Verdeeldheid is troef. Er zijn twee groepen: één voor de staking morgen, één tegen de staking. Bovendien is er nog een andere tweedeling. 'Jongeren moeten opdraaien voor ouderen' of 'de oude generatie leeft op de kap van de jongeren.'
Dat een aantal pensioenhervormingen in zo'n context geplaatst wordt, is niet correct. Werkenden én generaties tegen elkaar opzetten, is dat wat we nodig hebben?
In ons land dreigt armoede voor een op de vijf van de gepensioneerden. Tegelijk wordt bijna een op de tien kinderen geboren in een kansarm gezin. Jong en oud zitten in hetzelfde schuitje. Als linkse jongerenvereniging zijn we er voor jongeren, maar zonder oog te verliezen voor alle kwetsbare groepen. De toekomst is voor iedereen.
Daarom vinden we het jammer dat er verschillende kampen zijn van mensen die eigenlijk aan dezelfde kant horen te staan. De werkenden tegen de staking en de werkenden vóór de staking. De gepensioneerden in onzekerheid en de jongeren in onzekerheid. Kortom, de werkenden en jong en oud tegen elkaar opgezet.
Wanneer de koek kleiner wordt, vecht iedereen om de kruimels. Maar maken de verschillende kanten zich wel moe in het juiste gevecht? Het echte slagveld van de 21ste eeuw ligt elders. Gisteren bleek uit een rapport van het onderzoeksinstituut IRES dat België nog maar een middenmoot is van de Europese lidstaten met de beste sociale bescherming. We worden niet alleen voorbijgestoken door de Scandinavische landen, maar ook door landen als Cyprus, Tsjechië en Polen.
De uitdaging vandaag is hoe we de toekomst van ons sociaal model veilig kunnen stellen. En daarbij is overleg met alle betrokken partijen van cruciaal belang.
Het is duidelijk dat een minister zich heeft vergaloppeerd. Vincent Van Quickenborne (Open VLD) pleegde geen overleg. En dat pikken mensen niet. Tegelijk begrijpen we dat mensen een bepaald aantal jaar gewerkt moeten hebben om onze welvaartsstaat betaalbaar te houden.
Maar het is steeds dezelfde groep die moet opdraaien voor de slechte tijden. Terwijl wij braaf belastingen betalen, dragen te veel grote bedrijven minimaal bij. Het is steeds dezelfde groep die de dans ontspringt. De energiereus GDF Suez betaalde vorig jaar bijvoorbeeld maar 0,12 procent belastingen.
(verscheen eerder in De Tijd)



