Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.

Ja, ik wil steunen

Sluit dit venster

about
Toon menu

Hoe Frankrijk de noodtoestand gebruikt om sociaal protest te beknotten

De noodtoestand is ondertussen bijna twee jaar van kracht in Frankrijk. In een nieuw rapport van Amnesty International staat duidelijk te lezen dat Frankrijk de noodtoestand gebruikt om politiek activisme te bemoeilijken. Daarnaast wordt er ook melding gemaakt van excessief politiegeweld ten aanzien van betogers.
woensdag 31 mei 2017

Op 16 mei 2016 kreeg Hugo, een doctoraatsstudent aan de universiteit van Rennes een brief in de bus van de prefect van het departement Ille-et-Vilaine. In die brief stond het bevel dat Hugo zich tot 30 mei niet meer mocht begeven in het centrum van de stad Rennes. In een bijgevoegd kaartje waren de stadsdelen aangeduid die voortaan verboden waren voor Hugo. Als militant voor Front de Gauche speelde Hugo een leidende rol in de protesten tegen de hervorming van de arbeidswet (loi travail). Door de aan hem opgelegde persoonlijke maatregel kon Hugo niet meer deelnemen aan de geplande betogingen tegen de loi travail.

“Ik was sinds het begin sterk betrokken bij de protesten en kreeg ook heel wat media-aandacht”, zo vertelt Hugo aan Amnesty International. “Ze konden me niet vervolgen omdat ik me ook aan niets strafbaars heb schuldig gemaakt. Dus hebben ze een administratieve maatregel ingeroepen om te treiteren en mijn vrijheid sterk te beperken. Ik ben ervan overtuigd dat ze me gewoon wilden straffen en beletten om een politieke activist te zijn. De noodtoestand gaf de prefect de macht om dit soort maatregelen op te leggen.”

Hugo was lang niet de enige activist die tijdens de woelige lente van 2016 van zijn bewegingsvrijheid werd ontnomen onder het mom van de noodtoestand. Tussen 14 november 2015 en 5 mei 2017 kregen 683 mensen een gelijkaardige beperking van de bewegingsvrijheid opgelegd door de Franse staat. In 639 gevallen ging het om een expliciet verbod om deel te nemen aan betogingen of politieke bijeenkomsten. Als legitimering hiervoor werd steeds een beroep gedaan op de noodtoestand.

Het beperken van de individuele bewegingsvrijheid kan eenzijdig opgelegd worden door de politiediensten onder de noodtoestand. Er is geen rechterlijke tussenkomst voor nodig. Ook eerdere veroordelingen of vastgestelde strafbare feiten spelen geen rol in het inperken van de bewegingsvrijheid. De voorwendselen die ingeroepen worden om een beperking van de bewegingsvrijheid op te leggen zijn bijzonder vaag. Amnesty spreekt in haar rapport over een flagrante schending van het internationaal humanitair recht dat de vrijheid om vreedzaam te betogen waarborgt.

Afgelast

Niet alleen individuen kregen onder de Franse noodtoestand een betogingsverbod opgelegd. Vele betogingen werden ook in hun geheel verboden. Volgens cijfers van het Franse Ministerie van Binnenlandse Zaken werden tussen 14 november 2015 en 5 mei 2017 155 betogingen verboden. Het meest frappante voorbeeld daarvan is het betogingsverbod dat werd opgelegd in de marge van de klimaattop in december 2015. Naar aanleiding van die top waren massaprotesten gepland in Parijs, maar die moesten ter elfder ure dus afgelast worden.

Officieel werd de terreurdreiging ingeroepen als reden om het protest te verbieden. Maar in een ontmoeting met Amnesty verklaarde de Parijse politie dat ze aanwijzingen had dat er groepen naar Parijs zouden afzakken die “de orde wilden verstoren”. Het lijkt er dus op dat het protest rond de klimaattop minstens ten dele werd verboden uit vrees voor ongeregeldheden.

Vanuit juridisch oogpunt is het mogelijk om publieke bijeenkomsten (ten dele) te verbieden wanneer een groot gevaar bestaat op het verstoren van de openbare orde. Maar Amnesty wijst er wel op dat een algemeen betogingsverbod doorgaans wel disproportioneel is, en dat de dreiging in Frankrijk niet van die aard was om een algemeen betogingsverbod op te leggen.

Ook in steden als Nantes, Rennes en Calais werden betogingen verboden tijdens de lente van 2016. Vaak werd het argument ingeroepen dat betogingen mogelijks zouden ontaarden. Maar tegelijk werd de noodtoestand ingeroepen als legitimatie. Het lijkt er dus sterk op dat de Franse overheid, en in het bijzonder de Franse politie, de noodtoestand gebruikte om bestaande wetgeving veel strenger toe te passen en zo de wind uit de zeilen te nemen van de groeiende protesten in de lente van 2016. De noodtoestand werd dus eigenlijk misbruikt, want die was niet in het leven geroepen om protesten te beperken, wel om terrorisme te bestrijden.

Ogen verliezen

Op 15 september 2016 nam Laurent, een lid van de vakbond Solidaires-Sud, in Parijs deel aan wat de laatste grote betoging zou worden tegen de hervorming van de arbeidswet. Tegen 16u30 werd de betoging ontbonden op de Place de la République en braken er in een hoek van het plein relletjes uit. Laurent bevond zich echter in het midden van het plein, ter hoogte van het centrale standbeeld, ver van waar de schermutselingen zich voordeden.

Op het moment dat Laurent wilde vertrekken kwam hij in een traangaswolk terecht en vond vlak bij hem een luide explosie plaats. Laurent viel op de grond en wist niet wat er gebeurde, street-medics snelden hem ter hulp. Uit zijn oogkas gulpte het bloed. Verweesd liep Laurent naar de oproerpolitie met de vraag om een ambulance te bellen. Daarop antwoordde de politie dat ze daarvoor niet bevoegd waren. Na minutenlang aandringen werd uiteindelijk toch een ambulance opgebeld die pas veertig minuten later zou komen opdagen. In het ziekenhuis bleek dat de oogbol van Laurent gebarsten is. Het oog is hij voorgoed kwijt. Tot op vandaag worstelt hij met post-traumatische stress.

Het verhaal van Laurent is één van de vele getuigenissen over arbitrair geweld tegenover vreedzame manifestanten die opgenomen zijn in het rapport van Amnesty. Ook tijdens de betogingen die DeWereldMorgen.be bijwoonde in Parijs viel op hoe snel door de ordetroepen naar zware middelen werd gegrepen tegenover vreedzame betogers.

Tijdens de betoging van 1 mei 2017 waren we er bijvoorbeeld getuige van hoe een groep mensen een regen van traangasgranaten over zich kreeg terwijl ze op de trappen stonden van de Parijse opera. Mensen konden geen kant op, één iemand sprong in paniek zes meter naar beneden en had meerdere breuken.

Traangasgranaten worden afgevuurd op menigte die op trappen van opera op place de la bastille staat, 1 mei 2017.

Niet alleen vreedzame betogers worden aangevallen tijdens de manifestaties, er zijn ook meerdere casussen van journalisten die fysiek aangevallen werden door ordediensten terwijl ze duidelijk identificeerbaar waren als journalist. Dit kan moeilijk anders geïnterpreteerd worden dan een poging tot intimidatie ten aanzien van journalisten. Verschillende journalisten dienden ook reeds een klacht in.

Geweld als afschrikking

Uiteraard zijn ordediensten gemachtigd om geweld te gebruiken tijdens manifestaties, zo stelt Amnesty, maar dat geweld is een laatste redmiddel, dient proportioneel te zijn en moet een onderscheid maken tussen vreedzame betogers en betogers die wettelijke overtredingen begaan. Maar net dat is wat niet gebeurt in Frankrijk. De politie gebruikt middelen die zowel vreedzame als minder vreedzame betogers treffen, en sommige getuigen vermoeden dat dit ook een bewuste tactiek is om toekomstige betogers af te schrikken.

Er zijn verschillende manieren waarop Franse ordediensten betogers gewelddadig viseren. Het meest gebruikte middel zijn traangasgranaten. Een middel dat sowieso niet echt gericht kan ingezet worden en dat vele passanten, vreedzame betogers of toevallige passanten treft. Hetzelfde geldt voor de sting ball grenade. Dat zijn granaten die rubberkogels rond schieten bij ontploffing. Ze zijn bedoeld om in situaties van acute dreiging een menigte uiteen te drijven. Maar in Frankrijk worden ze heel gretig ingezet bij vrijwel alle manifestaties. Het is door één van die granaten dat Laurent zijn oog verloor.

Een ander veel gebruikt wapen zijn rubberkogels. Ook die worden vaak gewoon in de massa geschoten in plaats van ze te richten op specifieke individuen die een dreiging vormen. In Rennes verloor een student een oog door het gebruik van een flashball. Amnesty beschrijft ook gevallen waarin agenten betogers met knuppels te lijf gingen op momenten waarop dat onnodig was en manifestanten geen dreiging vormden.

Opvallend is dat de Franse overheid enkel statistieken bijhoudt van het aantal gewonden agenten tijdens manifestaties en niet van het aantal gewonde betogers. Officiële cijfers van het aantal gewonden die vallen bestaan er dus niet. Op basis van cijfers van street-medics maakt Amnesty gewag van een duizendtal gewonden sinds het begin van de noodtoestand. Maar vermoedelijk zijn dat er meer omdat ook street-medics lang niet iedere gewonde in een massamanifestatie weten te traceren.

Noodtoestand

De balans die kan opgemaakt worden na bijna twee jaar noodtoestand in Frankrijk oogt triest. De noodtoestand kon niet beletten dat er nieuwe, heel dodelijke aanslagen plaatsvonden op Franse bodem. De noodtoestand werd vanaf het eerste moment aangewend om democratisch protest te bemoeilijken of gewoon te verhinderen. Dat begon met de protesten rond de klimaattop in december 2015 en werd verdergezet tijdens de protestbeweging in de lente van 2016.

De Franse casus is belangrijk omdat hij aantoont wat er gebeurt wanneer de noodtoestand wordt ingevoerd en politiediensten verregaande autonomie krijgen. Dan wordt duidelijk niet geaarzeld om aan versneld tempo mensenrechten zoals het recht op vereniging, het rechten op bewegingsvrijheid en de vrijheid van meningsuiting op verregaande manieren aan banden te leggen. Het geweld van de ordediensten neemt ook heel snel ongezonde proporties aan en activisten behoren, naast minderheidsgroepen en lagere klassen, tot de eerste slachtoffers.

Verbetering lijkt niet meteen in zicht in Frankrijk. De noodtoestand is ook nog steeds van kracht onder president Macron, en zal dat minstens tot 15 juli zo blijven. Er werd aangekondigd dat de bestaande noodtoestand in nieuwe wetten zal worden omgezet (en dus eigenlijk permanent zal worden). Macron heeft ook beloofd dat hij tienduizend extra agenten wil en extra gevangenissen.

 

De getuigenissen en de info die in dit stuk zijn opgenomen komen uit het rapport van Amnesty International, tenzij anders vermeld. Het integrale rapport kan je hier lezen.

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig. Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar.