about
Toon menu
Boekrecensie

De echte vraag is "welke robotisering?"

Voormalig hoofd van de ACV-studiedienst Gilbert De Swert schreef 'De mens, de robot, de arbeid'. Digitalisering verandert de arbeidsmarkt. Oude zekerheden als vast werk en vast loon verdwijnen. Klopt, schrijft De Swert, maar rustig blijven is de boodschap. Het is allemaal al eens eerder voorspeld. Een en ander hoeft niet onvermijdelijk te zijn.
vrijdag 6 mei 2016

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Het leven zoals we dat kenden na de Tweede Wereldoorlog met zijn sociale verworvenheden en sociale welvaart is grondig aan het veranderen. Ook 'werk' en 'werken' veranderen. De digitalisering en robotisering rukken steeds verder op. Er zijn al robots die robots ontwerpen. Hoe gaan wij daar mee om? Wat biedt de toekomst?

In achttien hoofdstukjes biedt De Swert zijn eigen inzichten over deze problematiek aan. Je kan die hoofdstukken ook afzonderlijk lezen, maar ze sluiten ook netjes bij elkaar aan tot een geheel. Er zitten heel wat details en bemerkingen in. Soms voorspelbaar, soms verrassend. De lezer stuit soms op zijn eigen vooroordelen over robotisering.

Rustig blijven is de boodschap van De Swert. In de jaren 1980 was er al de Derde Industriële Revolutie Vlaanderen (DIRV) en Flanders Technology. 25 jaar later zijn er nog altijd veel meer mensen met vaste banen en hebben ongeveer 4,6 miljoen mannen en vrouwen werk.

Al die gerobotiseerde technologie vernielt wel banen – jobs – bevestigt de auteur. Het vernietigt echter geen arbeid. Wat hij bedoelt is dat de arbeidsmarkt gewoon nieuwe vormen van werk vindt die ervoor niet bestonden. In 2016 hebben 8 op de 10 mensen met werk nog steeds een klassiek vast contract, 1 op de 10 is zelfstandig en 1 op de 10 doet een beetje van alles.

Ooit was er de Eerste Industriële Revolutie met de uitvinding van de stoommachines en de elektriciteit, dat zijn meest geniale toepassing vond in een ding dat we vandaag nog steeds gebruiken: de trein. Daarna kwam de Tweede Industriële Revolutie die de lopende band en andere efficiënte fabricagemethodes introduceerde.

Die 'revoluties' volgen elkaar wel steeds sneller op. De vraag waarop dit boek een antwoord zoekt, is waar deze Vierde Industriële Revolutie naar toe gaat. “De gangbare theorie”, aldus De Swert (tijdens een lezing voor de LBC, de bediendenbond van de ACV op 25 april in Gent), ”is dat er op korte termijn veel banen zullen verloren gaan en dat er met vertraging op langere termijn nieuwe banen gaan ontstaan.” Klopt dat nog?

De Swert ziet het gevaar voor banenverlies vooral bij wat hij de 'middenbanen' noemt: de secretariaten, boekhouding, archieven, administratie, maar ook beroepen als advocaten en dokters komen onder druk van de verder doorgaande robotisering. “Wat wel blijft zijn de boven- en de onderlaag; Bovenaan blijven de duurbetaalde managers en beheerders, die de beslissingen nemen. Onderaan blijven de uitvoerende laaggeschoolde banen ook bestaan. Ze nemen zelfs toe. Bewaking, veiligheid, kuisploegen zijn moeilijker te robotiseren en bovendien zijn ze nog altijd spotgoedkoop dankzij lage lonen voor ongeschoolde arbeid.

Kortom, de werkomgeving zoals die na de Tweede Wereldoorlog is ontstaan met zijn sociale 'zekerheid', is niet zo zeker meer. Er komen zeker nieuwe vormen van arbeid. Of die altijd gaan opbrengen, is maar de vraag. Heel weinig vernieuwende starters overleven de strijd. Grote bedrijven liggen op de loer om ze snel over te kopen, zodra het potentieel duidelijk wordt.

Meer en meer mensen worden in de 'deeleconomie' tegelijk consument en leverancier. Facebook verkoopt commerciële informatie over het consumptiegedrag van zijn gebruikers, maar het zijn die gebruikers die zelf voor het leveren van informatie zorgen (en daar niet voor worden betaald).

Heel wat van die nieuwe activiteiten wordt niet meer klassiek fiscaal en sociaal belast. Het wordt met andere woorden economische activiteit waar de overheid en het algemeen belang niets aan overhoudt.

De Swert heeft een aantal voorstellen. De scholing van de jongeren moet aangepast worden. Nu worden ze klaargestoomd voor de markt zoals ze nu is. Tegen dat ze afstuderen, is die kennis al achterhaald. Er moet meer worden ingezet op innovatief denken op school. Er moet ook meer bijscholing en omscholing komen tijdens het werk. En vooral, concurrentie en winststreven dat enkel en alleen is gebaseerd op het drukken van de arbeidskosten, moet ontmoedigd worden.

“De overheid kan perfect vastleggen wat de prijs van arbeid is en de bedrijven dan met andere factoren laten concurreren. Er moet serieus werk worden gemaakt van de bescherming van nepzelfstandigen, van alle freelancers met onzekere tussenstatuten.”

De Swert meent ook dat de arbeidsschepping door de overheid zelf wel degelijk nog steeds een belangrijke rol speelt. Als laatste bemerking: “Is minder werken echt erg?” Hij wijst op de absurditeit dat meer en meer mensen veel langer werken dan hun officiële 38 uren en dat tegelijkertijd meer en meer mensen helemaal geen werk hebben. “In werkelijkheid werken de mensen met een 38-urencontract gemiddeld 41,5 uren per week, zonder dat ze daar extra voor worden betaald.”

Een en ander is zeer actueel nu de federale regering onder impuls van minister van economie Kris Peeters (CD&V) onder meer de 38-urenweek wil afschaffen, een van de grootste verwezenlijkingen van de sociale strijd van de vorige eeuw. Peeters stelt dat voor als een vernieuwingsoperatie, een aanpassing aan de veranderende wereld van het betaald werk.

Wordt het een sociale ramp? Zou kunnen, als we niet reageren. In feite zijn robots een neutraal gegeven, vindt De Swert. De vraag is niet 'robotisering of geen robotisering', de vraag is 'wat voor robotisering en onder welke voorwaarden'.

Gilbert De Swert. De mens, de robot, de arbeid. EPO, Antwerpen, 2016, 226 pp. ISBN 978 94 6267 070 9

reacties

5 reacties

  • door Jan Willems op vrijdag 6 mei 2016

    Van WIE is die robot? Dàt is de echte vraag! Het antwoord bepaalt de verhoudingen bij de inzet ervan. Plus het besteden en de verdeling van de opbrengsten van de goederen die worden geproduceerd! Overigens is dit boek ten zeerste aanbevolen.

  • door spacemonkey op zaterdag 7 mei 2016

    Kijk al vanaf dat het vliegend schietspoel ging het steeds verder de kant automatiseren op. Toen hadden de (slimme) mensen daar best meteen arbeid/inkomen en het nodeloos verwekken van kinderen moeten aan vastkoppelen. Dat is steeds zo verder blijven gaan, en recentelijk ICT en ook robots erbij.

    De productiviteit rijst uit de pan en steeds meer mensen mogen aan de zijlijn staan kijken. Want voor velen gaat inkomen uit arbeid (een droom blijven)..

    De mens wordt (exponentieel) steeds meer overbodig in het productieproces. De mens had beter zijn globaal gedrag daarop afgestemd, want dit is een fenomeen dat van blijvende aard is. De geïndustrialiseerde wereld loopt voorop. De rest is en kwestie van tijd.

    De grote vraag blijft *wat nu ?*. Teveel mensen op de planeet zonder werk of het vooruitzicht daar op. Zij die de winsten van vervallen jobs opstrijken (aandeelhouders etc) hoor je zeker niet klagen. Het hier reeds aangehaalde fabeltje v/e basisinkomen is de belachelijkheid zelve. Immers voor wat hoort wat en dat is een basis natuurlijk gerelateerd principe.

    Geen enkele leeuw gaat jagen voor de lol. Niemand is te motiveren zonder dat er iets tov een bepaalde prestatie staat. Dat is voor kinderen op school zo, en voor mensen in het algemeen. De meesten zijn niet eens (H) eerlijk met zichzelf. Hun stomme gedragingen en de gevomgen ervan brachten ons op dit keerpunt.

    Het blijven doorkweken van de mensapen van 3,5 naar meer dan 7 miljard op 40 jaar, ongeacht van de veranderingen rondom, is het echte pijnpunt. Al die kindertjes (consumeren) en het was dus de motor v/h kapitalisme.Nu bostsen we tegen de onoverkomelijke eco-limieten van dit systeem aan Mensen zijn en blijven relatief domme dieren. Misschien toch beter met die robots af? Spacemonkey

  • door Maurice de Liberaal op zondag 8 mei 2016

    In de jaren 60 en 70 waren linkse mensen vooruitstrevend en innovatief. Nu volgen linkse denkers conservatieve denkbeelden en zijn ze bang voor vernieuwing. De "vroeger was het beter" stelling komt vaak terug in publicaties op DWM. Wat is er gebeurd met hun? Heeft het misschien te maken met de gemiddelde leeftijd van de linkse publicist?

    • door landoalda op dinsdag 10 mei 2016

      Niet met de leeftijd, het heeft te maken met de opdrachtgevers : links, politiek links van mei 68 (toen wij daar ook waren, in de mening dat links een betere wereld zou creëren) is niet meer de grote beschermer en de spreekbuis van de werkende klasse (hand- en intellectueel werk), maar wel van een veel interessanter kiespubliek ; van de mensen zonder werk en met een partijkaart, van de mensen die aan een of ander staatsorgaan werken, en die alles wilen behouden zoals het nu nog steeds is : geen vergelijkende examens, wel een partijkaart, en een overschot aan sommige werkkrachten (de hogere echelons ???) , een zware financiële aderlating voor dit land waar je bij je geboorte reeds een schuld hebt die je NOOIT zal kunnen oplossen.

      Dit moet natuurlijk anders kunnen, terug naar de mentaliteit der soixante huitards ? Terug naar de politiek van China en deels India : minder geboortes. Dan mogen computers het werk doen, als er minder werkloze mensen zijn ; het probleem is wereldwijd (zoals hier in de 19de eeuw) en het zou kunnen opgelost worden, maar dat zal het niet want producerende multinationals (gif op het land, gemanipuleerd voedsel, plastieken speelgoed allerlei (voor volwassenen bedoel ik) allemaal door die multis geprouceerd (produktie voor de produktie en dus mensen manipuleren om totaal overbodige en schadelijke zaken te kopen in plaats van productie voor het verbruik. Ik zou willen een ongeluksprofeet zijn maar helaas is dat niet zo, de werkelijkheid is nog heel wat erger ; men dringt door tot in onze hersenen via fijn uitgekiende technieken, apparaten, nieuwsprogrammas met reclameboodschappen die ons aanzetten tot koopgedrag terwijl we zullen zweren dat het niet zo is ...). Is er wel nog te ontkomen aan een complete vernietiging van onze moederplaneet ?

  • door Bernard Decock op zondag 8 mei 2016

    Het begrip "robotisering" vind ik (als ingenieur) een verkeerde term. Het gaat hem hier om de mechanisering en de automatisering van de menselijke arbeid. Het gebruik van het begrip "robotisering" is stemmingmakerij omdat het een vrij herkenbaar beeld schept van een menselijk wezen dat door een mechanisch schepsel vervangen wordt. De las-robot in de werkplaats is niet anders dan een las-automaat. De las-automaat is het resultaat van het mechaniseren en het automatiseren van het productie-proces. De opkomst van de digitalisering heeft de mechanisering versneld (zelfs die van de kantoor-arbeid). Het begrip "robot" wordt niet gebruikt in bvb. landbouw, chemische industrie, kantoor-arbeid, alhoewel de mechanisering van de menselijke arbeid daar ook een substantieel impact heeft op de tewerkstelling. Niet minder dan dan de oude Marx had dat al voorspeld (door de optimalisatie van het productieproces ging de arbeider meer "vrije" tijd gaan krijgen. De vraag "welke robotisering" dient dan herschreven te worden als "welke mechanisering? welke automatisering? welke digitalisering?". Een bijkomend aspect is na te gaan welke bedrijven dergelijke technologie in handen hebben hebben er er hun bijna exclusief werkterrein van gemaakt hebben. De mens en de samenleving die schatplichtig gemaakt werd aan een klein aantal exclusieve multinationale ondernemingen.

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties