about
Toon menu

Twee jaar na aardbeving blijft Nepal worstelen met gevolgen

Twee jaar na de vernietigende aardbeving in Nepal blijft de wederopbouw bijzonder traag verlopen. Bijna 70 procent van de getroffen bevolking leeft nog steeds in een tijdelijke opvang, en het landschap wordt gedomineerd door ruïnes die nog niet zijn aangepakt.
donderdag 18 mei 2017

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Op 26 april en 12 mei 2015 schrikten twee grote aardbevingen het land op. Er vielen naar schatting negenduizend doden en een half miljoen gezinnen moesten het huis ontvluchten. Naast heel wat huizen verloor de hoofdstad Kathmandu ook tientallen historische sites, waaronder de iconische Dharahara toren.

Meteen na de aardbevingen begonnen de reddingswerken: lokale vrijwilligers sloegen de handen ineen met het leger en internationale hulpverleners. Maar naarmate de maanden vorderden, vertraagde die hulp, en de heropbouw verloopt intussen bijzonder langzaam. Daar zijn verschillende redenen voor, waaronder politieke conflicten, een slecht beheer van de middelen en een gebrek aan transparantie.

Politiek gekibbel

Meteen na de ramp kwam de regering met de oppositiepartijen overeen om een nieuw publiek orgaan op te richten, het Nationaal Agentschap voor Heropbouw (NRA), om de werkzaamheden te coördineren.

Maar ondanks druk van internationale donoren en hulporganisaties leidde politiek getouwtrek ertoe dat het bijna negen maanden zou duren voor er iemand aangeduid werd om het nieuwe agentschap te leiden. En inmiddels is die al drie keer vervangen.

Donoren hebben meer dan 4 miljoen dollar (3,6 miljoen euro) beloofd aan het agentschap, maar nog niet veel van dat geld heeft de weg gevonden naar de eigenlijke heropbouw. Het resultaat: amper 10 procent van de naar schatting 500.000 beschadigde huizen zijn al hersteld met steun van de overheid en donoren.

De aardbeving kwam er net op het moment dat Nepal werkte aan een nieuwe grondwet, en dat debat eiste veel politieke aandacht op. De politieke hervormingen, ideologische en etnische spanningen en frequente regeringswissels leidden tien jaar lang de aandacht af van inspanningen om het land veerkrachtiger te maken bij rampen.

Gebrek aan lokale overheden

Hoewel er op regelmatige basis nationale verkiezingen worden gehouden, vonden er al zestien jaar lang geen lokale verkiezingen meer plaats. Die gaan nu wel door, maar de schade door meer dan een decennium van politiek vacuüm is enorm. Het verlies van politieke aansprakelijkheid is een van de kernproblemen die de heropbouw doet mislukken.

Onderzoek toont aan dat lokale elites soms financiële steun krijgen als slachtoffer, terwijl ze niet geleden hebben onder de aardbeving. Zonder lokale, democratische vertegenwoordiging kunnen burgers hun bezorgdheden niet uiten of publieke middelen opeisen.

Toch heerst er in Nepal een sterk sociaal kapitaal, en zijn er heel wat voorbeelden waar de gemeenschap de handen in elkaar slaat zonder hulp van overheden of donoren. Sommige lokale leiders werken samen met de gemeenschap om infrastructuur, kleine wegen, scholen en gezondheidscentra te herstellen. Maar die individuele inspanningen zijn geen vervanging voor een sterke en democratische lokale overheid.

Internationale hulp

Na de aardbeving berekende de Nationale Planningscommissie in Nepal dat de heropbouw meer dan 7 miljard dollar zou kosten. Maar de miljarden dollars die internationale donoren beloofden, werden niet vertaald in een duidelijk plan over waar dat geld naartoe zou gaan, en zo had het ook weinig impact op de wederopbouw.

De NRA, die het antwoord van de overheid moest leiden, kampt met een logge bureaucratie en overregulering. Een wetsvoorstel om het agentschap toe te laten de standaard toekenningsprocedures te vermijden, haalde het niet.

Daardoor verkiezen donoren internationale ngo’s in plaats van de staat zelf.

Maar het is maar de vraag of dat de juiste aanpak is: in Gorkha alleen al waren kort na de aardbeving driehonderd verschillende organisaties actief. Hun inspanningen worden soms beschreven als "rampenkapitalisme", maar zeker is wel dat verschillende ngo’s cruciaal werk hebben verricht.

Nepal heeft nog steeds geen effectief en afdwingbaar mechanisme om de humanitaire steun te controleren. Geld hebben is niet voldoende: het land moet er ook voor zorgen dat het die projecten bereikt die een verschil maken voor de bevolking.

Regionale spanningen

Nepal bevindt zich in een delicaat machtsevenwicht tussen India en China, en enkele maanden na de aardbeving werd de aanvoer van hulpmiddelen gehinderd door een blokkade tussen India en Nepal. Volgens Nepal was dat de schuld van India, terwijl India het toeschreef aan politieke problemen binnen Nepal.

Nepal heeft geen toegang tot de zee en vertrouwt historisch op de aanvoer van basisgoederen uit India. De blokkade betekende daardoor een bijna totale verlamming van niet enkel de wederopbouw, maar vrijwel de hele economie. Tegelijk groeit de Chinese interesse in het land.

Tijdens de blokkade leverde China gratis olie, maar verder heeft de wedijver tussen de twee grootmachten het kleine Nepal nog niet veel opgeleverd.

Gezien de aanhoudende seismische activiteit in het Himalayagebergte is er nood aan een coherente regionale structuur voor rampenbestrijding. Maar de interne spanningen weerhouden de Nepalese overheid ervan om echte samenwerking te promoten.

Dit artikel is eerder gepubliceerd in The Conversation.