Bij DeWereldMorgen.be schrijven we niet voor de clicks.

We maken media voor een betere wereld.

Samen met vele vrijwilligers en burgerjournalisten.

Om dit te blijven doen hebben we uw steun meer dan nodig!

Steun onafhankelijke media!

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu
Analyse

Koning Auto blijft heersen in Antwerpen

De definitieve resultaten van de nulmeting van Straatvinken, het burgeronderzoek van de Ringland Academie, tonen aan dat de modal shift naar duurzaam verkeer in de Vervoerregio Antwerpen nog niet bereikt is. Tegen 2030 zijn nog flink wat inspanningen nodig om de burgers te doen kiezen voor alternatieven voor de auto. Vooral buiten de stad heerst koning Auto.
maandag 10 september 2018

Maar ook in de districten en de binnenstad zal de overheid duidelijke keuzes moeten maken, oordeelt mobiliteitsexpert Thomas Vanoutrive (UAntwerpen). De resultaten worden zondag voorgesteld op het 10 Stoetenfestival in Antwerpen.

Meer dan 1.400 burgers hebben op 24 mei een uur lang het verkeer geteld in de straten van de Vervoerregio Antwerpen. Dat gebeurde in het kader van Straatvinken, het citizen-scienceproject van de Ringland Academie met wetenschappelijke begeleiding van de KU Leuven en de UAntwerpen. In de stad en de 32 omliggende gemeenten gingen de tellers de ‘modal split’ na, de verhouding van de diverse verplaatsingsmogelijkheden. In het Toekomstverbond zijn de burgerbewegingen Ringland, Ademloos en stRaten-generaal met de overheid overeengekomen dat de modal split tegen 2030 evolueert van 70 procent auto’s en 30 procent duurzame vervoermiddelen (te voet, met de fiets of het openbaar vervoer) naar een 50/50-verhouding. De opmerkelijke resultaten van de nulmeting van Straatvinken tonen aan dat de uitdagingen nog groot zijn.

De resultaten van 1.352 straten in de Vervoerregio Antwerpen kunnen geraadpleegd worden op de website straatvinken.be. Bron: Ringland

Grote verschillen in Vervoerregio

De modal split van alle getelde vervoermiddelen in de hele Vervoerregio levert een verhouding op van 70/30: 70 procent van het getelde verkeer bestaat uit auto’s, bestelwagens en vrachtwagens, 30 procent zijn voetgangers, fietsers, en bussen en trams. Er bestaan evenwel grote verschillen tussen de binnenstad binnen de Ring, de districten buiten de Ring en de 32 gemeenten rond Antwerpen. Terwijl in de binnenstad 45 procent auto’s geteld werden, steeg dat aandeel in de rand fors naar 82 procent. In de districten buiten de Ring bestaat het verkeer voor 67 procent uit auto’s, mede door de druk van het autoverkeer dat uit de rand komt.

Nog geen duurzame modal split op verkeersassen binnenstad

De binnenstad lijkt het cijfermatig met een modal split 45/55 goed te doen, maar de beleving is op vele plaatsen anders. Rustige woonbuurten met een goed resultaat worden van elkaar gescheiden door drukke verkeersassen. Straten zoals de Plantin en Moretuslei, de Grotesteenweg, deTurnhoutsebaan, delen van de Lange Beeldekensstraat of de Amerikalei  halen in de spits makkelijk 500 auto’s per uur. De Generaal Lemanstraat krijgt zelfs meer dan 1.500 auto’s te slikken, terwijl in heel wat zijstraten minder dan 100 auto’s per uur geteld zijn.

‘Dergelijke drukke straten splijten wijken’, zegt mobiliteitsexpert Thomas Vanoutrive, wetenschappelijk begeleider vanuit de UAntwerpen. ‘Boven 125 voertuigen per uur, en zeker boven 500 voertuigen per uur, wordt het bovendien aanzienlijk moeilijker om een straat over te steken.’

Ook op wijkontsluitingswegen zoals de Kroonstraat in Borgerhout (modal split 31/69) heersen conflicten tussen het nog steeds hoge aandeel auto’s (237 per uur), het groeiende aantal fietsers (354/u.) en de vele voetgangers (208/u.).

Zone 30 beter inrichten verhoogt verblijfskwaliteit

‘Zwakke’ weggebruikers kampen niet alleen met een moeilijke ‘oversteekbaarheid’, maar ook met een onaangename ‘verblijfskwaliteit’. Prof. Vanoutrive: ‘Zeker vanaf 250 gemotoriseerde voertuigen per uur wordt het minder aangenaam om op het voetpad een gesprek te voeren of te kuieren. Dat is ook het gevolg van de weginrichting en de breedte van een straat.’

Zo stellen we vast dat vele al ‘geshifte’ straten (onder 50/50) niet ingericht zijn volgens het nieuwe regime. De Haantjeslei in Antwerpen kent een modal split van 20/80, maar de te smalle voetpaden kunnen het toenemende aantal voetgangers niet aan. Ook de breedte van de rijweg is er niet aangepast aan de zone 30. Prof. Vanoutrive: ‘Daardoor kunnen auto’s nog steeds te snel rijden, waardoor ze de veiligheid en het comfort van het toenemende aantal fietsers in gevaar brengen.’

 

Overzicht van de telpunten met een hoog aandeel auto's. (Klik op de afbeelding om deze te vergroten.) Bron: Ringland

‘Bovendien blijft de auto ook straten met minder autoverkeer visueel domineren door het dubbelzijdige parkeren, terwijl voorzien zou kunnen worden in meer groen en rustplekken. De Antwerpenaar plukt de voordelen van een zone 30 dus nog niet.

 

Districten buiten de Ring shiften traag

In de districten wordt in woonstraten veel gewandeld en gefietst, en is er van nature minder  autoverkeer. In deze woonstraten geldt vaak zone 30, maar net zoals in de binnenstad zijn ze daar ook in de districten nog onvoldoende op ingericht. Een duidelijk voorbeeld is de Te Boelaarlei in Borgerhout. De rijweg is er nog steeds 10 meter breed, terwijl er door een knip in een uur tijd nog slechts 84 auto’s passeren.

Hoe dan ook laten de invalswegen en de wijkontsluitingswegen in de districten nog steeds een modal split in het voordeel van de auto optekenen. DeHerentalsebaan in Borgerhout bijvoorbeeld kent een split van 65/35. Prof. Vanoutrive: ‘Dat is het gevolg van het hoge autogebruik (541 auto’s per uur), dat grotendeels bestaat uit doorgaand verkeer vanuit de rand naar de binnenstad of de Ring. Alternatieven voor de auto en een herinrichting van de straten naar zone 30 kunnen ook hier een grote impact hebben op de noodzakelijke modal shift.’

Stevige inhaalbeweging nodig voor randgemeenten

De grootste shift kan en moet nog gemaakt worden in de 32 gemeenten rond de stad. Daar tellen we slechts twee straten onder 50/50: de Statielei in Mortsel en de Antwerpsestraat in Lier. Beide zijn heringerichte winkelstraten, die nochtans ook als invalsweg fungeren. Op de andere gemeten invals- en wijkontsluitingswegen en woonstraten in de rand domineert nog steeds de auto. De gemiddelde modal split in de getelde straten bedraagt er 82/18. Volgens analyses zal het het autogebruik er zelfs nog stijgen als er geen maatregelen worden genomen.

‘Alternatieven aanbieden, zoals beter openbaar vervoer per tram, bus, trein en waterbus, en de (her)inrichting van fietspaden voor het toenemende aantal elektrische fietsen, kunnen soelaas brengen. Hoe dan ook blijft de modal shift in de randgemeenten door de grotere afstanden en verspreide bebouwing een grote uitdaging’, oordeelt prof. Vanoutrive.

Nood aan duidelijke keuzes

Prof. Vanoutrive besluit: ‘Er is nog een lange, uitdagende weg te gaan om tegen 2030 in de héle Vervoerregio Antwerpen een modal split 50/50 te realiseren. Een meerwaarde van Straatvinken is dat in de ruimere regio geteld wordt. Mobiliteit stopt immers niet aan een gemeentegrens.'

'Een duurzame mobiliteitsshift noopt tot grensoverschrijdende keuzes: minder auto’s en een andere inrichting van de straten. Zo niet, zullen we door het groeiende wagenpark en het toenemende gebruik van de (elektrische) fiets steeds meer conflicten tussen weggebruikers optekenen.’

Waardevolle data voor burgers en mobiliteitsbeleid

Na validatie door de Universiteit Antwerpen blijken de telresultaten wetenschappelijk betrouwbaar. Van de 1.469 getelde straten in de regio Antwerpen was 92% van de data (1.352 straten) bruikbaar voor verdere analyse. Een klein deel van de Straatvinken zag hun teldata verloren gaan door kinderziektes van de tel-app. Tegen de telling van volgend jaar worden die weggewerkt.

Bron: Ringland

Burgers kunnen de data gebruiken om een constructief gesprek aan te gaan met hun gemeentebestuur. Overheden hebben er een waardevolle dataset bij om rekening mee te houden in hun mobiliteitsplannen. De Ringland Academie hoopt dat de beleidsvoerders in de Vervoerregio de data gebruiken om de modal shift te monitoren op straatniveau.

Dr. Huib Huyse, wetenschappelijk begeleider vanuit HIVA-KU Leuven: ‘Straatvinken loopt tot 2030. Deze nulmeting was boven verwachting positief door de hoge deelname en de geografische spreiding van de Straatvinken. Hun enthousiasme werkt aanstekelijk. Dit smaakt naar meer. Alleen met een herhaalde telling kunnen we nagaan of de verkeerssituatie in de straten daadwerkelijk verbetert.’

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.