Meer dan ooit heeft de wereld nood aan onafhankelijke journalistiek.

Meer dan ooit is het nodig om een tegengeluid te laten horen.

Steun daarom DeWereldMorgen.be

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu

Fukushima, Nucleair Forum en het publieke debat

Energie- en milieu-econoom Aviel Verbruggen stelde 23 maart 2011 een opinie voor aan De Morgen, maar er was geen plaats voor. Op 31 maart had De Morgen wel plaats voor een heel partijdige bijdrage van Van den Abeele over nucleaire risico’s (zie verder). Dit zet Verbruggen aan het denken over de post-Fukushima-strategie van de atoomlobby.
dinsdag 5 april 2011

Waar is het Nucleair Forum vandaag gebleven?

In deze dagen en weken na Fukushima is het Nucleair Forum in de media en in het straatbeeld opvallend afwezig. Vindt het Nucleair Forum nu de vragen van het publiek over atoomenergie niet ernstig genoeg? Alleen de website geeft een karig artikel onder de slogan “De Belgische situatie is totaal anders”, en verwijst door naar IAEA en gelijkaardige nucleaire organisaties. Zou het Nucleair Forum tot inzicht zijn gekomen, en de Saatchi&Saatchi desinformatiecampagne van de voorbije jaren betreuren? Geloof je in Suske & Wiske happy ends?

Natuurlijk wil het Nucleair Forum de zo geslaagde en peperdure campagne van Saatchi&Saatchi niet zomaar laten verzanden. Maar in het oog van de storm is het beter schuilen (of: “Gevaar en hoe het te ontvluchten”), en terug te grijpen naar de beproefde truc van tussenpersonen, bij voorkeur gewillige media­figuren en wetenschappers.

Voor de jongeren onder ons: het Nucleair Forum, opgericht in 1972, is een oude tante bekend voor haar nucleaire theekransjes tussen gelijkgezinden. Tijdens een jaarlijkse “studie”reis naar het buitenland worden de deelnemers een paar dagen goed gesoigneerd en nucleair geïnformeerd. Gratis, maar zoals economen zeggen “een gratis maaltijd bestaat niet”: deelnemers worden stilzwijgend verondersteld de aangeleerde Nucleair Forum visie nuttig te benutten en waar nodig publiek te ondersteunen als onverdacht deskundige. Wie die verwachting inlost, kan op herhaalde invitatie rekenen.

Deze praktijken zijn niet beperkt tot de nucleaire sector, denk bijvoorbeeld aan de door de farmaceutica gesponsorde congressen voor dokters die ook meer eisen stellen aan maag en darmkanalen dan aan de grijze massa van de deelnemers. Maar het is niet omdat anderen dit doen dat onfrisse praktijken goed te praten zijn.

De tactiek van de informatiepoespas

Het Nucleair Forum probeert de risico’s van atoomenergie te doen aanvaarden door een breed publiek, via diverse technieken in opeenvolgende campagnes. De pletwals van “de wetenschap die het beter weet dan de domme burger zodat die toch maar beter stopt met denken en luistert naar de slimme wetenschappers”, is een verroest ding uit de jaren 1960-70.

In de jaren 1970 komt de nucleaire pressie van de “nood” aan atoomenergie om de olieschaarste te overwinnen (quod non) en in de jaren 1990-2000 om de klimaatverandering het hoofd te bieden (quod non). Atoomrisico’s worden dan als mineur voorgesteld tegenover die andere zorgen aan ons hoofd. Op de golf van de klimaatverandering doet het Nucleair Forum een gok: Saatchi&Saatchi orkestreert een dure mediacampagne om bij het brede publiek meer berusting in de nucleaire “renaissance” te doen inzinken. Met resultaat: het publiek en de politiek zijn murw en veel mediakanalen zijn vastgelopen in Pepsi/Coca bagatel­lisering van het atoomvraagstuk. De wijd verbreide verdwazing kan niet stuk, tenzij door het eigen falen van de atoomenergie zelf. Zo is geschied: Fukushima gooit roet in het Nucleair Forum eten.

Hoe manoeuvreert nu dit Nucleair Forum? Het wil de Saatchi&Saatchi campagne-effecten niet laten smelten met de splijtstof in Fukushima, en houdt zich van de domme: geen billboards met de herkenbare campagnekleuren en -formaat in kranten of straten te bespeuren, informerend over atoomenergie in tijden van Fukushima. Is dit omdat de honger van de mensen naar echte informatie over atoomenergie nu het grootst is?

In de plaats ervan herhaalt het Nucleair Forum de oude truc van de tussen­personen, ook gepensioneerde oudgedienden. Die moeten verhinderen dat het nucleaire debat zou verdiepen, dat belangrijke vragen over atoomenergie systematisch en in samenhang worden behandeld op het publieke forum. De gebruikte tactiek is de “informatie poespas”.

Een na een verschijnen in de pers stukken die de “stemmingmakerij” rond Fukushima aanklagen. Het Nucleair Forum wil laten horen: nucleaire risico’s zijn niet meer verwaarloosbaar, maar een evidentie waarmee moderne mensen moeten leren leven; wie dit niet doet, is een angsthaas. Uit buitenlandse kranten worden opiniestukken vertaald waarin de liefde voor het atoom wordt beleden, maar de twee bijdragen in diezelfde buitenlandse krant die daar een antwoord op geven, krijgt u niet te lezen.

De Morgen (31/3/2011): “Gevaar en hoe het te aanvaarden”

Onder bovenstaande titel voegt ingenieur F. Van den Abeele, chef wetenschap bij 'De laatste show' een nieuwe duit in het zakje. Hij is niet de enige technisch opgeleide publicist die zichzelf grote kennis toedicht inzake het menselijk gedrag, de massapsychologie, en volkenkundige karakteristieken. Echter, zijn artikel beantwoordt geenszins de vragen die de titel insinueert: WAT is gevaar? en HOE kunnen mensen dit aanvaarden? Of moet de lezer het stellen met de teneur van het stuk: “collectief paranoïde westerlingen” omdopen tot “ultiem consequent rationele, met een onwaarschijnlijk plichtsbesef naarstig voortwerkende, Japanners, ondanks signalen van wanhoop en ontreddering”? Zo bruin zal Van den Abeele het wel niet bakken, toch?

Van den Abeele verwijt anderen emotionaliteit en schermen met termen. “… ook in ons land laait de discussie over de kernuitstap opnieuw op1. Het is een emotioneel geladen debat, dat geschraagd lijkt op diffuse berichtgeving en waarbij desinformatie vaak primeren op rationele argumenten.” Zijn stuk is een school­voorbeeld van desinformatie en diffuusheid.

Wat te denken van zijn volgende verdoezelende uitdrukkingen: “De problemen met de gehavende kernreactoren zijn nog steeds niet onder controle”; “Door de gebrekkige koeling van de splijtstofstaven blijft het gevaar op een kernsmelting reëel”; “de Fukushima Fifty, het team van ingenieurs en technici die de kerncentrale opnieuw onder controle trachten te krijgen, belichamen bijna de ultieme consequentie van rationaliteit.”

Ik zal het wat minder diffuus verduidelijken: wat de Japanse ingenieurs onder controle trachten te krijgen, is geen kerncentrale meer, maar gesmolten splijtstof die grote dosissen radio­activiteit verspreidt, dit in een reactorgebouw vernield door waterstof­ontploffingen ten gevolge van het smelten van de staven. Omdat de atoomsector geen blijf weet met haar afval, liggen er 10.000 brandstofstaven in het getroffen complex. (Onthoud dit even voor het vinden van het “minimum minimorum” van de risico’s)

Verder schrijft F. Van den Abeele: “er is radioactiviteit gemeten in zeewater, en plutonium in de bodem”, maar hij laat exploitant TEPCO aan het woord om te verzekeren: “geen gevaar voor de volksgezondheid”. Misschien voor de niet-ingenieur: in alle zeewater zit een lage dosis radio­activiteit zodat men dus altijd en overal radioactiviteit in zeewater meet. Het zou minder diffuus zijn de lezer te melden met hoeveel duizend keer de achtergrond­waarde werd overschreden.

Dan komt de klassieke poespas om “wat al te gretig een ‘kernramp’ wordt genoemd” te minimaliseren, door de doden van natuurrampen te vergelijken met de nog niet getelde doden van Fukushima. Het is desinformatie een gevaar aanwezig in moeder natuur op gelijke noemer te plaatsen met een gevaar veroorzaakt door mensen.

Van den Abeele had beter doorgedacht op zijn eigen zin “Japan is ondertussen ontwaakt in een logistieke nachtmerrie, waar huisvesting, verwarming en voedselvoorziening minstens even dringend zijn als het beperken van stralingsgevaar” (sic). Wil Van den Abeele nu eens de band leggen tussen de Fukushima ramp en de logistieke nachtmerrie? Die band is wel reëel en nodig te onderzoeken want het gaat over de fitheid van de menselijke samenleving om adequaat te reageren op grote natuurrampen, waarbij energievoorziening een belangrijke rol speelt. Hier toont de atoomenergie dat ze een groot deel van het probleem is, geen deel van de oplossing. Nog minder diffuus: atoomenergie is nu de grootste veroorzaker van de logistieke nachtmerrie in Japan.

Van den Abeele verwijst dan naar technocratische risicoschattingen die in de jaren 1970 opgang maakten. Misschien toch beter iets meer studie maken van de diverse gradaties van risico’s, onzekerheid, onwetendheid, aspecten van zeer lange duur (eeuwen, millennia), onomkeerbaarheid, enz. De wereld heeft niet stilgestaan sinds 1980 en het besef dat een technocratische risicoschatting totaal tekortschiet in het omgaan met risico’s is ruim verspreid.

Maar Van den Abeele’s raad is niet diffuus: “De uitbater dient dat berekend risico te reduceren tot een minimum minimorum, en de maatschappij moet daarmee leren leven.” Zo simpel is dat in de wereldvisie anno 1970 van ingenieur Van den Abeele. Misschien hem even uit zijn delirium helpen: hoe betrouwbaar worden risico’s “berekend”? Wat is een “minimum minimorum” in de praktijk (zie het opslaan van afval in de centrales)? Wat als mensen daar nu eens niet willen met leven? Willen zijn ideale Japanners wel nog in de 30 km zone rond Fukushima leven?

Aviel Verbruggen

Aviel Verbruggen (°1949) is energie- en milieu-econoom, doctor in de toegepaste economische wetenschappen en hoogleraar (Universiteit Antwerpen,1979). Hij studeerde systeemanalyse aan Stanford University en is voorzitter van het Departement voor Milieu, Technologie en Technologiemanagement.

Verbruggen was voorzitter van de Milieu- en Natuurraad Vlaanderen (1991-1995) en concipieerde en redigeerde de Vlaamse milieu- en natuurrapporten (1993-1998). Hij is sinds 1998 lid van het Intergovernmental Panel on Climate Change, het wetenschappelijke forum van de Verenigde Naties dat klimaatverandering bestudeert en in 2007 de Nobelprijs voor de Vrede kreeg.

1 De heer F. Van den Abeele had per toeval op 12 maart in De Standaard het debat doen oplaaien met een Opinie “Beter kernenergie dan geen energie. We kunnen nog niet zonder.” Fukushima stak hem een handje toe.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig.

reacties

5 reacties

  • door Wim Vereeken op dinsdag 5 april 2011

    We zadelen ons nageslacht voor de komende 244.000 jaar op met een ongelofelijk probleem inzake levensvatbaarheid. Dit gaat om zoveel meer dan over geld en economie. Dit gaat over “het leven” in het algemeen en de vredevolle menselijke beschaving in het bijzonder.

    Economische argumenten moeten zeker besproken worden; in die zin dat we moeten trachten de economische schade van de te voeren strijd tot een minimum te beperken. Maar men kan zich toch niet verschuilen achter economische terminologieën om zomaar verder te doen met de vernietiging van onze planeet? Dat is nochtans hetgeen vandaag continu gebeurt. Iedereen heeft het erover: “jaja, er moet iets gebeuren…, maar ’t mag ons niets kosten” of “Ja, we moeten veranderen…, maar we mogen niets inboeten aan comfort…” Veel blabla dus, en geen actie. Erger nog! De verwoesting gaat in steeds hoger tempo verder: al verwoesten we liefst zo ver mogelijk van ons bed.

    Not in my backyard, please: het NIMBY-syndroom. Verantwoordelijken die erop worden aangesproken zeggen al jaren: "we zijn ermee bezig".

    We moeten drastisch omkeren, mensen, of het is te laat. En iedereen draagt hier verantwoordelijkheid; maar zij die kennis en informatie hebben net iets meer dan zij die onwetend zijn. Of vertellen we later aan onze kinderen en kleinkinderen dat we het niet wisten? Sorry kids, aber wir haben es nicht gewusst... Mijn persoonlijke opvatting is dat we schuldig verzuim plegen op ons nageslacht als we niet daadkrachtig reageren op de ongebreidelde roof en plundering op onze planeet en ons nageslacht.

    Er is een ecologische wereldcrisis aan de gang van dewelke de omvang groter en rampzaliger zal zijn dan welke oorlog ook uit het verleden. Maar in een echte en concrete volle oorlog beseffen mensen wat er gebeurt en trekken ze ten strijde. In een volle oorlog wordt een economische omschakeling naar oorlogseconomie van de ene dag op de andere mogelijk. In volle oorlog zagen mensen niet als er aan comfort ingeleverd moet worden. Ze doen er alles aan om mekaar in leven te houden. Maar in deze oorlog doet ieder voor zich verder met zijn eigen leuke luxeleven. De frontlinies liggen vandaag nog heel ver. We hoeven niet te strijden, dat doen anderen wel voor ons, denken we.

    Diezelfde decadente houding hadden ook de Romeinen in de 3e E na christus. De frontlinies lagen inderdaad onnoemelijk ver weg aan de Rijn. En de bondgenoten uit Constantinopel hielden de andere kant wel in de gaten. En de jeugd uit Rome tekende niet meer voor het leger. Zelfs niet voor officierenfuncties. Er kon helemaal niets meer gebeuren, het kon hen allemaal niet meer schelen. Luxe, rijkdom en weelde, dat was het leven. De ellende was ver van hun bed. Tot Odoaker de keizer kwam afzetten… De volgende driehonderd jaren werden getekend door barbaarse toestanden vergelijkbaar met het Centraal Afrika van vandaag: plunderaars, verkrachters, platgebrande dorpen, vikingen, volksverhuizingen… alles werd verwoest.

    We moeten de mensen wakker schudden uit hun zalige dromen van reizen en genot, van luxe, gemak en overdadige consumptie. We moeten de wekker durven zijn met het risico dat men ons uit het raam gooit. Weet dat de droom slechts een droom is, maar straks een nachtmerrie zal worden. Weet dat de nachtmerrie niet langer een droom zal zijn. Genadeloos slaat de waarheid straks ons dromen neer. Er is geen tijd meer voor oeverloze discussies, het aftellen is immers al ingezet. Vraag is hoe we ons voorbereiden.

    • door Willem Van den Panhuysen op woensdag 6 april 2011

      @ Wim Vereeken De vraag is hoe je mensen die in de nucleaire sector werken en politici die kernenergie blindelings verdedigen, van gedacht kunt doen veranderen en kan leren aanvoelen dat zij ook een deel van de natuur zijn en dat de planeet Aarde die ons voeding geeft, recht heeft op een liefdevolle behandeling. Overigens, heel goed kritisch artikel van Aviel Verbruggen. Ik stel me hard de vraag hoe erin geslaagd kan worden om het geloof in kernenergie te doen keren. Bepaalde politici komen naar aanleiding van de kernramp in Japan nu vertellen dat de vierde generatie kernreactoren waar België in investeert minder kernafval zal produceren en veel minder radioactiviteit zal produceren. Dergelijke politici geloven blijkbaar domweg nog steeds in het sprookje dat er een soort van perfecte kernenergie kan bestaan die geen problemen meer geeft. Zij hebben een blind geloof in dit soort high-tech prestigeprojecten die nota bene niet operationeel zullen zijn wanneer de oude kerncentrales wegens ouderdom en om veiligheidsredenen gesloten zullen moeten worden. Het geld dat in dat Myrrha project voor vierde generatie reactoren gespendeerd wordt, is weer geld dat niet naar de verdere uitbouw van hernieuwbare energieopwekking gaat. Ik stel me ook de vraag wie die stresstests voor kerncentrales gaat uitvoeren. Misschien gaat men dat in België aan de oudgedienden van de nucleaire sector vragen, bij gebrek aan onafhankelijke experten. Men zal het niet aan Greenpeace vragen want voor de overheid is Greenpeace als anti-nucelaire organisatie natuurlijk vooringenomen, en daardoor zogenaamd niet wetenschappelijk. De zogenaamde epidemioloog Luc Bonneux had in De Morgen maar één zinnetje nodig om Greenpeace als onbetrouwbaar af te schilderen: de cijfers die Greenpeace aandraagt over de kernramp in Tsjernobyl zou volgens Bonneux op een "mening" gebaseerd zijn en niet op verzamelde gegevens. Er zal nog een hele omwenteling nodig zijn om de harten en geesten van mensen te veranderen. Hoeveel kernrampen zijn ervoor nodig?

      • door Leo Germeys op dinsdag 12 april 2011

        Dit is geen geloofskwestie, maar een kwestie van ziekelijke waanvoorstellingen. De basiswaanvoorstelling is dat de mensheid alles al weet. De volgende waanvoorstelling is dat de wetenschappers alles weten wat de mensheid weet. De daaropvolgende waanvoorstelling is dat de ondernemers alles begrijpen wat de wetenschappers zeggen. De daaropvolgende waanvoorstelling is dat de politici alles weten wat de ondernemers van plan zijn. En tenslotte heeft het publiek de waanvoorstelling dat politici aan hen verantwoording kunnen afleggen. Van dit net van waanvoorstellingen spinnen bepaalde charlatans garen om in hun levensonderhoud te voorzien. Kan je dat aan de Morgen of die pseudowetenschapper uit het nieuws verwijten? Je kan ze alleen ontmaskeren. Noch de voorstanders noch de tegenstanders van kernenergie hebben er belang bij dat de feiten verdoezeld worden. Daar heeft alleen de bestaande kernlobby belang bij, dat zorgt namelijk voor een gemakkelijke winst.

        Wat zijn nu de feiten die de kernenergie op de helling zetten? Even een vereenvoudigd overzicht: 1)de productie van kernenergie is ondergeschikt aan het belang van de publieke veiligheid. 2)Om aan dat belang te voldoen wordt zowel elke keuze als elk vaststaand gegeven en handeling bij aanleg en bedrijf voor kernenergie gegoten in een stel getallen die de waarschijnlijkheid van falen weergeven voor verschillende faalwijzen. 3)Die getallen worden omgewerkt tot waarschijnlijkheden voor verschillende grote faalscenario's, waaronder bijvoorbeeld de kans dat er zich een radioactief lek naar het grondwater voordoet, of de kans van een haardsmelt... 4)Die waarschijnlijkheden worden afgewogen tegenover het punt 1) hierboven, van waaruit een hoogste grens aan de toelaatbare waarschijnlijkheid van bepaald falen oplegt, dat men bijvoorbeeld kan uitdrukken als 1 kans van falen op zoveel miljarden kWh geproduceerde energie of op honderd keer de voorziene levensduur...

        Wat er nu met de centrales van Fukushima en nog andere reactoren in dezelfde buurt blijkt is dat de gehanteerde normen verregaand ontoereikend zijn. Voorzover mij bekend zijn die normen voor bijna alle landen behalve de vroegere Oostbloklanden erg gelijklopend. De hamvraag hierbij is wat we aanmoeten met de ervaring dat er blijkbaar ergens in de keten van 1) tot 4) grote fouten gemaakt zijn. Waar precies weten we niet, maar het mag wel duidelijk zijn dat alle aspecten ongeveer op dezelfde manier afgewogen werden. Zodat het heel erg waarschijnlijk wordt dat de in punt 4) bedoelde criteria die de vertaling zijn van de veilgheid van het publiek naar de grootst toelaatbare faalkans, veel te licht zijn en met een belangrijke factor moeten vermenigvuldigd worden om de doelstelling 1) te verwerkelijken. Hoe groot moet die factor zijn? Wel we moeten kiezen of we een stad als Tokio ééns in de vijftig, honderd of duizend jaar zullen moeten verhuizen. Of Antwerpen, of Luik. Iedereen kan zien dat er met de bestaande regelgeving er in de wereld zowat ééns per twintig jaar een haardsmelt gebeurt. En dat is een onredelijk korte tijd. Maar niet voor de kernenergielobby; zij houden zich naar verluidt aan de wetgeving. En dus vind je broodschrijvers die de mensen willen leren leven met de risico's van wat er nu bestaat.

    • door Wim Vereeken op woensdag 6 april 2011

      Ter correctie op mijn reactie: het Westromeinse Rijk viel niet in de 3e maar de 5e Eeuw (476nchr). Maar dat is natuurlijk niet relevant voor hetgeen ik met mijn vergelijk wilde aantonen. Maar toch liever juist, nietwaar.

  • door David op donderdag 7 april 2011

    Verdoezelende taal helpt inderdaad niet, maar het klopt wel dat dit een heel emotioneel debat is en dat er veel meer doden door de aardbeving zijn gevallen dan door de kernramp. Overigens is Aviel Verbruggen goed aan bod gekomen in de De Standaard en De Tijd. Het publiceren van zulke opiniestukken is heel à la carte. Ik zou er niet direct een complot in zien...

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties