Reeds acht jaar is DeWereldMorgen.be de alternatieve en kritische stem in de Vlaamse media.

Wij zijn volledig gratis en reclamevrij.

Maar dat kan enkel via uw steun.

Steun ons nu!

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu
Opinie

Banden Iran-Afrika leggen westerse hypocrisie bloot

In een reactie op een artikel in The Economist waarin sprake is van een strijd tussen Israël en Iran om de gunsten van de Afrikaanse staten, legt Iraans onderzoeker S.H. Razavipour er de nadruk op dat verdachtmakingen over Irans motieven duidelijk de westerse hypocrisie blootleggen.
donderdag 1 april 2010

De laatste tien jaar hebben oude én nieuwe groeilanden Afrika het hof gemaakt. Terwijl in de 19de eeuw slechts enkele Europese landen de gunst verkregen om de grondstoffen van het zwarte continent te ontginnen, er goedkope arbeidskrachten – of beter gezegd slaven -  te rekruteren, lijkt het erop dat de tijden veranderd zijn en dat ook 'nieuwkomers' het spel om de strategische grondstoffen willen meespelen.

Geen westers monopolie over Afrika's bronnen

Door grotere concurrentie met nieuwe economische machten uit het Zuiden, zou het erop kunnen lijken dat het Westen geen monopolie meer heeft over Afrika’s bronnen. Toch is dit niet helemaal zo. Afrika’s handelsrelaties zijn nog steeds sterk verbonden met de voormalige koloniale rijken en voor de Afrikaanse landen blijft de Europese Unie de belangrijkste handelspartner. Dit komt omdat de meeste Afrikaanse landen hun economieën na de onafhankelijkheid vastklonken aan de markten in het Noorden en ook nog altijd afhankelijk blijven van deze investeringen.

Nu landen als Brazilië en Venezuela uit Zuid-Amerika, India en China in Azië, Australië, Turkije en zelfs Israël en Iran uit het Midden-Oosten meedingen, wordt Afrika niet alleen belangrijker op geostrategisch vlak, maar verliest het Westen ook de exclusieve rechten op de grondstoffen van het continent. Toch lijkt het erop dat ook de nieuwe landen moeten strijden om de gunsten die zo lang aan het Westen werden verleend.

Sommige van de nieuwe actoren zoeken naar samenwerking met de 'oude' landen om hun deel van de koek beter te kunnen binnenrijven. Anderen, zoals de Chinezen zullen, omwille van hun conflict en competitie met de Verenigde Staten, liever cavalier seul spelen om hun handelsbelangen in Afrika veilig te stellen. (Dit betekent evenwel niet dat we China niet moeten zien als lid van het globale kapitalistische kartel).

Nieuw kapitalistisch wereldkartel

Het is nu de vraag of de nieuwkomers in dit kapitalistische wereldkartel op dezelfde manier zullen worden behandeld, dan wel of ze zullen worden gebruikt vanwege hun financiële slagkracht teneinde de oude westerse kapitalistische groep - die zwakker uit de financiële crisis kwam - uit te schakelen.

Of sterker nog: zijn de nieuwe actoren bereid de oude kapitalistische spelregels te veranderen? Of zal het gewoon hetzelfde blijven? Een ding is zeker: binnendringen in het kartel van de oude kapitalisten is net zo moeilijk als een plaats krijgen in een zeer exclusieve Britse club.

Dit is misschien de reden waarom veel westerse media en denktanks zowel waarschuwen tegen de Chinese 'dreiging' ten opzichte van Afrika, maar er tegelijk op wijzen dat China 'kansen' biedt voor de ontwikkeling van Afrika.

Wanneer het gaat over Iran in de strijd om een positie in Afrika, klinken de waarschuwingen evenwel enkel beschuldigend.

De bekommernissen van The Economist

Op 4 februari 2010 publiceerde het Britse weekblad The Economist een artikel onder de titel 'Een zoektocht naar vrienden in een vijandige wereld'. In het stuk ging de aandacht vooral naar de vraag hoe de Iraanse ambities in Afrika bedreigend konden zijn voor Israël. Israël doet verwoede pogingen om enkele Afrikaanse 'vrienden' te behouden.

Terwijl eerdere bijdragen in The Economist aanleiding gaven tot een vinnig debat over de gevolgen voor het Westen van de intrede van nieuwkomers op de Afrikaanse markt, lijkt dit rapport over de bedreiging van Israël door de Iraanse ambities, veeleer boosaardig van toon. 

De auteur gebruikt niet enkel opiniërende termen als 'Ahmadinejad, de controversiële Iraanse president'. Hij lijkt ook spookbeelden te willen oproepen. Zeker wanneer hij ervoor waarschuwt dat Irans groeiende politieke en economische relaties met Afrika, vooral bedoeld zijn om Israël schrik aan te jagen. 

Maar meer nog lijkt The Economist een redenering aan te houden die doet denken aan het 'gele gevaar'. Door het vooral te hebben over de bezoeken van Iraanse diplomaten aan zowel traditionele als niet-traditionele partners (zoals bijvoorbeeld Kenia), lijkt het artikel de lezers ervan te willen overtuigen dat die ongewone démarches in Afrika moeten leiden tot het tenietdoen van de westerse pogingen om Iran te isoleren.

Door het Israëlisch-Palestijns conflict te benadrukken, wordt de opinie nog uitvergroot dat de Afrikaanse landen binnen de Algemene Vergadering van de VN zouden kunnen stemmen tégen sancties of andere strafmaatregelen tegen Iran.

Israël-Afrika

Maar is dit echt zo? Laten we eerst de relaties van Israël met Afrika bekijken. Die bestaan al sedert de oprichting van de Joodse staat en maken deel uit van een goed uitgekiend plan om de erkenning van Israël af te dwingen. Door het smeden van sterke banden tussen 'paria-regimes', zoals Zuid-Afrika onder de apartheid, maakte Jeruzalem aan Pretoria duidelijk dat het wilde samenwerken met de blanke minderheidsregering en andere internationaal bekritiseerde regimes in de regio. Op die manier zouden ze elkaar steunen tegen progressieve bewegingen die streden voor vrijheid, rechtvaardigheid en democratie.

Israël leverde die regimes hoogtechnologische wapens, bood militaire training aan en precies daardoor bleven vele conflicten en spanningen tussen staten onderling en binnen staten, Afrika belasten. Bovendien lopen er nog altijd geruchten dat bij de smokkel van diamant en wapens van en naar Afrika vaak een Israëlische link te vinden is. En zoals alle investeerders, is ook Israël gespecialiseerd in waardevolle metalen en edelstenen, en dus ook zeer actief op de Afrikaanse markten.

Op politiek vlak is Israël zo’n land dat net als de voormalige westerse uitbuiters een mooi deel heeft in de Afrikaanse zakenwereld. Is het daarom niet vreemd dat de auteur van The Economist beweert dat “Israël vroeger heel wat vrienden had op het [Afrikaanse] continent en dat het er alles aan doet om het zo te houden?”

Diplomatieke Iraanse voetafdruk in Afrika

Waarom zouden we moeten bezorgd zijn over het feit dat Israëls relaties met Afrika bedreigd worden door de verhoogde politieke en diplomatieke Iraanse voetafdruk in Afrika? Zoals alle soevereine landen verdedigt Iran gewoon zijn nationale belangen. Dat is overigens toch de bedoeling van internationale relaties.

Daarom klinkt het ook nogal schijnheilig dat The Economist benadrukt dat Iran de Afrikanen helpt bij het produceren van eigen wagens en tractoren, dat het Afrika goedkopere technologie en diensten aanbiedt. Alsof Iran dit niet zou mogen doen en dat er dus een of andere sinistere reden moet te vinden zijn achter deze verbintenissen. En wat dan met de verborgen agenda’s van al diegenen die Israël politiek en economisch steunen?
 
Daarom wil ik benadrukken dat Iran, net als elke andere staat, het recht heeft om zijn relaties met het Zuiden te ontwikkelen. De wil om landen van de Derde Wereld bij te staan in hun ontwikkeling komt niet enkel de happy few van deze wereld toe. 

S.H. Razavipour is een Iraans onderzoeker bij AFRAN (Africa–Iran) Research Institute. Dit stuk verscheen in Engelse versie bij Pambazuka News.   

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig.