Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

Ja, ik wil steunen

Sluit dit venster

about
Toon menu
Boekrecensie

Tussen Kozlucay, Sint-Gillis-Waas en nog veel meer

"Hoop is als een ladder zonder veel treden. Als je vanonder staat lijkt de top onhaalbaar. Maar als je de eerste trede bestijgt en zo stap voor stap verder werkt, verandert het perspectief." Dat schrijft de voorzitster van Groen, Meyrem Almaci, in haar boek Respect is de nieuwe punk, dat Walter Lotens aandachtig las.
dinsdag 13 maart 2018

Is dit de autobiografie van een politica? Ja, ten dele, maar dit boek is nog zoveel meer. De 41-jarige Meyrem Almaci is politica en voorzitter van Groen en in die hoedanigheid is zij willens nillens een VIP geworden, maar haar coming of age-verhaal is zeker even boeiend en maakt haar tot een apolitieke politica.

Brugfiguur

‘Respect is de nieuwe punk’ is het persoonlijke verhaal van een rijpe vrouw en politica die terugblikt op de twee werelden waarin zij is opgegroeid en die haar gemaakt hebben tot wat zij is: ‘vrouw, moeder, echtgenote, feministe, progressief, voorzitster van een groene partij, Vlaming, Belg, en ja, ook Europeaan met roots in Turkije en een open blik op de wereld’. (p. 162) Dat is Almaci allemaal en meer, want, schrijft ze ‘identiteit is als lasagne, op zijn lekkerst als je in een schep alle laagjes tegelijk hebt.’

Dat is duidelijke taal en die hanteert ze ook voortdurend in dit boek: een krachtige en gebalde zegging met eenvoudige voorbeelden om meer gelaagde begrippen in een heldere, soms swingende taal om te zetten.

Almaci profileert zich uitdrukkelijk als een brugfiguur: ‘om niet tussen twee stoelen te zitten, ging ik wijdbeens op allebei zitten’. Dat deed ze al heel vroeg en dat doet ze nog steeds, en als politica zeer uitgesproken. Het achtste kind in een rij van elf (drie ervan stierven zeer jong) uit een Turks ‘gastarbeidergezin’, groeide op in Sint-Gillis-Waas, maar verbleef tijdens de vakanties in Kozlucay, het geboortedorp van haar ouders diep in Anatolië.

Voor Meyrem was dat vakantie, niet voor haar ouders: ‘Voor hen was het thuis. Het zoemende geluid van de wielen op het asfalt betekende voor mij vertrekken, voor hen was het de aankomst.’ (p.122) Die gespletenheid van de migrant die zij bij haar ouders aantrof drukt zij zeer goed uit: ‘De zekerheden waarmee ze opgroeiden werden uitgedaagd door die nieuwe omgeving. Die bood heel veel goede zaken; stromend water, jobs en een dokter die ze konden raadplegen, perspectief voor hun kinderen. Maar weg was hun controle en kennis van hun omgeving en de gewoonten, de solidariteit onder dorpsgenoten die allemaal hetzelfde harde lot deelden en elkaar hielpen, de samenhorigheid.’ (p. 132)

Tussenfiguren

De ouders van Meyrem zijn uitgesproken ‘tussenfiguren’ van de eerste generatie. Zij hangen tussen een definitief verlaten verleden en een slecht omlijnde toekomst. Ze verkeren in een in-between positie. ‘Ze omarmen een nieuwe wereld terwijl ze achteromkijken of ze kijken vóóruit terwijl zij die wereld van zich afslaan,’ schrijft de Nederlandse literatuurwetenschapper Michiel van Kempen.[i] De in-between bevindt zich in een moeilijk te definiëren positie. Het vraagt zeer veel inspanning om je staande te houden op het slappe touw dat is gespannen is tussen het land van herkomst en het land van aankomst. Bovendien bevindt die tussenfiguur zich nog op een kunstmatig breukvlak tussen de onbruikbare begrippen ‘allochtoon’ en ‘autochtoon’.

De Gentse antropoloog Rik Pinxten bij wie Meyrem Almaci vergelijkende cultuurwetenschappen studeerde, pleit in zijn boek ‘De culturele eeuw’ voor wat hij border thinking of liminale praxis noemt.[ii] Het gaat om een confrontatie met allerlei soorten grenzen waarvan de culturele zeker niet de onbelangrijkste zijn. Dat noemen zij de liminale praxis. Dit begrip verwijst naar die culturele handelingen waarbij intens over zogenaamde drempels (‘limen’ in het Latijn) heen geleefd en nagedacht wordt en waarbij van beide werelden constructieve pistes van kritiek en combinatie worden verkend.

De in-between positie kan leiden tot de typische gespletenheid van de migrant die tussen verschillende culturen balanceert, zoals dat blijkbaar opgaat voor de ouders van Almaci, maar kan ook creatieve en vernieuwende krachten losmaken waardoor nieuwe mengvormen kunnen ontstaan. Dat laatste lijkt me in hoge mate het geval voor de tweede-generatiefiguur van Meyrem Almaci die zich moeiteloos beweegt tussen die twee werelden: zij is de brug tussen ‘hier’ en ‘ginder’, tussen Sint-Gillis-Waas en Kozlucay en nog veel meer.

Pleidooi voor vermenging

Almaci is niet alleen een bruggenbouwer, zij pleit ook onomwonden voor vermenging of hybridering: ‘Mijn man is Vlaming, groot, blond, blauw-grijze ogen, het ‘Ariër-type’, quoi. Zijn familienaam is oer-Vlaams. Mijn kinderen hebben dubbelbloed, het beste van twee werelden. Met blond haar en bruine ogen werden ze geboren.’ (p. 137. En met een Turkse voornaam en een Vlaamse familienaam.

Ook creolisering of hybridisering (métissage, mestizaje) zijn kernbegrippen om het ingewikkelde karakter van een stedelijke samenleving te kunnen begrijpen. Rik Pinxten en Koen De Munter [iii] constateren een snel toenemende vermenging van culturele en religieuze identiteiten, ook eigenheden qua leefstijlen en smaken, die leiden tot continue hybridiseringen of veranderingen en aanpassingen in alle richtingen. Denken over vermenging is meer dan ooit nodig. Niet vanuit een cultureel fundamentalisme (onveranderlijke cultuur, eigenheid van de gemeenschap) dat bij extreem-rechtse, politieke bewegingen in de plaats van het oude racisme komt, maar vanuit een dynamische cultuuropvatting. Dat is Almaci’s rechttoe-rechtaan pleidooi in mijn woorden omgezet.

‘“Zuiverheid” is een slogan die tot segregaties en explosies leidt. Weg ermee. Een beetje meer onzuiverheid, alstublieft, een beetje meer vuil. We zullen er allemaal beter van slapen,” schrijft een polemische Salman Rushdie [iv] . Hij heeft gelijk. Dat zegt ook de Belgische historica van Italiaanse origine Anne Morelli. Zij vindt dat de vruchtbare etnische ‘onzuiverheid’ die aan de basis ligt van de Belgische bevolking nauwelijks bestudeerd werd. [v] De huidige wereld bestaat uit een geheel van mengculturen. Ook in onze directe omgeving zien we het aantal gemengde huwelijken toenemen. Almaci is daarvan een mooi voorbeeld.

Tappen uit drie vaatjes

Ook haar boek zelf is een voorbeeld van vermenging waardoor zij eigenlijk een zeer hybride tekst aflevert. Zij tapt voortdurend uit drie vaatjes -biografische, wetenschappelijke en politieke - waardoor theorie en praktijk organisch in elkaar overvloeien. Door het handig vermengen van deze ingrediënten wordt het vrij omvangrijke boek een zeer leesbaar geheel, dat niet belerend overkomt en ook geen omgevallen boekenkast wordt hoewel zij ook en passant verwijst naar auteurs als Rik Pinxten, Jared Diamond, Geert Hofstede, Zygmunt Bauman,Vaclav Havel en Rebecca Solnit.

Het coming of age-verhaal blijft heel het boek dominant aanwezig, want legio zijn haar verwijzingen naar Sint-Gillis-Waas, naar het jeugdhuis Den Biel, naar haar juf, naar de dorpsbibliotheek, de jeugdclub, naar haar vrienden, naar Charles (later haar man), naar de ASO-richting waarin ze kon studeren en naar haar universitaire studies. Met haar politieke ervaringen is ze relatief spaarzaam hoewel ze natuurlijk niet kan voorbijgaan aan het Dexia-dossier waarin ze zich vastbeet en daaraan de roepnaam Miss Dexia in het parlement overhield. ‘Ik koester die naam, jawel. Het is een getuige van en ook erkenning voor maandenlang bikkelhard werk voor meer rechtvaardigheid.’ (p. 81)

In dergelijke passages is de felle Meyrem nadrukkelijk aanwezig. Ook wanneer ze het heeft over haar politieke betrachtingen om aan iedereen meer ‘bandbreedte’ te bezorgen, wordt haar toon meer gedreven. Zo pleit zij bijvoorbeeld voor een basisinkomen, niet individueel maar op gezinsbasis voor gezinnen die onder het mediaan inkomen zitten. Ook de mentale bandbreedte van de samenleving in haar geheel zou beheerd moeten worden als een commons. Bewegingen van onderuit, zoals beschreven in boeken van Tine Hens en Rik Pinxten, krijgen haar volle aandacht. ‘Kleine revoluties’ en ‘Klein verzet’ ziet zij overal opduiken, maar het blijft bij signalementen en de lezer heeft er het raden naar hoe Groen als politieke partij met die burgerbewegingen zal kunnen en willen samenwerken.

Hope in the dark

‘Respect is de nieuwe punk’ stelt geen pasklare politieke oplossingen voor; het is geen programma van Groen, maar in de eerste plaats een sterke getuigenis van ‘Hope in the dark’ waarmee Almaci verwijst naar het werk van de Amerikaanse activiste en auteur Rebecca Solnit. Of in de woorden van Almaci: ‘Hoop is als een ladder zonder veel treden. Als je vanonder staat lijkt de top onhaalbaar. Maar als je de eerste trede bestijgt en zo stap voor stap verder werkt, verandert het perspectief.’ (p. 222) Vaak verwijst zij ook naar de mooie uitspraak van Vaclav Havel: ‘We hebben geen enkele reden om ongeduldig te zijn, op voorwaarde dat we goed zaaien en begieten. Het wachten heeft een zin, omdat het uit hoop voortkomt en niet uit wanhoop, uit geloof en niet uit radeloosheid, uit nederigheid tegenover de tijd van deze wereld en niet uit vrees.’

Almaci ziet haar hoofdtaak in het verbinden, in haar brugfunctie dus. Niet alleen tussen Sint-Gillis-Waas en Kozlucay, maar ook in de stad, het land, de wereld. ‘Respect is de nieuwe rebellie. Je mening uiten op een verbindende en empathische wijze is rebels.’ (p. 231) Vandaar de titel: ‘Respect is de nieuwe punk.’

Ook mijn respect voor dit werk. Waarom komt zij niet op als kandidaat-burgemeester in Antwerpen? Zij lijkt me er klaar voor en Antwerpen ook.


[i] Michiel van Kempen en Elisabeth Leijnse, Tussenfiguren, schrijvers tussen de culturen, Het Spinhuis, Amsterdam, 1998, p.3. Zij hebben mij voor deze passage ten zeerste geïnspireerd.

[ii] Rik Pinxten en Koen De Munter, De culturele eeuw, Houtekiet, Antwerpen, 2006

[iii] Rik Pinxten en Koen de Munter, De culturele eeuw, Houtekiet Antwerpen, 2006

[iv] Salman Rushdie, Op de bres voor het multiculturalisme, een opiniestuk. De Morgen van 21 december 2005

[v] Anne Morelli (red.) Geschiedenis van het eigen volk, De vreemdeling in België van de prehistorie tot nu, Kritak, Leuven, 1993, 8

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.