about
Toon menu
Interview

Hart boven Hard: "Zondag slaan we allemaal op tafel!"

Twee jaar op rij bracht Hart boven Hard 20.000 man op straat, en ook voor zondag mikt de burgerbeweging die in 2014 het levenslicht zag, op een grote mobilisatie. “Omdat het nog altijd meer dan nodig is”, zo verduidelijken Saïda Isbai en Wouter Hillaert.
vrijdag 5 mei 2017

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Wie van plan is om zondag naar Brussel af te zakken kan zich niet aan een klassieke betoging verwachten. Braken de twee vorige parades daar al gedeeltelijk mee, dan is dat bij deze parade helemaal zo. Hart boven Hard wil met enkele honderden vrijwilligers de langste tafel ooit in België bouwen, en het is de bedoeling dat iedereen mee op die tafel zal slaan om the powers that be wakker te schudden.

Wouter Hillaert: Ik heb een goed gevoel over zondag. Het concept van een lange tafel slaat duidelijk aan. Ik zie hoe mensen meebouwen aan de fameuze tafel, hoe dat nieuwe groepen mobiliseert en nieuwe, creatieve dynamiek genereert. 

Saïda Isbai: Het is bijvoorbeeld mooi om te zien hoe zowel ouderen als kinderen zich samen inspannen om de langste tafel te realiseren. 

DWM: Vanwaar dat idee van een tafel, en geen klassieke betoging? 

Wouter: We wilden het vaste patroon van manifestaties doorbreken. We hebben twee geslaagde creatieve optochten gehad, maar Hart boven Hard is het aan zichzelf verplicht om zichzelf te blijven heruitvinden. Eén van de elementen die voortkwam uit de evaluatie van de laatste parade was dat onze politieke boodschap nog duidelijker kon, en dat het protest niet mag ondersneeuwen onder de positieve alternatieven. Wees dus gerust, we gaan niet gewoon aan tafel zitten. Eerst zal er kort naar de tafel gewandeld worden, daarna zal de tafel dienst doen als een soort catwalk, zullen onze tafelspringers collectief een speech houden en dan gaan we massaal op tafel slaan. Dat zal nog meer dynamiek geven, hopen we.

Strijdperken

DWM: Meer protest, ok, maar wat zijn de eisen precies?

Wouter: Eigenlijk zijn er vier grote strijdperken of thema’s waarrond we de komende twee jaar extra op het gaspedaal willen gaan staan, of waarrond we een ander geluid willen laten weerklinken. Ten eerste pleiten we voor een goede verhouding tussen vrije tijd en arbeid. Mensen leven niet om te werken, maar willen zinvol werk waarin ze niet ten prooi vallen aan burn-outs of stress. Ten tweede is er de kwestie ongelijkheid. We pleiten voor een eerlijke fiscaliteit en willen armoede tegengaan. Daarom eisen we uitkeringen die boven de armoedegrens liggen, zoals het regeerakkoord ook ooit beloofde. Waar blijven ze ermee?

Saïda: Ook het derde strijdperk, diversiteit, zetten we hoog op de agenda. Dat is soms moeilijker om mensen in mee te krijgen, we merken dat mensen daar rond soms behoorlijk gepolariseerd zijn. Maar onze lijn is duidelijk, we willen een anti-discriminatiebeleid dat werkt en pleit voor een nultolerantie als het over racisme gaat.

Wouter: Ons vierde strijdperk valt misschien moeilijker in één kernbegrip samen te vatten. Het gaat over cultuur en onderwijs, de meer zachtere sectoren. Het idee dat je niet alles van waarde kan begrijpen in termen van winstmaximalisatie. Een soort breken met de dominante economische logica en een pleidooi voor een investering in de mens, in wat het leven echt waardevol maakt.

DWM: Het verbaast me een beetje dat jullie ecologie niet als thema benoemen.

Saïda: Wel, eigenlijk is ecologie ons vijfde strijdperk. Maar soms is het wat moeilijk om dat als apart thema te benoemen omdat het eigenlijk ook helemaal verweven zit in de andere opgesomde strijdperken. Ecologie is iets dat in essentie transversaal gaat, en dus vervat zit in heel veel verschillende zaken. 

Wouter: Op de Parade is er ook een vijfde centrale spandoek, voor 100 procent hernieuwbare energie. We vergeten ecologie dus niet, maar willen eerst nog eens goed in dialoog gaan met milieuverenigingen: waar zien zij de meerwaarde van Hart boven Hard juist liggen? We moeten geen dubbel werk gaan doen.

DWM: Met deze derde Grote Parde vieren we ook een beetje de derde verjaardag van Hart boven Hard, natuurlijk. Hoe kijken jullie terug op de voorbije drie jaar?

Wouter: In de eerste plaats vind ik het een wonder dat we nog altijd bestaan (lacht). Ooit, drie jaar geleden, begon het met een simpele en nogal impulsief opgezette vergadering en ik had nooit gedacht dat het zo groot zou worden en zo lang zou blijven doorgaan. Deze weken voel je dat nog het beste: over het hele land zijn mensen aan het bouwen, aan het flyeren, hun buren aan het aanspreken. Dat geeft zoveel energie! Er is dus nog steeds een grote motivatie bij iedereen die actief is binnen Hart boven Hard, en er is zeker nog groeipotentieel. Het is natuurlijk wel zo dat de context veranderd is. Toen we begonnen waren er de regeringsverklaringen, de schok die deze teweeg brachten bij vele mensen en organisaties en de herfst vol sociaal protest die daarop volgde. Vandaag zien we dat het schok-effect verdwenen is. De strijd is gaan liggen en er lijkt een normalisering op te treden.

Dan wordt het pas echt gevaarlijk, zeker als je ziet hoe er nu misschien wel meer rechten afgebroken worden dan ooit tevoren, zoals met de deportatiewet van Theo Francken. Schrikwekkend. Tegelijk is die normalisering voor een deel ook maar schijn. Maar mensen zijn nog steeds strijdbaar, zij het misschien op een ietwat andere manier. Ik heb echt de indruk dat de beweging een tweede adem heeft gevonden en in aanloop naar de verkiezingen opnieuw relevanter kan worden. De urgentie van de verschillende strijdperken is er in elk geval enkel groter op geworden. 

Saïda: Het klopt dat op een bepaald moment de boosheid wat is gaan liggen en dat er wat moeheid optrad. Maar nu is dat opnieuw omgezet in engagement. Ik voel dat er echt een drive bestaat bij veel mensen om iets te doen. Hart boven Hard is ondertussen ook doorgedrongen tot diep in Vlaanderen. Laatst passeerde ik in een kleine gemeente als Oelegem en zag ik daar een affiche van Hart boven Hard voor één van de ramen hangen. Dan weet je dat we effect en impact hebben.

Wouter: Soms hebben we de neiging om de impact van Hart boven Hard enkel af te meten aan de impact op het beleid. Maar dat is een heel enge benadering is. De vraag is trouwens wie er tot hiertoe wel een impact heeft gehad op het beleid. Dat kunnen er weinig zeggen, vrees ik. Dat zegt dus veel meer over de visie op democratie van dit beleid dan over Hart boven Hard. Wat we wel hebben kunnen bewerkstelligen, is een geest van verbinding en samenwerking. We hebben heel veel mensen, bewegingen en initiatieven met elkaar in contact kunnen brengen. En het is die unieke vorm van kruisbestuiving die Hart boven Hard is. 

Radicaal

DWM: In de wandelgangen hoor ik wel eens wat gemor omtrent het ‘softe’ karakter van Hart boven Hard. Klopt het dat jullie ten opzichte van het begin ‘zachter’ geworden zijn?

Wouter: Ik ervaar dat zelf niet zo in ieder geval. Er zijn ook vele verschillende wandelgangen. Voor elke persoon die vindt dat we te soft zijn geworden, zal er ook iemand zeggen dat het allemaal "te politiek" is geworden. Dat is nu eenmaal de evenwichtsoefening van onze missie om breed te verbinden, en daarin blijven we toch wel heel divers. Zelf vind ik dus niet dat Hart boven Hard zo fel veranderd is ten opzichte van de start ervan. Wat natuurlijk wel veranderd is, is de context waarin we actief zijn. Tijdens de aanvangsperiode bevonden we ons in een context van sociale strijd en het klopt misschien dat Hart boven Hard toen het meest floreerde en het krachtigst was. Nu komt het erop aan een andere kracht te ontwikkelen in de verdieping. Ik heb daar veel zin in.

Saïda: Bovendien blijven we natuurlijk wel een soort waakhond van het beleid en van de regeringen. En we politiseren mensen. Die missie blijft onveranderd. Op zich is alles ook bespreekbaar binnen Hart boven Hard. Er is genoeg tijd en ruimte om zaken in vraag te stellen of alternatieven voor te stellen. Persoonlijk denk ik ook dat we radicaal genoeg zijn in wat we doen.

Wouter: Wat mij betreft mag iedereen die vindt dat Hart boven Hard te veel deze of gene richting uitgaat, zich aansluiten bij ons. We zijn een open platformbeweging en iedereen kan ze mee helpen vormgeven. Twintigers en dertigers, mensen met een migratieachtergrond, academici, mensen uit het onderwijs: we zullen ze met open armen ontvangen. Als ik ergens droevig van kan worden, is het van verwijtende uitspraken als ‘jullie, Hart boven Hard’. Zo is het niet bedoeld. Hart boven Hard is wat ‘wij’ ervan maken. Dat wil niet zeggen dat we geen oog moeten hebben voor onbedoelde exclusie-mechanismen, die zullen er zeker nog zijn. Zo denk ik dat we nog meer kunnen inzetten op een meer strijdvaardig anti-racisme. 

DWM: Er zijn verkiezingen op komst, en de campagnes staan nu reeds in de startblokken. Hoe zal Hart boven Hard zicht positioneren binnen die verkiezingsstrijd? Welke rol willen jullie spelen?

Wouter: We zullen sowieso niet deelnemen aan de verkiezingen als partij of zo. Daar is geen sprake van. We zijn intern ook vrij heldere regels aan het opstellen rond mensen van Hart boven Hard die op lijsten willen staan. Zo staat het al vast dat leden van de ‘kleine vergadering’, van het dagelijks bestuur zeg maar, niet op lijsten kunnen staan. We willen onze politieke onafhankelijkheid hoog in het vaandel blijven dragen. We zijn wel van plan om invloed te proberen uit te oefenen op de verschillende partijprogramma’s. 

Saïda: We streven ernaar om de verschillende strijdperken in partijprogramma’s te laten terugkomen. Daarnaast willen we tegelijk een soort kritische waakhond zijn van de partijen over de partijgrenzen heen. Dat kunnen we net dankzij onze onafhankelijke positie. We willen dus mensen bewustmaken rond de inhoud van verschillende partijprogramma’s en hen op die manier ook mee bij de politiek betrekken. 

Wouter: Concreet lanceren we tijdens de Parade van zondag een soort ‘normaliteitsverklaring'. Het is een uitnodiging naar allerlei clubs, van de school tot de sociale dienst: bespreek deze tekst, zeg er jullie gedacht over. We willen de discussie losmaken rond de vraag ‘is dit wel normaal?’. Ik denk dat het een belangrijke vraag is, omdat we vandaag soms geconfronteerd worden met een werkelijkheid die volstrekt abnormaal aan het worden is. Denk bijvoorbeeld aan het feit dat we in tijden van besparingen 15 miljard gaan investeren in gevechtsvliegtuigen, maar voor mensen die op de vlucht zijn voor oorlog tegelijk onmenselijke muren optrekken aan onze buitengrenzen. 

In het najaar willen we dan een soort Burgertop organiseren waarin we samen een soort van finaleverklaring opstellen, als een breed gedragen politiek signaal. We gaan ook werk maken van een tournee langsheen de Vlaamse cultuurhuizen, een soort politiek-culturele tournee onder de naam 'Tina en Tamara on tour'. Onder meer de KVS, het Toneelhuis en de Vooruit hebben hun medewerking reeds toegezegd. Maar de bedoeling is dat we alle dertien Vlaamse centrumsteden zullen aandoen. Hart boven Hard is dus echt wel meer dan één Parade per jaar. Er staat nog heel wat in de steigers.