about
Toon menu
Opinie

Waar zijn de buitenlandredacties?

De groeiende impact van de mondialisering verloopt omgekeerd evenredig met de dalende persaandacht voor het internationale gebeuren. We zijn navelstaarders geworden. Die verschraling van de informatie over het buitenland is niet zonder gevolgen.
maandag 7 mei 2018

De groeiende impact van de mondialisering verloopt omgekeerd evenredig met de dalende persaandacht voor het internationale gebeuren. We zijn navelstaarders geworden. De Belgische dorpspolitiek over een zorgvuldig geframed politiek spelletje rond de Joods-Antwerpse weigering tot handdruk is ons wereldnieuws. Sinds de jaren negentig zijn de buitenlandredacties van onze media tot een minimum herleid. De Morgen heeft zijn rubriek buitenland al een tijd zelfs helemaal verbannen. De krant is steeds meer gaan lijken op de populaire zusterkrant Het Laatste Nieuws. Ze slaagt er zelfs in om edities te drukken zonder een enkel ernstig internationaal bericht die naam waardig en beperkt zich geregeld tot het kopiëren van berichten uit de Nederlandse Volkskrant. Dat kan omdat de krant deel uitmaakt van De Persgroep Nederland dat voor 58,5% in eigendom is van de Belgische De Persgroep (Het Laatste Nieuws, De Morgen, VTM, Q2, …).

Die verschraling van de informatie over het buitenland is niet zonder gevolgen. Als het Afghaanse oorlogsmoeras uit ons blikveld verdwijnt, is het ook moeilijk om te snappen waarom mensen nog altijd dat oorlogsgebied ontvluchten. De bevolking wordt dan overgeleverd aan Franckens giftige tweets die geen gelegenheid laat passeren om met zijn positie als Staatssecretaris electoraal munt te slaan uit de vluchtelingencrisis. Hij is Vlaanderens populairste politicus geworden.

Terwijl de dood van Avicii dagenlang prominent op voor- en binnenpagina’s prijkt, is er geen redactionele ruimte voor de aanhoudende chaos in Libië, het land dat een van de belangrijkste hubs is voor vluchtelingen naar Europa die maandelijks bij bosjes sterven tijdens de gevaarlijke oversteek. Een aanslag op het hoofdkantoor van de Libische verkiezingscommissie waarbij twaalf doden vallen, was nochtans een ideale opportuniteit om de fragmentatie van het land met zijn talloze milities net zo grondig te analyseren als de tragische dood van de wereldberoemde DJ.

Begrijp me niet verkeerd. Ik denk niet dat het ontbreekt aan de goede wil van veel journalisten, die met een man/vrouw en een paardenkop alle uithoeken van de wereldpolitiek moeten coveren en daarvoor af en toe wat ruimte krijgen in hun medium. Niemand kan de bovenmenselijke taak aan om een Europees prinsenhuwelijk even deskundig te brengen als de vele moorden op vakbondsactivisten en mensenrechtenactivisten in Colombia. Maar het maakt wel dat we amper iets te horen, zien, of lezen kregen dat er honderd van deze activisten er het leven lieten afgelopen jaar.

Het is zover gekomen dat we twee volle pagina’s geserveerd krijgen over de renners in de Giro die in het Europese Israël drie etappes afwerken, zonder noemenswaardige verslaggeving over Israëlische snipers die al wekenlang honderden doden en gewonden maken onder ongewapende Gazaanse demonstranten. Het groeiend gebrek aan dossierkennis in een complexere wereld zorgt er voor dat uitspraken van onze premier die de lof zingt over “uitzonderlijk sterke banden” tussen Israël en ons land, en de “gedeelde fundamentele waarden van de democratie” een vrijgeleide krijgen. De politieke consequenties zijn groot. De NAVO kan het publiek met gemak verder opjutten voor de ‘Russische dreiging’, omdat geen Nederlandstalig medium het nieuwswaardig vindt dat het Russisch defensiebudget het afgelopen jaar met 20 procent is gedaald en veertien keer kleiner is geworden als dat van het westers militair bondgenootschap. Het was nochtans makkelijk te reproduceren (en verifiëren) uit het rapport dat het Zweedse vredesonderzoeksinstituut SIPRI jaarlijks publiceert. We worden om de tuin geleid met incoherenties over de dreigingen ‘in onze strategische omgeving’ en het feit dat een kwart van de verhandelde Europese wapens naar het Midden-Oosten en Noord-Afrika onder de radar verdwijnt.

Er is geen geld meer om correspondenten uit te sturen om conflicten, spanningen of politieke en economische gebeurtenissen ter plaatse te verslaan en zo meteen ook de kans creëren om dossierkennis over een regio op te bouwen. Bijgevolg zien we het nieuws door de overwegend Angelsaksische bril of vanuit de af en toe georganiseerde propagandakaravanen in het kielzog van een minister op reis.

Afrika en Latijns-Amerika zijn blinde vlekken die slechts sporadisch de kolommen en TV-schermen halen in gedecontextualiseerde versies van een staatsgreep of een spectaculaire bomaanslag. Mauretaanse Harratines (zwarte Mauretaniërs) die de straat opkomen tegen hun uitsluiting, marginalisering en slavernij hebben in onze door De Wevers en co gedomineerde verslaggeving, geen enkele nieuwswaarde.

Gebrek aan middelen mag evenwel geen exclusief excuus zijn. Dat bewijzen nieuwssites zoals Mo, De Wereld Morgen – ere aan wie ere toekomt – en ook dit Uitpers, die met weinig middelen er toch in slagen om internationale verslaggeving een prioriteit te geven. Het internet biedt mogelijkheden om het wereldnieuws in onze contreien te brengen ook al moeten we ons bewust blijven van de vele valkuilen die daar staan opgesteld. Een Skype-interview kost geen middelen, alleen maar wat tijd. België krijgt binnenkort een zitje in de VN-Veiligheidsraad. Misschien dat dit de gelegenheid is om een journalist vrij te stellen die de dossiers die daar op tafel komen met wat grotere aandacht kan volgen en onze blik op de wereld terug wat meer verruimen.

Dit artikel is een overname van Uitpers

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.