toren'?

Daarom raakte ik zo geestdriftig over vooral de levenshouding van de cynici die Michel Foucault beschrijft in ' De moed tot waarheid '. De 'blaffende honden', weet je. Daarom erger ik me aan de door mij en anderen als kneuterig aangevoelde standpunten van vele intellectuelen. In mijn milieu zegt men : 'Wat koop je daarvoor?'. Uiteraard is mijn als 'Agora' beschreven café toog een boutade. Alhoewel...

Uiteraard herhaal ik hoe belangrijk wetenschappelijk, intellectueel onderzoek is. Het verwijt dat de linkerzijde dringend aan een fundamentele herbronning toe is, klopt. Mensen als u dragen daartoe bij. En geloof me, ook 'los lopende' figuren als ikzelf. De Franse homo, crimineel en begenadigt auteur en activist Jean Genet is me een voorbeeld. Zijn verhaal sluit aan op mijn werkelijk leven, dat is geen geheim.

Ook u gaf een blik in uw aller persoonlijkste roerselen, tussen de inhoudelijke argumenten door. Dat doet ter zake wil men enig inzicht krijgen in de context van een polemiek als deze. Uw omwereld en de mijne spelen een rol in onze houding tegenover een fenomeen als 'boerse reacties' op internet en elders. Dat is geen ongepaste psychologische uitkleding van de tegenvoeter, maar illustreert hoe juist het blijft dat ' het politieke persoonlijk is...'.

Wees gerust, ik weet best 'waarover dit gaat'. En moest je er aan twijfelen, ik wil best nemen wat je geeft. Ik ben een spons...Ik waardeer Joris Note omdat hij een steen in de kikkerpoel gooide. Deze discussie werd naar internet gewoonte een soep. Ze was met haar beperkingen zinvol. Succes...

uitingen en uitwerpselen

Ik ga 100% akkoord met dit stuk. Ik ben ook niet altijd gecharmeerd van de soms heftige reacties op de internetfora maar dat wil daarom nog niet zeggen dat ze niet interessant zijn. De intellectuele elite van dit land, die meestal niks anders dan lakeien van de macht zijn, vinden dit echter bedreigend. We mogen nog maar naar één ding luisteren en dat is naar de leugens van VOKA-propagandisten zoals de itenera-jongens, Van overtveldt e.a. rechtse propagandisten. De onafhankelijke journalistiek is sterk aan het uitdunnen in Vlaanderen. Schoolvoorbeeld daarvan is het vervangen van de inhoudelijk zeer sterke en genuanceerde journalist Van Cauwelaert door extreem rechts VOKA-propagandist Van Overtveldt als hoofdredacteur van Knack.

geen foute handelingen stellen liefst...

dat deze topic iets erg delicaats in zich had,
voelde ik met m'n kleine teen direct toen ik hem las
(toen er nog maar 'n 3 of 4-tal reacties op waren)...

........het heeft zo intens met dat ongelooflijk
gevariëerd en veelfacettig (en kwetsbaar)
groot/klein menszijn te maken.......

MAAR:
prof. Jan Blommaert,
als de reacties erop ertoe zou leiden
dat jij stopt met op DWM dingen te poneren,
interventies te doen,
dan is dat simpelweg een VERARMING,
die ik bijzonder erg zou betreuren...

Dat betreuren gaat voor mij overigens ook op
voor nogal veel anderen die hier zaken vertellen
die écht wel de moeite zijn,
indien die plots weg zouden blijven.
WANT:
Ze duiden zo vaak groter, kleiner, halfdiep tot heel diep,
stugger of soepeler, matig ver tot héél ver-reikend (verrijkend).

Dus,
VRAAG AAN JAN BLOMMAERT:

Beste Jan,

ik ken u niet 'persoonlijk' en kan dus niet vanuit
de rijkere dimensie spreken indien dat wel zo was,
dus vraag ik het 'halvelings-persoonlijk' dan maar:

Blijf
hier
verdomme
toch
niet
weg
jong !!! !!! !!!

(stel dat Bart DW af en toe stiekem komt kijken hier,
dan zou je hem blij maken, = surplusargument ;-)

Het is gewoon te belachelijk

Het is gewoon te belachelijk voor woorden dat het niveau van het debat bepaalt wordt door de heersende politieke klassen

@ koen van hees

De misverstanden rond mijn tekst krijg ik zelfs in geen tien nieuwe teksten weggewerkt, maar laat ik toch nog proberen er ééntje uit de wereld te helpen, het ligt me bijzonder nauw aan het hart. Ik sneer niet naar mensen die grammaticale fouten maken – ik laak juist degenen die zoveel nadruk leggen op spelfouten, taalfouten en soortgelijke slordigheden (Verhelst, Van den Broeck, Vannieuwkerke), en ik leg dat ook uit; als ik fouten bij Verhelst en Claeys signaleer, is dat ironisch, om te zeggen: kijk, ik kan dat ook, en het betekent niets. Mislukte ironie dus voor sommige lezers, toegegeven. En achteraf betreur ik dat ik niet duidelijk heb aangegeven dat ik, los van het thema, grote waardering heb voor Manu Claeys (en voor Jan Blommaert). Maar waarom zou kritiek op één punt ook moeten impliceren dat de hele auteur of persoon in het geding komt?

wie cultuur wil,kan cultuur krijgen

Het blijkt toch moeilijk te zijn om gedachten op een gefundeerde manier neer te schrijven. Dit is nu,wat mij vooral aantrekt in de commentaren en opiniestukken die Jan Blommaert schrijft.
Meer zelfs, door de manier waarop dit alles ook vorm krijgt op deze website ga ik de verwijzigingen opzoeken, de boeken ontlenen in de bibliotheek of lezen in een boekenwinkel en leer ik bij. En ja,soms kan ik niet alles volgen,en ja soms moet ik sommige stukken een keer of drie opnieuw lezen. En soms denk ik er het mijne van, omdat ik ook weet: "deze" visie is niet ( of nog niet) de mijne. Niettemin apprecieer ik de consequente redenering wanneer die vanuit visie geschreven is.
Ik ken de wereld van armoede zeer goed en weet hoe moeilijk het is om vooruit te gaan. Waar mijns inziens nu een belangrijk verschil is tov vroeger is dan mensen zich vroeger gingen organiseren en samen in beweging kwamen, denken we maar aan de cultuurwerking in vooruit en de volkshuizen en dat nu vanuit de zetel,vanachter een computer geroepen wordt dat alles moet veranderen maar het net iets moeilijker is om die stap te zetten uit het comfort van het gemak dat men kent. Ik ken ook, kan daar weinig aandoen, veel professoren. Ik zie ze toch weinig standpunten innemen en zich daardoor kwetsbaar opstellen.
Ik denk dat alles wat hier als reactie al gegeven is bij dit artikel een illustratie is van wat niet de bedoeling is of wat juist de richting is waarin een herwaardering van het samenleven kan zijn. Beginnen met respect,visie en eerlijke argumentatie

Populisme & het journalistieke veld

Ik vond het zeer vermoeiend om al jullie reacties te lezen, dus ik probeer in algemene termen mijn mening te ventileren. Mijn inziens is er een verband tussen de 'populistische approach' van verschillende officiele media en de 'platvloerse' uitspraken van de mensen met minder cultureel kapitaal [ik denk persoonlijk dat we in beperkte mate kunnen spreken van oorzaak/gevolg maar dat is misschien wat te kort door de bocht]. Het populisme van de media, dat zich uitstrekt tot alle officiele kanalen, volgt een commerciele logica van een zo groot mogelijk publiek te bereiken. Democratisch? Je zou denken van wel, maar de schijn bedriegt. Iedereen kan participeren aan debatten, ongeacht mensen er iets over te zeggen hebben - of uberhaupt beschikken over de know-how om tot bepaalde conclusies te komen [ik denk vooral aan statistische informatie waar vele leken mee gooien].

Even tussendoor: democratisch journalistiek - voor ieder een informatiekanaal - is allesbehalve populistisch, want je houdt geen rekening met de minderheidsgroepen, in dit geval intellectuelen [=mensen met grofweg een hoger intelligentie quotient].

Begrijp mij niet verkeerd, we moeten [bevolkings]statistieken niet ENKEL overlaten aan demografen of experts in de statistieken, we moeten een mening inzake fraudebestrijding niet slechts overlaten aan mensen van de fiscus, en we moeten meningen inzake gerechtelijke zaken niet slechts overlaten aan iemand dat juridische opleiding genoten heeft. Demografen & Juristen moeten juist proberen hun kennis te delen met de gehele bevolking [een belangrijke taak van een intellectueel]. Niet iedereen gaat het kunnen begrijpen, maar maakt dat werkelijk uit [als er gevarieerde informatiekanalen zijn], of zal dat de democratie ondermijnen? Ik zeg niet: laat het werk over aan specialisten, zonder enige vorm publieke controle; ik ben eerder tegen de illusoire positie van een leek tov. de specialist [iets dat bovendien ook in de hand gewerkt word door praatprogramma's a la 'de wereld draait door'].

De media is niet geinteresseerd in intellectuelen die trachtten die bevolking bij te leren, maar eerder in het inzetten van fastthinkers die hapklare meningen presenteren in een vaak reeds gepolariseerd debat.

Als men in een bruine kroeg toogconversaties hoort over hoeveel geld niet naar de luie waal gaat, dan moet je voor de lol een vragen of hij beseft hoe ons federaal systeem werkt [geldstromen, bevoegdheden, etc etc]... Men moet namelijk snappen hoe het politiek systeem functioneert om het in vraag te stellen [want hoe stel je in vredesnaam iets in vraag zonder te weten wat je precies in vraagt stelt]. Ik snap waarom de prof. elitair overkomt, maar kan u zeggen dat het allesbehalve mijn mening is.

MAAR... ik begrijp ook de mening van Note. Het doet me een beetje denken aan de film 'Network'. De film gaat over een nieuwslezer die doordraait op een live-uitzending en roept: "I'm mad as hell and I'm not going to take it anymore" [www.youtube.com/watch?v=q_qgVn-Op7Q]. Als u de film zou zien, of gezien heeft, zal u heel goed moeten opletten op het onderliggend bericht. Ik ga niks verklappen, maar ik raad het u aan in het licht van dit debat.

Voor mijn eerste stuk reactie wil ik graag verwijzen naar opiniestukken van P. Bourdieu. Hoewel vele een elitaire houding zullen zien, zullen de mensen die echt snappen wat er wordt bedoeld verlicht worden, en waarschijnlijk door anderen als elitair beschouwd worden. Nu... wat is meer elitair: 1. informatie achterhouden waarmee men het proletariaat inzicht kan doen verschaffen in bepaalde fenomenen; 2. informatie verspreiden, maar zodanig simpel maken dat IEDEREEN het kan begrijpen [waardoor natuurlijk een hoop/de meeste informatie verloren gaat].

Een andere zaak die op mijn lever ligt, maar zeker enig verband houdt met de reacties + dit artikel: als je kijkt naar de verdeling qua IQ, dan kan men stellen dat 1/5 een IQ hoger heeft dan 115. Zal deze groep aan bod komen mochten wij de commerciele logica volgen? Ik zal het nog wat anders verwoorden: zal de 2,5 % van de bevolking met een IQ boven de 130 het nieuws op maat krijgen? Not likely.

Om te staven dat het cultureel peil van het nieuws blijft dalen: vandaag is het nieuws ge-fucking-opend [schelden... niks mis mee, zo lang we niet adhominem aanvallen lanceren, alhoewel dat ook een vrijheid is dat men in bepaalde mate moet TOLERENEN] met wielrennen of veldrijden of whatever. Newsflash: dat is geen nieuws.. dat is sport... iets dat samen met 'softnews' een steeds grotere proportie van het nieuws opslorpt. Mij maakt het niks uit, maar als dat van een publieke oproep komt, dan wilt dat zeggen dat het hoofddoel van de staat niet meer de culturele verrijking en informatieverstrekking als hoofddoel heeft [of die indruk heb ik toch].

Kleine nuance moet ik toch toevoegen: je hebt De Morgen/De Standaard/De Tijd en VRT als de officiele, intellectuele kanalen... Dit is een illusie. Bronvermelding wordt op dezelfde wijze gedaan, "volgens goed geinformeerde bronnen vernemen wij...", "volgens de politie...", "deze bron dient om veiligheidsredenen geheim te blijven", "een lek van het ministerie van onzin doet ons vermoeden". Een releverende, liefst eenmalige bezigheid zou zijn om alle onduidelijkheden qua berichtgeving in een krant naar keuze aan te duiden, of liefst te schrappen. Wat blijft er over van een artikel, dat niet eens in een opiniestuk van de krant hoeft te staan... niet veel.

ROTKRANTEN EN K-U-T-NIEUWS... ha -- dat lucht op.

TYPOS TYPOS en nog eens TYPOS

Toch even wat verbeteringen:
"Even tussendoor: democratisch journalistiek - voor ieder een informatiekanaal - is allesbehalve populistisch, want je houdt geen rekening met de minderheidsgroepen, in dit geval intellectuelen [=mensen met grofweg een hoger intelligentie quotient]."

Dit moest zijn: mijn opvatting over democratisch functionerende informatiekanalen is alles behalve populistisch [in tegenstelling tot het huidige commerciele klimaat]... Je houdt namelijk rekening met de minderheidsgroepen [ie. mensen met een hoger IQ]. Populisme is trouwens geen slecht ding in se. Het is een maar in welke sociale realiteit je leeft. Als ongenuanceerd zijn iets is waar we als samenleving hard op neerkijken, zal de ongenuanceerde mening direct aangevallen worden door het sociale [het individu alsook de samenleving zal hierop reageren als zijnde ongepast].

Daarentegen is de visie van een 'democratisch' commerciele journalistiek juist ondemocratisch; het is namelijk de dictatuur van de meerderheid.

Wat ik hier allemaal mee wil zeggen is dat de leek of hoe je het ook wilt noemen wordt gevoed door schijnkennis - en bovendien nog eens de indruk hebben dat 'zij' [de leek] een zeer juiste visie heeft op de realiteit. Een scheldtirade vertaalt zich dan ook vaak in een "HOE KUNNEN JULLIE DIT NU NIET WETEN"; uitspraken die ik verwacht van iemand die door en door geindoctrineerd is. DAT lijkt mij een fundamentele factor.

Laat wat esoterisch is, esoterisch zijn. Probeer de bevolking mee te krijgen ipv de bevolking in een staat van naiviteit achter te laten.

Advertentie