Opinie -

Zoveel vrouwen met een burn-out? Dat kan toch niet!?

Ik sla een pagina om in de krant. Nog maar net bekomen van de muslim ban van Trump, zie ik opnieuw iets waar ik niet goed van word. Een uitspraak van Roland Duchâtelet. Die zich vragen stelt bij het feit dat er zoveel vrouwen in burn-out terecht komen (*). Een terechte vraag, ik stel ze mezelf ook vaak. Alleen kom ik tot een ietwat ander verhaal dan hij.

maandag 30 januari 2017 16:30

Elke dag rennen voor de trein, werken, opnieuw rennen voor de trein, rennen voor de kinderopvang, rennen om het eten op tijd klaar te krijgen, rennen voor laatavondvergaderingen, het huishoudelijke werk, het weekendwerk en dus opnieuw opvang zoeken voor de baby. Helaas, de kempen en West-Vlaanderen liggen niet bij de deur, dus een beroep doen op onze ouders gebeurde enkel in uiterste nood.

Toen ik eindelijk de moed bij elkaar raapte om het probleem openlijk te bespreken op mijn werk, botste ik tegen een muur van onbegrip. Want X en Y hebben dat toch ook kunnen doen. 1000-en mensen doen dat iedere dag. Wat sta ik dan te bazelen.

Slik.
Ok, ik verman me wel.

Ok, we gaan nog eens iets nieuws proberen. Met de tips aan de slag die me er door gaan krijgen. Allemaal tips waarbij ik aan mezelf moest werken, die de oorzaak bij mij legden. Geen discussie over hoe de werksituatie aangepast kon worden.

De tips krijgen me er niet door en ik val een eerste keer in de lappenmand door oververmoeidheid.

Een maand na die eerste periode van thuis zijn, springt de rekker. Alle reserves waren opgebruikt, ik was opgebrand.

Maar ik begon er wel meer over te praten. Als vriendinnen me vroegen hoe het ging, kon ik het niet meer ontkennen dat ik het gewoon niet meer rondkreeg. En eindelijk kwamen de verhalen die ik maanden eerder nodig had. Ook zij hadden het lastig, moeilijk en moesten constant beroep doen op anderen.

De ratrace

Ik ga niet beweren dat ik een burn out kreeg enkel en alleen doordat ik de boel niet draaiende kreeg. Daarvoor is het gegeven te complex. Maar de ratrace heeft alles wel een aantal versnellingen hoger gezet, waardoor ik sneller en harder tegen de muur ben geknald.

Een herkenbaar verhaal, voor velen weet ik intussen. Eat-work-sleep-repeat is het levensmotto geworden van een hele generatie. Femma zag dat ook en begon meer vrouwen te bevragen naar hun tijdsbesteding. Wat bleek? Dat ik in de verste verte geen alleenstaand geval ben.

De optelsom van alle verhalen is zelfs zo groot dat we moeten spreken van een maatschappelijk probleem. En een probleem op zo’n grote schaal heeft nood aan een structurele oplossing.

Voor ik naar de oplossing grijp, wil ik nog aanhalen hoe het komt dat het probleem de laatste jaren zo gegroeid is. Dat heeft 2 redenen. We hebben met z’n allen nooit zoveel gewerkt samen. Waar vroeger binnen het kostwinnersmodel enkel de man 48 uur uit werken ging, doen we dat nu met z’n twee, elk 38 uur. Het aandeel betaalde arbeid binnen een gezin is dus van 48 uur naar 76 uur gegaan, maar tegelijk liggen de zorgtaken voor het grootste deel nog steeds bij de vrouw.  Tijdsbestedingsonderzoek toont dat ook aan, dat de vrije tijd van vrouwen best relatief is, want dat zij nog een groot deel daarvan besteden aan huishoudelijke en zorgtaken.

Alleenstaande ouders

Een tweede reden is het toenemend aantal alleenstaande ouders. Zij kunnen de taken thuis niet verdelen en hebben ook niet zomaar toegang tot ‘individuele oplossingen’ zoals tijdskrediet of minder werken. Omdat ze het zich vaak financieel niet kunnen veroorloven.

Dringend tijd dus om aan de alarmbel te trekken.

Femma is op zoek gegaan naar een nieuw verhaal. Waarin de maatschappij verantwoordelijkheid opneemt voor haar burgers en waar het welzijn weer centraal komt te staan. Waar de toenemende ongelijkheid afneemt en waar ook oog is voor het klimaat.

En ook, een maatschappij waar de combinatie van betaalde en onbetaalde arbeid kwaliteitsvol kan verlopen. Want zorgen voor elkaar is nodig, maar we moeten er wel tijd en waardering voor krijgen.

En tijd maken, dat gaat nu eenmaal het gemakkelijkst door minder betaald te werken. En daarmee bedoelen we niet minder werken zoals dat nu gaat. Moeilijke discussies tussen partners wie zijn carrière (deels) opzegt, wie minder loon krijgt en wie zijn of haar pensioenrechten verkleint. 

Met minder tijd betaald werken bedoelen we een nieuwe maatschappelijke norm creëren.

Waar we expliciet tijd vrijmaken voor zorg- en huishoudelijke taken en we dus ook de waarde erkennen van onbetaald werk voor onze samenleving.

Waar we huishoudens (ook alleenstaanden) meer ademruimte geven om job en zorg te combineren. Waar we ook mannen de kans geven om meer huishoudelijke en zorgtaken op te nemen, omdat we ook de normen en opvattingen die hierover leven willen veranderen.

Waar we meer vrouwen de kans willen geven om voltijds te werken, omdat deze norm meer aansluit bij hun realiteit.

Waar we vrouwen meer promotiekansen aanbieden op de arbeidsmarkt, want wie minder dan de huidige voltijdse norm werkt, maakt gewoon minder kans op promotie, want minder betrokken en minder gemotiveerd.
Waar we de loonkloof en de pensioenkloof tussen mannen en vrouwen verkleinen.

Het minder werken, de 30 urige werkweek is niet de gouden oplossing voor alle combinatieproblemen. Ook anders werken, geboorteverloven, kwaliteitsvolle kinderopvang bieden hiertoe kansen.

Geboorteverloven moeten grondig herbekeken worden. Ook vaders hebben recht op tijd om te zorgen voor hun kinderen. En kinderen groeien het best op met een zorgvoorbeeld van mannen én vrouwen. Weg van het stereotiepe beeld waar we nu dagelijks opbotsen en waar gretig op ingespeeld wordt door speelgoedfabrikanten enzovoort.

 




take down
the paywall
steun ons nu!