Analyse - Thomas Decreus

Finkielkraut vs gilets jaunes: over antisemitisme en de instrumentalisering ervan

De Franse filosoof Alain Finkielkraut werd zaterdag op straat uitgescholden door gilets jaunes. Voor velen hèt bewijs dat er een virulent antisemitisme heerst onder de gilets jaunes. Maar de werkelijkheid is iets complexer dan dat.

maandag 18 februari 2019 14:51

Laten we beginnen met de feiten. Voor de veertiende zaterdag op rij betoogden opnieuw tienduizenden Gilets Jaunes in de Franse hoofdstad. In het veertiende arrondissement, op de hoek van de boulevard Montparnasse en de rue Campagne-Première, sloeg de Frans-Joodse filosoof Alain Finkielkraut de gilets jaunes gaande. Lang duurde het niet voor de verscheidene gilets jaunes Finkielkraut herkenden. Eerst kwamen enkele mensen hem de hand schudden. Maar kort daarna regende het niet mis te verstane verwijten richting Finkelkraut. Hij werd onder meer “sioniste de merde”, “sale merde”, “homophobe de merde”, “raciste” en “fasciste” genoemd. Het duurde hoogstens enkele tientallen seconden voordat Finkielkraut werd weggeleid door de oproeppolitie om erger te vermijden.

Voor tegenstanders van de gilets jaunes is de scheldpartij tegen Finkielkraut hèt bewijs bij uitstek dat de gilets jaunes antisemieten en extreem rechts zijn. Benjamin Griveaux, woordvoerde van La République en Marche, parlementslid en vertrouweling van Macron, tweette enkele uren na het incident dat “in de straten van Parijs de haat zich in zijn meest brute vorm getoond heeft tegen Finkielkraut die uitgejouwd werd als ‘vuile jood’”.

Maar Griveaux nam een loopje met de waarheid. Er bestaat geen aanwijzing dat één van de manifestanten effectief “vuile jood” heeft geroepen. De krant Libération heeft de verschillende beelden van het incident geanalyseerd en komt de conlusie dat “sale juif” niet hoorbaar is.

Ook Finkelkraut ontkent dat hij “vuile jood” werd genoemd. Tegenover de nieuwszender LCI verklaarde Finkelkraut: “Benjamin Griveau heeft zich laten horen en daarbij gezegd dat ik vuile jood werd genoemd. Ik begrijp heel goed waarom hij van zich heeft laten horen, ik ben ontroerd door zijn uiting van solidariteit, maar men heeft me niet een vuile jood genoemd. En men heeft me nooit een vuile jood genoemd. Anderzijds, elke keer wanneer ik mijn neus toon bij dit soort manifestaties, word ik een vuile racist genoemd …”

Nuit Debout

Het is inderdaad niet de eerste keer dat Finkelkraut wordt uitgejouwd tijdens een publieke manifestatie. Toen hij in de lente van 2016 een kijkje ging nemen op Nuit Debout werd hij door de bezetters van de Place de la République “fasciste” en “pauvre conne” genoemd en van het plein weg geëscorteerd. Achteraf noemde Finkielkraut de activisten van Nuit Debout ‘totalitair’.

Dat Finkielkraut zo’n sterke reacties uitlokt op (linkse) manifestaties hoeft niet te verbazen. Finkielkraut behoort samen met Bernard Henry-Levy en Pascal Bruckner tot de “nouveaux philosophes” die zich vanaf de jaren tachtig steeds uitdrukkelijker gingen afzetten tegen de erfenis van ‘68 en mettertijd een openlijke rechts-reactionaire koers gingen varen.

Finkielkraut zit zelf zit niet bepaald verlegen om uitspraken en standpunten die op zijn zachtst gezegd flirten met onbeschaamd racisme. In een interview dat hij naar aanleiding van de rellen in de Franse banlieus gaf aan de Israëlische krant Haaretz, racialiseerde Finkielkraut de rellen door ze een ‘etno-religieus’ karakter toe te schrijven. Het Franse nationale elftal verweet hij “noir, noir, noir” te zijn in datzelfde interview. In 2015 ondertekende hij samen met onder meer Nicolas Sarkozy en Eric Zemmour de islamofobe petitie “Touche pas à mon église”. Voorts staat Finkielkraut bekend om zijn sterke pro-Israëlische gezindheid. Ook daarbij gaat hij soms nogal over de schreef. In 2007 beweerde hij dat de inwoners van Gaza teveel kinderen hadden, kinderen “die geen enkele plaats op deze wereld hebben”.

 

Instrumentalisering

Dat het meest recente incident met Finkielkraut zoveel losmaakt in Frankrijk, heeft te maken met de communicatiestrategie die de Franse regering handhaaft tegenover de gilets jaunes. Van meet af aan heeft de Franse regering geprobeerd om het protest van de gilets jaunes weg te zetten als extreem rechts en racistisch. Ieder mineur incident werd systematisch uitvergroot en breed uitgesmeerd in een poging om de actievoerders te delegitimeren. Dat is nu niet anders. Het feit dat de Franse president een niet zo fraaie scheldpartij per tweet meteen catalogeert tot de “absolute negatie van waar we voor staan” zegt genoeg.

De laatste weken probeert men steeds uitdrukkelijker de protestbeweging in antisemitische hoek te duwen. Toen in het weekend van 9 februari “Juden” op het etalageraam van een bägelshop in Parijs werd aangetroffen, werd meteen naar een beschuldigende vinger naar de gilets jaunes gewezen. Maar de link tussen de gilets jaunes en de antisemietische tag was volledig ongegrond. De manifestatie van de gilets jaunes is nooit langs de buurt gepasseerd waarin de bägelshop zich bevindt.

Dat de Franse regering het antisemitisme instrumentaliseert om een protestbeweging die ze maar niet onder controle te diskrediteren uiteen te spelen, is een gevaarlijk spel dat de wankele evenwichten en allianties binnen de beweging kan verstoren. Tot nu toe heeft zich binnen de gilets jaunes een machtsstrijd afgespeeld met extreem rechts die steeds in het voordeel van de meer talrijke linkse en democratische krachten is uitgedraaid. Extreem rechts was (en is) aanwezig in de manifestaties van de gilets jaunes maar slaagt er tot op heden absoluut niet in om dominant te worden binnen de beweging. Extreemrechtse groepen (die soms inderdaad openlijk antisemitisch waren) werden meermaals fysiek uit de manifestaties verwijderd. Sociale eisen en protest tegen het politiegeweld zijn doorheen de veertien weken blijven primeren en de wekelijkse betogingen zorgen ervoor dat er allianties gesmeed worden tussen bijvoorbeeld de voorsteden en het rurale Frankrijk.

Door het antisemitisme te instrumentaliseren en in te zetten als splinterbom binnen de beweging kan, paradoxaal genoeg, de kans ontstaan dat extreem rechts aan terrein zal winnen. De verwensingen die Finkielkraut naar het hoofd geslingerd kreeg, worden nu immers door de Franse rechterzijde toegeschreven aan het oprukkende ‘islamisme’ en het ‘islamo-gauchisme’. Op die mannier ontstaat de kans dat islamofobie binnen de gilets jaunes groeit en extreem rechts meer voet aan grond krijgt. Een extreem rechts dat, paradoxaal genoeg, de grootste motor is achter het reëel bestaande antisemitisme in Europa.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!