Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

Ja, ik wil steunen

Sluit dit venster

about
Toon menu
Opinie

Bekijk vluchtelingen niet alleen door een humanitaire bril

Vandaag 20 juni 2017 is het Wereldvluchtelingendag. Naar aanleiding daarvan, een pleidooi om ook op een politieke wijze over vluchtelingen na te denken.
dinsdag 20 juni 2017

Wat we vandaag meemaken is de grootste vluchtelingencrisis sinds de Tweede Wereldoorlog. Wereldwijd zijn 65 miljoen mensen “displaced”, aldus Human Rights Watch.

Dat aantal is in werkelijkheid nog veel groter, want de 65 miljoen ontheemden waarover Human Rights Watch spreekt zijn in de eerste plaats mensen die vluchten voor gewapende conflicten of politieke vervolging. Het zijn dus vluchtelingen in de strikte, internationaal gehandhaafde definitie van het woord vluchteling: mensen die op de loop zijn voor gewapende conflicten en politieke vervolging.

Vluchtelingen zijn eigenlijk een kleine groep binnen een veel grotere groep van ontheemden. Lang niet iedereen die ontheemd is in deze wereld is immers vluchteling. Volgens de VN waren er in 2015 bijvoorbeeld 244 miljoen internationale migranten die in een ander land verbleven dan waar ze geboren waren. Veel van die migranten verkeren in condities die soms bijzonder gelijkaardig zijn aan die van vluchtelingen.

Het onderscheid tussen 'migrant' en 'vluchteling' is problematisch. Een migrant wordt beschouwd als iemand die landsgrenzen oversteekt op zoek naar betere leefcondities en/of werk, een vluchteling is iemand die op de loop is voor oorlog, politieke vervolging of natuurrampen. Deze etiketten 'migrant' en 'vluchteling' veronderstellen dat er een heldere lijn zou kunnen getrokken worden tussen economische en politieke factoren die mensen aanzetten om hun thuis te verlaten. Maar in de praktijk bestaat die lijn nauwelijks. In de echte wereld zijn mensen vooral op zoek naar een betere plaats om te leven omdat er in de plaats waar ze vandaan komen nauwelijks een leven kan uitgebouwd worden.

Het onderscheid tussen migrant en vluchteling maakt vandaag deel uit van een politioneel apparaat dat mensen systematisch onderverdeelt in zij die hulp verdienen en zij die dat niet verdienen. Het is ondertussen doodnormaal geworden om ontheemde mensen te categoriseren in termen van ‘gelukszoekers’ en zij die ‘hulp verdienen’. De ‘gelukszoekers’ worden bestraft met opsluiting en deportatie, zij die ‘hulp verdienen’ worden echter iedere dag gedwongen om steeds opnieuw te bewijzen dat ze de hulp die ze krijgen wel degelijk verdienen.

Kampen

Eigenlijk gaat het maatschappelijk debat in onze contreien enkel over de vraag of ontheemden – waarmee ik vanaf nu zowel migranten, staatslozen als vluchtelingen bedoel – onze hulp verdienen of niet. Over het algemeen zijn er twee standaardposities tegenover ontheemden. Enerzijds is er de dominante xenofobe en racistische positie die ontheemden opvat als een bedreiging die moet geëlimineerd worden en waartegen samenlevingen zich moeten beschermen. Anderzijds is er de humanitaire positie die eist dat ontheemden menselijk behandeld worden.

Het probleem is dat beide posities deel uitmaken van een zelfde machtsconstellatie. Die machtsconstellatie kunnen we in navolging van de Italiaanse filosoof Giorgio Agamben omschrijven als ‘het kamp’. Onder het kamp vallen volgens Agamben niet alleen de concentratiekampen, het kamp verwijst naar iedere plaats die buiten de wet ligt en waarin mensen bijgevolg volledig overgeleverd zijn aan de willekeur van anderen.

Het kamp is de plaats waar niet-burgers, mensen die tot geen enkel juridische gemeenschap behoren, verblijven. Het is een plaats waar mensenrechten enkel kunnen geschonken worden, maar niet kunnen afgedwongen worden. Er is immers niemand waartegenover kampbewoners rechten kunnen afdwingen.

Het verklaart waarom het vertoog over ontheemden in wezen een ethisch vertoog is, een vertoog over het goede en het kwade. De steeds terugkerende vraag is hoe ‘wij’ ons moet verhouden ten opzichte van ‘zij’, hoe 'we' ‘hen’ moeten behandelen. Die vraag is slechts betekenisvol in zoverre ontheemden reeds volledig overgeleverd zijn aan de genade van een allesomvattende macht.

In wezen wordt er niet anders gesproken over de 'rechten' van dieren dan over de 'rechten' van vluchtelingen. Net zoals dieren zijn ontheemden levende wezens die volledig overgeleverd zijn aan de genade van de macht waar ze tegenover staan. Net zoals dieren wordt hen nauwelijks autonomie en politieke subjectiviteit toegekend.

Het is in die zin trouwens niet toevallig dat vaak naar ontheemden wordt verwezen door middel van dierenmetaforen. In de zomer van 2015 omschreef David Cameron de ontheemden die Europa binnenkwamen als ‘zwermen’. Een metafoor die verontwaardigde reacties opleverde omdat zwermen natuurlijk doet denken aan een plaag insecten. Omgekeerd zullen activisten en mensenrechtenorganisaties vaak aanklagen dat vluchtelingen vandaag behandeld worden als dieren en pleiten voor een meer humane omgang. In films als District 9 en Independence Day worden zelfs parallellen getrokken tussen buitenaardse levensvormen en ontheemden.

Vragen

Wat nodig is, is een politisering van het vertoog over ontheemden. Ontheemding is niet iets wat zomaar gebeurt. Het is het gevolg van machtsverhoudingen. De wapens waarmee oorlogen worden uitgevochten zijn wapens die haast uitsluitend in westerse fabrieken geproduceerd worden, de economische ongelijkheden die ervoor zorgen dat mensen een oversteek wagen in een gammel bootje zijn de ongelijkheden van een globaal kapitalisme. Een kapitalisme dat bovendien ongelijkheden in stand houdt door voor het gros van de mensen bewegingsvrijheid te ontzeggen.

Politiek speelt zich al lang niet meer af binnen de grenzen van natiestaten en het wordt tijd dat we inzien dat grenzen van natiestaten ongelijkheid en mensenrechtenschendingen op actieve wijze produceren en in stand houden. Het is niet ons grenzenbeleid dat het probleem is, maar de grens zelf en de koppeling tussen een arbitrair criterium als geboorteplaats en de toegang tot rechten en rijkdom.

Er valt geen redelijk antwoord te geven op de vraag waarom iemand die geboren wordt in Kameroen minder recht heeft op het nastreven van geluk dan iemand die in België geboren werd. Of, meer specifiek, dat antwoord zal niet redelijk worden zolang we blijven vasthouden aan bestaande noties van burgerschap en staat.

In een wereld waarin het aantal ontheemden door toedoen van klimaatverandering en door schaarser wordende grondstoffen de ongelijkheid zal blijven toenemen, zullen we niet anders kunnen dan daarover na te denken. Als we dat niet doen, zal 'het kamp' uiteindelijk zegevieren.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.