nicomarech

Land zkt. klimaatbeleid

maandag 11 mei 2015 20:41

Ongetwijfeld zal op de klimaattop in Parijs eind dit jaar weer
opgeroepen worden tot dringende actie, maar intussen ontbreekt het onze
politici aan daadkracht. Na zes jaar onderhandelen, wachten we nog
steeds op een Belgisch akkoord over wie welk aandeel in de
klimaatdoelstellingen voor 2020 moet leveren. Tijd dat de bevolking het
heft in handen neemt?

Even terug in de tijd. Op 23 april 2009,
meer dan zes (!) jaar geleden dus, werd het eerste Europese actieplan
voor klimaat en energie goedgekeurd. Voor ons land betekende dit drie
bindende doelstellingen tegen 2020:

1) 15% minder broeikasgassen dan in 1990
2) 13% hernieuwbare energie
3) 20% energiebesparing

Intussen werd al een volgend plan goedgekeurd met 2030 als horizon,
maar zijn onze bevoegde ministers er nog niet eens in geslaagd tot een
akkoord te komen over de nodige gezamenlijke aanpak en verdeling van de
inspanningen tegen 2020.

U hoort dat goed. Terwijl de rest van de
wereld zich in de aanloop naar de klimaattop van Parijs buigt over
klimaatactie na 2020, kibbelen onze regeringen nu al zes jaar lang over
onze verplichtingen voor 2020 en is het wachten op een gecoördineerd
klimaatbeleid die naam waardig. De voorbije jaren belandde dit dossier
al verschillende keren op de onderhandelingstafel, maar telkens bleek
het water tussen de beleidsniveaus te diep.

Gebrek aan politieke wil

Dat dit geen makkelijke
discussies zijn, wil ik best geloven. Zo moet er bijvoorbeeld een
akkoord gevonden worden over hoe de inspanningen tussen de gewesten op
vlak van hernieuwbare energie verdeeld worden. Maar ook over hoe men de
inkomsten uit de emissiehandel verdeelt, en of die inkomsten opnieuw
worden geïnvesteerd in bijvoorbeeld internationale klimaatfinanciering
of interne maatregelen.

Ik krijg echter sterk de indruk dat de
politieke wil in België ontbreekt. Actie ondernemen tegen
klimaatverandering wordt nog altijd gezien als een last eerder dan een
opportuniteit. Andere landen zien wél het potentieel van geloofwaardige
investeringen in hernieuwbare energie en efficiëntie. Die zorgen
namelijk niet alleen voor minder uitstoot, maar ook voor meer
niet-delokaliseerbare jobs.

Het ontbreken van een klimaatakkoord
wordt bovendien naar hartenlust gebruikt als excuus om maar niets te
hoeven ondernemen. Sterker nog: vorige maand schroefde Wallonië haar eerder vastgelegde ambities voor hernieuwbare energie tegen 2020 gevoelig terug!
Heeft Waals minister voor Energie Furlan hiermee de race to the bottom
ingezet? Wordt het debat over het Belgisch klimaatbeleid een discussie
over ‘wie wegkomt met de minste inspanningen’? Federaal minister voor
Energie en Leefmilieu Marghem wil zich alvast niet laten kennen, en
kondigde vorige week aan dat ze op de klimaattop in Parijs volop voor
kernenergie zal pleiten…

Druk van onderuit

Intussen
vraagt 88% van de Belgen dat de overheid initiatieven voor hernieuwbare
energie beter ondersteunt en vindt 7 op de 10 dat België tekortschiet
in de aanpak van de klimaatverandering. [1] Bijna 9.000 burgers daagden
de vier Belgische overheden enkele weken terug zelfs voor de rechter
omdat ze er niet in slagen een ambitieus klimaatbeleid op poten te
zetten. Door de onwil om eindelijk een Belgisch klimaatakkoord te
sluiten, de onduidelijkheid over de kernuitstap en de versnipperde
aanpak van hernieuwbare energiekeuzes dreigt ons land de klimaattrein te
missen.

Dus, beste politici, zoals de onderhandelaar uit
Papoea-Nieuw-Guinea op de klimaattop in 2008 tegen de VS zei: “If you
can’t lead, get out of the way”.

Joeri Thijs is klimaatcampaigner bij Greenpeace België.

[1] IPSOS-peiling rond hernieuwbare energie (2015)

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!