about
Toon menu

De één procent regel, een goed begin voor de revolutie

In deze tekst probeer ik de beweging van de Indignados historisch te kaderen. De twee die nog volgen over de horizontale structuur en de techniek van de volksvergaderingen zijn vertalingen van teksten die ze zelf gemaakt hebben op de Puerta del Sol, en die zijn al door duizenden mensen bediscussieerd in commissies en aangenomen op volksvergaderingen.
maandag 15 augustus 2011
Niemand verwacht de Spaanse Revolutie

In ‘Apuntes sobre la noviolencia del 15-M’  (hier vertaald) spreken de Indignados over het  DNA van hun beweging: horizontale structuren, eenheid in diversiteit, respect, geweldloosheid, onvoorspelbaarheid, creativiteit en ook:

“de kracht om het initiatief zelf in handen te nemen en te houden”

Wat heeft dat nu met reële democratie te maken? Eerst ‘une petite histoire’. Het verhaal van een oude Gentse soixant-huitart. Soixant-huitard zijn, is geen verdienste. Het heeft te maken met geboren zijn tussen 1946 en 1952 en dan was je volwassen eind de jaren zestig begin de jaren zeventig. In die periode dus. 

In 1969 werd de Parijse revolte van Mei ’68 nog eens dunnetjes overgedaan aan de Gentse universiteit. De Maart-beweging, de bezetting van de univesiteit, gewelddadige ontruiming, enzomeer.

Onze soixant-huitart vertelt

“Toen in Oktober 1969 het nieuwe academiejaar van start ging waren er heel wat studenten die hun jaar bisten. Ook de preses van ons jaar was een overzitter. Dus vond ‘dienen typ’  dat er in ons jaar geen nieuwe preses-verkiezingen nodig waren voor de VPPK [Vlaams Psychologische en Pedagogische Kring n.v.d.r.]. Er was er nog enen over van het jaar daarvoor.”

“Maar dat zag ik toch een beetje anders. Ik begon erover te discussiëren in de Mokabon…  en uiteindelijk besloten we met een groepje van zeven om toch maar preses-verkiezingen te organiseren. Ik nam daarvoor dus het “initiatief”  en stelde mezelf ook kandidaat.”

Niet dat ik verwacht had om verkozen te worden, een plaatsje in het presidium gingen ze mij wel geven. Ik verschoot nog al. Ik had de meeste stemmen, bijna het dubbele van die “schuune mokke” [mooi meisje n.v.d.r.] die mijn vice-preses, en daarna ook mijn vrouw, is geworden Sedertdien  weet ik  wat verkiezingen waard zijn, maar ge moet ze wel zelf organiseren.”


Wie is aan zet in ‘la grande histoire’

Dit is natuurlijk maar een klein verhaal dat ‘in de fond’ niets bewijst, maar ga eens na in de recente grote geschiedenis. De Franse Revolutie (1789) schafte de privileges van de adel af en schreef het Algemeen Enkelvoudig Stemrecht voor mannen in de grondwet in. Kwestie van het gewone volk dat de Bastille had bestormd toch ook iets te gunnen. Maar, oh ironie, die wet bleef dode letter.




De kapitalistische bourgeoisie  was er niet op gebrand haar pas verworven macht de delen. Ze behield het initiatief liever voor zichzelf alleen en de revolutie at haar eigen kinderen op.  Er is nog heel wat bloed gevloeid, ze hebben zo een beetje elkaar uitgemoord, de guillotine draaide op volle toeren enz..

Maar de bourgeoisie zou ook daarna en dat tot op de dag van vandaag het initiatief nooit uit handen geven.  Tenzij,  voor een korte periode zoals bijvoorbeeld in 1948 na hevige opstanden niet alleen in Frankrijk maar overal in Europa. 

De tweede Republiek wordt opgericht in Fankrijk en nu krijgen de mannen wel effectief stemrecht. Er zijn nog 3 andere periodes  in het grote verhaal van de bourgeoisie waar deze het initiatief een klein beetje moest lossen, namelijk  tijdens de Parijse Commune in 1871 en na de eerste en tweede wereldoorlog. Telkens na hevige en massale volksopstanden of oorlogen dus.

In België gebeurde hetzelfde, maar dan veel later. Hier  kwam na de Revolutie van 1830  het meervoudig cijnskiesrecht in voege .  Het algemeen enkelvoudig stemrecht voor mannen werd dan pas in 1920 na de 1ste wereldoorlog ingevoerd. Na de 2de wereldoorlog zorgde dan weer een uitgebreid systeem van sociale zekerheid voor de pacificatie. Na WOII gaf de bourgeoisie zelfs een  hele tijd haar machtsmonopolie op.

We kregen een overlegeconomie, maar na de olie-krisis van 1973 werd die geleidelijk aan de nek omgewrongen. Tatcher en Reagan stuurden begin de jaren 1980 de vakbonden terug naar af.  De bourgeoisie was nu meer dan ooit weer alleen aan zet en bleef alleen aan zet.  In de geschiedenis pastte ze zich telkens weer perfect aan door bij krisisen tijdelijk wat gas terug te nemen.
 

De taaiheid van het kapitalisme

Waar zit toch die verdomde kracht van de kapitalistische bourgeoisie?  Chantage, liegen en bedriegen (zie daarover de schitterende reeks artikelen van Sam Mampaey). Maar ge moet u dat ook kunnen permitteren.

Economisch heeft de bourgeoisie nog geen millimeter van haar macht moeten inleveren. Integendeel, die macht heeft zich geconcentreerd in steeds minder handen en is intussen verspreid over gans de aardbol.

Na kolonialisme volgde neo-kolonialisme gevolgd door de globalisering. Maar daar houdt het op. Uitbreiden kan niet meer, of het zou naar de maan moeten gaan. Wat ik persoonlijk zowel letterlijk als figuurlijk geen slechte zaak zou vinden. Maar vanzelf zal dat niet gebeuren vrees ik.



De economische macht is ook de bron van de politieke macht van de bourgeoisie. Enkele elementen: Het grootkapitaal zorgt er met een legertje lobbyisten altijd voor dat nieuwe wetten  niet tegen zijn belangen  ingaan. In de EU, waar het democratisch deficit nog groter is dan in de lidstaten is het alleen maar erger.

Daarnaast hebben we de voortdurende chantage via de beurs. Als een bedrijf ontslagen aankondigt gaat de koers van zijn aandelen naar omhoog. De beurs legt dus per definitie een asociale politiek op.

En dan heb je de banken – voor ons de winsten voor jullie de lasten - die ‘to big  to fail’  zijn en dan maar met belastinggeld moeten gered worden. Ook in dat verhaal heeft de  wetgever een cruciale rol gespeeld toen hij de bankregels ingevoerd in 1933  afschafte (de terugroeping van de Glass–Steagall Act) in 1999.

De bankwereld drong al sedert 1980 op die afschaffing aan. Na de afschaffing van de wet begonnen banken ingewikkelde producten zoals CDO's te creëren, en het is deze rommel die ze in 2008 zuur opbrak. Ze bleken niets meer waard te zijn. De vervlechting tussen  politici en financieel grootkapitaal kon niet groter zijn.

En zo kunnen we nog een tijdje doorgaan over belastingsparadijzen, belastingsvoordelen voor der rijken enzovoort.

Dit wordt door de lakeien van de bourgeoisie  allemaal verdedigd  als: "het kapitalisme zorgt voor welvaart en voor jobs."

In Spanje waar de werkloosheid sedert de kredietkrisis en het uiteenspatten van de Spaanse vastgoed-bubbel, 21% bedraagt en, zelfs 46% bij de jongeren, is dat natuurlijk een flutverhaal dat niemand meer pikt. Bij ons komen ze daar nog mee weg terwijl de inkomensongelijkheid hier toch ook al twintig jaar constant toeneemt en dat is ongezond.

Maar er is voorlopig geen speld tussen te krijgen want in onze zogezegde ‘democratie’ hebben enkel de gevestigde partijen toegang tot de media. Het systeem is ook  gul voor zijn volksvertegenwoordigers of moet ik zeggen dat deze gul zijn voor zichzelf, want onze volksvertegenwoordigers stemmen hun wedden zelf. Waarom mogen wij dat niet? De bourgeoisie heeft dus een fractie van haar privileges gedeeld met de politici die hen naar de mond praten. Dit was een grove schets, geen godsbewijs.

Maar dat de bourgeoisie vandaag nog altijd aan zet is kan je ook simpelweg afleiden uit het feit dat er  intussen nog maar één land in de wereld is met directe democratie.

Waar de burgers dus  constitutioneel het recht hebben om zelf wetgevende initiatieven te nemen.  Het initiatieftrecht om wetten terug te roepen of nieuwe wetten te laten goedkeuren door de bevolking bestaat enkel nog maar in Zwitserland.
 

Wij zijn nu aan zet, zeggen de indignados

Dit is dus de reden waarom de indignados het initiatief  zelf in handen genomen hebben en het niet uit handen willen geven. Zij zeggen gewoon: “En nu zijn wij aan zet.” Van dit systeem, van deze politici verwachten we niets meer. Dat is ook de grondreden waarom ze de autoriteit van de regering niet langer aanvaarden en zich niet gebonden voelen door de wetten waar ze volgens de grondwet toch niets aan kunnen veranderen… tot zolang er geen reële democratie is.



Dat is ook de reden waarom ze niet langer geloven in de representatieve democratie. Volgens hen bakken de politici er niets van en gijzelen de bankiers de regeringen en dit pikken ze niet langer. In hun manifest lezen we ook:

“De burgers zijn een radertje in een machine die een kleine minderheid steeds rijker maakt en geen rekening houdt met onze behoeften. We zijn anoniem, maar zonder ons zou niks van dit alles bestaan, want wij zetten de wereld in beweging.”

Wij zetten de wereld in beweging en we weigeren om nog langer radertjes te zijn. Daarom nemen we zelf het initiatief  in handen en we zijn niet van plan  het uit handen te geven. Hier draait alles om.

Zelf het initiatief in handen houden is essentiëler dan geweldloosheid.  Hun geweldloosheid is niet die van de onderwerping maar van de opstand. Er is een volks gezegde: "Een brave ezel krijgt ook rammel.".  Dat is dus niet waar ze voor staan, braaf in een hoekje kruipen.  Neen ze willen niets anders en niets minder dan het  systeem dat mensen beschouwt als radertjes compleet omgooien. Ze zijn wel degelijk subversief, geweld is dat niet.

De Indignados zijn geweldloos omdat ze vrezen het initiatief te moeten uit handen geven als ze geweld gebruiken. De kern van wat ze doen is het best zichtbaar op hun organisatiestructuur en hun Assembleas Generales, volksvergaderingen, waar iedereen welkom is en waar alles democratisch en transparant beslist wordt.   Geweld vloekt dus ook met met de transparantie van de ganse beweging.

Die transparantie en openheid lonen. Ze groeien. Zo kunnen ze rekenen ze op de macht van hun getal om het initiatief in handen te houden. Ze weigeren ook om  mee te draaien in het spelletje van de verkiezingen, want dan geef je weeral het initiatief uit handen.

Wat ze willen verwezenlijken staat in grote lijnen in hun manifest, participatieve democratie is daarin centraal, en daar komen we later op terug. Maar hoe hou je zelf het initiatief in handen? Niet voor een maand, niet voor een jaar, maar tot ge uw doel bereikt hebt?

Dat ligt niet voor de hand. Door  creatief te zijn, zeggen ze en telkens weer te verassen. Uitbreiden in plaats van zich te laten isoleren, daar komt het op aan.

Volgehouden massamobilisatie en het bewaken van de eenheid in diversiteit, daar gaat het om.

Hoe het allemaal begon

De Indignados zeggen dat ze zich niks aantrekken van de wetten die ze onrechtvaardig vinden. Niet dat ze pleiten voor complete wetteloosheid, want respect zit ook diep  in hunDNA, maar in het overtreden van onrechtvaardige wetten zien ze absoluut geen graten. Hoe doe je dat ongestraft? En hoe hou je dat vol?

Democracia Real Ya startte als een digitaal platform  in Januari 2011. Enkele jongeren riepen op  om op 15 Mei de straten te bezetten als protest tegen de werkloosheid, de onderbetaalde jobs, kortom de uitzichtloze situatie van de jeugd. “Toma la Plaza.” Hadden ze aanvankelijk enkel de steun van maar enkele organisaties zoals ATTAC, Ecologistas en Acción, Intermon Oxfam, of  Juventud Sin Futuro, dan werden ze in Mei al ondersteund door 500 associaties. Tenslotte zouden ze in 57 steden pleinen bezetten.

Maar de eerste stappen van Democracia Real Ya in de reële wereld waren bescheiden. Begin Maart kwamen ze voor de eerste keer samen op de Puerta del Sol met slechts 40 mensen.  Op 15 Mei stonden ze daar met 50 duizend, dat is ong. 2% van de volwassen bevolking van Madrid. Ook in de andere steden was er een gelijkaardige massale deelname.

Maar OK dit was een geslaagde en goed voorbereide actie, viraal internet. Het elan van zo’n actie kan ook vlug gaan liggen. En dat was ook waarschijnlijk wat de politie dacht toen ze op 2 Augustus de Puerta del Sol ontruimde. Niet toevallig op 2 Augustus want Augustus is de vakantiemaand in Spanje.

De één procent regel

Nog diezelfde avond reageerden de Indignados door met dertig duizend op straat te komen om de politie vreedzaam te belegeren. Ze hielden dat 3 dagen vol, de derde dag waren ze nog  met 16.500 en toen, ja toen zag de politie het niet meer zitten, ze waren uitgeput, een van de politievakbonden verklaarde zich al eerder solidair met de indignados,  en ’s anderdaags werd het plein heroverd.

Dus ze konden 3 dagen aan een stuk gemiddeld 1% van de volwassen bevolking van Madrid onmiddellijk mobiliseren.
 

Ik denk dat dit het cruciale gegeven is. Passen we dat eens ‘in concreto’ toe op een stad als Gent. Stel, ik zeg “stel” dat we in Gent een plein een tijdje willen bezet houden. 250.000. inwoners ongeveer, dus 1% van de volwassen bevolking van Gent dat moeten zo ongeveer 2000 mensen zijn.

De stad beschikt over 1010 flikken. Die kunnen ze natuurlijk niet alle 1010 tegelijk inzetten, hoogstens 500. Wij bezetten een plein en Termont is het om de een of andere reden beu en laat ons ontruimen. 2000 man elke avond tegenover 500 flikken. Dat is met zijn vieren elk een fliek, dat is te doen, denk ik.

De één procent regel is maar een begin

Er zijn wel 4 belangrijke maren:

(1) je mag niet beginnen met geweld, want dan halen ze waterkanonnen en traangas boven en

(2) je moet de sympathie hebben van de bevolking want zonder mag je het sowieso vergeten, dan halen ze op dag één al het waterkanon boven.

(3) Het werkt niet in één stad. Ook in nog andere steden moeten er pleinen bezet zijn, net als in Spanje want anders kunnen ze te veel reserves oproepen geraak je geïsoleerd.

Bovendien is gelijktijdigheid een belangrijke factor voor de kracht van jouw beweging, de wetenschappelijke verklaring lees je hier.

Maar we mogen de kar niet voor het paard spannen. Die synchronisatie hangt af van  internationaal overleg, ze zal er niet spontaan komen.

De uitbreiding op Europees niveau is in die zin ook belangrijk, het is ook vooral door de EU dat we geregeerd worden. De macht van de nationale regeringen en zeker het regionale regeringen is compleet uitgehold door een stelletje bureaucraten. Niet te verwonderen dat de Indignados zich nu vooral toespitsen op hun mars op Brussel.

En tenslotte (4): het mag natuurlijk niet bij die een procent blijven. Dat is enkel het voldoende hoge niveau om het initiatief te nemen, jouw initiatief voor te stellen aan de bevolking.

Wil je dat voorstel ook  echt waar maken dan zal je alle harten moeten veroveren, je zal, als het zou aankomen op een referendum de meerderheid moeten halen.
 

De vergelijking met Mei 68 klopt langs geen kanten

Ook al vonden er tijdens de studentenrevoltes van Mei 68  ook algemene vergaderingen plaats, zoals de Assembleas Generales op de pleinen in de Spaanse steden vandaag,  de vergelijking die oppervlakkige journalisten met de beweging van indignados maken gaat totaal niet op.

De horizontale structuur was theorie maar geen praktijk. In feite was het een nogal structuurloze bedoening. Dit is ook vrij snel bekritiseert vanuit de vrouwen beweging. Jo Freeman heeft het al over ‘The tyranny of structurelessness’ in 1970. Demagogie en manipulatie namen al gauw de overhand. (De horizontale structuur wordt her onderwerp van ons volgend artikel.)

De economische context was ook compleet verschillend in 1968. Het was een periode van economische opbloei, de fabrieksbazen schreeuwden om werkvolk en dat is vandaag totaal anders. De economie zit dankzij de kapitalistische logica muurvast. De Indignados ondervinden het debacle van het systeem aan den lijve, de soixant-huitarts totaal niet. Hier komt de bourgeoisie niet meer onderuit.

De studenten beweging stond ook niet open voor iedereen, studenten waren toen nog meer dan nu een select gezelschap. Enkele studenten gingen wel naar de fabrieken, maar er zijn nooit gewone mensen naar de auditoria van de universiteit gekomen om mee te vergaderen, mee te beslissen. Dat gebeurt nu vandaag op de pleinen in Spanje wel.

Geen wonder dat vele soixant-huitarts het nogal snel opgaven om zogezegd “de grote mars door de instellingen” aan te vangen (zo hete dat toen naar analogie met de grote mars van Mao tijdens de Chinese Revolutie). Ze zijn nog altijd aan het marcheren, op een loopband weliswaar, ver kom je daar niet mee.

"Vamos despacio, porque vamos lejos,"  "We gaan traag, omdat we ver gaan," zeggen de Indignados.

Een paar van die grote leiders van toen vind je nu bijvoorbeeld terug in een obscure, elitaire organisatie als de Loge, waar je enkel op uitnodiging kunt toetreden, waar ze dan aan tafel zitten met de Etienne Vermeerschen en Siegfried Brackes van deze wereld. De tegenstelling met de reële democratie en transparantie op de Spaanse pleinen, waar iedereen welkom is, kan niet groter zijn.

En allemaal zijn ze vergeten dat bij de eerste verkiezingen na 1969 er openlijk opgeroepen werd om die te boycotten. Over het apolitieke karakter van de indignados schreeuwen ze vandaag  in koor moord en brand. Ze doen nu al bijna veertig jaar mee aan die parodie die verkiezingen heet, en ze zijn nog geen stap nader gekomen.

Ze hebben het initiatief uit handen gegeven en daar ging het fataal fout. Ze konden toen niet en nu niet die één percent mobiliseren. De politie had vrij spel om ze uit elkaar te ranselen. En dat is ook gebeurd. In hun programma’s las je niets en lees je vandaag nog altijd niets over directe democratie. Dat vinden ze een brug te ver.

Niet dat directe democratie alles zaligmakend is, dat beweren de Indignados ook niet, maar ze is wel een essentieel onderdeel van de revolutionnaire verandering waarvoor ze kiezen. En ze passen die directe democratie ook toe in hun dagelijkse praktijk. Ze beginnen bij zichzelf, en het is daar dat je moet beginnen.
 

En waar gaan de Indignados eindigen?

Mijn glazen bol is gevallen en ligt  in duizend stukken in de glasbak. Bovendien zal dat een beslissing van gans het volk moeten zijn. Speculaties over wat ons te wachten staat als de beweging zo groot wordt dat ze werkelijk het systeem bedreigt zijn zinloos. Dat zie je maar als het zover is en dan beslis je democratisch over wat je te doen staat.

En niet te vergeten, de beweging @takethesquare is wereldwijd. De ervaringbasis en kennisbasis waaruit ze kan putten is enorm. Ze communiceert internationaal. Dit las ik net via #egypt. Daar leggen de Egyptische kameraden uit hoe je betoogt in een land dat door het leger bestuurd wordt.. Hier vind je een reeks praktische tips.

Je mag gewoon het initiatief niet uit handen geven. Nooit!



Belangrijke politieke en sociologische onderzoeken, waaraan weinig aandacht wordt  besteed in de mainstream media , geven wel goede vooruitzichten. Ze bevestigen de keuzes die gemaakt zijn door Democracia Real Ya.

Het wantrouwen in politici is algemeen? Nog slechts 13% van de Belgische kiezers heeft vertrouwen in de ‘verkozenen des volk’. In gidsland Duitsland is dat vertrouwen zelfs gedaald tot 9%. En dan te bedenken dat het in 1995 nog 41% (Verhulst, Nijeboer, Directe Democratie, p. 9) was. Ook het vertouwen in het parlement onderging een gelijkaardige daling.

Daarentegen wijzen verschillende onderzoeken in verschillende Europese landen dat 80% tot 90% van de kiezers zich uitspreekt voor beslissende referenda met initiatiefrecht, directe democratie dus.  De enigen die niet in meerderheid voor Directe Democratie zijn zijn de politci zelf.  (Verhulst, Nijeboer, Directe Democratie, p. 8-9).

Het antwoord op de vraag waarom mensen dan nog altijd kiezen voor dat soort erzatz politici, is simpel, omdat die politici elk alternatief tegenhouden  en de mensen dus niet anders kunnen dan hun politieke wil uitdrukken in verkiezingen. Het is kiezen tussen de pest en de cholera. De indignados verwoorden dat zo in hun manifest:

“Democratie behoort aan het volk (demos = volk; kratos = regeren). Dit betekent dat de regering elk van ons zou moeten vertegenwoordigen. In Spanje luistert de meerderheid van de politieke klasse niet eens naar ons. Politici zouden onze stem moeten laten weerklinken in de instellingen en zouden de directe politieke participatie van burgers moeten bevorderen. Op deze manier zouden zij het algemeen belang dienen in plaats van zichzelf te verrijken ten koste van ons allen. Ze zouden dan niet langer, zoals nu wordt gedaan door de PP (nvdr: de conservatieve Volkspartij, in de oppositie) en de PSOE (nvdr: de regerende Socialistische Partij), de dictatuur van de grote economische machten in stand houden, maar de stem van het volk echt vertegenwoordigen.”

De volgende parabel maakt ook veel duidelijk. Veronderstel dat u ‘s avonds wordt staande gehouden door vijf overvallers, die uw portefeuille opeisen. Zij laten u wel de keuze om te bepalen aan welke overvaller u uw geld afgeeft. U geeft uw geld noodgedwongen aan de minst onsympathieke. Deze wordt nadien door de politie ingerekend. Nu zegt die man tegen u tijdens de confrontatie: „Ik heb de portefeuille helemaal niet afgenomen; u hebt mij die portefeuille uit vrije wil egeven. U was immers volkomen vrij om mij die portefeuille niet te geven.“

De politici zorgen er gewoon voor dat de mensen noch een perspectief, noch een alternatief hebben. Dat alternatief en perspectief heeft Democracia Real Ya wel. En dat willen ze vasthouden!

Oorspronkelijk gepubliceerd op Pleinbezetting - Gent

reageer

2 reacties

Lees alle reacties