about
Toon menu
Reportage

Actie verklikkingswet: “Het is de overheid die radicaliseert!”

Enkele honderden mensen verzamelden vandaag op het Poulaertplein in Brussel om te protesteren tegen de opheffing van het beroepsgeheim. Vandaag zou er in het federaal parlement gestemd worden voor het N-VA-wetsvoorstel die hulpverleners verplicht om vermoedens van radicalisering te melden aan justitie. De stemming is nog even uitgesteld, maar de hulpverleners vinden dit een inbreuk op de vertrouwensrelatie met de hulpbehoevenden.
donderdag 16 februari 2017

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Sociale hulpverleners bij OCMW’s, vakbonden, mutualiteiten,  psychologen, onderwijzers en advocaten moeten volgens de nieuwe wet hun beroepsgeheim doorbreken als ze vermoedens hebben van radicalisering of terrorisme. De verantwoordelijkheid voor het doorbreken van het beroepsgeheim ligt daarenboven volledig bij hen.

De verzamelde sociale bewegingen en hogeschoolstudenten sociaal werk zijn fel gekant tegen deze wet. “Opnieuw wordt de strijd tegen terrorisme misbruikt om dergelijke wetten te laten passeren. Er is al de mogelijkheid om terrorisme te melden.  Deze wet verplicht ons om vage vermoedens te melden, daar zijn we niet voor opgeleid. We zijn in de eerst plaats hulpverleners. Deze wet moet ingetrokken worden, het is de overheid zelf die radicaliseert”, klinkt het bij de actievoerders.

Door een amendement van de oppositie is de stemming vandaag uitgesteld tot er een advies is van de Raad van Staten. Van zodra er een advies is wordt de wet opnieuw op de agenda gezet ter stemming.

We worden allemaal getroffen

Manuela Cadelli, voorzitter van de vakbond van de magistraten benadrukt dat deze wet die het beroepsgeheim wil afschaffen, een inbreuk is op onze democratie. Dit gaat helemaal de verkeerde richting uit en dat baart ons zorgen, aldus Cadelli.

"We begeven ons op glad ijs, we moeten hier tegen strijden ook al worden we er niet direct door geraakt. De wet wil nu het beroepsgeheim afschaffen voor de armen en hulpbehoevenden maar wie is de volgende? De mensen denken dat het niet erg is, omdat zij niet meteen getroffen zullen worden.  Maar als niemand beweegt zal de democratische bescherming over tien jaar helemaal ontrafeld zijn en zullen we allemaal getroffen worden door deze anti-democratische maatregelen”, zegt Calli. 

Calli: "We moeten onze democratische waarden van verlichting beschermen en in ere herstellen. En dat belet totaal niet dat we ook tegen terrorisme strijden. Eens we de bescherming van onze rechten en vrijheden ontrafelen, zal vooral onze democratie eronder leiden. Want het terrorisme zullen we daarmee totaal niet bestrijden.”

"Ik weiger mee te stappen in een verklikkers-maatschappij"


 Audelia, studente sociaal werk aan de hogeschool in Brussel legt verontwaardigd uit dat ze gekant is tegen de wet omdat ze geen mensen wil verklikken op basis van vage vermoedens. 

“Ik weiger mee te stappen in een verklikkersmaatschappij waar iedereen wantrouwig wordt tegenover iederen. We zijn in de eerste plaats hulpverleners en hebben een vertrouwensrelatie met onze clienten. Al deze studenten die hier vandaag zijn en binnenkort de hulpverlening ingaan beseffen dat deze wet ingaat tegen alle sociale waarden. Het is hallucinant dat een hulpverlener gedwongen zou worden om dit te doen”, reageert ze fel

Is iemand met een lange baard of iemand die zich bekeert radicaal?

Cecile en Claudia studeren ook sociaal werk in Brussel. Helemaal hees proberen ze me toch te woord te staan. “We zijn hier om ons beroepsgeheim te beschermen. We zijn gekant tegen de wet die ons verplicht vermoedens van radicalisering te melden. En wat betekent het eigenlijk concreet, radicalisering? Moet ik iemand verklikken die een lange baard heeft of een vrouw die net bekeerd is? Is dat radicalisering”, vraagt Claudio zich verontwaardigd af.

En haar vriendin Cecile voegt eraan toe: “In de strafwet zijn er al heel wat maatregelen om terrorisme aan te pakken. Ze hoeven geen extra wet in te voeren die melding van vage vermoedens verplicht. We zijn daar niet voor gevormd.” 

Beroepsgeheim is belangrijk voor de vertrouwensrelatie


 Georgia, studente sociaal werk aan de hogeschool in Mons staat te zwaaien met haar bordje, ‘Sociaal werkers zijn geen collaborateurs.’ “Deze wet gaat ons allen aan. We willen dat die ingetrokken wordt. Ons beroepsgeheim is noodzakelijk om een vertrouwensrelatie op te behouwen met een hulpbehoevenden", vertelt ze.


 



reageer

Eén reactie

  • door Henk Wijffels op donderdag 16 februari 2017

    Dit is van de gekke! Ik heb het vermoeden dat de beleidslieden die dit soort wetten willen invoeren het terrorisme en de radicalisering van burgers aanwakkert. Deels door direct of indirect oorlogen te steunen op landen van eventuele herkomst van inwijkelingen, deels door het intimiteren door robust optreden tegen jongeren die er wat anders uitzien dan autochtonen (vooral in voorsteden met arme en kansloze bewoners). We schuiven langzaam op naar een stille dictatuur, die elke vrije mening als verdacht kan duiden en dus met geweld kan onderdrukken. Natuurlijk kan iedereen op elk moment een gewelddaad plegen, dus is iedereen "verdacht". Het geweld van de overheid is echter wettig. En als iedereen dan bang wordt, kun geleidelijk aan steeds meer de bevolking uitbuiten ter verrijking van een handvol rijken. Het is dan wachten tot er honger opstanden uitbreken.

Lees alle reacties