about
Toon menu
Opinie

Sinan Can versus Muhammed Kat over Turkije, bij Pauw

Eerlijk gezegd laat ik Nederlandse televisie heel vaak aan me voorbijgaan, maar als ik er naar kijk gaat het meestal over Turkije. Kort na het referendum in dat land van afgelopen zondag sloeg ik een uitzending van Pauw gade, waarin twee Turkse Nederlanders zo hevig met elkaar discussieerden dat het op een ruzie begon te lijken.
vrijdag 21 april 2017

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Namens het nee-kamp bij het referendum zat de documentairemaker Sinan Can in de studio in de Nederlandse talkshow Pauw. Hij ging in gesprek met een ja-stemmer, de economiestudent Muhammed Kat (wie het niet gezien heeft kan het hier vinden). 

Kennelijk slaagde de redactie van Pauw er niet in een BTN-er te vinden die 'ja' had gestemd. Ik had in ieder geval nooit eerder van Muhammed Kat gehoord. Naar ik aanneem is hij geen familie van de hysterische publicist Micha Kat.

Deze Kat keek uit zijn ogen alsof hij ieder moment zijn klauwen in Jeroen Pauw en Sinan Can kon slaan en ging onmiddellijk in de aanval. Hij verweet Pauw hem geïntroduceerd te hebben als iemand die voor Erdogan gestemd had, terwijl het volgens hem om het stemmen over een systeem ging. Zal allemaal wel, maar was Kat ook een voorstander van een presidentieel systeem geweest wanneer een linkse tegenstander van Erdogan het had voorgesteld?

Grondwet 1982

De huidige grondwet moet volgens Kat vervangen worden omdat die werd ingesteld door de junta van de staatsgreep in Turkije van 1980. Medestanders van Erdogans Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling (AKP) wentelen zich graag in de slachtofferrol en over de coup van 1980 huilen ze tranen met tuiten als het uitkomt. Op de keper beschouwd hadden de islamistische voorlopers van de AKP echter weinig reden tot klagen over de junta.

Niet zij, maar socialisten en in mindere mate ultranationalisten, werden destijds de primaire slachtoffer van de militairen. De staatsgreep van 1980 legde de islamisten in een opzicht zelfs geen windeieren. Dat het offensief van de militairen tegen het socialisme meer religieuze vrijheid omvatte, zoals binnen het onderwijs, was zeker in hun voordeel.

Referendum 1982 

Wat Muhammed Kat geriefelijk buiten beschouwing liet, is dat ook de grondwet van 1982 bij referendum door de bevolking werd goedgekeurd. Als Erdogans nieuwe grondwet er langs democratische weg kwam, dan was dat destijds dus niet minder het geval. Bij het referendum van destijds ging 91,4 procent van de bevolking met het voorstel over de grondwet akkoord (bij een opkomst van 91,3 procent!). Dat is minder onverklaarbaar dan het lijkt. Het toont hoe eenvoudig de Turken gemanipuleerd kunnen worden tot het accepteren van beslissingen die strijdig zijn met hun belangen.

Juntaleider Kenan Evren was daar zeer gewiekst in. Erdogan maakte er met zijn 51,4 procent maar een potje van wat dat betreft. Aan de andere kant blijft het feit dat circa vijftig procent (de aanwijzingen over fraude laten we maar even buiten beschouwing) met irrationele kreten tot massahysterie gemanipuleerd kan worden uiteraard een zorgwekkend gegeven. 

Vakbonden 

Laat er geen twijfel over bestaan, ik ben de laatste om het met de grondwet van 1982 eens te zijn en zal een voorbeeld noemen waarom. In die grondwet werden de mogelijkheden van vakbonden sterk beperkt. Dat was uiteraard zo fout als het maar kan, want een democratie kan niet zonder vrij bewegende vakbonden. Sindsdien is dat echter zo gebleven. De AKP heeft in de loop der jaren tal van wijzigingen in de grondwet van 1982 aangebracht, maar de vakbonden zijn tegenwoordig nog net zo machteloos als destijds. Bij het referendum van afgelopen zondag vond Erdogan het dan ook zeker niet nodig om daar verandering in te brengen. Op lastige vakbonden zit hij niet te wachten. Liever ziet hij dat rechters stakingen verbieden.

Kortom, de staatsgreep van 1982 was verwerpelijk, maar wat er voor in de plaats is gekomen is ondanks wat Muhammed Kat bij Pauw zei, geen jota beter. 

‘Turkse staatsinrichting’

De tweede ronde in het duel tussen Kat en Can ging over de mogelijkheden van het parlement om de president voor de rechter te slepen. Dat is volgens Kat uitstekend geregeld in de nieuwe grondwet, waarna Can zei dat Erdogan zelf de rechters benoemt waar de president in dat geval voor zou verschijnen. Kat sprak dat tegen en zei dat slechts drie of vier rechters van de Hoge Raad door de president worden benoemd. 

Op dat moment werd ingegrepen door Jeroen Pauw. Aandacht voor de ‘hele Turkse staatsinrichting’ vond hij overbodig. Onbegrijpelijk, want waar draaide het referendum anders om dan de staatsinrichting van Turkije? Als gevolg werd de kijker de kans ontnomen om te ontdekken wat de Turkse grondwet in dit verband stelt. Dat moet ik hier dus maar in het kort uitleggen; it’s a dirty job but someone has to do it…

Constitutioneel Hof

Kat sprak over de Hoge Raad, maar daar zijn er meerdere van. Waaronder de Hoge Raad voor Cassatie (Yargitay) en de Staatsraad (Danistay). Wanneer de president wordt aangeklaagd dient hij na een lang parlementair proces echter voor het Constitutioneel Hof (Anayasa Mahkemesi) te verschijnen. Die transformeert in dat geval tot het Hoge Strafhof (Yüce Divan).

Volgens de oude grondwet, die tot 2019 van toepassing blijft (als Erdogan dat tenminste niet verandert), bestaat het Constitutioneel Hof uit zeventien rechters. In het oude systeem werden veertien rechters door de president benoemd en drie door het parlement. De nieuwe grondwet brengt het aantal leden van het Constitutioneel Hof terug naar vijftien. Drie daarvan worden benoemd door het parlement, de rest door de president.

Waar Kat die ‘drie of vier rechters’ vandaan haalde weet ik niet. Kan zijn dat hij onvoldoende op de hoogte is, maar hij kwam niet over als een dommerik, waardoor het niet valt uit te sluiten dat hij de kluit opzettelijk zat te belazeren bij Pauw.

Partijgebonden president 

De hierboven beschreven aanpassing van de grondwet lijkt op het eerste gezicht niet wereldschokkend. Het venijn zit hem in de nieuwe status van de president. In het oude systeem was de president een staatshoofd dat zich hoofdzakelijk met ceremoniële taken bezighield en vooral boven de partijen stond. De president was voorheen dan ook niet aan een partij gebonden. Dit betekende dat hij vanuit een onafhankelijke positie rechters kon benoemen. 

Dat laatste gaat dus geheel veranderen, want over twee jaar krijgt Turkije een uitvoerende president, die bovendien partijgebonden is. Dat levert ten aanzien van de connectie tussen regering en rechterlijke macht uiteraard een wereld van verschil op. Het brengt tegenstanders van het presidentieel systeem tot de overtuiging dat de scheiding der machten snel voorbij zal zijn in Turkije. In de praktijk is door Erdogans ingrepen binnen de rechterlijke macht, sinds hij in 2014 president werd, overigens sindsdien al geen sprake meer van een echte scheiding der machten.

Journalisten 

Het laatste punt over het treffen tussen Sinan Can en Muhammed Kat dat ik hier noem gaat over de journalisten in Turkse gevangenissen. Nadat Can dit aan de orde had gebracht wilde Kat doen geloven dat al de in Turkije gearresteerde journalisten met wapens aan boord van auto’s in het oosten van het land rondreden. Als ik op dat moment op Cans stoel had gezeten had ik Kat gevraagd of hij ook iets anders kon dan regeringsgezinde kranten in Turkije citeren.

Zo Erdoganesk die Kat. De president maakte de gearresteerde journalisten een paar weken geleden nog uit voor ‘dieven, terroristen en kinderverkrachters'. Opmerkelijk rijtje trouwens, want Erdogan, de AKP en de daaraan verbonden instellingen zijn door tegenstanders van precies hetzelfde beschuldigd. 

Natuurlijk is het mogelijk dat een enkele journalist wordt vervolgd voor iets dat buiten de journalistiek valt, maar als het in alle gevallen zo zat, dan was dat zeer opmerkelijk. Dan zou de journalistiek in Turkije vergeleken met andere landen een bijzonder criminele beroepsgroep zijn. Dat zou dan ook uit tenlasteleggingen naar voren moeten komen, maar in plaats daarvan komt daar de aap uit de mouw. Veel journalisten die na de mislukte staatsgreep van vorig jaar werden gearresteerd weten namelijk zelf niet waar ze van beschuldigd worden omdat justitie naliet een tenlastelegging tegen hen te presenteren. Dat geeft op zich al aan wat er gaande is.

Geen flauwekul Muhammed Kat, het is volstrekt duidelijk dat verreweg de meeste gearresteerde journalisten vastzitten omdat ze schreven wat niet mag van Erdogan. Variërend van de Turkse misdaden tegen Koerden, tot illegale wapentransporten van de nationale inlichtingendienst MIT naar Syrië. Wie daarover schrijft steunt volgens de president ‘terroristen’. Dezelfde president die de jihadisten van het uit al-Qaeda voortgekomen Jahbat al-Nusra in Syrië zijn vrienden noemt. 

Wat kan ik er verder nog over zeggen, anders dan dat ik Sinan Can prijs voor zijn geduld en verdraagzaamheid.

Volg Peter Edel op Twitter

Peter Edel is schrijver van De diepte van de Bosporus, een politieke biografie van Turkije (2012, Uitgeverij EPO, Antwerpen)