about
Toon menu

Goudwinning bedreigt Ghanese cacaoproductie

Ghana gaat de strijd aan met de galamsey, de lokale goudmijnbouw, die het andere goud van Ghana, de cacaoproductie, dreigt kapot te maken. Cacao levert het land 2 miljard dollar inkomsten per jaar.
dinsdag 10 oktober 2017

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Het West-Afrikaanse Ghana is het thuisland van een van de meest geliefde cacaobonen. Die zijn groter dan gemiddeld en rijker van smaak. Alle andere cacaosoorten worden kwalitatief beoordeeld aan de hand van de variant uit Ghana, die als standaard geldt. Nochtans is de cacao-oogst in Ghana niet meer wat ze ooit is geweest. Ooit maakte cacao nog 45 procent uit van de totale inkomsten in buitenlandse valuta. Nu is dat nog slechts een kwart van de inkomsten. Daar willen de overheid en de Nationale Raad voor Cacao verandering in brengen.

Interesse in cacao verloren

In Ghana wordt de cacao op natuurlijke wijze gedroogd in de zon – en dus niet door de bonen te verwarmen. Om de paar dagen worden de cacaopeulen gedraaid zodat ze hun karakteristieke goudbruine gloed krijgen.

Het land is nog steeds de tweede grootste uitvoerder van cacao, enkel buurland Ivoorkust doet beter. Ooit was Ghana de onbetwiste kampioen, maar het verloor de eerste plaats aan zijn buur in de jaren 1970, toen de overheid besliste om de prijs die de cacaoboeren kregen voor hun waar naar beneden te halen. Veel cacaoboeren verloren zo de interesse in een toekomst in de cacao en het aantal ondernemingen ging achteruit.

Daarnaast zijn er nog andere factoren die maakten dat de cacaosector niet meer is wat ze ooit was.

Zo was er lange tijd de verdeling van gratis kunstmest. “Niet iedereen kreeg die zomaar”, zegt cacaoboer Abusuapanyin Kwabena Amankwaa. “Een kleine boerderij met vier hectare grond kreeg soms vijftig zakken kunstmest terwijl veel grotere ondernemingen minder kregen.”

Volgens de regionaal afgevaardigde voor de cacaoboeren, Nana Kwasi Ofori, gebeurde het ook dat andere landbouwers mest kregen die eigenlijk niet voor hen was bedoeld.

Joseph Baidoo, de ceo van de Nationale Raad voor Cacao, kan aantonen dat de kunstmest, die de boeren niet kregen met de bedoeling die door te verkopen, toch een weg vond naar Nigeria, Gabon en een aantal andere buurlanden. Volgens hem betekent dit dat de gratis kunstmest ook werd verdeeld aan wie loyaal was aan bepaalde politieke partijen, en niet enkel op rechtmatige wijze aan de cacaoboeren.

De overheid besliste uiteindelijk, naar eigen zeggen na klachten van de cacaoboeren, om de mest niet meer gratis weg te geven maar te verkopen, weliswaar tegen gesubsidieerde prijzen.

Een miljoen ton cacao

Ghana wil jaarlijks 1 miljoen ton cacao produceren maar dat doel werd al sinds 2011 niet meer bereikt. De overheid klokt de afgelopen jaren af op hooguit 800.000 ton.

De regering zette onder meer in op een aantal programma’s zoals de Massale Sproeioefening om boeren te helpen bij het correcte gebruik van kunstmest, een programma om oude, minder productieve bomen te vervangen door nieuwe, en een sensibiliseringscampagne om jongeren warm te maken voor het beroep van cacaoboer.

De output bleef niet uit want kort na deze ingrepen werd opnieuw een productie van 1 miljoen ton gehaald. Dat was in 2011. De overheid slaagde er echter niet in om de inspanningen vol te houden en ervoor te zorgen dat tussen 2012 en 2016 een concurrerende sector het voortbestaan van de cacaoboeren opnieuw bedreigde: de kleinschalige, vaak illegale goudmijnbouw, lokaal galamsey genoemd.

Goud met de g van galamsey

“Sommige grondeigenaren zijn een deel van het probleem omdat ze hun land graag verkopen aan de mijnbouwers. De cacaoboeren die er vaak als pachter werken, worden zelden of niet gecompenseerd”, zegt Nana Kwasi Ofori van de Associatie van Cacaoboeren.

De meeste boeren werken op het land dat in het bezit is van een eigenaar of van een familiebedrijf. Landbouwster Adwoa Oforiwaa (53) maakte het mee dat ze 500 Ghanese cedi werd toegestopt (ongeveer 100 euro) als compensatie toen de galamsey-operatoren aankwamen op het veld waar ze werkte. “Ze vertelden me dat ze op vraag van de landeigenaar of zelfs van de overheid naar goud moesten zoeken en startten met de vernietiging van het veld.”

Volgens journalist Yaw Obrempong zijn er veel landeigenaren die kiezen om hun grond en cacaoboerderijen te verkopen aan goudzoekers in ruil voor snelle cash.

Onbegrijpelijk, vindt Nana Kwasi Ofori. “De cacaoproductie is een erfenis die je kan doorgeven aan je kinderen, in tegenstelling tot die eenmalige zak geld.”

Kruistocht met drones

De invasie van de galamsey heeft een enorme invloed gehad op de 1,7 miljoen hectare cacaolanderijen in Ghana.

De regering heeft daarom een kruistocht tegen de goudwinning afgekondigd en wil de illegale mijnwerkers eruit. Met de hulp van het leger zijn diverse arrestaties uitgevoerd en wordt galamsey-apparatuur aangeslagen.

Ook wordt er vanuit de media sterk gereageerd tegen de galamsey en ook het ministerie van Landbouw en Natuurlijke Hulpbronnen heeft aangekondigd dat het drie miljoen dollar over heeft voor betere bewaking. Die komt in de vorm van de aankoop van drones die de aanleg van nieuwe mijnsites snel moeten kunnen achterhalen.

Prijsstabiliteit

Cacao is nog steeds een zeer belangrijke bron van inkomsten voor Ghana, goed voor 2 miljard dollar per jaar, of 4,22 procent van het bruto binnenlands product van het land.

De Ghanese overheid doet veel inspanningen en die hebben onder meer geleid tot een prijsstabiliteit die de Ghanese boeren voordeel geeft ten opzichte van andere cacaoboeren in buurlanden. Zo heeft Ivoorkust vrij recent de prijs van de cacao zien dalen tot een derde. Sommige Ghanezen maken zich daarbij zorgen omdat de gevreesde grenssmokkel van cacao nu wel eens in omgekeerde richting zou kunnen verlopen. Ghana zag in het verleden namelijk veel cacao over de grenzen gesmokkeld worden als een gevolg van de grote prijsverschillen.

Expert Emmanuel Afoakwa, professor Voedingsleer en Technologie aan de Universiteit van Ghana, vreest dit minder omdat “Ghana met name bezig is met de bescherming van zijn eerste-kwaliteitscacao, die op zich al de zekerheid biedt dat andere cacaosoorten uit Ivoorkust of andere landen niet verward worden met onze cacao.”

Van cacao tot chocoladecake

Om de winst op cacao te maximaliseren kijkt de overheid ook naar manieren om waarde toe te voegen aan de cacao die wordt uitgevoerd.

De wereldwijde cacaomarkt heeft een geschatte waarde van 9 miljard dollar voor onverwerkte cacaobonen, 28 miljard dollar voor semi-verwerkte en tussenproducten, en 87 miljard dollar voor afgewerkte producten. In een poging om een aandeel in die 87 miljard dollar te hebben heeft de Ghanese overheid beslist om zelf de helft van zijn cacao te verwerken.

De zeven bedrijven die momenteel werken aan de opwaardering van het basisproduct, verwerken ongeveer een kwart van de cacaoproductie. Het merendeel van de verwerkte cacao wordt uitgevoerd in half verwerkte vorm of als cacaopasta.

Volgens Emmanuel Afoakwa is de kapitaalvereiste om afgewerkte cacaoproducten te maken die geschikt zijn voor uitvoer de grootste hindernis voor Ghana. Zo zijn er de hoge uitvoerrechten van bewerkte producten. De Europese Unie heft bijvoorbeeld geen rechten op de invoer van ruwe cacaobonen, maar heft respectievelijk 7,7 procent en 15 procent op cacaopoeder en cacaocake.

Samen met de Nationale Raad voor Cacao werkt Afoakwa daarom aan een campagne om de consumptie van cacao te promoten. “Ik denk dat dit een manier is om meer inkomsten te genereren”, zegt hij. “Samen met tien verschillende polytechnische instellingen willen we nieuwe producten ontwikkelen op basis van cacao. We geloven sterk in een hoger verbruik van cacaoproducten en dat kan alleen maar als we nieuwe innovatieve producten ontwikkelen die gemaakt worden met cacao”, zegt hij.