about
Toon menu
Opinie

John Pilger: “Niet Donald Trump is het probleem, dat zijn we zelf”

Onafhankelijk journalist John Pilger ontrafelt de beate bewonderingscultus voor uittredend president Barack Obama tot zijn ware dimensie. Obama en de zogenaamd links-liberale elite achter hem hebben de verkiezing van Trump mee mogelijk gemaakt.
donderdag 19 januari 2017

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Op 20 januari 2017, de dag dat president Trump de eed aflegt, zullen duizenden schrijvers in de VS hun verontwaardiging neerschrijven. “Om te kunnen genezen en vooruit te gaan”, zo schrijft de organisatie Writers Resist, “wensen we het directe politieke debat te omzeilen, ten voordele van een geïnspireerde focus op de toekomst en zien hoe wij, als schrijvers, een verenigende kracht kunnen zijn voor de bescherming van de democratie.”

En: “Wij dringen er bij lokale organisatoren en sprekers op aan het gebruik van de namen van politici te vermijden en geen anti-taal te gebruiken als focus van de actie van Writers Resist. Het is belangrijk er voor te zorgen dat nonprofit organisaties, die geen politieke campagnes mogen voeren, zich gemakkelijk voelen om aan deze actie deel te nemen en ze te sponsoren.” 

Met andere woorden, echt protest moet vermeden worden, want dat is niet belastingvrij.

Echte kritiek

Vergelijk dergelijk gezever met de verklaringen van het Congress of American Writers dat in 1935 plaatshad in New York in Carnegie Hall en opnieuw twee jaar later. Dat waren levendige acties, waar schrijvers bediscussieerden hoe ze de vreselijke gebeurtenissen aanvoelden in Abessinië, China en Spanje1. Telegrammen van Thomas Mann, C. Day Lewis, Upton Sinclair en Albert Einstein2 werden luid voorgelezen. Daarin werd de angst weergegeven voor de grote overmacht die overal zo hard toesloeg dat het onmogelijk werd nog over kunst en literatuur te spreken zonder politiek te worden en over te gaan tot directe politieke actie.

Op het tweede Congress in 1937 sprak journaliste Martha Gellhorn de volgende woorden: “Een schrijver moet een man van actie zijn... een man die een jaar van zijn leven heeft gegeven om stakingen te gaan zien en voelen, of de problemen van de werklozen, of de problemen van raciale vooroordelen, heeft geen tijd verloren. Hij is een man die weet waar zijn plaats is. Als je dergelijke actie overleeft is wat je er over te vertellen hebt de noodzakelijke en echte waarheid. Dat blijft voor altijd zo.”

Haar woorden weergalmen over de mooipraterij en het geweld van het tijdperk van Obama en over de stilte van zij die meeheulden met deze misleidingen.

Dat de dreiging van deze niets ontziende macht - die al voor de opkomst van Trump aan het woeden is – wordt aanvaard door alom geprezen schrijvers met grote privileges en door zij die de sluisdeuren van de literaire kritiek en cultuur, ook populaire cultuur, bewaken, is niet eens onderwerp van discussie. Wat door hen ook niet wordt besproken is de feitelijke onmogelijkheid om te schrijven en literatuur te promoten zonder het over politiek te hebben. Ze hebben het ook niet over hun verantwoordelijkheid om hun mening te geven, wie er ook in het Witte Huis zit.

Geen echte dissidente meningen

Vandaag gaat het alleen maar over vals symbolisme. Identiteit verklaart alles. In 2016 stigmatiseerde Hillary Clinton miljoenen kiezers als “een mand vol betreurenswaardige racisten, sexisten, homofoben, islamofoben en wat nog meer”. Haar scheldpartij sprak ze uit tijdens een LGBT-bijeenkomst en was een onderdeel van haar cynische campagne om minderheden te overtuigen ten koste van een witte, meestal werkende, meerderheid. Verdeel en heers, heet dergelijke aanpak. Identiteitspolitiek waarin ras en geslacht de klassenstrijd verbergen en zo een klassenoorlog mogelijk maken. Trump had dat door.

Sovjet dissident dichter Yevtushenko3 zei ooit: “Als de waarheid wordt vervangen door stilte, dan is stilte een leugen.”

Dit is verre van een Amerikaans fenomeen. Enkele jaren terug zei Terry Eagleton, toen hij professor Engelse literatuur was aan de universiteit van Manchester: “Voor het eerst in twee eeuwen is er geen enkele eminente Britse dichter, theaterauteur of romanschrijver die de fundamenten van de westerse levenswijze in vraag stelt.”

Er is geen Shelley die spreekt voor de armen, geen Blake voor de utopische dromen, geen Byron veroordeelt de corruptie van de leidende klasse, geen Thomas Carlyle en John Ruskin ontmaskert de morele ramp van het kapitalisme. William Morris, Oscar Wilde, HG Wells, George Bernard Shaw hebben hun gelijken niet. Harold Pinter was de laatste om zijn stem te verheffen4. Tussen alle indringende stemmen over consumptie-feminisme is er geen die kan tippen aan Virginia Woolf, die de kunst beschreef “om andere mensen te domineren, om te beslissen, om te doden voor het veroveren van land en kapitaal”

Beate adoratie vervangt kritische analyse

Er hangt iets venijnig en vooral oerdom over al die bekende schrijvers die even op stap gaan buiten hun vertrouwd wereldje en het over een 'zaak' hebben. Op de sectie Review van de krant Guardian van 10 december 2016 stond een dromerige foto van Barack Obama die naar de hemel opkeek met eronder de woorden “Amazing Grace” en “Farewell to the Chief”.

Onderdanige hofmakerij liep als vervuilde blubber in een moeras van pagina tot pagina: “Hij was op vele manieren een kwetsbaar figuur... maar die gratie, die alomvattende gratie in stijl en vorm, in argument en intellect, met humor en 'cool'... Hij is een laaiend tribuut aan wat is geweest en wat terug kan zijn... HIJ ziet er klaar uit om verder te strijden en blijft een fameuze kampioen om aan je zijde te hebben... Die gratie... die bijna surreële gratie...”

Ik heb die quotes wat samengedrukt. Er staan nog andere in de Guardian, die nog meer hagiografisch zijn, ontdaan van enige nuancering. De voornaamste apologeet voor Obama in de Guardian is Gary Younge. Die was wel altijd zo voorzichtig om enige nuance aan te brengen, om bijvoorbeeld te zeggen dat zijn held “zoveel meer had kunnen doen”, maar daar waren toch ook de “kalme, weloverwogen en consensuele oplossingen.”

Extremistische erecultus

Geen van die apologeten raakt echter aan Amerikaans auteur Ta-Nehisi Coates, de ontvanger van een beurs van 625.000 dollar van een liberale stichting. In het oneindige essay My President Was Black voor het tijdschrift The Atlantic geeft Coates een nieuwe betekenis aan beate bewondering. Het laatste hoofdstuk van zijn essay is getiteld When You Left, You Took All Me With You ('toen je wegging, nam je mijn hele ik met je mee'), naar een zin in de song Distant Lover van Marvin Gaye. Coates beschrijft de Obamas daarin als “oprijzend uit hun limousine, oprijzend uit de angst, lachend, wuivend, de wanhoop uitdagend, de geschiedenis uitdagend, de zwaartekracht uitdagend”. Niet minder dan een Hemelvaart.

Barack Obama, 44ste president van de VS (whitehouse.gov)

Een van de koppig aanhoudende karakteristieken van het Amerikaanse politieke leven is een extremistische cult die aan fascisme grenst. Dat uitte zich duidelijk en werd nog bekrachtigd tijdens de twee termijnen van Barack Obama. “Ik geloof in Amerikaans exceptionalisme met elke vezel van mijn wezen”, zei Obama ooit, terwijl hij het uitgebreid had over het favoriete Amerikaanse militaire tijdverdrijf, bombarderen en doodseskaders (“special operations”) zoals geen andere president voor hem heeft gedaan sinds de Koude Oorlog. 

De rauwe realiteit van de cijfers

Volgens een overzicht van de Amerikaanse denktank Council on Foreign Relations heeft Obama alleen al in 2016 26171 bommen gedropt, dat zijn er 72 per dag. Hij bombardeerde de armste mensen op aarde, in Afghanistan, in Libië, Jemen Somalië, Syrië, Irak en Pakistan.

Elke dinsdag – zo bericht de New York Times – selecteerde hij persoonlijk de personen die zouden worden vermoord door het hellevuur van raketten, afgeschoten door drones. Huwelijksfeesten, begrafenissen, herders met hun kudde en zij die de lichaamsdelen probeerden te verzamelen waren 'terroristische doelwitten'. Lindsay Graham, een van de leidinggevende Republikeinse senatoren, schatte goedkeurend dat de drones van Obama ongeveer 4700 mensen hebben gedood. “Soms tref je wel eens onschuldige mensen en dat haat ik”, zei hij daar over, “maar we hebben toch een aantal hoge leden van Al Qaida geraakt.”

Net als tijdens het fascisme van de jaren 1930 worden de grote leugens afgeleverd met de precisie van een metronoom: met dank aan de alom tegenwoordige media, die heel goed passen in de omschrijving van de rechters in Nurnberg6: “Voor elke grote agressie, met enkele uitzonderingen wegens omstandigheden, startten ze een mediacampagne, die er op gericht was de slachtoffers te verzwakken en het Duitse volk psychologisch voor te bereiden... In dat propagandasysteem waren de dagpers en de radio de machtigste wapens.”

"Een dreigende genocide"

Neem de ramp van Libië. In 2011 zei Obama dat Libisch leider Moeammar Khaddafi een 'genocide' tegen zijn bevolking aan het plannen was. “We wisten dat, als we ook maar één dag langer wachten, Benghazi, een stad zo groot als Charlotte7, een slachting zou ondergaan die in heel de regio zou weergalmd hebben en het geweten van de wereld zou hebben besmeurd.”

Dit was de bekende leugen over de extremistische islamitische milities die op het punt stonden in Benghazi en omstreken te worden verslagen door het Libische leger. Dat werd het mediaverhaal. De NAVO lanceerde onder leiding van president Obama en (toen minister van buitenlandse zaken) Hillary Clinton 9700 luchtaanvallen tegen Libië. Een derde daarvan raakte zuiver burgerlijke doelwitten. Daarbij werden bommen met verrijkt uranium gebruikt. De steden Misurata en Sirte werden volledig platgebombardeerd. Het Rode Kruis identificeerde lichamen in massagraven, het VN-fonds voor kinderen UNICEF berichtte dat “de meeste gedode kinderen jonger dan tien jaar waren”.

Amerikaanse basissen in Afrika in 2015 (mintpressnews.com)

Onder Obama werd de inzet van uitgebreide geheime “special forces” (in feite dus doodseskaders) uitgebreid tot 138 landen, of 70 procent van de wereldbevolking. De allereerste Afrikaans-Amerikaanse president lanceerde wat neerkwam op een grootschalige invasie van Afrika. Met de Scramble for Africa8 van de late 19de eeuw in het achterhoofd bouwde Africom, het Amerikaanse militaire opperbevel in Afrika, een netwerk uit van collaborateurs in Afrikaanse regimes, in ruil voor geld en wapens. De militaire doctrine van Africom is 'soldier to soldier', van soldaat tot soldaat. Amerikaanse officieren zijn op die manier op elke bevelniveau geïntegreerd in de Afrikaanse legers, van topgeneraals tot laagste officieren. Alleen de punthelmen (van de 19de eeuw) ontbreken nog. 

Een nieuwe klasse van  kolonialen

Het is alsof de fiere bevrijdingsgeschiedenis van Afrika van Patrice Lumumba tot Nelson Mandela in de vergeetput wordt gedumpt door een nieuwe meesterklasse van zwarte kolonialen. Frantz Fanon9 waarschuwde reeds in 1961 dat het de 'historische missie' is van deze elite om 'niets ontziend maar goed verborgen kapitalisme' te verspreiden.

Het was Obama zelf die in 2011 zijn 'keerpunt naar China' aankondigde, waarmee bijna twee derden van de volledige Amerikaanse zeemacht werd verplaatst naar de Stille Oceaan. Daar moet de vloot 'China confronteren' in de woorden van zijn minister van defensie. Er kwam geen enkele dreiging van China. De hele onderneming was onnodig. Het was een extreme provocatie om het ministerie van defensie en zijn krankzinnige leiders blij te houden.

In 2014 overzag en betaalde de regering van Obama een door fascisten opgestookte staatsgreep in Oekraïne tegen een democratisch verkozen regering. Daarbij bedreigde zij Rusland in het westelijke grensland dat ooit door Hitler werd ingenomen, met 27 miljoen doden tot gevolg. Het was ook Obama die aanvalsraketten, gericht op Rusland, installeerde. Het was ook deze winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede die de uitgaven voor kernwapens uitbreidde tot een niveau hoger dan onder alle vorige presidenten sinds de Koude Oorlog – dat nadat hij tijdens een emotionele toespraak in Praag had beloofd “de wereld te verlossen van kernwapens”.

Vervolger van klokkenluiders

Grondwetspecialist van opleiding Obama vervolgde meer klokkenluiders dan eender welke president in de Amerikaanse geschiedenis, ook al worden zij door de Amerikaanse grondwet beschermd. Hij verklaarde Chelsea Manning schuldig nog voor het einde van haar proces, een proces dat een ware travestie was. Hij heeft geweigerd Manning een presidentieel pardon te geven10 voor al de jaren die zij een onmenselijke mishandeling onderging, die door de VN als foltering werd gedefinieerd. Hij heeft een compleet valse zaak in elkaar gestoken tegen Julian Assange. Hij beloofde ooit Guantánamo te sluiten, wat hij evenmin heeft gedaan.

Na de pr-ramp genaamd George W.Bush, werd Obama, de gladde operator van Chicago en Harvard, aangeduid om het Amerikaans 'leiderschap' – zoals hij dat zelf zegt – over de wereld te herstellen. De beslissing van het Comité voor de Nobelprijs was daar deels op gebaseerd. Dit weeë averechte racisme leidde tot de heiligverklaring van deze man, enkel en alleen omdat hij aantrekkelijk leek voor alle liberale gevoeligheden en – uiteraard – voor de Amerikaanse macht, net als zijn bereidheid om kinderen te doden, voornamelijk in arme, meestal moslimlanden.

Zeldzame onafhankelijke denkers

Dat is de echte aantrekkingskracht van Obama. Het lijkt een beetje op een hondenfluitje: de meesten horen het niet, het is onweerstaanbaar voor de lichthoofdigen en minder snuggeren, vooral voor de “liberale breinen die gepekeld zijn in de formaldehyde van identiteitspolitiek”, zoals Luciana Bohne11 dat beschreef. Acteur George Clooney kreeg dit over zijn lippen: “Als Obama een kamer binnenstapt wil je hem ergens naartoe volgen, eender waar.”

William I. Robinson is professor aan de University of California en één van een nog onbesmette groep van Amerikaanse strategische denkers die hun onafhankelijkheid hebben behouden in al de jaren intellectueel hondengefluit sinds 9/11. Hij schreef een week geleden:

“President Barack Obama heeft waarschijnlijk meer gedaan dan eender wie om de overwinning van Donald Trump te verzekeren. De verkiezing van Trump heeft zonder twijfel een pijlsnelle uitbreiding van fascistische tendenzen in de Amerikaanse maatschappij in gang gezet, maar een fascistisch resultaat van dit politiek systeem was helemaal niet onvermijdbaar... die tegenstrijd vergt echter klaarheid over de redenen waarom we nu aan de rand van zo een gevaarlijke afgrond staan. Het zaad van dit fascisme van de 21ste eeuw werd geplant, bemest en bewaterd door de regering van Obama en door de politiek bankroete liberale elite rondom hem.”

Kaarsrecht van Obama naar Trump

Robinson wijst ook op andere zaken: “Of het nu fascisme van de 20ste eeuw is of de rijzende varianten van de 21ste eeuw, fascisme is bovenal een antwoord op een diepe structurele crisis van het kapitalisme, zoals die van de jaren 1930 en die van de financiële ineenstorting vanaf 2008... Er is een bijna kaarsrechte lijn van Obama naar Trump..."

"De weigering van de liberale elite om de vraatzucht van het internationaal kapitalisme aan te pakken - en van zijn identiteitspolitiek – heeft de taal van de werkende en de gewone klassen volledig in de verdrukking geduwd... heeft witte werkende mensen naar een 'identiteit' van wit nationalisme gedreven en heeft neofascisten geholpen om hen daarbij te organiseren.”

Deze zaaigrond is Obama's Weimar Republiek12, een landschap van extreme armoede, gemilitariseerde politie en barbaarse gevangenissen, allen het gevolg van het extremisme van de 'markt'. Die heeft onder zijn presidentschap geleid tot de transfer van 14.000 miljard dollar belastinggeld naar de criminele ondernemingen van Wall Street.

Zijn grootste 'erfenis' is misschien wel de co-optatie en desoriëntering van elke echte oppositie. De neprevolutie van Bernie Sanders werkt niet. Propaganda is zijn triomf.

Kritische pers, de uitzondering op de regel

De leugens over Rusland – een land waar de VS openlijk tussenbeide komt bij de verkiezingen – heeft van de meest zelfverheerlijkende journalisten ter wereld belachelijke karikaturen gemaakt. In het land met volgens de letter van de grondwet de meest vrije pers ter wereld is vrije journalistiek nu een zaak van enkele eerbare uitzonderingen.

De obsessie over Trump is een dekmantel voor zij die zichzelf graag zien als 'links/liberaal', om zichzelf zo een schijn van politieke waardigheid toe te kennen. Ze zijn niet 'links' en al helemaal niet 'liberaal'. De meeste Amerikaanse agressie tegenover de rest van de mensheid is historisch altijd gekomen van deze zogenaamde links-liberale Democratische regeringen – zoals die van Obama.

Het deftige Amerikaanse politieke spectrum strekt zich uit van het mythische centrum tot krankzinnig rechts. Echte linksen zijn thuisloze opstandelingen die door Martha Gellhorn13 omschreven werden als “een zeldzaam en zeer bewonderenswaardig broederschap”. Daar hoorden volgens haar niet die personen bij die politiek verwarren met het staren naar de eigen navel.

John Pilger (asff.co.uk)

Zullen de campagneleiders van Writers Resist en andere anti-Trumpisten hier over nadenken, terwijl ze 'genezing' zoeken en 'voorwaarts marcheren'? Meer terzake: wanneer zal een oprechte oppositiebeweging opstaan? Boos, welsprekend, allen-voor-iedereen-en-één-voor-allen.

 Tot de echte politiek terugkeert naar het leven van de mensen is de vijand niet Trump maar wijzelf.

Het artikel van John Pilger This week the issue is not Trump, it is ourselves verscheen op 17 januari 2017 en werd vertaald door Lode Vanoost. Overname van deze vertaling kan voor niet-commerciële doeleinden mits weblink naar het origineel en naar deze vertaling.

Voetnoten van de redactie:

1   Abessinië is het historische keizerrijk dat nu Ethiopië heet. In China woedde toen een burgeroorlog, aangewakkerd door het Britse en Franse leger. In Spanje woedde eveneens een burgeroorlog.

2   Thomas Mann (1875-1955), Nobelprijs Literatuur 1929, wordt beschouwd als de grootste Duitse schrijver van de 20ste eeuw. C. Day Lewis (1904-1975), Iers dichter. Upton Sinclair (1878-1968), Amerikaans journalist/schrijver van talrijke historische romans over arbeidersstrijd, meest bekend is The Jungle, over de wantoestanden in de slachthuizen van Chicago. Albert Einstein (1879-1955), Joods Duits fysicus, Nobelprijs Fysica 1921, keerde na wat als een kort bezoek bedoeld was in de VS in 1933 nooit meer terug naar Duitsland.

3   Yevgeny Yevtushenko (1933) is Russisch dichter. In de Sovjet-Unie was hij openlijk criticus van het Sovjetsysteem en werd hij in het Westen gelauwerd, onder meer door een ontmoeting met president Nixon. Na de val van de Sovjet-Unie bleef hij kritisch voor het Russische regime, maar omdat hij even kritisch staat tegenover het westere kapitalisme geniet hij niet langer een heldenstatus in het westen.

4   Harold Pinter (1930-2008), Brits theaterauteur, scenarist, regisseur en acteur, bij de aanvaarding van zijn Nobelpijs Literatuur 2005 gaf hij een vlammende speech 'Art, Truth and Politics' tegen de Britse deelname aan de bezetting van Irak.

5   “Amazing Grace” (bewonderenswaardige gratie) is een traditioneel Engels volkslied.

6   De internationale rechtbank in Nuremberg die de Duitse verantwoordelijken voor oorlogsmisdaden berechtte.

7   Charlotte, North Carolina, heeft 800.000 inwoners.

8   De zogenaamde 'Stormloop voor Afrika' had plaats tussen ongeveer 1870 en het begin van de Eerste Wereldoorlog. In 1870 was slechts tien procent van de oppervlakte van Afrika in koloniale handen. In 1884 deelden de koloniale mogendheden Groot-Brittannië, Frankrijk, Spanje, Portugal, Duitsland en België Afrika op in invloedssferen, wat tegen 1914 leidde tot effectieve inname van het hele continent op Ethiopië, Somalië en Liberia na.

9   Frantz Fanon (1925-1961) was een in de Franse kolonie Martinique geboren psychiater, filosoof en revolutionair denker. Meest bekend is zijn boek De verdoemden der aarde (1961). Hoewel hij slechts 36 jaar werd, wordt hij algemeen aanzien als de meest invloedrijke denker over het kolonialisme en zijn impact op Afrika.

10   John Pilger publiceerde deze opinie op 17 januari 2017. Later op dezelfde dag werd bekend dat Obama alsnog Manning zal vrijlaten.

11   Luciana Bohne is professor aan de Edinboro University in Pennsylvania.

12   De Weimar-republiek is de periode tussen 1919 en 1933 waarbij de nieuwe republiek die het Duitse keizerrijk na de oorlog opvolgde en bijzonder chaotisch ten onder ging aan zijn eigen interne contradicties en de weg vrij maakte voor het nazisme van Hitler.

13   Martha Gellhorn (1908-1988) was Amerikaans romanschrijver, journalist en oorlogscorrespondent tijdens de Spaanse Burgeroorlog, de Tweede Wereldoorlog, de Koreaanse oorlog, de oorlog in Vietnam, het conflict in Palestina tot en met de burgeroorlogen in Centraal-Amerika.

reageer

Eén reactie

  • door Sane Progressive op woensdag 25 januari 2017

    Dit is een uitstekend artikel.

    Jammer dat dit soort journalistiek niet tot in de 'reguliere' media geraakt.

    Of is dat misschien de bedoeling?

Lees alle reacties