about
Toon menu
Boekrecensie

"Een reis doorheen de levenstijd en de wereldtijd"

In het Menuet van Kondratieff beschrijft Walter Lotens hoe hij uitgroeide van brave Vlaamse katholieke jongen tot rebellerende leerkracht en kosmopoliet. Een egodocument dat een belangrijk stukje geschiedenis vertelt vanuit een persoonlijk perspectief.
donderdag 25 oktober 2018

Het menuet van Kondratieff is een moeilijk te classificeren boek. Is het een autobiografie? Een reeks reisverhalen? Een reis door een bibliotheek die decennia lang geduldig werd uitgebouwd? Zelf omschrijft Lotens het boek als “een reis in de tijd: naar zowel mijn levenstijd als naar de wereldtijd”. Daaraan kan toegevoegd worden dat het een zoekende, meanderende reis is waarbij de verschillende ankerpunten via associaties met elkaar verbonden worden. Er worden veel vluchtlijnen getrokken in dit boek. Sommige van die lijnen ontmoeten elkaar weer, andere sterven stilletjes. 

Koude oorlog

De reis van Lotens begint in het door de oorlog verscheurde Antwerpen in de winter van 1942. Hij groeit op in de Antwerpse stationswijk, de wijk waar ook razzia’s tegen de Joden plaatsvonden. Met hulp van de Antwerpse politie. Hij is te jong om daar van getuige te zijn en kan slechts vaststellen dat zijn ouders er nadien nooit iets over verteld hebben.

Lotens is tijdens de eerste twintig jaar van zijn leven een typisch ‘product’ van het naoorlogse België: gehoorzaam, gedisciplineerd en dodelijk normaal. Omgeven door een milieu waarin de meest stijve variant van het katholicisme heerst. Het waren de jaren vijftig: de tijd van de Koude Oorlog, van het conformisme.

Meermaals vraagt Lotens zichzelf af door welke speling van het lot hij uiteindelijk uit dat Vlaams-katholieke milieu is kunnen blijven, waarom hij niet geworden is wat hij toen verondersteld was te zijn. Rebellie is immers iets wat nauwelijks aanwezig was tijdens de tienerjaren van Lotens: “Ook op het atheneum van Antwerpen, waar ik na Sint-Norbertus naartoe ging, bleef ik oorspronkelijk een volgzame leerling, die zijn Latijnse vervoegingen en verbuigingen braafjes van buiten leerde en die vanzelfsprekend godsdienst volgde omdat ik nu eenmaal bij een katholieke jeugdbeweging was en omdat mijn moeder op zondag uit gewoonte naar de mis ging (...)” 

Normaalschool

Na zijn middelbare school volgt Lotens een keurig voor hem uitgestippeld traject. Hij studeert aan de normaalschool, huwt en wordt leraar. Hij kijkt nu met enige schaamte terug op die periode: “(…) op basis van een traditionele regentenopleiding was ik doordrongen van principes als ‘Nooit met je rug naar de klas’ en ‘Laat in het begin maar eens zien wie de baas is!’ en andere uitgesproken vormen van wantrouwen om met een klas om te springen. Ik profileerde mij dan ook als een echte leraar Nederlands, taalscherpslijper en bewaker van het ABN”.

Maar na de uren voor de klas ontpopt Lotens zich tot een dichter. Het is een vorm van stille, inwaartse rebellie tegen de reductie tot de rollen die hem toegeschreven werden door de samenleving van medio jaren zestig. Het is ook een aankondiging van de transformatie die Lotens zou ondergaan vanaf 1970; het jaar waarin 1968 zich met enige vertraging doordrukt in Vlaanderen, en vooral in de leefwereld van Lotens. In de lente van dat jaar wordt AKO opgericht, de actiegroep voor kritisch onderwijs, die zich tot doel stelt om het onderwijs te bevrijden van de “steriele en autoritaire structuren, die een werkelijke onvrijheid betekenen voor leerkrachten en leerlingen”.

Lotens groeit uit tot een leerkracht die andere opvoedingsmethoden introduceert en het onderwijs van binnenuit tracht te hervormen. Zo experimenteert hij onder andere met de ‘institutionele pedagogie’ van Fernand Oury die erop gericht is om naar een “ruimte te zoeken waarin een klas als een zelf plannende, nieuwe instructies creërende groep kan optreden.” Het is een parcours dat met vallen en opstaan bewandeld wordt. Een constante poging van Lotens om theorie en praktijk, idee en experiment met elkaar in overeenstemming te brengen. Daardoor botst hij niet alleen met sommige leerlingen, maar evengoed met andere collega’s. 

Ik-kilte

Lotens is meer dan iemand die voor de klas gestaan heeft. In het Menuet van Kondratieff wordt evenzeer het verhaal verteld van iemand die zich uit de Vlaamse klei optilt en de wereld gaat verkennen. Lotens vindt een tweede thuis in Latijns-Amerika, en dan in het bijzonder in Suriname waar hij ook een tijd ging wonen. Ook Bolivia is, naast Nicaragua, een land waar Lotens vaak zal naar terugkeren. Op de scholen waar hij lesgeeft probeert hij de blik van zijn leerlingen te verruimen door hen te confronteren met de verhalen en ervaringen die hij opdoet in Bolivia.

Lotens is niet alleen een actor binnen de historische contexten waarin zijn leven zich voltrekt, hij is ook iemand die deze historische contexten weet te benoemen en te analyseren. De laatste decennia ziet hij wat hij noemt de ‘ik-kilte’ toenemen. De individualisering zet zich door en de intolerantie groeit. Dat merkt hij in de scholen waarin hij lesgeeft, maar evengoed in het Borgerhout waar hij woont. Het zet hem aan tot reflecties die soms ontgoocheld klinken, maar nooit verbitterd. Ondanks alles blijft Lotens de toon van de optimist behouden, misschien zelfs zonder dat hij het zelf beseft.

Honger

Aangezien Het Menuet van Kondratieff moeilijk voor één gat te vangen is, kan het ook op veel manieren gelezen worden. Voor de schrijver dezes, die ongeveer veertig jaar jonger is dan Lotens, was het vooral een interessant historisch document dat een eigenzinnig licht werpt op engagement in het naoorlogse en snel veranderende Vlaanderen. Het boek toont mooi aan hoe verschillende historische tendensen een individueel historisch leven vormgeven en hoe een individu daarmee omgaat.

In die zin had het wat mij betreft méér mogen zijn. Soms wordt de meer historische lijn in dit autobiografisch verhaal wat naar achter gedrongen door bespiegelingen over de vele boeken die de bibliotheek van Lotens rijk is, waardoor sommige uitgeworpen lijntjes niet verder ontwikkeld worden. Dat is jammer, maar het is evenzeer de soevereine keuze van de schrijver. Dat deze lezer hongert naar meer, kan trouwens enkel begrepen worden als een uiting van appreciatie.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.