Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

Ja, ik wil steunen

Sluit dit venster

about
Toon menu
Opinie

Eredoctoraat voor Van Rompuy en Barroso? "Durf Denken, ook over Europa"

Vrijdag krijgen Herman van Rompuy en José Manuel Barroso een eredoctoraat van de Universiteit Gent. Een aantal docenten is het daar niet mee eens. "Wij denken dat er een verschil is tussen belangrijk zijn en maatschappelijke verdienste hebben." Zij reiken daarom een alternatief eredoctoraat uit aan de Britse studenten die zich verzet hebben tegen de verhoging van het inschrijvingsgeld.
donderdag 17 maart 2011

Op vrijdag 18 maart reikt de Universiteit Gent een institutioneel eredoctoraat uit aan Herman Van Rompuy, permanent Voorzitter van de Europese Raad en aan dr. Jose Manuel Barroso, Europees Commissievoorzitter. De UGent kent dergelijke eretitels gewoonlijk toe “aan personen met buitengewoon grote maatschappelijke verdiensten, van wie een hoog moreel gezag uitgaat en/of met grote binnen-en/of buitenlandse uitstraling.”

Met deze keuze wil de UGent “haar sterke waardering uitdrukken voor de inspanningen van de heren Van Rompuy en Barroso en een blijk van respect uiten voor hun geleverde inspanningen en inzet voor een krachtig Europees beleid.”

We vragen ons af voor welk “krachtig Europees beleid” de UGent de heren Barroso en Van Rompuy precies wil belonen? En is het beleid dat Barroso en Van Rompuy mee vorm geven wel zo maatschappelijk verdienstelijk? Volgens ons zijn er voldoende redenen om hieraan te twijfelen. 

Een blik op de grote Europese beslissingen van de afgelopen jaren laat zien dat onder het mom van crisisbestrijding een sluipende ontmanteling van het Europese welvaartsmodel plaatsvindt. De schuld, die door de Europese lidstaten werd opgebouwd om de banken te redden, wordt nu verhaald op de bevolking.

De Raad van Ministers en de Europese Commissie leggen aan de verschillende Europese landen een stringent besparingsbeleid op. In verschillende landen wordt geprotesteerd tegen deze asociale besparingsmaatregelen. Om te vermijden dat dergelijk protest door nationale regeringen daadwerkelijk wordt omgezet in een socialer beleid, worden nationale staten meer en meer onder curatele van de Europese Instellingen geplaatst.

Anders gezegd: democratie, de vrijheid van de bevolking om politieke keuzes te maken, wordt in het Europa van vandaag geofferd op het altaar van de economische concurrentie en efficiëntie. Het is dan ook tekenend dat enkel vertegenwoordigers van de Europese uitvoerende macht in de bloemetjes worden gezet. Het enige democratisch verkozen Europees orgaan, het Europees Parlement ziet men over het hoofd. 

Ook op het vlak van onderwijs is de politiek, die Barroso en Van Rompuy verdedigen, niet bepaald een zegen gebleken. De toegang tot kwaliteitsvol en betaalbaar hoger onderwijs staat de laatste jaren steeds meer onder druk. 

Volgens critici heeft dit vooral te maken met de geleidelijke commercialisering van het hoger onderwijs, die is ingezet met de Bologna-akkoorden (een initiatief van de Raad van Europa), maar nog versterkt wordt door het strikte budgettaire kader dat door de EU wordt opgelegd aan de lidstaten.

De stijging van de inschrijvingsgelden overal in Europa, die samen gaat met deze commercialisering, is een slechte zaak voor de democratisering van het hoger onderwijs. Maar ook het ideaal van vrij onderzoek komt meer en meer onder druk te staan. Onderzoekers moeten zoveel mogelijk publiceren, onderzoekscontracten met bedrijven afsluiten en zich zo gunstig mogelijk in de “onderzoeksmarkt” positioneren. Veel ruimte voor kritisch en onafhankelijk onderzoek, laat staan maatschappelijke betrokkenheid, blijft in dit verhaal niet over. 

We ontkennen niet dat Barroso en Van Rompuy, die de gezichten en verdedigers zijn van de EU-politiek, een belangrijke rol spelen. Maar in tegenstelling tot de UGent denken wij dat er een verschil is tussen belangrijk zijn en maatschappelijke verdienste hebben. Daarom hebben we besloten om vandaag een alternatief eredoctoraat voor maatschappelijke verdienste uit te reiken. Wij breken daarbij op twee manieren met de traditie. We reiken het eredoctoraat niet uit aan een individu, maar aan een collectief. En in tegenstelling tot de vele eredoctores op leeftijd, gaat het hier om een collectief van jonge mensen. 

De voorbije maanden protesteerden in het Verenigd Koninkrijk tienduizenden studenten tegen de verhoging van de inschrijvingsgelden voor het hoger onderwijs. De gemiddelde Britse student zal binnenkort minstens het dubbele van het huidige inschrijvingsgeld (3500 euro) moeten neertellen om hoger onderwijs te kunnen genieten. Bovendien dreigen er door de geplande bezuinigingen een 6000-tal onderwijsbanen verloren te gaan.

Deze verhoging van de inschrijvingsgelden voor hoger onderwijs is het gevolg van de neoliberale onderwijspolitiek die in het Verenigd Koninkrijk al decennialang wordt gevoerd en die door de EU wordt gekopieerd.

Met hun acties hebben de Britse studenten, ondanks hun jonge leeftijd, blijk gegeven van heel wat verantwoordelijkheidszin en maatschappelijke betrokkenheid. Dat is meer dan durven denken, dat is durven doen. Deze studenten zijn een voorbeeld voor hun leeftijdsgenoten overal in Europa. Met minder middelen en zoveel meer verbeeldingskracht hebben ze zich, meer dan Barroso en Van Rompuy, ingezet voor een sociaal, democratisch en solidair Europa. Hun eredoctoraat is dan ook ruimschoots verdiend. 

We hopen ook dat de UGent haar credo “Durf Denken” nog in praktijk zal omzetten door het debat te organiseren rond de impact van de Europese politiek op onze sociale en politieke democratie. Wij zijn alvast bereid om het democratisch noodzakelijk debat over Europa mee te ondersteunen en vorm te geven. 

Karim Zahidi (Gentse Volksuniversiteit), Siggie Vertommen (Gentse Volksuniversiteit), Ivan Van Praet (Gentse Volksuniversiteit), Natan Hertogen (Euromarsen België), Gregory Cremmerye (Gentse Volksuniversiteit), Ruddy Doom (UGent), Herman De Ley (em. prof. UGent), Francine Mestrum(ULB, Vooruitgroep), Annemie Vermaelen (UGent), Pascal Debruyne (UGent), Brecht De Smet (UGent), Omar Jabary Salamanca (UGent), Marlies Casier (UGent), Koen Vlassenroot (UGent), Karel Arnaut (UGent), Koen Bogaert (UGent), Famke Vekeman (Friends of the Earth Vlaanderen), David Dessers (Socialisme 21), Sarah Hutse ('t Uilekot), Filip De Bodt (Leef), Leen Vandervorst (Victoria Deluxe), Pieter Maeseele (UA), Ida Dequeecker (BOEH, VOK), Monika Triest (Vooruitgroep), Erik Swyngedouw (University of Manchester/ Vooruitgroep), Eric Goeman (Attac, Democratie 2000), Koen Dille (Vooruitgroep), Nadia Fadil (KUL), Kitty Roggeman (VOK & BOEH), Lieven De Cauter (Vooruitgroep), Fred Louckx (VUB), Jan Blommaert (Universiteit van Tilburg), Johan Van Hoorde (Vooruitgroep), Dominique Willaert (Victoria Deluxe), Koen Dille (Vooruitrgoep), Stijn Oosterlynck (UA)

De uitreiking van het eredoctoraat aan de Europese studenten die zich hebben ingezet voor een democratisch hoger onderwijs is een initiatief van de Gentse Volksuniversiteit (een nieuw initiatief dat gaat voor een kritische maatschappelijke vorming voor iedereen) en wordt mede ondersteund door De Ronde Tafel van Socialisten, Comité voor een ander Europa, Onze Zeg, Masereelfonds.

De uitreiking vindt plaats op vrijdag 18 maart, om 16u, aan de Aula van de UGent (Volderstraat).

Voor een volledige lijst van ondertekenaars: http://www.ipetitions.com/petition/durfdenken/

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

reacties

Eén reactie

  • door Le grand guignol op zaterdag 19 maart 2011

    Een mooi initiatief dat naast het huldigen van een maatschappelijk verdienstelijk collectief - mijns inziens terecht - een aantal kritische bedenkingen oppert omtrent het reilen en zeilen inzake het Europese beleid 'tout court' en ten opzichte van het hoger onderwijs in 't bijzonder.

    Wetenschappelijk onderzoek is van onschatbare waarde en vereist als dusdanig de nodige financiering. Indien men het ter beschikking stellen van financiële middelen hoofdzakelijk overlaat aan de grillen van het marktmechanisme alsook aan het bedrijfsleven, dan ondergraaft men het onafhankelijke karakter van het desbetreffende onderzoek. De maatschappelijke relevantie en (immateriële, ethische) meerwaarde lopen met andere woorden het risico om onderhevig te worden aan de economische (materiële) meerwaarde. Zo blijkt onder anderen in de VS het economische aspect, van zowel onderzoek als onderwijs, allesbepalend te zijn. Dit geeft aanleiding tot - 'an audible silence on the null curriculum' - een afwezigheid van ecologische, sociale,... aspecten of implicaties in de verschillende vakken én in het onderzoeksdomein. Niettegenstaande contact met het bedrijfsleven belangrijk is, bestaat er echter een wezenlijk verschil tussen overleg en het uitoefenen van invloed. Temeer wanneer blijkt dat dergelijke invloed berust op winstbejag en men zich hierbij niet bekommert omtrent sociaal-maatschappelijke repercussies.

    Interessante artikels over dit onderwerp zijn o.a.: Manteaw, B. O. (2009). The aesthetics of association: business, education, and the growing discourse of corporate social responsibility. Knowledge & Economy, 3(3), 199 - 212. Gabbard, D.A. (2003). Education as enforcement! The centrality of compulsory schooling practices in market societies. In K. Saltman and D.A. Gabbard, Education as enforcement: The militarization and corporatization of schools (pp. 61–78). New York: RoutledgeFalmer.

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties