Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

Ja, ik wil steunen

Sluit dit venster

about
Toon menu

Crisis keldert de groei van de lonen

De grootbankiers hebben ons met hun crisis een flinke peer gestoofd. De stijging van de lonen is met de helft verminderd, vooral bij de armsten. Er is ook goed nieuws. In landen met een sterk sociaal overlegmodel is die aanslag op de lonen opvallend kleiner. Domme dingen zijn wel te mijden. Loonmatiging - grote oorzaak van de crisis – verder zetten, leidt bijna zeker tot een nieuwe crisis.
vrijdag 17 december 2010

Verreweg de meeste mensen verdienen met werken hun inkomen. En daar hangt hun welvaart van af. Het is dus belangrijk te weten hoe de lonen evolueren, zeker in deze crisistijden. Economische studies zijn er bij de vleet. Maar net hierover zijn ze opvallend schaars. Het tweede Global Wage Report van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) biedt wel antwoord. En vooral, het serveert klare feiten en rake conclusies.

De crisis is niet mals voor de werkende mens

In 2007 stegen de reële lonen nog met 2,8 procent, een jaar later is die groei van de koopkracht bijna gehalveerd tot anderhalf procent. En als je China uit die berekening haalt, valt de groei van de lonen terug van 2,2 procent tot amper 0,8 procent.

Grote regionale verschillen

Heel opvallend zijn de grote regionale verschillen. In rijke landen is de terugval al bij al vrij beperkt, namelijk van plus 0,8 procent voor de crisis naar min een half procent in 2008 en opnieuw plus 0,6 procent in 2009.
Rusland, Oekraïne en Centraal-Azië laten een dramatisch dalende curve optekenen. De groei van de lonen stuikt ineen, en daalt van plus 17 procent in 2007 naar min 2,2 procent twee jaar later. Ook Centraal- en Oost-Europa doen het slecht met een evolutie van ruim 6 procent naar onder nul. Wat hier sterk meespeelt, is het ontbreken van een sterk sociaal overleg. In plaats van te onderhandelen over hoe de werknemers aan boord te houden, worden ze massaal ontslagen. Zo krimpt de koopkracht en de economie verder in elkaar. En daarenboven kunnen bedrijven minder snel inpikken op een herstel, omdat ze hun werknemers hebben laten gaan.
Heel anders is de ontwikkeling in Azië waar de loongroei zowel voor als na de crisis 7 procent bedraagt, en zelfs toeneemt tot 8 procent in 2009.

600 miljard euro verloren

De kost van deze financiële en economische crisis is vanzelfsprekend immens. Niet minder dan 600 miljard euro aan koopkracht zou intussen verloren zijn gegaan.
Veel kans dat het nog meer is omdat de reële loongroei wellicht is overschat. Hoe kan dat? Omdat de slechtst betaalde werknemers de eerste zijn om in crisistijden uit de boot te vallen en hun werk volledig kwijt te spelen. Zo duiken hun laagste lonen niet meer op in de statistieken.

Deze crisis is niet uit de lucht komen vallen

Omdat de wereld zo snel draait, is het goed te herinneren aan de evolutie van de lonen voor de financiële crisis helemaal roet in het eten kwam gooien.

De groei en de verdeling van de lonen was al lang heel ongelijk. Die ontwikkeling ging gepaard met een algemeen verspreide loonmatiging. Daar wat meer in detail naar kijken, loont echt de moeite.

Wie werkt is slechter af, kapitaal wint

De voorbije drie decennia nam in alle continenten het aandeel van de lonen in de welvaartsproductie af. Hoeft het gezegd dat dit was ten voordele van een betere beloning van kapitaal? (1)
Dit is ook het geval voor de meeste Europese landen, zoals het nieuwe IAO-rapport vertelt. De lonen in Duitsland zagen hun aandeel in de welvaart sinds 1980 terugvallen met 12 procent, om en bij 10 procent was de achteruitgang in Oostenrijk, Finland, Slovenië en Nederland, in ons land 8 procent. In het zo vaak bejubelde Ierland bedroeg de achteruitgang van het arbeidsdeel zelfs 16 procent.

Lonen blijven achter op productiviteitswinst

De twee voorbije crisisjaren daalde de productiviteit van onze bedrijven sterk. Een bredere kijk op de voorbije decennia leert echter dat de lonen zowat overal achterbleven en blijven bij de stijgende economische productiviteit.

Steeds grotere loonongelijkheid

De steeds grotere loonongelijkheid is vooral een probleem van de hoogste lonen die werkelijk door het plafond schieten. Voor één keer is de uitdrukking ‘the sky is the limit’ op haar plaats.

Steeds meer slecht betaalde werknemers

En die ongelijkheid is evenzeer een probleem van de laagste lonen. Het aantal slecht betaalde werknemers is de jongste decennia almaar blijven toenemen. Het fenomeen is bekend van de Verenigde Staten waar de zogenaamde working poor – mensen die wel werk hebben maar toch te arm zijn om rond te komen – met wel zeven en een half miljoen zijn. Ook Europa kent echter dat fenomeen, voor de hele Europese Unie schat men dat 17,5 miljoen mensen werken én arm zijn. In China is een kleine helft van de slecht betaalde migranten-werknemers arm.

Duitsland, niet altijd een goed voorbeeld

Voor velen wellicht verrassend is dat het fenomeen van slecht betaalde werkende mensen de jongste vijftien jaar sterk is gegroeid in landen waar men dat niet meteen verwacht, in landen als Duitsland en Luxemburg. Zo komt het dat deze beide landen met goed twintig procent slecht betaalde werkenden mensen bijna even slecht scoren als de Verenigde Staten met net geen kwart. In hetzelfde peloton zitten Ierland, het Verenigd Koninkrijk, Hongarije en Canada. Zuid-Korea doet nog slechter met ruim een kwart.
Dan doen Zwitserland, Denemarken en België het dubbel zo goed. Finland telt zelfs amper 6 procent slecht betaalde werkende mensen.

Wie werkt, is benadeeld

De conclusie ligt voor het rapen. Al vele jaren en tot vandaag plukken de meeste werkende mensen allerminst hun gerechtvaardigde deel van de groeiende welvaart. Wie van werken moet leven, en dat zijn verreweg de meeste mensen, is zwaar benadeeld.

Een andere kijk op de crisis

Natuurlijk hebben de capriolen van de grootbankiers tot een financiële en vervolgens ook tot een economische crisis geleid.
Maar er spelen ook andere fenomenen. Zo was de loonevolutie van de voorbije decennia – met een ongelijke inkomensverdeling tussen kapitaal en arbeid - zeker ook een grote oorzaak van de crisis die ons trof in 2008 en 2009.
Als kapitaal beter wordt beloond dan arbeid, maakt die ongelijkheid vele gezinnen zo arm dat ze zich in de schulden moeten steken om te kunnen consumeren, versta, om te kunnen (over)leven. Zulke overmatige schuldopbouw blijkt allerminst een recept voor een goede economische ontwikkeling.

Verdere loonmatiging is vragen om een nieuwe crisis

Nog een andere conclusie uit de studie van de Internationale Arbeidsorganisatie dringt zich op. Loonmatiging was al de grote oorzaak van de crisis, nog verder loonmatiging prediken leidt bijna zeker tot een nieuwe crisis.
Wie een gezonde economische ontwikkeling beoogt, zal dus in geen geval pleiten voor een voortgezette politiek van loonmatiging.

Een volgende artikel 'Crisis keldert loongroei. Wat nu?' verschijnt zondag.

(1) Wie daarover meer wil lezen, kan terecht in het boek Het mondiale uitzendkantoor. Waardig werk in tijden van globalisering en crisis, 2009, EPO, p.66 e.v. – klik voor info

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.