Een nieuwssite die

reclamevrij
onafhankelijk
kritisch
en gratis is?

Dat kan!

Maar enkel dankzij jouw steun

Steun ons nu!

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu
Boekrecensie

Aanzet tot een sociaal-ecologisch alternatief

Met 'Economie en Politiek Out-of-the-Box – Sociaal-ecologisch alternatief voor het kapitalisme en andere geldeconomieën' schrijven drie auteurs samen een bijdrage aan de zoektocht naar een ander economisch bestel. Het huidige deugt immers niet. Wat komt in de plaats? Een economie zonder geld.
zondag 24 januari 2016

Dit systeem is niet 'herstelbaar'. Wat nu gebeurt, is geen 'crisis', maar de eigenheid van een economie die snel geldelijk gewin voor enkelen als enige drijfveer heeft. Wat nu gebeurt is geen aberratie, geen afwijking van de norm, geen misbruik van het systeem. Integendeel, wat nu gebeurt is de logica van dat systeem.

De analyse van Jo Versteynen, Wouter Snip en Bram Snoek is duidelijk: geld, winst, aandelen, dividenden, profijt, kapitaal of hoe je het ook noemen wil, het kapitalisme in al zijn vormen is gedoemd om te ontaarden tot wat nu gebeurt. Dat standpunt is niet nieuw. Er bestaan reeds talloze gelijkaardige analyses die tot dezelfde conclusie komen. De cruciale vraag is wat er dan wel in de plaats moet komen. Daar pogen deze auteurs in hun boek een antwoord op te bieden.

Wat die oplossing zou kunnen zijn, zeggen deze auteurs reeds in de subtitel van hun boek. Het kapitalisme moet worden vervangen door een sociaal-ecologisch alternatief dat niet langer op kapitaal is gebaseerd. Dat nieuwe systeem moet het algemeen belang, de echte behoeften van de gewone mensen als enige uitgangspunt hebben.

In vier hoofdstukken geven Versteynen, Snip en Snoek een eigen historisch overzicht van wat ze de 'omgekeerde wereld' noemen, een wereld waar economie, of liever het kapitalisme, het enige heiligmakende doel is. De maatschappij en het leefmilieu zijn daar totaal ondergeschikt aan. Ook de dienende rol van de Derde Wereld wordt ontrafeld tot wat het werkelijk is: een nog steeds doorgaande brutale uitbuiting ten bate van de grootmachten der aarde.

Sinds de jaren 1980 is de term neoliberalisme de geijkte term geworden om te omschrijven wat er fout is aan het kapitalisme. De term is algemeen aanvaard en dekt goed de lading, maar blijft tegelijkertijd wat misleidend. Er is immers niets 'fout' aan het kapitalisme. Het is gewoon een onwerkbaar systeem. De term neoliberalisme geeft de indruk van een nieuw fenomeen, terwijl het in feite gaat om de terugkeer naar de essentie van wat kapitalisme altijd is geweest (na een historisch zeer korte naoorlogse periode van sociale herverdeling), al meer dan een eeuw lang.

Dat 'oude' neoliberalisme - in feite slechts een andere naam voor 'kapitalisme' - is een verwoestende parasiet die de mens vermaalt tot het 'onmenselijke' specimen 'homo economicus'. De centrale mythe van vrije markt – die noch 'vrij' noch 'markt' is – kent in dit boek geen genade. Idem dito voor de vrijhandelsakkoorden van verleden, heden en toekomst.

Een mogelijk alternatief

In de drie hoofdstukken van het tweede deel bieden de auteurs hun alternatief aan. Je kan die samenvatten als de antithese van het oude systeem: economie is geen doelstelling, maar een middel voor iets anders, voor de maatschappij, voor de gewone mensen, voor het leefmilieu.

De overheid krijgt in dat model een centrale rol. Zowat de volledige producerende industrie moet worden hervormd. De geldeconomie moet op de schop. Alle industriële en andere economische activiteit wordt voortaan gemeten aan twee maatstaven: de echte menselijke sociale behoeftes, zoals die democratisch worden bepaald, en het ecologisch evenwicht, wat de mens uit de natuur haalt, moet er terug in. Een essentieel onderdeel van dat geheel is de ecologische 'opschoning' van het volledige productieproces.

Het centrale beheer van het 'budget' door de overheid waakt er over dat die twee voorwaarden permanent worden vervuld. De term budget is enigszins misleidend omdat het hier niet over een klassiek financiële, in geld uitgedrukte, begroting zal gaan, maar een 'ecologische' waardebepaling. De details kan de lezer in het boek vinden.

Inspiratie voor verder debat

De auteurs zijn bescheiden. Zij geloven er in, maar zien dit boek toch vooral als een vorm van inspiratie voor verder doordenken: “Overigens zij er nogmaals aan herinnerd dat ondanks de realiteitswaarde van ons voorstel, het vooral bedoeld is als inspiratie voor een maatschappelijke discussie over alternatieven”.

Hoewel dat meestal impliciet blijft, vergelijken de auteurs hun ideeën enkel met de situatie in eigen land, Nederland. Het is een euvel dat wel meer auteurs maken, in Vlaanderen zowel als in Nederland. De Nederlandstalige 'markt' (de ironie van deze term hier is onbedoeld) is al relatief klein. Enige uitbreiding naar de Belgische situatie, zou dus wel nuttig zijn.

De wetenschappelijke, theoretische onderbouw is bijwijlen zwak en soms is de toon nogal prekerig. Een diepe overtuiging siert de mens, een overtuiging moet echter 'overtuigen' met goed uitgewerkte argumenten. Dat is niet altijd het geval. Af en toe gaan de auteurs er van uit dat bepaalde zaken zo evident zijn dat ze geen uitleg behoeven.

Een boek dat zich richt tot een algemeen publiek, mag niet aarzelen om uit te leggen, telkens weer. Vergeet niet dat deze en gelijkaardige analyses ingaan tegen tientallen jaren indoctrinatie door het tegendeel, in de media, op school, aan de universiteiten, zelfs thuis. Herhaling van vermeende 'evidenties' is dus niet uit den boze.

Transitie?

Het oude systeem moet er aan. Het nieuwe is klaar voor gebruik. Alleen, hoe ga je over van het ene naar het andere? Dat antwoord is er niet echt. Het is zeker geen uniek tekort van dit boek. Eerder een euvel dat zowat alle wereldwijd aangeboden economische alternatieven hebben.

Hoe geraak je van het oude systeem af op een manier die de invoering van het nieuwe systeem niet bij voorbaat hypothekeert (of zelfs onmogelijk maakt)? Die vraag is bijna even belangrijk als de vraag naar het alternatief zelf.

Tevens zou het boek aan leesbaarheid winnen als werk werd gemaakt van inkorten en uitsplitsen van al te lange zinnen. Economie is sowieso al niet de meest vlotte literatuur. Dat hebben de auteurs wel met meer economen gemeen: de vooraanname dat iedere lezer wel voldoende voorkennis en economisch inzicht heeft om mee te kunnen met uitwaaierende redeneringen.

16 vragen

De 16 vragen aan politici en beleidsvoerders die het boek afsluiten, geven stof tot nadenken. Wat jammer dat ze in een nogal belerende stijl zijn opgesteld. “Wij hebben gelijk. Dat is een 'feit'. Dus wat gaan jullie er aan doen?” Dat werkt contraproductief. Bevraagde personen - die meestal verre van overtuigd zijn - haken daar op af. De vragen zelf zijn zeker pertinent, maar kunnen een herschrijving best gebruiken.

Al met al een verdienstelijke bijdrage tot het debat dat verdere uitwerking verdient.

Jo Versteynen, Wouter Snip, Bram Snoek. Economie en politiek out-of-the-box – Sociaal-ecologisch alternatief voor het kapitalisme en andere geldeconomieën, ISBN 978-94-6203-9285

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig.

reacties

4 reacties

  • door Roland Horvath op maandag 25 januari 2016

    Neoliberalisme =kapitalisme =fascisme =corpocratie. De corpocratie, het regeren van de Grote Multinationale Ondernemingen GMO, is de kern van de 4 termen. Alle andere eigenschappen van de 4 termen zoals rechts- nationalistisch- anti democratisch- anti sociaal- anti collectief- anti liberaal zijn dezelfde en volgen uit de corpocratie.

    Mens en milieu, moeten de uitgangspunten zijn in plaats van de grondstoffen voor de gedrochten van GMO, die het uitsluitend doen voor de winst, voor geld. De mens is nog eens het slachtoffer van zijn eigen schepping: Op private eigendom gebaseerde verzamelingen van geld- materialen- machines- aandeelhouders die alle anderen uitsluiten. Het uitsluiten is de ziekte van het kapitalisme of beter 1 van de ziektes. De GMO kunnen voorgesteld worden als dodelijke, parasitaire wurgplanten die de hele aarde inbegrepen mens en milieu verstikken.

    Alle bij ondernemingen betrokkenen moeten altijd relevant beslissingsrecht en zeggenschap hebben: Aandeelhouders, leveranciers, werknemers, klanten, omwonenden, overheid. Dan verdwijnt in feite de notie eigendom van bijvoorbeeld een fabriek van GMO. Er is dan in feite sprake van collectieve eigendom, van een coöperatie. GMO als juridisch maatschappelijke eenheid moet er uit. Overigens is er naast vrijheid ook protectionisme nodig en alles meer lokaal. De dictatuur van de financiële economie, van de aandeelhouders moet er uit. De economie wordt dan stabieler. Hoe dat moet ingevoerd worden en hoe dat er uiteindelijk zal uitzien moet de praktijk leren. De neoliberalen in het bedrijfsleven en bij de overheid bvb de EU en BE bestuurders creëren liever een WO III dan een economie te creëren die rekening houdt met mens en milieu.

    • door ria aerts op woensdag 27 januari 2016

      Mooi initiatief en meer van dat, zou ik zeggen. Eventjes de domper erop: probeerde Marx en vele anderen dat ook al niet? Ik geloof dat bijna elke eeuw deze denkers, die gedegouteerd waren van de menselijke ellende veroorzaakt door menselijke hebzucht, telt. De slechteriken winnen altijd, tot hiertoe althans. Desondanks, blijven publiceren, blijven proberen, niet opgeven.

  • door Willem Adrianus de Bruijn op woensdag 27 januari 2016

    De problemen veroorzaakt door de huidige economie: ecologische-, economische crises, armoede en oorlogen zijn het gevolg van het feit dat de economische wetenschap nog niet compleet is. Uit het meest recente wetenschappelijke onderzoek blijkt namelijk dat de verbruiker een beroeps verantwoordelijkheid heeft in het goed doen functioneren van de economie. Hij moet er voor zorgen dat de ontwikkeling van de economie binnen de limieten van de natuur blijft = een duurzame ontwikkeling verzekeren. Alleen de verbruiker kan zo een ecologische, nee, ethische ontwikkeling scheppen en onderhouden want hij kan dat bereiken door zijn levenswijzen aan te passen. Dat zal hij pas doen zodra hij voor het uitoefenen van die beroeps verantwoordelijkheid betaald wordt! Er moet een wet komen die het de verbruiker toestaat om het geld dat hij uitgeeft aan goederen en diensten die de integriteit van de natuur bewaren van zijn belastbare inkomen af te trekken. Na het aannemen van die wet zal de verbruiker zijn geld uitgeven met als doel de natuur in perfecte staat te laten. Om met zeven miljard mensen binnen de natuur van deze planeet te overleven, moet de verbruiker zijn geld met dat doel uitgeven. Nu is dat doel, verbruik meer en dat kan niet langer. Ik vertel dit al jarenlang aan politici, maar die willen niet naar redelijke argumenten luisteren. Misschien zijn zij niet in staat, zijn zij te oud, te vast geroest in hun ideeën en in hun denken om van paradigma te veranderen. De kranten schrijven er niet over, willen, kunnen, mogen er niet over schrijven. More information at www.biosustainable.org

  • door Lucie Evers op maandag 8 februari 2016

    Ik heb het boek niet gelezen, maar uitgaande van bovenstaand verslag, heb ik er ook geen zin in. Ook ik pleit voor en werk aan 'systeemverandering', maar dan niet vanuit een groot gelijk, een wij-zij, een plan dat buiten elke werkelijkheid staat. Dat we de middel doel verhouding moeten omdraaien, daar ben ik het mee eens. Dat breng ik ook in de praktijk als duurzame ondernemer. Maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat je meteen het concept 'geld' overboord moet gooien. Geld is immers een prima transactiemiddel. Een middel, dus, en geen doel op zich. Het soort geld dat nu voorhanden is, is inderdaad niet neutraal. Het is dus 'verkeerd' geld. Daarom pleit ik, in navolging van Lietaer, voor een ecosysteem van munten, met vaak diverse kenmerken. De rol van de staat is ook te beperken, terwijl er voldoende staat moet zijn om marktwerking mogelijk te maken. Maar de staat, dat is niet hetzelfde als het volk. Waar plaats je de coöperatie op die as? Ik vraag mij oprecht af of het verketteren van geld (en economische denkkaders) niet te wijten is aan een gebrek aan kennis. Want wat de boer niet kent...

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties