Advertentie

vrijdag 11 november 2011

G1000 bijéén over welvaart, sociale zekerheid en migratie

In Tour & Taxis is de G1000 van start gegaan. Op de burgertop zullen zo'n goede 700 deelnemers een hele dag debatteren over sociale zekerheid, welvaart en migratie.
DeWereldMorgen.be -
DeWereldMorgen.be -

Heel het land spreekt, staat er als ondertitel op de schermen in de grote hal van Tour & Taxis. De deelnemers zitten telkens in groepjes van tien rond ronde tafels. Zo goed als alle 80 tafels zijn volzet. Dat betekent dus dat heel veel geselecteerde deelnemers de moeite hebben gedaan om naar Brussel te komen en zich daar bijna tien uur lang onder te dompelen in de burgerdemocratie.

De hele dag wordt gevolgd door tientallen journalisten uit binnen- en buitenland. Ook enkele waarnemers van sociale bewegingen kijken toe.

De verhouding man/vrouw zit goed (52 procent is vrouw). Ook wat leeftijd betreft, is er een mooie verspreiding, zo bleek uit een eerste test met de stemcomputers.

De thema's worden ingeleid door twee academici, telkens een Franstalige en een Nederlandstalige. Voor het thema 'sociale zekerheid' waren dat Bea Cantillon en Philippe Van Parijs. Cantillon probeerde met wat cijfers en feiten de principes en de omvang van de Belgische sociale zekerheid te schetsen.

In de sociale zekerheid gaat 70 miljard euro om. Veertig procent daarvan gaat naar de gezondheidszorg. Zo'n 65 procent van de middelen is afkomstig van bijdragen op arbeid. Daardoor hebben de vakbonden en werkgevers hun zeg in het systeem.

Zonder sociale zekerheid zou 27 procent van de Belgen arm zijn. Nu is dat 14 procent. Maar de armoede bij werkloze gezinnen steeg wel van 39 naar 48 procent.

Cantillon deed haar best om haar inleiding zo neutraal mogelijk te houden. Bij de econoom en filosoof Philippe Van Parijs was dat wat minder het geval. Hij had het ook over een basisinkomen, iets wat in België niet bestaat en waar veel discussie over is.

Na de uiteenzettingen kunnen de deelnemers aan de slag. Samen met een 'facilitator' van de G1000 beginnen ze aan een discussieronde. De resultaten van die ronde worden in de namiddag voorgesteld waarna er over gestemd wordt.

Na de top van vandaag stopt het proces niet. Drie weekends lang werken 32 burgers verder met de resultaten van de G1000. Deelnemers mogen zich zelf voorstellen. Is dat dan wel nog representatief?

“Wij hebben het woord representativiteit nooit gebruikt”, zegt politoloog Dave Sinardet, één van de initiatiefnemers van de G1000. “We streven wel diversiteit na en als je de tafels bekijkt, zie je dat dat wel gelukt is. Jong en oud, man en vrouw, allochtoon en autochtoon. Bij deliberatieve democratie gaat het meestal om kleine groepen. Een proces met 1000 mensen zoals vandaag is heel zeldzaam.”

Sinardet: “Voor de deelnemers is dit ook een leerproces. We brengen mensen samen die normaal nooit of zelden met elkaar contact hebben. De deelnemers zullen hopelijk ook leren om meer begrip voor en inzicht in elkaars standpunten en invalshoeken te krijgen. Zo zullen ze ook zien dat het niet altijd evident is om een consensus te vinden. Wij gommen dus zeker niet de conflicten weg.”

Tags:

Vond u deze bijdrage de moeite waard? Geef ons dan uw fair share.

Klik hier om DeWereldMorgen.be te steunen via overschrijving.

Reageer (Spelregels)

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.

Reacties

G Hoeveel?

Met het bedrag dat dit initiatief kost had dhr. Reybrouck kunnen deelnemen aan de volgende parlementsverkiezingen. Het zou dan meteen duidelijk zijn hoeveel burgers achter deze voorstellen staan. Elke discussie over representativiteit is daarmee van de baan.

Als je de G1000 durft te

Als je de G1000 durft te bekritiseren krijg je al meteen het verwijt dat je de democratie zit te bekritisren maar is de G1000 dan wel zo democratisch als hun initiatiefnemers beweren? Zoals Le Grand Guignol al had gezegd: aan dit initiatief hangt een geur van managed democracy aan vast. De uitgebreide sponsoring door het bedrijfsleven, de overdreven media aandacht, de suggestieve vraagstelling, de experten, in de VS heeft men hier een mooi woord voor: astroturf campaigning.

De G1000 met de Tea Party vergelijken is een stap te ver maar er zijn gelijkenissen. De onzekerheid van het volk wordt gekanaliseerd door het bedrijfsleven en aangewend voor eigen doeleinden. Aan de vraagstelling te zien zal het hier vooral gaan om een referendum over het voortbestaan van onze welvaartstaat. Maar reken er maar niet op dat er positieve antwoorden uit de bos zullen komen. Desnoods zullen de 32 experten de antwoorden nog van wat extra spin voorzien en zullen de uiteindelijke conclusies rechtstreeks in de kaarten spelen van de belangen van het bedrijfslevenDe burger mag vooral niet voor zichzelf denken (niet dat ik hier een pleidooi geef voor plat populisme).

Aan de echte problemen wordt geen aandacht besteed: wijdverspreide corruptie in de politiek, een destructief economisch systeem, toenemende ongelijkheid, de bonuscultuur, werkloosheid, notionele interestaftrek, een asociaal patronaat, individualisering van de maatschapij, dictatuur van de markten, etc... . De G1000 gaat ze allemaal vakkundig uit de weg, en besteed liever haar aandacht aan zaken zoals identiteit, cultuur, migratie, onderwijs (en dan vooral hoe dit nog meer in dienst kan staan van het patronaat), het is allemaal maar een beetje spelen in de marge.

En waarom moest Francesca haar politieke opvattingen van alle daken schreeuwen? MIsschien omdat ze denkt dat de uiteindelijke conclusies haar opvattingen wel zullen bevestigen.

Ergens is het schrijnend dat vakbonden met hun miljoenen leden stelselmatig worden genegeerd of zwartgemaakt in de media, maar dat een kleinschalig gebeuren als de G1000 wordt gepromoot als de redding van onze democratie. Nogal ironisch als je bedenkt dat dit initiatief een volledig top down gebeuren is, terwijl een vakbondsleiding democratisch wordt verkozen.

Oorzaken en symptomen

Eén van de redenen waarom de burgers klagen over 'de democratie' spruit voort uit de indruk die de mensen hebben dat ze niet meer gehoord worden. (1) Waar zit het probleem? (2) Gaat de G1000 daar iets aan veranderen?

(1) Sedert enkele jaren is de businesscultuur 'ingeburgerd' geraakt in de politiek: politici zijn managers geworden van het 'algemeen belang' en trachten zichzelf zo neutraal mogelijk op te stellen, waardoor ze zichzelf (trachten te) verheffen boven elke vorm van kritiek. Echter, die - haast kritisch-wetenschappelijke - neutraliteit is in wezen niet neutraal, temeer omdat het managementdiscours aansluit, en zelfs een onderdeel vormt, van de neoliberale doctrine en politiek-economische strategie. Met de onpersoonlijkheid van een manager zitten onze politici met andere woorden gevangen in een referentiekader waarbij bedrijfsbelangen primeren op het belang van het volk - het 'echte' algemeen belang;

"in the event of a conflict between the integrity of financial institutions and bond holders on the one hand and the well-being of the citizens on
the other, the former was to be preferred. It hammered home the view that the role of government was to create a good business climate rather than look to the needs and well-being of the population at large" (Harvey, 2006: 150).

Een dergelijke visie en uitgangspunt zijn allesbehalve democratisch: de soevereniteit van het volk werd vervangen door de soevereniteit van de financiële en zakenwereld, i.e., 'corporate elite'. Tegelijkertijd zorgt een dergelijke visie ervoor dat belangenverstrengeling tussen politiek en business niet meer als belangenverstrengeling wordt aanzien, maar als een vanzelfsprekendheid: een noodzakelijk kwaad ten voordele van het businessklimaat. Voilà, alle ingrediënten die ervoor zorgen dat er een ondemocratisch papje ontstaat waarbij de bevolking - terecht - de indruk heeft dat ze niet gehoord wordt. Sterker nog, die burger staat effectief te prediken in de woestijn: 'business comes first'. Het democratisch deficit (zowel in Vlaanderen, België, Europa, VS) is het gevolg van de belangenverstrengeling tussen politiek en zakenwereld; vanuit een zekere onwil, alsook vanwege een gewijzigd referentiekader (van politici naar managers), treden politici op als businessvertegenwoordiger in plaats van volksvertegenwoordiger.

(2) De G1000 pakt het voornoemde probleem op geen enkele wijze aan. Weliswaar wordt er een soort van parallel 'democratisch' circuit op poten gezet: een staaltje van marketingdemocratie waarbij hooguit 1900 burgers, bij wijze van steekproef, mogen debatteren, delibereren en dialogeren aan de hand van 'top-down' geformuleerde thema's en wetenschappelijk / strategisch uitgekiende invalshoeken. Die 1000 burgers hebben evenwel niet zelf de inhoud van de thema's mogen bepalen, maar mochten kiezen uit onderwerpen en stellingen als ware het producten, i.e., 'commodities'. Een slogan als "Heel het land spreekt" is bijgevolg ontzettend kort door de bocht en gezien de massale media aandacht - unisono laaiend enthousiast, wat op z'n minst opmerkelijk is voor een open en kritisch klimaat - heb ik de indruk dat er, niettegenstaande die 700 burgers daadwerkelijk zullen debatteren, meer aan opinievorming dan aan een daadwerkelijk democratisch proces gewerkt wordt. Meer nog: de G1000 vertoont veel gelijkenissen met de wijze waarop de EU zijn scheuren ten gevolge van het democratisch deficit, binnen afzienbare tijd, wil overplakken: het 'European Citizens Initiative'. Ook binnen dat initiatief mag een selectie van burgers een soort van aanbevelingen doen aan de Europese Commissie, die vervolgens rekening met de desbetreffende aanbevelingen zal - of zou - houden. Het betreft in wezen een soort van 'populaire lobbying', naast de machtige lobby's uit de financiële en zakenwereld. Daar kan de bevolking niet tegenop, dat is inmiddels overduidelijk. Wat telt is de illusie van democratie en dat maakt het gemakkelijker en aannemelijker om de bevolking en wat er rest van de democratie te managen: "managed democracy" (Wolin, 2008, 131). Zoals 'Richard' (cf; bovenvermelde reactie) terecht stelt: 'astroturfing' oftewel 'rent-a-crowd'. Hierbij wordt een verborgen agenda van overheden, privé-personen alsook van belangengroepen (bv. bedrijfswereld) verpakt in een burgerinitiatief met een hoog 'grassroots'-gehalte, om op die manier - via een omweg - een schijnbaar democratisch draagvlak te misbruiken om de eigen belangen door te drukken: een wolf in schaapskleren, zeg maar.

Alle goede bedoelingen ten spijt zorgt de G1000 niet voor een oplossing voor het democratisch deficit (cf. 1). De werkelijke oorzaken en problemen (bv. belangenverstrengeling en schijnbaar neutrale managementvisie op politiek niveau) blijven onaangeroerd, terwijl men de bevolking - althans het hele land dat zou spreken - de indruk geeft democratisch bezig te zijn. Ik kan u zeggen dat er op ManiFiesta 7500 mensen uit verschillende hoeken van het middenveld een ganse dag democratisch gedebatteerd en gedialogeerd hebben, terwijl het evenement nagenoeg geen media-aandacht gekregen heeft. De organisatie van ManiFiesta had dan ook niet de pretentie om in naam van het ganse land te (willen) spreken. Maar het toont wel de relativiteit waarmee we een initiatief als de G1000 moeten bekijken. Een slogan als "Heel het land spreekt" is dan ook demagogisch en natuurlijk stappen de media met plezier in zo'n sensatieverhaal mee: de democratie staat op het punt gered te worden, we zijn goed bezig en kunnen onverwijld verder doen zoals we bezig zijn. Echter, de (systemische) problemen waar, o.a. de Indignados, de Occupy-movement en het middenveld (vakbonden, ngo's) voor op straat komen worden op geen enkele wijze in vraag gesteld; de G1000 blijft netjes binnen de neoliberale lijntjes. Erger nog, een groepje van 1000 burgers gaat aanbevelingen doen over de hervorming van de sociale zekerheid, terwijl dat groepje - zoals de organisatoren van de G1000 erkennen - op geen enkele wijze representatief is voor de ganse bevolking. Het middenveld - en de overige 9.999.000 Belgische burgers - wordt te kijk gezet met betrekking tot sociale verworvenheden waar het jarenlang voor gestreden heeft. Het risico is dan ook reëel dat men - via een omweg - de zo gezegde democratisch tot stand gekomen aanbevelingen gaat aanwenden om het middenveld - meerbepaald de vakbonden en klein links - onder hun duiven te schieten. Middenveld hou u vast aan de takken van de bomen: u wordt mogelijk buitenspel gezet - met behulp van 'astroturfing'!

* Harvey, D. (2006). Neo-liberalism as creative destruction. Geografiska Annaler: Series B, Human Geography, 88(2), 145-158. doi: 10.1111/j.0435-3684.2006.00211.x
* Wolin, S.S. (2008). Democracy incorporated: Managed democracy and the specter of inverted totalitarianism. New Jersey, US: Princeton University Press. (isbn: 9780691135663) [ http://press.princeton.edu/titles/9175.html ]

Laat G1000 hun gang maar

Laat G1000 hun gang maar gaan..
Afwachten of de zeven parlementsvoorzitters ook rekening "durven" houden met de G1000 voorstellen en er vervolgens ook iets "zinvol " durven mee doen, behalve het met veel theatrale rethoriek en prietpraat voor de camera's in ontvangst nemen, om het vervolgens onder de mat te vegen.
Als 1000 mensen, representatief voor de samenleving, de vinger op de wonde leggen, MOETEN politici daar rekening mee houden.
Banken en fraudeurs hebben inmiddels hun zakken gevuld.

Een "andere" politieke partij, als spin off van G1000, zou alleszins niet misstaan, een frisse wind door dit verpauperde politieke landschap blazen en "nieuwe politici" aan bod laten komen.
Politici die ook nog een andere boodschap hebben dan "markten, speculanten, en beleggers".

Dus ja, voor G1000!

Waarom zouden politici

Waarom zouden politici rekening moeten houden met de voorstellen van de G1000? Hun mening is niet representatief. Ik heb niet kunnen kiezen voor de G1000 dus mij vertegenwoordigen ze zeker niet.
Het is interresant om te zien wat de voorstellen gaan zijn maar daar blijft het ook bij.

U laat zich vangen door opinievorming

Die 1000 mensen zijn niet representatief voor de bevolking - dat erkent de organisatie van de G1000 ook. Het gebrek aan representativiteit is juist het probleem - 1000 t.o.v. 9.999.000: do you get the picture!? Ze zijn niet representatief maar geven wel hun aanbevelingen aan de politici en verwachten dat ernaar geluisterd wordt. Omdat ze niet representatief zijn is dat in wezen ondemocratisch. Daarenboven krijgen die 1000 mensen ook niet de gelegenheid om het financiële systeem - en hun banken en fraudeurs - in vraag te stellen; ze moeten binnen de neoliberale lijntjes blijven die op voorhand uitgetekend werden. Inderdaad moeten we nog afwachten of politici hiermee rekening gaan houden. Het zal ervan afhangen wat er uit de bus komt. Echter, ongeacht datgene wat er uit de bus komt zou het een miskenning zijn van het middenveld - vertegenwoordigen meer dan 1000 geselecteerde burgers - indien politici ermee rekening zouden houden: de democratie werd door de G1000 immers herleid tot een steekproef onder 1000 mensen: een opiniepeiling.

Het probleem van het democratisch deficit en de onwil van politici om naar het middenveld - niettegenstaande de bonden de G1000 wel mee financieren - en de burgers te luisteren wordt enkel schijnbaar aangepakt. Indien politici toch naar de aanbevelingen van de G1000 zouden luisteren, dan luisteren ze naar de aanbevelingen van die G1000 - meer bepaald de G32 - en niet naar de bevolking. Meer nog: eigenlijk luistert de politiek naar diegenen die de thema's hebben opgesteld, meer niet!

Voor alle duidelijkheid ben ik niet tegen die G1000, ze doen maar. Desalniettemin kan ik er niet mee akkoord gaan dat een - toegegeven - gebrek aan representativiteit toch aangewend wordt om zo gezegd representatieve aanbevelingen doen. Anders gezegd, men verkoopt een citroen voor een appel terwijl men toegeeft dat het een citroen is die men verkoopt. De koper laat zich dus, met zijn medeweten, in 't zak zetten. Ik begin al langer hoe meer te denken dat de problemen in dit land te wijten zijn aan de desinformatie bij de bevolking. Hoog tijd dat mensen terug kritisch leren nadenken!

Blijkbaar heeft de campagne van het ABVV ('Men bedriegt U!) niet het gewenste effect gehad. Het blijkt immers dat er heel wat mensen met plezier bedrogen willen worden. Van de vakbonden mogen we zeker zijn dat ze aan de kant van de werkende mens staan, bij die G1000 hebben we daar het raden naar. Meer nog: er zijn genoeg signalen die tot enige terughoudenheid zouden moeten aanzetten.

Op 15 november as. betogen de Europese vakbonden, i.e. het gemeenschappelijk vakbondsfront, waaronder ook het ABVV en het ACV, in Brussel en schuiven tegenover de bezuinigingen concrete eisen naar voren: (cf. http://www.pvda.be/nieuws/artikel/een-alternatief-plan-van-het-gemeensch... )

• kwaliteitsvolle jobs;
• het behoud van de automatische indexering van alle lonen en sociale uitkeringen;
• lonen en sociale uitkeringen als economische schokdempers die de koopkracht van de werknemers op peil houden;
• het behoud van onze brugpensioenregelingen en van tijdskrediet als middel om extra jobs te creëren;
• het behoud van de huidige werkloosheidsuitkeringen (waarin nu al degressiviteit bestaat);
• sterkere openbare diensten, immers een onontbeerlijk instrument van herverdeling van de rijkdom;
• de opheffing van het bankgeheim;
• een rechtvaardige fiscaliteit, ook de financiële inkomens moeten correct belast worden, de huidige notionele intrestaftrek moet weg;
• een taks op de financiële transacties en een daadwerkelijke strijd tegen fiscale fraude.

We zullen zien of de 'dames en heren' politici daar oren naar zullen hebben!

Advertentie