Meer dan ooit heeft de wereld nood aan onafhankelijke journalistiek.

Meer dan ooit is het nodig om een tegengeluid te laten horen.

Steun daarom DeWereldMorgen.be

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu
Interview

John Crombez: 'Campagnes zullen vuil blijven tot de kiezer dat afstraft'

In de laatste rechte lijn naar 14 oktober ging DeWereldMorgen.be langs bij enkele partijvoorzitters om het te hebben over hoe zij de stad van de toekomst willen vormgeven. Geen kort en vluchtig interview, maar een poging om voorbij de slogans te gaan.
dinsdag 9 oktober 2018

Tijdens verkiezingscampagnes is het partijhuis niet de plaats waar het gonst van de bedrijvigheid. Bij gebrek aan receptionist(e) opent John Crombez zelf de deur.

“Ik kijk altijd uit naar de campagnetijd omdat het de politieke routine wat doorbreekt. Meestal bestaan mijn dagen voor een groot deel uit ontmoetingen met mensen die aan de knoppen zitten en vergaderingen. In de campagne is dat anders. Het is een periode waarin je veel meer contact heb met de mensen.”

En dat contact verloopt altijd gemoedelijk?

“Ja, eigenlijk wel. Dat is vrijwel altijd een positieve ervaring. Je krijgt ook een heel ander beeld van wat de mensen bezighoudt dan wat je doorgaans via de media krijgt voorgeschoteld. Het lijkt nu vaak een theater waarin we als politiekers moeten performen.”

Heeft dat performen niet altijd bij de politieke stiel gehoord?

“Nee, dat is enorm toegenomen. Meer theater, minder besturen. En bij de bevolking valt dat ook niet zo goed. Mensen voelen ook wel aan dat het performen voor sommigen de overhand heeft genomen op het besturen. De mensen die ik bezoek vinden ons politici daar wel medeplichtig aan. Wat natuurlijk ook zo is. Wij zijn de acteurs. En het is een heel rare situatie. Je zit mee in dat theater en tegelijk vraagt de bevolking om bestuur. En terecht.”

Het is volgens veel waarnemers ook de vuilste campagne ooit.

“Het is ongezien. Maar ik had het ook verwacht dat het zo’n vuile campagne zou worden. In de winter van 2016-’17 heb ik al voorspeld dat we afstevenden op zo’n campagne. We vingen toen al signalen op dat sommige partijen voorbereidend werk aan het doen waren om er een vuile campagne van te maken.”

Jullie lijken ook het voornaamste doelwit te zijn van die vuile campagne.

“Wij zijn nog altijd de meest besturende partij in de steden. Daardoor vangen wij nu ook de meeste wind. In 2014 hebben we dat ook voor een stuk gehad met de campagne van Johan Vande Lanotte in Oostende. Er zijn toen twee boeken over hem verschenen tijdens de campagne. En dat vertrekt dan meestal vanuit een kring van usual suspects. Meestal zit Marc Descheemaker er wel ergens tussen (lacht). Maar het verschil met nu is wel dat het toen nog altijd wel over inhoudelijke dingen ging. Nu gaat het over wat de buren zeggen over Kris Peeters.”

En dat is dus nieuw?

“Ja, and it’s here to stay. Als ik zie hoeveel aandacht er wordt gegeven aan dat type van campagnevoeren dan vrees ik dat we er nog een tijdje mee opgezadeld zitten. Maar het positieve is dat de bevolking dit soort campagne niet bijzonder apprecieert.”

Gaat zich dat uiten in uitslagen?

“Dat heeft de kiezer in handen. Die bepaalt uiteindelijk wat voor soort campagne er werkt. Nu politici over de hele wereld gezien hebben dat Trump verkozen is geraakt door in te zetten op een website als Breitbart en door op statistische wijze data te verwerken, wil iedereen dat nu proberen. Die manier van aan politiek doen wordt dan een inktvlek. Iedereen neemt het over. Wanneer dezelfde manier van aan politiek doen leidt tot nederlagen, zal er van afgestapt worden.”


Opnieuw naar de mensen

Wat is voor jullie het doorslaggevende thema voor deze verkiezingen?

“We hebben in maart op het congres beslist dat zorgzekerheid als thema voor veertien maanden het verkiezingsthema is. Het is niet voor niks dat we dit thema voor zowel deze als de volgende campagne naar voor schuiven. We zien dat armoederisico’s aan het stijgen zijn. De facturen van de essentiële levensbehoeften worden steeds duurder. Rusthuisprijzen zijn bijna onbetaalbaar en tegelijk worden de pensioenen verminderd. Het antwoord op dat alles is de eis van zorgzekerheid. De garantie op zorg is essentieel. Dat gaat dus concreet over lokale infrastructuur, meer investeringen en meer zorgwerkers op het terrein.”

Maar je moet ook de actualiteit mee hebben. En dat valt tegen. Het thema leeft niet echt.

“Ik ben het daar niet mee eens. De voorbije jaren hebben we bijvoorbeeld ook gewerkt rond het thema van de schuldenindustrie. Daar is wat aandacht voor geweest in de media, maar nu ook niet bijzonder veel. Maar tot op de dag van vandaag krijgen wij daar wel nog reacties over binnen. Dat lééft dus. Net zoals het thema zorgzekerheid ook leeft. Mensen zijn daar veel meer mee bezig dan je denkt.”

Maar je kiest wel een thema dat minder afhankelijk is van media. Je moet dus echt van deur tot deur gaan.

“Exact. In mijn eerste interviews die ik deed als voorzitter heb ik meteen aangekondigd dat ik het zo wou doen. Maar ik was daar eigenlijk al van overtuigd in 2009. Ik heb toen die coöperatieve gesticht om mensen te overtuigen om samen elektriciteit aan te kopen, door de vraag collectief te maken. Dat is een succes geweest. Veel mensen hebben daardoor een meer eerlijke prijs voor hun energie betaald. Wij als socialisten zijn ontstaan door rechtstreeks met mensen te werken maar gaandeweg teveel verloren. Dat moeten we opnieuw herstellen en daar zijn we ook mee bezig. We hebben ondertussen genoeg voorbeelden van landen waar de sociaaldemocratie weer is rechtgestaan en geen klein beetje.”

Over welke landen heb je het dan precies?

“Je hebt Portugal. Die noem ik als eerste omdat het ook het eerste land is dat echt tegen de besparingslogica is ingegaan. Ondertussen zet Portugal een economisch resultaat neer dat kan tellen. Wat er zich afspeelt in Groot-Brittannië is natuurlijk ook zeer belangwekkend. En Denemarken, Spanje, Zweden.”

Er zijn natuurlijk ook tegenvoorbeelden.

“Tuurlijk. Frankrijk en Nederland zijn bijvoorbeeld landen waarin de sociaaldemocratie het niet bepaald goed doet. En daar zijn ook redenen voor. Ik geef altijd het voorbeeld van Dijsselbloem die het gezicht wordt van diegene die de Grieken een dolk in de rug steekt, terwijl ze al op hun knieën zitten. Het is ook de Nederlandse PvdA die de zorgbesparingen heeft mee ondersteund. Als je de eigen essentie verloochent, hoef je er ook niet op te rekenen dat mensen je zullen volgen. Een zelfde verhaal in Frankrijk. Hollande wordt president en hij draait de bescherming van arbeiders terug. Dan is het niet raar dat zijn partij nu ongeveer onbestaande is.”

En welk scenario is er voor sp.a weggelegd? Een Portugees of een Nederlands?

“Wij behoren tot het winnende kamp natuurlijk (lacht). Nee, ik meen het. We zitten met twee feiten die sterk in ons voordeel spelen. De sociaaldemocratie heeft een historische plaats verworven in Vlaanderen. We zijn nooit de grootste geworden, maar zijn wel altijd een belangrijke speler geweest. Zeker in de steden. Vanuit die positie sta je sterk. Een tweede feit, hoe vreemd het ook mag klinken: de laatste jaren heeft de progressieve kant in Vlaanderen een groei gekend. Ik weet dat het raar klinkt, maar het is zo. De progressieve kant van het spectrum groeit. De partijen ter linkerzijde zijn samen groter dan rechts.”

Maar zal die groei van de progressieve zijde uiteindelijk in het voordeel spelen van sp.a?

“Met sp.a zitten we op een stuk van de oceaan waar de windrichting af en toe wel eens keert. Vanaf het moment dat we in oppositie gingen hebben onze tegenstanders ervoor gekozen om hun kanonnen op ons te richten. De schuld van de sossen is ondertussen ongeveer een mantra geworden. En dan kom je in zwaar weer terecht. De CVP heeft dat in 1999 ook gehad. Het is knokken en strijden. Maar zoek een moment in de geschiedenis waarop de Vlaamse sociaaldemocratie niet heeft moeten strijden.”


Timing

Deze regering maakt het de oppositie eigenlijk heel gemakkelijk, maar toch lijken jullie dat niet te kunnen verzilveren.

“Ja, maar het is een eerste legislatuur. Een gemiddelde regering krijgt tijdens een eerste legislatuur altijd wat meer krediet. Maar dat neemt niet weg dat wat deze regering allemaal heeft doorgevoerd, ronduit dramatisch is. De impact daarvan zal je vooral de komende jaren voelen. Een politieman die halfweg zijn carrière staat, die gaat op het moment dat hij op pensioen gaat meer dan 100 euro per maand kwijt zijn. Dat zijn de mensen die nu in tijden van terreur overuren draaien. En ze staan ermee te lachen als die mensen op straat komen. Daarvoor moet je nogal lef hebben.”

Maar ligt dat dan toch niet voor een deel aan de oppositie dat de kritiek niet blijft plakken aan deze regering? Leterme had maar één zin nodig …

“Nee, CD&V had zeven jaar nodig om het vertrouwen van de mensen te herwinnen. De mensen moeten op een bepaald moment de klik maken en een andere keuze maken in het stemhokje. Maar het is moeilijk om op voorhand te voorspellen wanneer dat precies zal gebeuren. De opgang van Leterme liet zich ook niet voorspellen. Plots was dat daar. Net zoals zijn neergang trouwens. De timing kan je als partij niet bepalen. Je kan alleen maar hard werken en zorgen dat de mensen op het terrein goed geïnformeerd zijn.”

Ondertussen probeert N-VA van identiteit en migratie het verkiezingsthema te maken voor deze en volgende verkiezingen.

“Maar ze kunnen ook niet anders! We zijn de voorlaatste groeier in de economie. Als ik premier Michel eens iets hoor zeggen dan is het ‘jobs, jobs, jobs’. Maar we slagen er veel minder in dan de andere landen om die jobs te creëren. Dus ze kunnen niet anders dan steeds opnieuw terugkeren naar die migratie. Maar ook daar is het een complete knoeiboel. Daarom dat die burgemeesters zo kwaad zijn. Ons voorstel is: zorg dat mensen die op doorreis zijn snel een administratieve behandeling krijgen en koppel dat aan het oprollen van netwerken van mensensmokkelaars. Dat is al heel lang de vraag van vele burgemeesters. Ook van N-VA burgemeesters trouwens. Maar het komt er gewoon niet, want er zijn vierduizend politiemensen tekort. Er worden momenteel wel contracten aan de privé gegeven voor de snelwegparkings.”

Voelt u tijdens huisbezoeken dat die thema's van N-VA aanslaan?

“De retoriek rond migratie slaat niet aan, nee. Let wel, ik doe vooral huisbezoeken in West-Vlaanderen, ik zeg dat er expliciet bij. Wat ik merk in West-Vlaanderen is dat mensen nog altijd heel goed begrijpen dat mensen op de vlucht kunnen gaan voor oorlog. Vergeet niet dat één op de twee Ieperlingen indertijd op de vlucht is geslagen. Zoiets leeft verder in het collectieve geheugen. Dus rond vluchtelingen is er een grote bereidheid om te helpen.”

Wat is het sociaaldemocratische alternatief voor de huidige migratiepolitiek?

“Als Europa moet je kunnen zeggen: wij zijn een rijk continent. En je moet ook onder ogen kunnen zien dat er vandaag nog altijd continenten worden leeggeroofd door multinationals. Dus gaan we een echt marshallplan nodig hebben in die regio’s. Een plan dat er voor zorgt dat mensen niet op de vlucht moeten en in de eigen regio onderwijs voor hun kinderen, huisvesting en toegang tot gezondheidszorg hebben. Europa gaat daarin moeten investeren. Anders zal het niet gaan.”

Een deel van de linkerzijde zoekt steeds meer zijn heil in een rechts discours over migratie. Denk maar aan Wagenknecht in Duitsland, maar evengoed aan de Deense sociaal democraten. Is dat een optie die ook bij jullie leeft?

“We hebben een werkbare oplossing op lange termijn nodig. Mijn partij wil internationaal en oplossingsgericht werken en in eigen land willen we zorgen dat er duidelijkheid bestaat. Dat is altijd het standpunt van de Vlaamse sociaaldemocratie geweest.”

Maar als je iemand als Renaat Landuyt, burgemeester van Brugge, hoort praten over transmigranten, merk je toch nog weinig verschil met N-VA.

“Daar ben ik het niet mee eens. Zijn discours verschilt veel met dat van N-VA. Ik ontken niet dat er soms discussie is. Bij een fenomeen als transmigratie worden wij door de twee kanten opgebeld. Door zij die forser willen reageren en zij die een linksere reactie willen. Maar als die twee kanten dan rond de tafel zitten, merk je dat er geen fundamenteel meningsverschil is. Vergelijk Gent eens met Antwerpen. Het is waar dat zelfs rechtse Gentenaren soms nog op progressieven lijken. Maar in Gent doen we meer dan praktijktesten invoeren. Dat gaat over politiemensen die dicht bij de mensen staan in plaats van ze zwaargewapend op te sluiten in combi’s. Natuurlijk moeten de regels duidelijk zijn. Maar we problematiseren diversiteit niet. En als er vragen komen, dan kiezen we voor de dialoog. In Antwerpen kiezen ze voor gewapend bestuur en wordt het kleinste verschil uitvergroot. Twee steden, je kan bijna zover plassen, zo dicht liggen ze bij elkaar en toch zo verschillend qua aanpak.”

Maar ooit zullen jullie toch een breuk overhouden aan die spreidstand?

“Als je een standpunt inneemt, zullen nooit alle leden volledig akkoord zijn. Pas wanneer we ooit eens allemaal op dezelfde lijn zitten, zal ik me zorgen maken. De samenleving bestaat ook uit heel verschillende mensen. Het doet mij deugd dat er deze keer opmerkelijk veel academici op de lijst willen staan. Maar tegelijkertijd doen er ook veel arbeiders mee aan de campagne. De dag dat we ons enkel richten op hoogopgeleiden zijn we die rijkdom kwijt. Dat dat niet makkelijk is, so what? Wanneer hebben sociaaldemocraten het ooit makkelijk gehad. Denk je dat het vlak na de oorlog makkelijk was om de sociale zekerheid op te bouwen?”


"Nooit onoplosbaar"

Ziet sp.a zich ooit in een coalitie met N-VA terechtkomen om Antwerpen te besturen?

“Dan moet je het eerst eens geraken over een bestuursakkoord. Statistisch is de kans nul dat dat lukt. Besturen gaat niet over elkaar de hand schudden. Dat gaat over de visie op een stad. We zijn in 2009 in de Vlaamse regering gestapt met N-VA. De ruggengraat van dat akkoord was toen het Vlaams sociaal beleid met een enorm groeipad op vlak van welzijn. Bij N-VA moet er sinds die tijd toch iets gebeurd zijn. Van het sociale eerst zijn zij uitgekomen bij ‘alles voor het groot kapitaal’. Op zo’n korte tijd! Dat maakt het moeilijk om een tekst te schrijven dat onze twee partijen verzoent. Men moet mij niet verwijten dat ik partijen uitsluit. In veel andere steden lukt het wel om met N-VA te besturen.”

Human Rights Watch plaatst Theo Francken in het rijtje van Orban en Salvini. Vindt u N-VA nog een normale partij?

“Met hun uitgekiende communicatie hebben zij het Vlaams Belang leeggegeten. En om die kiezers te houden, zijn ze extreem geworden. Als zelfs de ministers van je partij de woordvoerders worden van een verdeel-en-heerspolitiek dan heeft dat natuurlijk een grote maatschappelijke impact. Al voeg ik er meteen aan toe dat een partij uit mensen met verschillende visies bestaat.”

Neem een Francken die heel mediatiek toekijkt bij een politie-actie tegen vluchtelingen in zijn regio. Dat passeert bijna geruisloos.

“Hoezo dat passeert?”

Wij hebben daarover geen ophef gezien in de kranten.

“Wij maken geen kranten. Wat Francken doet, is propaganda. Dat is lang weggeweest uit de Belgische politiek. Bij de grootste partij is dat nu de norm geworden.”

Wat zou er geschreven zijn, mocht u als staatssecretaris voor Fraudebestrijding vlak voor de verkiezingen glunderend hebben toegekeken bij een inval bij een multinational.

“Ja, dat is onwaarschijnlijk. Het begon al op de eerste schooldag van dit jaar met de verklaring over cocaïne. Toen dat niet pakte, werd overgeschakeld naar de transmigranten. Mensen met een strafblad werden gewoon de straat opgeduwd. Dat pakte dus ook al niet en dan worden dan maar maanlandingen in scène gezet samen met de politie. Dat is misbruik van de macht. Maar nogmaals, wij maken geen tv en geven geen kranten uit. De keuze tussen beleid en theater laat ik over aan de media.”

Moeten andere partijen niet forser ingaan tegen dat fenomeen?

“Maar wij reageren daarop. Als tienduizenden mensen op straat komen voor hun pensioen, dan bieden wij een inhoudelijke reactie. Wij zijn de grootste oppositiepartij en precies ook de partij die pleit voor redelijkheid en dialoog in plaats van propaganda en machtsmisbruik. Wij zijn de grootste bedreiging van hun model. Ik stel vast dat wij daar niet door kraken. Er zijn gelukkig genoeg mensen die die spelletjes doorzien. Zwaar weer is niet erg zolang je blijft rechtstaan. We wennen niet aan al die aanvallen, maar we blijven onze eigen beginselen wel trouw. Want dat wordt mij ook vaak gevraagd: waarom reageer je niet op dezelfde forse manier? Ik wil niet mee doen aan propaganda. Sinds de crisis van 2008 zijn de zekerheden van mensen onderuit gehaald. Ik wil terug perspectief bieden aan mensen en hun kinderen. Ik wil dat ze terug ja antwoorden op de vraag of hun kinderen het beter gaan hebben dan zijzelf en dat doe je niet met propaganda. Het is wel de plicht van mijn partij om de mensen te informeren over de thema’s die er toe doen.”

U wees daarnet op de grote verschillen tussen stedelijk beleid. Maar als we even uitzoomen, is er toch grote eensgezindheid tussen alle stadsbesturen in heel Europa. Binnensteden worden aantrekkelijker gemaakt en tegelijk duurder voor de oorspronkelijke bewoners.

“Je knapt je stad op en trekt mensen aan met geld. Dat fenomeen ken ik van in Oostende. Die stad heeft op 25 jaar tijd een metamorfose ondergaan.”

Alle steden zijn de speeltuin geworden van bouwpromotoren.

“Ik denk dat stadsbesturen zich serieus moeten afvragen of ze hun stadsontwikkeling nog zo hard willen linken aan bouwpromotoren. Dat is één. Maar het tweede punt: waar gaan we de mensen laten wonen? In Oostende is er geen ruimte meer voor nieuwe gezinswoningen. De grond is op. Behalve misschien nog op de luchthaven, maar daarvan gaan we afblijven. Dus ben je wel verplicht om je woonkernen te laten evolueren. Er moet een aanbod zijn voor mensen met middelen én tegelijkertijd sociale en betaalbare woningen voor mensen die het moeilijker hebben. Bij elk nieuw project moet je die twee voortaan dus samen doen.”

Er is natuurlijk een reden waarom bouwpromotoren vrij spel kregen. De stadsbesturen zitten sinds de jaren 80 op droog zaad. Er is een duidelijke link met de schuldencrisis.

“En het wordt nog erger. Er zijn bevoegdheden verschoven naar de steden zonder de middelen mee te verhuizen. Zo is het makkelijk om de gemeentebesturen droog te leggen. Maar minstens even erg: de taxshift geeft een korting op de personeelskost gegeven aan de privé, maar niet aan de steden. Openbare rusthuizen krijgen die korting niet, de privérusthuizen wel. Zo verarm je de gemeentebesturen. Vlaanderen zal ruimte moeten creëren voor de lokale besturen. Steden en gemeenten zijn goed voor één derde van alle openbare investeringen. Die lokale investeringen zijn één van de reden waarom we ons door de crisis gesleept hebben. Na de bankencrisis kwam net de investeringscyclus van de gemeentebesturen op gang in aanloop naar de verkiezingen van 2012. In Nederland ging de bouwsector helemaal onderuit. Maar die investeringscapaciteit zijn ze nu aan het wurgen.”

Waarom is dat geen thema in deze verkiezingen? Partijen kunnen wel veel beloven, maar straks moeten ze ook geld vinden.

(Zucht)

Nu gaat u weer zeggen dat u geen kranten schrijft.

“Voor de geïnteresseerde burger: wij hebben daar de voorbije maanden veel over geschreven en gezegd. Wij willen de minimumpensioenen optrekken tot 1.500 euro en investeren in het hoger onderwijs. Normaal krijgen wij dan ook meteen de vraag: wie gaat dat betalen. En ook daar hebben we een antwoord op. Zo groot als de daling van de publieke investeringen is, zo groot is de stijging van de bedrijfssubsidies. Bedrijven krijgen nu meer subsidies dan ze belastingen betalen. De smeerlapperij is dat niet iedereen evenveel terugkrijgt en niet iedereen evenveel betaalt. De kleintjes betalen meer en de groten krijgen meer terug. Kleine ondernemers vinden dat zelf problematisch.”

Wie ooit een regering gaat erven van N-VA krijgt een openstaande rekening. Een gat in de begroting, een taxshift waarvan de gevolgen na 2019 nog doorwerken, legeraankopen die moeten afbetaald worden. Een aantal instellingen zoals de NMBS en De Lijn die ondergefinancierd zijn. Dat wordt leuk.

“Dat wordt moeilijk, maar dat heeft ons in het verleden nooit tegengehouden. Toen we in de jaren 90 terug in de regering-Dehaene kwamen, was de staatsschuld gestegen naar 138 procent. Toen we er 14 jaar later terug uitvlogen, was dat al gezakt naar 82 procent. Onder meer dankzij 8 jaar Vande Lanotte. Met N-VA op financiën gaat de puinhoop groot zijn. Als je ziet hoeveel schade ze na 4 jaar aanrichten, kan je je alleen maar afvragen wat dat gaat zijn na 8 jaar.”

Twee legislaturen is tien jaar.

“(Lacht) Ik probeer het nog iets minder dramatisch voor te stellen dan het is. Bij haar aantreden kondigde de federale regering aan dat ze de wet op een menswaardig bestaan wilde schrappen. Het is nog altijd fenomenaal dat ze CD&V zo ver gekregen hebben. Het resultaat was er naar. Twee miljard minder uitgeven in de pensioen dan de regering zelf gepland had. Vijf miljard bespaard in het openbaar vervoer. Ben Weyts mag kwelen wat hij wil, maar iedereen die al eens de trein of bus neemt, weet wat er aan de hand is. Gratis water, goedkopere elektriciteit, gratis openbaar vervoer, het moest allemaal weg want dat was van de sossen. Maar voor mensen die het moeilijk hebben, is de schade enorm. Hoe langer het duurt, hoe erger het wordt. Maar onoplosbaar is het nooit.”

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig.