about
Toon menu

Libië: het stadje Tawergha bestaat niet meer

TAWERGHA - Tawergha, het stadje dat tijdens de twee maanden durende belegering van Misrata werd gebruikt als hoofdkwartier van Khaddafi, is een spookstad geworden.
vrijdag 25 november 2011

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Er woonden 30.000 mensen in het bruisende Tawergha, dat 'groen eiland' betekent in het Amazigh. De meeste mensen waren van zwarte, Afrikaanse afkomst. Na de belegering van Misrata hebben de inwoners van Misrata het volledig geplunderd en hebben ze huizen in brand gestoken. De inwoners komen bij elkaar in kampen zoals in Fallah, ten zuiden van Tripoli.

Een van hen is Omar Embarka, een 25-jarige vrouw die er haar hele leven heeft gewoond. "Toen de oorlog begon in februari, kwamen veel Tawerghanen die in Misrata leefden, weer thuis", zegt ze. "Khaddafi had onze stad in een vesting veranderd. 's Nachts waren er bijna net zoveel soldaten als burgers."

Embarka, studente medicijnen, werkte als vrijwilliger in het ziekenhuis. "Toen de zomer begon, raakten de voorraden op: voedsel, medicijnen. We hadden niet eens genoeg verdovingsmiddelen voor amputaties. We werden zwaar gebombardeerd en in juli vertrokken de laatste vijf dokters, allemaal Noord-Koreanen."

Vluchten

De beslissende aanval op Tawergha begon officieel op 10 augustus, toen NAVO-vliegtuigen aanvallen uitvoerden op militaire doelen. Volgens getuigen begonnen de NAVO-aanvallen echter veel eerder. Volgens hen werd zelfs het stadscentrum gebombardeerd. Mensen sloegen op de vlucht. "Mensen hielden onze auto tegen, smeekten of ze mee mochten. Maar we waren al met acht personen en er kon niemand meer bij", zegt Ahmed Farthini, die nu ook is ondergebracht in Fallah.

Veel van zijn buren vluchtten te voet. Mohammed Jibril liep twee dagen door de woestijn totdat hij Hisha bereikte. "Veel mensen vielen op de grond, door uitputting en uitdroging, maar ik kon niets voor ze doen. Het was een kwestie van overleven." Hisha werd een veilige haven voor vluchtelingen, totdat het front opschoof. De aanvallen verschoven naar het oosten, tot aan Khaddafi's thuishaven Sirte.

"Wij konden in Sirte gelukkig naar familieleden", zegt Ahmad Wail. "Maar veel mannelijke vluchtelingen kregen te horen dat hun gezin alleen onderdak kreeg, in een school, als ze zelf in de vrachtwagen zouden stappen naar Brega, 250 kilometer ten zuidwesten van de rebellenhoofdstad Benghazi, om mee te vechten tegen de rebellen."

Mishandeling

Toen Brega viel, gingen sommige Tawerghanen naar Sirte. Daar lieten velen van hen het leven tijdens de totale vernietiging van de stad. Anderen hadden meer geluk en kwamen terecht in het door rebellen bestuurde Tripoli. Daar probeerden ze om waar mogelijk binnen te blijven, omdat het voor zwarten niet veilig was. Mensenrechtenorganisaties meldden begin september dat velen van hen slachtoffer werden van de vele willekeurige arrestaties en mishandelingen.

De Nationale Overgangsraad van Libië heeft intussen verklaard dat iedere vorm van mishandeling grondig zal worden onderzocht, maar uitlatingen van de voormalige premier van de raad, Mahmoud Jibril, hebben veel angst opgeroepen. Die verklaarde tijdens een openbare bijeenkomst in Misrata: "Mijn eigen mening is dat niemand het recht heeft om tussenbeide te komen als het gaat om Tawergha, behalve de mensen van Misrata."

In het vluchtelingenkamp Tarik Matar circuleert een video van een groep militieleden die zeven jonge Tawerghanen om het kamp heen slepen. Een commandant van een van de milities die hierbij betrokken zouden zijn, Abdullah Tarhuni, wil niet reageren. Alleen op de vraag of de vluchtelingen ooit nog naar Tawergha terug kunnen, heeft hij een duidelijk antwoord: "Tawergha bestaat niet meer. In de toekomst zullen ze het 'Nieuw Misrata' noemen."

reacties

4 reacties

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties