about
Toon menu

Frankrijk maakt zich opnieuw op voor een dag van verzet

Na de betoging van 12 september maakt Frankrijk zich opnieuw op voor een dag van verzet tegen de arbeidshervorming van de regering Macron.
donderdag 21 september 2017

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Terwijl afgelopen maandag nog een honderdtal vakbondsleden van het CFDT, ’s lands grootste vakbond, protesteerden aan het kabinet van de minister van werk, riep het CGT, de communistische vakbond, eerder al op tot een tweede betoging over heel Frankrijk op donderdag 21 september. Het slotakkoord van deze woelige week is weggelegd voor Jean-Luc Mélenchon en La France Insoumise. Zijn partij riep op om zaterdag 23 september massaal af te zakken naar place de la Bastille in Parijs om te protesteren tegen de ‘sociale staatsgreep’ van Macron.

Eerste actiedag Macron: succes of mislukking?

13 september 2017. Daags na de eerste betoging door Frankrijk weten vele opiniemakers niet hoe zij het protest tegen de arbeidshervorming moeten interpreteren. Was de eerste actiedag, met tussen de 220.000 en 500.000 betogers, een mislukking of een succes?

‘Een mislukking’, zeggen onder andere De Tijd en De Standaard. De belangrijkste oorzaak volgens hen was de verdeeldheid onder de vakbonden. Het CFDT en het FO, de derde vakbond in Frankrijk, kozen er namelijk voor om het overleg met Macron verder te zetten en niet op straat te komen. Hierdoor werd slechts een deel van de vakbondsleden gemobiliseerd, zou de impact op de openbare diensten beperkt geweest zijn en was er een relatief lage opkomst. De Morgen verwijst naar het protest tegen de verlaging van de pensioenen in 2010 door Sarkozy. Toen kwamen nog zo’n 3,5 miljoen (1,2 volgens de politie) manifestanten op straat.

Dit is tenminste de reactie naar de buitenwereld toe. Volgens Le Monde wordt er achter de schermen van het Elysée zeer bezorgd gekeken naar de vakbondsbetogingen. Zij vrezen immers voor een sneeuwbaleffect waarbij het ongenoegen en het verzet langzaamaan groeit.

Dit was ook het opzet van de betoging volgens de organisatoren. Het CGT, de Franse communistische vakbond spreekt van ‘een goed begin’. Volgens hen waren er ongeveer evenveel mensen komen opdagen als in de begindagen van het protest tegen de Wet El Khomri. Het wetsvoorstel van toenmalig minister van werk Myriam El Khomri was zo onpopulair dat Frankrijk maandenlang in de ban was van protesten. Na drie maanden werd de wet uiteindelijk goedgekeurd via een decreet en zonder parlementair debat. De Fransen leken woedend en hebben de toenmalige regering Hollande massaal weggestemd. De wet die Macron nu wilt invoeren gaat op bepaalde punten nog verder dan die van El-Khomri.

Volgens een peiling van begin deze maand zegt ongeveer zes op tien Fransen tegen deze arbeidshervorming te zijn en gelooft meer dan de helft dat het de werkomstandigheden van de loontrekkenden zal verzwakken. Er is dus inderdaad geen enkele reden om aan te nemen dat het verzet binnenkort geen gelijkaardige proporties kan aannemen als in de periode maart- juni van vorig jaar. Het CFDT liet alvast vallen dat na de ‘actie – en informatiedag’ van 19 september 2017, waarbij vrachtwagenchauffeurs de weg versperden en vakbondsleden betoogden aan het kabinet van de minister van werk, de acties verhard kunnen worden indien er nieuwe hervormingen komen. September wordt ook, net als juli en augustus, traditioneel gezien als een ongunstige maand voor syndicale acties. Wordt het geen hete nazomer, dan tenminste een hete herfst, zullen de vakbonden denken.

Kunnen de tegenstanders zich verenigen?

De strijd tegenover deze arbeidshervorming wordt op vele vlakken gevoerd en door verschillende actoren. Sommigen leken verbaasd over het gebrek aan eenheid tussen de vakbonden en de politieke partijen. Dit zou het sterkst geïllustreerd zijn door de twee dagen verschil tussen de manifestatie van het CGT op donderdag 21 en die van La France Insoumise op zaterdag 23 september. Velen vroegen zich af of die niet beter samen georganiseerd worden om zo de krachten te bundelen. De voornaamste reden hiervoor is echter dat Frankrijk, in tegenstelling tot België, een sterke scheiding kent tussen vakbond en partij. De afspraken hierrond liggen vast in het Charter van Amiens. De vakbonden respecteren dit en zullen daardoor officieel niet oproepen om de samenkomst van La France Insoumise bij te wonen. Zo zal ook de secretaris generaal van het CGT, Phillipe Martinez niet aanwezig zijn op de actiedag van La France Insoumise om de onafhankelijkheid van de vakbond te behouden. Hun leden daarentegen kunnen dit wel doen. La France Insoumise op zijn beurt heeft in een persconferentie wel al laten weten dat het de acties van het CGT ondersteunt.

Dit is vooral van belang voor het verder verloop van het verzet tegen de hervormingen. De kracht van dit verzet ligt vooral bij de oproepen van Martinez en Mélenchon. Andere, kleinere organisaties pikken vooral in op de initiatieven van deze twee heren. De kleinere syndicaten als Solidaires, FSU en l’Unef sloten zich al aan op de betoging van 12 september. Net als le mouvement de 1 julliet van Benoit Hamon en individuele leden van de vakbonden die niet opriepen om te betogen. Zij hebben aangetoond dat de bereidheid om verder te betogen groot is. Niemand liet namelijk uitschijnen dat deze betoging een eindpunt vormt. Integendeel, de hervormingen die Macron wilt doorvoeren zijn talrijk. Na deze arbeidswetgeving wil hij ook de werkloosheid, gezondheidszorg en pensioenen aanpakken. Het ongenoegen tegen deze hervormingen is zeer groot. Dit is ook de voornaamste reden waarom hij met ordonnanties wil werken. Macron heeft enorm veel haast.

De urgentie om verder actie te voeren is dus zeer groot. Indien er geen massaal verzet komt tegen deze hervormingen zullen zij er zeker komen. Eén iets waar de tegenstanders zich aan kunnen optrekken is de dalende populariteit van Macron. Slechts 40 procent van de Fransen zouden nog tevreden zijn over Macron. Indien slechts een deel van dit enorme aantal staakt, kan dit een enorme impact hebben op de economie. Dit is ook waar de regering het meeste schrik voor heeft: een lange periode van sociale onrust en economisch verlies. De vakbonden daarentegen hebben aan macht te verliezen wanneer deze hervormingen doorgaan. Werkgevers zouden via deze hervormingen namelijk rechtstreeks kunnen onderhandelen met hun personeel. Vakbonden worden hierbij buitenspel gezet wat de deur openzet naar minder gunstige arbeidsvoorwaarden.

De vakbonden en tegenstanders zullen echter snel moeten reageren. 22 september zouden de ordonnanties aanvaard moeten worden door de ministerraad en na de ratificering van het parlement, gepland in oktober, zouden de ordonnanties een wet worden. Afwachten wie er aan het langste eind trekt.