about
Toon menu
Reportage

Honduras sinds staatsgreep 2009 ten prooi aan extreem geweld

Sinds de door de VS gesteunde staatsgreep van 2009 voert het Hondurese regime een zeer repressief beleid tegen alle vormen van sociale onrust. De toegenomen armoede is een uitbreidende bron van criminaliteit. Dat vertaalt zich in zeer hoge misdaadcijfers. De stad San Pedro Sula, industriële motor van het land, heeft een van de hoogste moordcijfers ter wereld.
maandag 4 april 2016

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

In het hoogste deel van de stad San Pedro Sula wonen de rijkste mensen van het land, eigenaars van banken, televisiezenders, voetbalploegen en kledingmerken. Vanuit hun ommuurde paleisjes met privé-bewakers kijken ze uit over de rest van de stad, die gelegen is in een vallei van bijna 800 vierkante kilometer. “Voor hen bestaat San Pedro Sula niet”, zegt een vrijwilliger van Radio Progreso, de radiozender van het gelijknamige stadsdeel.

Alledaags geweld

In Latijns-Amerika woont 8 procent van de wereldbevolking, maar het continent is goed voor een derde van alle moorden ter wereld. Centraal-Amerika, vooral Honduras, spant de kroon. Met 111 moorden per 100.000 inwoners – San Pedro Sula telt net geen 800.000 inwoners – heeft de stad een van de hoogste moordcijfers ter wereld.

De industrie in en rond San Pedro Sula is goed voor bijna twee derde van het bruto binnenlands product van Honduras. De meeste inwoners in de vallei leven er echter in bittere armoede. Ze zijn van het platteland hiernaartoe gekomen na de verwoestende passage van orkaan Mitch in 1998, of ze zijn gedeporteerd uit de Verenigde Staten. De enige kans op een zeer slecht betaalde baan vinden de armen in de fabrieken die door de rijke elite van het land met grote winsten worden beheerd ten bate van buitenlandse bedrijven.

De Hondurese overheid investeert zo goed als niet in de capaciteit om exacte bevolkingscijfers te berekenen. In Chamelecón en Rivera Hernández, twee van de dichtst bevolkte wijken van de stad San Pedro Sula, is al tien jaar geen volkstelling meer gebeurd.

"Verlaat onmiddellijk uw huis"

Door de bittere armoede en de onwil van de overheid om te investeren in sociale vooruitgang en openbare veiligheid in de arme stadswijken, zijn georganiseerde misdaadbendes heer en meester in grote delen van de stad. Ze leven vooral van drugshandel, die voor de meeste armen het enige beschikbare alternatief is voor werk in de lageloonfabrieken.

San Pedro Sula is voor de internationale drugshandel interessant door zijn strategische ligging, op 100 kilometer van de grens met Guatemala en op 50 kilometer van Puerto Cortés, de belangrijkste haven van de Caraïben. Er zijn ook goede verbindingen met de hoofdstad Tegucigalpa en met La Ceiba, de derde stad van het land. Ook alle migranten die vanuit Latijns-Amerika naar de Verenigde Staten trekken, passeren langs San Pedro Sula.

Sinds eind maart 2016 circuleert op de lokale sociale media een foto van een gedrukte kaart die bepaalde inwoners van de stadswijk Reparto Lempira hebben ontvangen. “Bende 18 geeft u 24 uur de tijd om op te hoepelen uit deze zone anders vallen er doden … We geven u 24 uur om te verhuizen, bel niet naar de politie, dien geen klacht in, of u zal het zich beklagen.” De ontvangers van de kaart gingen ervandoor. In een stad met zo’n hoog moordcijfer neemt iedereen dergelijke bedreigingen ernstig.

Karavaan voor de vrede

Marta, een verpleegster in het ziekenhuis Rivas, wijt het brutale geweld aan een combinatie van factoren: industrialisering, lage lonen, geen uitzicht op een beter leven, een enorme concentratie van mensen in de wijken aan de rand en misdaad als enig beschikbaar voorbeeld van autoriteit voor jongeren. Bovendien mag elke Hondurees tot vijf vuurwapens bezitten. Ondertussen heeft het ziekenhuis waar ze werkt, amper middelen. “Wie zich hier wil laten opereren, moet zelf zijn anesthesie meebrengen, en zelfs verband – stel je voor”, zegt Marta boos.

Families van slachtoffers, burgerorganisaties en sociale bewegingen proberen het debat over het geweld op gang te brengen met de Caravana por la Paz, la Vida y la Justicia (Karavaan voor de Vrede, het Leven en de Rechtvaardigheid). Ze vragen op de eerste plaats aan de overheid om een einde te maken aan de militaire oorlog tegen drugs, omdat die volgens hen aan de basis ligt van de hoge geweldcijfers in Centraal-Amerika en Mexico.

Deze karavaan startte op 28 maart in de Hondurese hoofdstad Tegucigalpa en trekt door El Salvador en Guatemala richting Mexico. Ze eindigt op 19 april in New York, waar op die datum de Algemene Vergadering van de VN een bijzondere zitting over drugsbeleid zal houden.

Berta Cáceres

Berta Cáceres, een van de grote bezielers van deze karavaan voor de vrede, werd op 3 maart 2016 vermoord door doodseskaders, die zich voor hun diensten laten betalen door de rijke elite van het land.

De staatsgreep van 2009 zette verkozen preisdent Manuel Zelaya af. Toenmalig minister van buitenlandse zaken Hillary Clinton besliste immers de afzetting van verkozen president Manuel Zelaya niet als een staatsgreep te erkennen, ook al had de Amerikaanse ambassade in Honduras dat wel gedaan in haar toenmalig rapport aan de minister.

Clinton spande zich vervolgens in om het nieuwe regime zo snel mogelijk te erkennen. Alle programma's voor sociale emancipatie van de afgezette regering werden onmiddellijk stopgezet. Sindsdien is Honduras een van de gevaarlijkste plaatsen ter wereld voor journalisten, vakbondsmensen, verdedigers van de mensenrechten en politici van de oppositie.

Bron: La caravana antiguerra comienza a andar en Honduras 

reacties

2 reacties

  • door Jean Van den Bosch op dinsdag 5 april 2016

    Zeer leuke mensen in Honduras, ben er 35 jaar geleden geweest in Puerto Cortes EN Puerto Maltez. Puerto Cortes kan je beter niet gaan zwemmen, daar zwemmen haaien van 5 meter rond (dus?). Hetzelfde voor Puerto Maltez. De enigste weg naar naar Puerto Cortez, was een 2-baansvak, waar halverwege één (1) verkeersdrempel inzat, het waarom moet je niet aan mij vragen. Ik heb, toen, in heel Honduras nooit één politieagent tegengekomen trouwens, was "toen" ook niet nodig trouwens.

    Hetgeen je nu aanhaalt is typisch iets van de drugsmaffia. En het gebrek van (aan) de politiediensten, die nu waarschijnlijk,omgekocht worden. Dit ten koste van de eigen bevolking, maar dat is maar bijzaak (?).

    Heel spijtig voor de Hondurese bevolking, die er nog een staatsgreep bovenop kregen. Waren vroeger te samen met Costa Rica zowat de enigste Centraal-Amerikaanse landen waar het nog deftig was om te leven.

    • door Luk Durnez op dinsdag 12 april 2016

      In 1986 reisde ik gedurende zes maand door Centraal-Amerika, waaronder een maand in Honduras. (Met één week vluchtelingenkamp in Colomoncagua.) Wat ik toen in degelijke dossiers las - dat Honduras op Haïti het armste land in Latijns-Amerika was - heb ik met mijn eigen ogen kunnen vaststellen: in geen enkel ander land in Centraal-Amerika zag ik zo veel armoede, ellende, totaal ondervoede en uitgeputte clochards en bedelaars. Het ergst van al om te zien: vrouwen die letterlijk in de goot liggen. Ik kan me dus niet aansluiten bij de hierboven staande reactie, ik denk eigenlijk dat u het gewoon verkeerd voor hebt. Maar dat de mensen er vriendelijk, gastvrij en sociaal waren: klopt als een bus. Ik denk dat Honduras binnen het continent ook nu nog steeds een van de armste landen is..

    Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties