about
Toon menu

“De media misleiden het publiek over Syrië”

“De berichtgeving over de oorlog in Syrië zal worden herinnerd als een van de meest beschamende episodes in de geschiedenis van de Amerikaanse pers”. Niet de uitspraak van een rabiate anti-Amerikaanse stem op een of andere alternatieve website, maar Stephen Kinzer, sterreporter van The New York Times.
maandag 20 februari 2017

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

In het opinie-artikel The media are misleading the public on Syria in de krant Boston Globe van 18 februari 2017 geeft Stephen Kinzer zijn mening over de vooringenomenheid van de berichtgeving in de Amerikaanse mainstream media. Dit is een samenvatting van zijn argumenten met eigen commentaar.

Sterreporter New York Times

Stephen Kinzer is niet de eerste de beste Amerikaanse journalist. In de jaren 1980 was hij buitenlandcorrespondent van de New York Times in Centraal-Amerika, waar op dat ogenblik bloedige burgeroorlogen woedden. In de jaren 1990 had hij dezelfde functie in Berlijn, van waaruit hij het einde van de Sovjet-Unie en de overstap van de voormalige Oostbloklanden naar de EU volgde. Van 1996 tot 2000 was hij gestationeerd in Istanboel, Turkije.

Sinds 2000 werkt hij vanuit Chicago, waar hij hoofdcorrespondent cultuur is voor de krant. Daarnaast schrijft hij regelmatig columns, analyses en opinies voor de New York Review of Books, de Britse Guardian en de Boston Globe. Verder geeft hij les journalistiek en buitenlands beleid aan de Northwestern University in Chicago.

UPDATE 20 februari 2017: Een lezer wijst er op dat de eerste formulering van volgende alinea de indruk geeft dat Kagame loven een goede zaak zou zijn. Daarom herformulering cursief:

Over andere oorlogen is hij minder kritisch ingesteld. In zijn boek A Thousand Hills: Rwanda's Rebirth and the Man Who Dreamed It van 2008 looft hij Rwandees president Kagame voor de ontwikkeling en stabiliteit die hij Rwanda heeft gebracht, na het slechte bestuur van zijn voorganger Habyarimana, niet bepaald iets waar zijn slachtoffers het mee eens zijn.

Kritische mainstream

Stephen Kinzer is met andere woorden een type-voorbeeld van de 'kritische journalist' zoals de Amerikaanse mainstream media die graag cultiveren: zeer 'kritisch' voor de fouten en excessen van het Amerikaans interventionisme, maar zonder enige twijfel over de boven elke discussie verheven goede bedoelingen van dat beleid.

Kinzer ziet een verontrustend patroon in de selectieve manier waarop de Amerikaanse (en westerse) media berichten over Syrië. De berichtgeving over oorlogsmisdaden blijkt volgens hem bepaald te worden door de kant die de daders hebben gekozen, de onze of de andere, eerder dan door de feiten.

Zijn conclusie: “De media misleiden het publiek over Syrië” en “De berichtgeving over de oorlog in Syrië zal worden herinnerd als een van de meest beschamende episodes in de geschiedenis van de Amerikaanse pers”.

Dat fenomeen ziet Kinzer bevestigd in de manier waarop de strijd rond de Syrische stad Aleppo werd weergegeven. 'Gematigde rebellen' die Aleppo hadden 'bevrijd' blijken in werkelijkheid fanatieke wreedaards te zijn, die de bevolking terroriseerden, op dergelijk brutale en niets ontziende manier, dat de bevolking de soldaten van de strakke politiestaat van president Assad als bevrijders verwelkomden.

Het officiële verhaal, niet de feiten

Kinzer: “Dit klopt niet met het officiële verhaal van Washington. De meeste Amerikaanse media berichten het omgekeerde van wat er echt aan het gebeuren is. Veel berichten suggereren dat Aleppo een 'bevrijde zone' was gedurende de drie jaar dat de rebellen de stad bezet hielden en dat ze nu terug in diepe ellende worden gestort, na de overname door het Syrisch leger.”

“Wij worden verondersteld te hopen dat een oprechte coalitie van Amerikanen, Saoedi's, Turken en Koerden en de 'gematigde oppositie' gaan winnen. Dat is echter  nonsens. Je kan de Amerikanen niet verwijten dat ze dat geloven. Wij hebben zo goed als geen echte informatie over de 'strijders' (van het verzet tegen het regime van president Assad), over hun doelstellingen of over hun gevechtstactieken. Een groot deel van de schuld voor deze leugens ligt bij onze media.”

“De meeste Amerikaanse kranten, weekbladen hebben geen buitenlandse correspondenten meer... berichten worden geschreven in de redactielokalen in Washington. Journalisten die over Syrië schrijven, gaan hun informatie halen bij het Pentagon, het ministerie van buitenlandse zaken, het Witte Huis en 'experts' van denktanken... Deze vorm van stenografie produceert het slappe infotainment dat doorgaat voor 'nieuws uit Syrië'.”

Onze gematigde rebellen

Kinzer: “Die journalisten schrijven vanuit Washington dat al Nusra een machtige groep is bestaande uit 'rebellen' en 'gematigden', niet dat dit de lokale franchise is van al Qaïda. Zij schrijven dat Saoedi-Arabië hier 'vrijheidsstrijders' steunt terwijl het de hoofdsponsor is van IS... Alles wat Rusland en Iran doen in Syrië wordt beschreven als negatief en destabiliserend, omdat dat de officiële lijn is.”

“Politici kan je nog vergeven dat ze hun daden uit het verleden verdraaien. Regeringen kan je nog vergeven dat ze eender welk verhaal uit hun duim zuigen dat hen het best uitkomt. Journalistiek wordt echter verondersteld onafhankelijk te blijven van de macht en van de natuurlijke leugenachtigheid van de macht.”

“Men zegt dat Amerikanen onwetend zijn over de wereld. Dat is zo, maar dat zijn we niet meer dan in andere landen. Als de mensen in Bhutan of Bolivië een verkeerd idee hebben van wat in Syrië gebeurt heeft dat echter geen enkele consequentie. Onze onwetendheid daarentegen is gevaarlijk, want dat is de basis waarop we in actie schieten.”

Verontrustende rol van de media

Stephen Kinzer gelooft in de kracht van de Amerikaanse mainstream media als tegenmacht. Dat is niet bepaald het idee dat de alternatieve media in de VS hebben van de grote commerciële bedrijven die de media in de VS zijn. Volgens hen is de vervormde berichtgeving over Syrië niet de afwijking, maar de norm.

Kinzer is niet zo naïef te geloven dat het omgekeerde dan wel waar is, dat het regime van president Assad en zijn Russische bondgenoten niets dan goeds zouden doen. Hij wijst er echter op dat de zaken veel complexer zijn dan de eenzijdige pro-westerse versie die de media van deze oorlog geven.

Dat journalisten zoals hij zo kritisch schrijven over de mediaberichtgeving in Syrië kan een aantal oorzaken hebben. Eerst en vooral wordt het steeds moeilijker om de eigen versie van de wereldgebeurtenissen op te dringen, nu alternatieve media zoveel andere analyses aanbieden van wat gebeurt., niet altijd even professioneel, dikwijls even onbetrouwbaar als de mainstream, maar in ieder geval 'anders', andere context, andere getuigenissen, andere achtergrond, andere motiveringen...

(WikiMedia Commons)

Dat een man met de standing van Stephen Kinzer dit schrijft wijst echter op een dieper probleem. Zelfs de mainstream media voelen aan dat het zo niet langer kan. De kloof tussen de waarheid en de berichtgeving wordt te groot. Bovendien werken ze zo de facto mee aan de verergering van de situatie in het Midden-Oosten.

Kinzer: “Veel Amerikanen – en veel journalisten – zijn tevreden met het officiële verhaal: “Bestrijd Assad, Rusland en Iran! Vecht samen met onze Saoedische en Turkse vrienden om de vrede te bewerkstelligen!”. Dit is een weerzinwekkende omkering van de realiteit. Dit gaat waarschijnlijk de oorlog nog verlengen en nog meer Syriërs veroordelen tot lijden en dood.”

Zie het volledige artikel van Stephen Kinzer: The media are misleading the public on Syria 

reacties

7 reacties

  • door Didier op maandag 20 februari 2017

    Vroeg of laat komt de waarheid altijd aan het licht. Wat Syrië betreft zal het wel nog lang duren alvorens de volledige waarheid gekend is. Maar terwijl “de kloof tussen de waarheid en de berichtgeving veel te groot wordt”, zoals L. Vanoost heel accuraat stelt, laat de hete adem van onafhankelijke journalisten in de nek van de wegterende mainstream zich steeds meer voelen.

    Freelance journalisten zoals Eva Bartlett en Vanessa Beeley, die niet het prestige hebben van een New-York-Timesjournalist, maar door hun ongebondenheid objectiever werken, wijzen al veel langer op de propaganda in het wrede-dictatorverhaal van dwaas links (talloze kwaliteitsvideo’s op YouTube). Wat een contrast tussen deze moedige vrouwen en ‘feministen’ die niet veel meer dan mannenhaat ventileren! Het is ook een teken aan de wand dat men in Vlaanderen bij dubieuze figuren zoals de F. Winter terecht moet om een genuanceerder beeld van Syrië te krijgen.

    De frontlinie van een oorlog bevindt zich in de media. De oorlog in Syrië is er een tussen het leger van een soeverein land en buitenlandse terreurgroepen. De media hebben zes jaar lang de kant van die laatste gekozen. Verdachtmakingen, verzwijgingen, verdraaiingen en flagrante leugens moesten Asad als De Vijand framen en dat vijandsbeeld in stand houden. De media, die gretig garen spinnen wanneer de terreur hier toeslaat, hebben in Syrië de kant van de terreur gekozen en het lijden van de Syrische bevolking onnoemelijk verergerd.

  • door Red Heskimo op maandag 20 februari 2017

    Kagame loven is a good thing? Ok, dat is een verfrissende insteek. Denk dat sommige van zijn slachtoffers daar anders over denken maar soit.

    Titel artikel zou beter zijn: Mainstream Amerikaanse media mis informeren het Amerikaans publiek over Midden oosten. Maar hoe moeilijk is dat? Ik herinner mij nog de vraag op Mis America van hoeveel jaar geleden ondertussen. "Recent polls have shown that a fifth of Americans can't locate the US on a world map. Why do you think this is?"

    Het antwoord dat toen gegeven was "Worldpeace for all the children and god bless" of zoiets. Moet je informatie verstrekken over zaken die mensen niet interesseren? Ik denk dat er gisterenavond meer, harder en grondiger wordt gediscussieerd in het praatprogramma de Talking dead dan in buitenlandse duidingsprogramma's. Waarom? Dat interesseert hen, de rest niet.

    Zij die het wel interesseren (Amerikanen over Midden Oosten) die baseren zich toch al lang niet meer op de mainstream media. Dus wat maakt het uit wat die mainstream uitbraken en waarom u daar druk over maken? Niemand luistert ernaar.

    • door Lode Vanoost op maandag 20 februari 2017

      Ik wil daarmee Kinzer situeren in het journalistieke landschap als allesbehalve een echt kritisch journalist. Als zelfs die mensen zo gaan praten over Syrië moet de discrepantie met de waarheid wel heel erg zijn... dat is het idee. Maar nu ik het artikel herlees kan dat inderdaad de indruk geven dat het lijkt of Kagame loven een goede zaak zou zijn. Dat is natuurlijk niet de bedoeling. Ik zal de tekst updaten. Dank voor de opmerking.

  • door Geert Vanduffel op maandag 20 februari 2017

    Aan het woord: Stephen Kinzer, sterreporter van The New York Times. Zo nu en dan zegt een Amerikaanse top journalist wat een Kempische pater in Syrië al jaren zegt... De Morgen en De Standaard blijven met de VRT en Vranckx een getekende realiteit of noemen we dat leugens opdissen. Rudy Vranckx die meer dan een maand met Abdelrahman Ayachi, een toen reeds in België wegens terrorisme veroordeelde jihadistenleider van 600 man als gids en tolk door Syrië trok. Rudy Vranckx die Ayachi achteraf de inleiding op de Syrië actie van de VRT liet geven. Erover bevraagd zegde Vranckx: "We wisten het niet." (de veroordeling tot 8 jaar voor terrorisme in België waarschijnlijk )

    Een maand met een terrorist op pad en 't nog niet weten. Kunnen we spreken van een ( opzettelijk ) blinde journalist? Om niet te zeggen dat vooraf bronnen checken bijvoorbeeld bij ons gerecht ook had kunnen helpen. Wat het strafste is is dat Vranckx nog steeds een autoriteit inzake Syrië genoemd wordt. Hijzelf blijft intussen zijn nonsens spuwen in plaats van beschaamd weg te kruipen...

    Om maar te zwijgen over de stilte van de VRT over deze vergissing en de oorverdovende stilte van de Vlaamse pers, zeker toen deze de dood van Abdelrahman Ayachi melden en illustreerden met uitspraken van diens vader, een haat-iman uit Brussel. Googel maar eens...

    • door patrick V. op maandag 20 februari 2017

      Ook vanavond zie ik op de VRT-website weeral een kritiekloze aanbidding van de syrische Witte Helmen als waren het witte ridders. De terroristen en extremisten waartussen de Witte Helmen gedijen worden steriel hernoemd tot "de oppositie". Artikel: "Witte helmen redden Syrisch meisje : Op deze beelden, uit de Syrische hoofdstad Damascus, is te zien hoe vrijwilligers een jong meisje redden vanonder het puin van een ingestort huis. Leden van de Syrische Burgerverdediging, de zogenoemde “Witte Helmen”, zijn actief op het vlak van civiele bescherming in delen van Syrië die door de oppositie wordt [sic] gecontroleerd. De Witte Helmen zijn een van de vijf genomineerden voor de driejaarlijkse vredesprijs van de stad Ieper." http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/videozone/nieuws/buitenland/1.2897478 Allen in de pen kruipen en de stad Ieper aanschrijven?

  • door Jean Van den Bosch op dinsdag 21 februari 2017

    Als men de informatie nakijkt vanop een bureau in New-York, kunnen verkeerde conclusies getrokken worden. Als je dan voortgaat op obscure bronnen zoals bv.syrian observatory for human rights. Andere bronnen zijn verzetsgroepen van allerlei pluimage, ofwel PKK, Gesteund door Amerika, ofwel door SA of IS zelf.. 3/4 van de tijd verspreiden dat soorten groepen ofwel fake news ofwel iets anders.

    IK vind het wel een beetje grappige als hij vindt dat de US zelf correcte informatie moeten verspreiden.De laatste 60 jaar heeft de US maar sporadisch correcte informatie aan de pers gegeven. Daar als de US aangeeft aan welke partij er wapens worden gegeven, dan weet binnen het uur de tegenpartij het ook.

    Zoals hij het zelf aangeeft, onderzoeksjournalisme in het buitenland, gebeurt niet meer. Dan dient hij maar de reportages van Rudi Francks aan te kopen

  • door dr alami op maandag 27 maart 2017

    Idem geldt ook voor Jemen, toch?

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties